Beekdalen Heythuysen-Thorn



Overzicht aardkundig erfgoedKaart: Aardkundig Erfgoed

Samenvatting

In dit gebied komen meerdere beken voor die uitmonden bij de Maas (bijv. de Leubeek, de Roggelsche Beek en de Neerbeek). Deze beken liggen op een Laat-Pleniglaciaal Maasterras en volgen de verlaten vlechtende riviergeulen.

Aardkundig fenomeen (primair)

beekdal

Overige aardkundige fenomenen

landduin, restgeul

Periode(s)

  • Pleistoceen
  • Holoceen

Gevormd door

rivieren

Kenmerkendheid

  • In het gebied ligt een groot beekdalsysteem dat uitmondt in de Maas.
  • De beken zijn op sommige plekken diep ingesneden, ook zijn er nog oude meanderlopen zichtbaar.
  • De Haelensebeek loopt in een oude Maasmeander uit het Bølling.
BESCHRIJVING
AHN-afbeelding van het beekdalgebied in het oosten van de Maas en Roermond. De beken zijn ontstaan in een oud vlechtend stroomdaal van de Maas tijdens het Weichselien. Er zijn verschillende beken te zien, o.a. de Haelensebeek (I), de Heythuyserbeek (II), de Roggelsche Beek (III), de Zelsterbeek (IV) en de Neerbeek (V). De Beegderheide (VI) ligt onder de Haelensebeek.
BESCHRIJVING
Een meanderend gedeelte van het beekdalgebied bij Roggel. De Roggelsche Beek (I) en de Bevelandse Beek (II) vloeien samen tot de Zelsterbeek (III).
BESCHRIJVING
De meanderende Zelsterbeek in het Leudal. Foto Bert Kaufmann, via Flickr, CC BY-NC 2.0.jpg

Ontstaansgeschiedenis

Ontstaan van de beekdalen

De afwatering van het gebied ten westen van de Maas vindt plaats via meerdere beken, o.a. de Heythuyserbeek, Tungelroijsche Beek, Haelensche Beek en de Roggelsche Beek. Deze beken vloeien samen bij Neer tot de Neerbeek en komen bij Hanssum uit in de Maas. De beken liggen op een oud Maasterras uit het laatste gedeelte van het Laat-Pleniglacial (20.000 tot 14.650 jaar geleden). De verlaten geulen van dit rivierterras bleven vermoedelijk in gebruik voor lokale afwatering. Nadat de geulen door de Maas verlaten waren geraakt, kwam er een laag dekzand overheen dat door de wind werd afgezet tijdens het Laat-Glaciaal (14.650 tot 11.700 jaar geleden). Sommige beken hebben met het vervoeren van smeltwater ook diepe insnijdingen achtergelaten in het landschap. In het gebied ligt een verlaten Maasrestgeul uit het Bølling (12.110-12.450 jaar geleden). In deze verlaten meander ligt nu de Haelensebeek.

De beken in het Leudal

In het Leudal zijn nog gave delen van een dal dat gevormd is door de Tungelrooijsche (Leubeek) en Roggelse Beek (Zelsterbeek). In dit dal komen ze samen en stromen ze verder als de Neerbeek. De beken ontspringen in de hogere zandgronden in het noordwesten en zijn verder benedenstrooms enkele meters diep ingesneden in het omliggende landschap. De beken hebben door de tijd heen meanders gevormd en de natuurlijke afsnijdingen zijn terug te vinden, zoals in het zuiden van Op De Bos, een buurtgemeenschap van Roggel. Deze oude structuren maakt het beekdal representatief voor andere beekdalen. In sommige dalen is er een dunne laag veen ontstaan.

Landduinen van de Beegderheide

Tussen de beeklopen bij Beegden en Horn liggen landduinen die ontstaan zijn door stuivend dekzand tijdens het Laat-Glaciaal. De landduinen hebben een paraboolvorm en laten een dominante windrichting uit het zuidwesten zien. Ook in het Holoceen hebben er verstuivingen plaatsgevonden, vermoedelijk door menselijke invloed. Deze zijn later door de mens vastgelegd met vegetatie. Alleen in het zuidelijk deel is nog een klein stuifzandgebied overgebleven. In de Beegderheide zijn enkele tientallen vennen te vinden. Deze vennen zijn gevormd op een stagnerende oude rivierkleilaag van de Maas en zijn afhankelijke van regenwater.

Huidige aardkundige processen

De beken in het Leudal zijn weinig gekanaliseerd en er is nog sprake van meanderen en insnijding.

Bodems en waterhuishouding

Rondom de dorpen en steden, zoals bij Roggel, Grathem en Baexem, zijn enkeerdgronden te vinden. Deze gronden zijn ontstaan door menselijk ingrijpen en het leggen van akkers, zoals esdekken. In de beekdalen zelf zijn zandige beekdalgronden en in de droogdalen vooral beekeerdgronden te vinden. Ook kunnen venige dalen voorkomen. Op het dekzand tussen de beekdalen liggen veldpodzolen, en vorstvaaggronden. Dichterbij de Maas zijn radebrikgronden in rivierklei gevormd. In het duingebied tussen Horn en Beegden liggen duinvaaggronden.

De beken in het gebied stromen richting het oosten en monden uit in de Maas. De Maas zorgt voor de verdere afwatering van het gebied en stroomt richting het noorden.

Relatie met archeologie en cultuurhistorie

  • De meeste beken, zoals rondom Baexem, zijn gekanaliseerd. Ook zijn de beken van stuwen voorzien. Dit is gedaan om het water op peil te houden
  • Op de terrassen tussen de beken liggen gebieden met plaggendekken, met plaggen werd de grond voor landbouw geschikt gemaakt.

Verder lezen

  • Bos, J. A., & van Geel, B. (2017). Palaeoenvironmental reconstruction based on the Early Holocene Haelen sequence, near Roermond (southeastern Netherlands). Netherlands Journal of Geosciences, 96(2), 115-130.
  • Gonggrijp, G. P. (1986). Gea-objecten van Limburg. Leersum, Rijksinstituut voor natuurbeheer, RIN-rapport, 86, 21.
  • Stichting voor Bodemkartering (1972). Bodemkaart van Nederland, Schaal 1:50 000: Toelichting bij de kaartbladen 57 Oost Valkenswaard en 58 West Roermond. Pudoc, Wageningen.
  • Wolfert, H.P. (1989). Geomorfologische waarden in het streekplangebied Noord- en Midden-Limburg. Rapport 12. Staring Centrum, Wageningen.

Tekst: Tessa Bosch (UU)

Zie ook

ArtikelenTrefwoorden

Beekdalen, restgeulen

Specialist(en)


Verbeteringen, vragen of opmerkingen?Geef een inhoudelijke verbetering door, stel een vraag of maak een opmerking via het contactformulier.

Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 12 feb 2026 om 14:08.