Begraafplaatsen

Introductie

De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCEDe Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) is een onderdeel van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. We werken onder de rechtstreekse verantwoordelijkheid van de minister en voeren wet- en regelgeving en erfgoedbeleid uit dat het ministerie en de dienst samen maken. Ook ontwikkelen we praktisch toepasbare kennis en geven we advies over rijksmonumenten, landschap & leefomgeving, archeologie en roerend erfgoed.) beschermt een groot aantal begraafplaatsen en grafmonumenten onder de noemer funerair erfgoedBetreft de zorg voor wat ons als samenleving rest uit het verleden. Het is dus breder dan de term 'monument', die in hoofdzaak voor gebouwen gebruikt wordt, maar omvat ook archeologisch erfgoed en 'immaterieel' erfgoed, zoals gebruiken, kennis etc. Het is het geheel van verhalen, plekken, gebouwen en objecten die binnen een groep van generatie op generatie wordt overgedragen.. Nederland kent zo’n 1300 beschermde monumentenBouwwerk dat door zijn grootse, schone of kunstzinnige vormen opmerkelijk is of door de eraan verbonden historische associaties eerbiedwaardig wordt geacht. Ook om zijn betekenis voor de kunst- en bouwgeschiedenis, de geschiedkunde en de technologie kan het gebouw hoog worden gewaardeerd. De ouderdom, de hiermee gepaard gaande inwerking van de tijd en het harmonische geheel hebben er verder toe geleid dat een ‘samengegroeide’ veelheid van bouwwerken als monument kan worden beschouwd. Dit geldt voor een straat, een gracht, een wijk en zelfs een stad of dorp.In Nederland is de wettelijke bescherming sedert 1961 geregeld in de Monumentenwet, waarin ook beschermde stads- en dorpsgezichten zijn opgenomen. (Haslinghuis) op ongeveer 550 begraafplaatsen of kerkhoven. Daarbij is funerair erfgoedBetreft de zorg voor wat ons als samenleving rest uit het verleden. Het is dus breder dan de term 'monument', die in hoofdzaak voor gebouwen gebruikt wordt, maar omvat ook archeologisch erfgoed en 'immaterieel' erfgoed, zoals gebruiken, kennis etc. Het is het geheel van verhalen, plekken, gebouwen en objecten die binnen een groep van generatie op generatie wordt overgedragen. in kerkenKerken zijn gebouwen waar de christelijke godsdienstoefening wordt gehouden. Aanvankelijk was de altaarruimte het belangrijkste onderdeel. In de verschillende katholieke liturgieën is deze dat nog. Sinds de Hervorming ook als preekkerk. Een parochie wordt bediend door een parochie- of kerspelkerk. Als aan de kerk een kapittel van kanunniken is verbonden, spreekt men van een collegiale of kapittelkerk. Een stifts-, abdij- of kloosterkerk behoort bij een kloostergemeenschap. De hoogste rang bezit een kathedraal of dom. (Haslinghuis) niet in begrepen.

Een stenen grafkruis staat op een groen veld met op de achtergrond een muur.
Op het oude kerkhof van Heumen is dit grafkruis uit 1541 het enige voorwerp dat beschermd is.
Een ronde, stenen aula staat op een plein. Rechts staan een aantal mensen en twee fietsen.
De aula van architectEen architect is iemand die opgeleiden geaccrediteerd is voor het ontwerpen van gebouwen en voor het leiden van bouwprojecten. Ravenstein op de gemeentelijke begraafplaats stond er lange tijd slecht bij. In 2010 is het gebouwvrijstaande, overdekte en geheel of gedeeltelijke met wanden omsloten toegankelijke ruimte, die direct of indirect met de grond is verbonden. geheel gerestaureerd en aangepast aan de eisen van deze tijd.
In een groene omgeving loopt een brug over water.
Op de gemeentelijke begraafplaats aan de Kleverlaan in Haarlem komen de verschillende elementen op harmonieuze wijze samen wat bijzondere plaatjes oplevert.
Een begraafplaats met lage grafstenen en daaromheen treurwilgen en andere bomen.
In Drenthe zijn na de Tweede Wereldoorlog veel begraafplaatsen of uitbreidingen aangelegd naar ontwerp van tuinarchitect Jan Vroom. Deze ontwerpen stonden vaak in contrast met de oude delen maar vormen wel een mooie aanvulling.
Een rivier of vijver in een groen landschap. Rechts staat een heg, op de achtergrond zien we een brug en bomen.
Juist bij jongere begraafplaats wordt water meegenomen in het ontwerp. Zoals hier bij de gemeentelijke begraafplaats Maarhof in Delfzijl.
Een begraafplaats met tientallen, smalle en op elkaar lijkende grafmonumenten. De grafmonumenten zijn verweerd en er zit korstmos op.
Op oude delen van begraafplaatsen is goed te zien hoe het beeld bepaald wordt door een bepaald type grafmonument. Bijvoorbeeld hier in Lemmer.

Componenten van monumentale begraafplaatsen

In het algemeen hebben we op begraafplaatsen te maken met vier componenten, vaak in verschillende combinaties. Dit zijn: rood (bouwwerken), groen (aanleg, beplanting, inrichting), blauw (waterpartijen) en grijs (grafmonumenten).

Rood - bouwwerken

Onder bouwwerken op begraafplaatsen verstaan we alle gebouwde constructies en accommodaties, behalve grafmonumenten. Het gaat bijvoorbeeld om poortgebouwen, aula’s, kapellen, dienstgebouwen en –woningenBouwwerk dat tot woning van mensen dient, woonhuis of boerenhuis., wacht- en schuilhuisjes, meubilair, baar- en lijkenhuisjes, murenZware rechtopstaande afsluitende afscheidingen van steenachtig materiaal die meestal een dragende functie hebben. Gebruik 'wanden' voor lichte afscheidingen die geen dragende functie hebben. (AAT-Ned) en toegangspoorten, bruggen en columbaria, oftewel bovengrondse urnenbewaarplaatsen of grafnissen. Veel bouwwerken zijn specifiek voor hun functieGebieden van verantwoordelijkheid waarin activiteiten worden uitgevoerd om een doel te bereiken. (AAT-Ned) ontworpen en weerspiegelen de tijdens de bouw heersende stromingen in de architectuurBouwkunst, kunst van het scheppen van (zie) ruimtevormen en het omvatten en overdekken hiervan, kortom de gehele ontwikkeling en vormgeving van de inwendige ruimten en de omhulling ervan. M.n. geldt dit de plattegronden, de wanden met hun geleding en verdeling van open en gesloten delen, zolderingen, gewelven, plafonds, kappen en daken en de verwezenlijking van deze conceptie naar de eisen van constructies en materialen. In de verschillende architectuurperioden en in diverse regio’s verschilt het ruimtegevoel soms zeer sterk. In het romaanse tijdperk wordt de ruimte overheerst door gebruik van dikke dragende muren en weinig ontwikkelde overwelvingen en overkappingen. De gotiek toont een omhoogstrevende ruimte, opgebouwd uit steunpunten waartussen lichte wanden en glas, overdekt met ranke gewelven. De barok toont een vaak illusionistische ruimte-ontwikkeling, die soms de aanwezigheid van wanden en plafonds probeert te loochenen. In XX hebben nieuwe materialen en technieken het mogelijk gemaakt enerzijds een draagconstructie van gewapend beton en staal geheel te omkleden met licht geconstrueerde wanden van glas, kunststof en lichte metalen, anderzijds achter vrijwel geheel gesloten gevels het gebouw van kunstlicht te voorzien. Marolois bedeelde de architectuur een belangrijke rol toe in zijn Opera Mathematica (1617). Hetzelfde was het geval in hetVolkoomen Wiskundig Woordenboek van Stammetz-Labordus uit 1740. Van Campen werd in zijn tijd als mathematicus aangeduid, hetgeen in het licht van het voorgaande eerder als architectonisch ontwerper moet worden gezien. Hij moest zijn ontwerpen laten uitwerken door bouwkundig beter onderlegde mannen als Pieter Post en Jacob Vennecool.Na de constructie is de versiering een belangrijk element van architectuur. Door de tijden heen heeft men utiliteitsgebouwen als molens, pakhuizen, magazijnen, schuren en stallen, dienstgebouwen en militaire werken met grote soberheid behandeld, in XIX talrijke nieuwe fabrieken e.d. zelfs zeer armelijk. In XX treedt hierin verandering op. Het landseigene van de architectuur is echter voor een deel verloren gegaan ten gevolge van de toepassing op grote schaal van bouwmaterialen die overal, onafhankelijk van klimaat en bodem, gebruikt kunnen worden. (Haslinghuis). Soms levert dat zware, sombere gebouwenvrijstaande, overdekte en geheel of gedeeltelijke met wanden omsloten toegankelijke ruimte, die direct of indirect met de grond is verbonden. op die het rouwproces benadrukken, soms lichte constructies die verwijzen naar een nieuw begin.

Groen - aanleg - beplanting - inrichting

Naast de gaafheid in relatie tot de biografische of funerair-historische waardenDe waarde bepalen van -, zekere (genoemde) waarde toekennen aan. (Van Dale), zijn (tuinTuinen als groen erfgoed zijn cultuurhistorisch waardevolle begrensde terreinen met een sier- of nutsfunctie. Tuinen zijn beplant, vaak ontsloten door paden en liggen meestal in de nabijheid van een huis. Nederlandse tuinen tussen 1700 en 1900 lagen ook buiten de stadssingels of wallen als buitentuin of speeltuin. In het Middel-Nederlands betekent tuyn of tuen vlechtwerk van teen, de omheining. (Haslinghuis))architectonische waardenDe waarde bepalen van -, zekere (genoemde) waarde toekennen aan. (Van Dale) een reden om begraafplaatsen aan te wijzen als rijksmonumentEen rijksmonument is in Nederland een zaak (een bouwwerk of object, of het restant daarvan) die van algemeen belang is wegens de schoonheid, de betekenis voor de wetenschap of de cultuurhistorische waarde. Een formeel juistere aanduiding is: 'beschermd monument als bedoeld in de Erfgoedwet'. (Wikipedia). Soms is er een eenvoudige groenaanleg, bijvoorbeeld een door een gracht en windsingel omgeven kerkhof met een eenvoudig pad rondom. Soms gaat het om een begraafplaats in landschapsstijl, met slingerpaden, bollende grafvelden, bloeiende heesters en monumentale bomen. Wat beschermd is, staat omschreven in de registeromschrijving. De aanleg kan genoemd zijn, daaronder valt de hele groenaanleg inclusief paden en beplanting. Of er kan alleen een bijzonder element, zoals een laan, beschermd zijn.

Ontwerp van begraafplaatsen

In de 19e eeuw werden veel begraafplaatsen volgens plan en naar de toen heersende opvatting aangelegd. Dit leidde ertoe dat naast veel middeleeuwse kerkhoven, ook een groot aantal begraafplaatsen uit de 19e en 20ste eeuw is beschermd. Vaak zijn die in een landschappelijke stijl aangelegd, onder meer door bekende tuinarchitecten als J.D. Zocher en diens zoon L.P. Zocher, L.A. Springer, H. Copijn en diens zoon L.W. Copijn en L.P. Roodbaard. Maar ook minder bekende tuinarchitecten, tuinbazen of groenopzichters in gemeentedienst legden begraafplaatsen aan. Wat al deze ontwerpers bindt is dat zij bij hun ontwerp rekening hielden met een situatie waarin bomen en (bepaalde) struiken volgroeid zouden zijn, zo’n vijftig tot honderd jaar na de voltooiing van de aanleg.

Paden

Een belangrijk ingrediënt van de aanleg van zo’n begraafplaats zijn de slingerpaden of, bij jongere ontwerpen, een meer symmetrisch padenstelsel. De paden zijn van oorsprong vaak onverhard en zonder kantopsluiting. Om gebruiksredenen en efficiënter beheer zijn veel paden in de loop der tijd verhard.

Blauw - waterpartijen

Water speelt in Nederland een grote rol, ook bij begraafplaatsen. Hierbij is vooral de functionele kantVerwijst naar fijn, decoratief ajourwerk in textiel, gemaakt door draden van linnen, katoen, zijde, haar, metaal of een andere vezel in lussen te leggen, in te rijgen, samen te draaien of te vervlechten om ontwerpen of patronen te vormen. Bij het maken van kant wordt gewerkt met een naald of met klossen. Het toevoegen van borduursels is niet ongewoon. Modern kant kan machinaal zijn vervaardigd. Ajourstoffen die op een weefgetouw zijn gemaakt en decoratief ajourbreiwerk worden doorgaans niet als kant geclassificeerd. Kant is vaak wit of effen van kleur. Echt kant ontstond in de veertiende eeuw in Europa en het Midden-Oosten, hoewel oude culturen bekend waren met gedecoreerde ajourstoffen, waaronder de Egyptische cultuur. Kant is te gebruiken als rand, boord of inzetstuk voor linnengoed of apparels. Ook wordt het samengevoegd tot grotere stukken textiel en dan gebruikt als voorhang, draperie, apparel of iets anders. (Toegepaste Kunst Project, RKD) van het water, als afscheiding of als afvoermogelijkheid voor drainagewater, van belang. Als specifiek ontwerpelement komt water minder vaak voor. Vooral in de laaggelegen gebieden van Nederland vinden we verhoogde begraafplaatsen en kerkhoven die worden omringd door een sloot of een gracht. In een enkel geval werden deze ook gebruikt voor de aanvoer van lijken per boot, zoals bij de joodse begraafplaatsen in Muiden of Ouderkerk aan de Amstel of bij de algemene begraafplaats aan de Spanjaardslaan in Leeuwarden. Die functieGebieden van verantwoordelijkheid waarin activiteiten worden uitgevoerd om een doel te bereiken. (AAT-Ned) is verdwenen, maar als herinnering daaraan kan zo’n waterloop een belangrijk onderdeel vormen van de bescherming.

Grijs - grafmonumenten

Grafmonumenten vormen een belangrijk onderdeel van begraafplaatsen. Ze bepalen door hun vormgeving en materiaaltoepassing in hoge mate het beeld op de begraafplaats. Vaak wordt aan grafmonumenten en grafvelden een ensemblewaarde toegekend. Dat wil zeggen dat de verschillende onderdelen elkaar versterken en samen een waardevol of karakteristiek beeld vormen. Grafmonumenten bij een kerkKerken zijn gebouwen waar de christelijke godsdienstoefening wordt gehouden. Aanvankelijk was de altaarruimte het belangrijkste onderdeel. In de verschillende katholieke liturgieën is deze dat nog. Sinds de Hervorming ook als preekkerk. Een parochie wordt bediend door een parochie- of kerspelkerk. Als aan de kerk een kapittel van kanunniken is verbonden, spreekt men van een collegiale of kapittelkerk. Een stifts-, abdij- of kloosterkerk behoort bij een kloostergemeenschap. De hoogste rang bezit een kathedraal of dom. (Haslinghuis) vertegenwoordigen, samen met bijvoorbeeld een verhoogde ligging van het kerkhof, gracht, windsingel en het toegangshek, vaak een hoge ensemble- of beeldwaarde. Hier gaat het meestal niet om het individuele onderdeel of grafmonument, maar juist om het samenspel tussen de verschillende componenten en het beeld dat zij oproepen.

Vrijheid en regels

De eigenaar van een begraafplaats kan het beeld van de grafvelden in hoge mate bepalen door regels te stellen inzake het gebruik van materialenEen materiaal is een natuurlijke of kunstmatig geproduceerde stof, grondstof of ingrediënt die bestemd is om verwerkt te worden tot het maken van objecten. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed) en de maatvoering van grafmonumenten. De aanwezigheid van bijzondere grafmonumenten zegt iets over de vrijheid of juist de regels die in het verleden bestonden. Net als tegenwoordig kenden sommige families ook vroeger de drang zich te onderscheiden. Daartoe paste men nieuwe materialenEen materiaal is een natuurlijke of kunstmatig geproduceerde stof, grondstof of ingrediënt die bestemd is om verwerkt te worden tot het maken van objecten. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed) toe en volgde men de laatste mode in de vormgeving. Andere opvattingen hebben juist tot gelijkvormigheid geleid, waardoor sommige begraafplaatsen een uniek karakter hebben gekregen.

Waarde van grafmonumenten

Ook als grafmonumenten geen onderdeel uitmaken van de beschermde status van een begraafplaats, kunnen zij een waardeDe waarde bepalen van -, zekere (genoemde) waarde toekennen aan. (Van Dale) vertegenwoordigen. Op lokaal of regionaal niveau kunnen zij zeer waardevol zijn en wat betreft de toegepaste symboliek en vormgeving iets zeggen over de geschiedenis van de gemeenschap. Zo kunnen grafmonumenten iets zeggen over mensen die lokaal belangrijk zijn geweest of over grote nationale of zelfs internationale gebeurtenissen die in iedere gemeenschap zijn terug te vinden.

Beschermde status

De omvang van de bescherming van monumentale begraafplaatsen kan van geval tot geval verschillen: van één of meer grafmonumenten tot een complete begraafplaats, inclusief aanleg. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCEDe Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) is een onderdeel van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. We werken onder de rechtstreekse verantwoordelijkheid van de minister en voeren wet- en regelgeving en erfgoedbeleid uit dat het ministerie en de dienst samen maken. Ook ontwikkelen we praktisch toepasbare kennis en geven we advies over rijksmonumenten, landschap & leefomgeving, archeologie en roerend erfgoed.) houdt hiervan een register bij, gebaseerd op de Erfgoedwet. Van elk monumentBouwwerk dat door zijn grootse, schone of kunstzinnige vormen opmerkelijk is of door de eraan verbonden historische associaties eerbiedwaardig wordt geacht. Ook om zijn betekenis voor de kunst- en bouwgeschiedenis, de geschiedkunde en de technologie kan het gebouw hoog worden gewaardeerd. De ouderdom, de hiermee gepaard gaande inwerking van de tijd en het harmonische geheel hebben er verder toe geleid dat een ‘samengegroeide’ veelheid van bouwwerken als monument kan worden beschouwd. Dit geldt voor een straat, een gracht, een wijk en zelfs een stad of dorp.In Nederland is de wettelijke bescherming sedert 1961 geregeld in de Monumentenwet, waarin ook beschermde stads- en dorpsgezichten zijn opgenomen. (Haslinghuis) is een aantal registergegevens vastgelegd en vaak staat in een lopende tekst, de zogenaamde registeromschrijving, waar de bescherming zich op richt. Sommige begraafplaatsen zijn eenvoudigweg beschreven als ’kerkhof bij kerkKerken zijn gebouwen waar de christelijke godsdienstoefening wordt gehouden. Aanvankelijk was de altaarruimte het belangrijkste onderdeel. In de verschillende katholieke liturgieën is deze dat nog. Sinds de Hervorming ook als preekkerk. Een parochie wordt bediend door een parochie- of kerspelkerk. Als aan de kerk een kapittel van kanunniken is verbonden, spreekt men van een collegiale of kapittelkerk. Een stifts-, abdij- of kloosterkerk behoort bij een kloostergemeenschap. De hoogste rang bezit een kathedraal of dom. (Haslinghuis)’, maar er zijn ook begraafplaatsen, of onderdelen daarvan, met een zeer uitgebreide beschrijving.

Onduidelijkheid over beschermde status

Voor beheerders en eigenaren van beschermde begraafplaatsen is vaak onvoldoende duidelijk wat de beschermde status van een begraafplaats inhoudt en waar die zich op richt. Door onbekendheid met het onderwerp, zijn in het verleden begraafplaatsen gesloten. Vaak werd daarbij gedacht dat sluiting de instandhouding en bescherming van de begraafplaats ten goede zou komen. In de meeste gevallen blijkt het tegendeel echter waar te zijn.

Bescherming als rijksmonumentEen rijksmonument is in Nederland een zaak (een bouwwerk of object, of het restant daarvan) die van algemeen belang is wegens de schoonheid, de betekenis voor de wetenschap of de cultuurhistorische waarde. Een formeel juistere aanduiding is: 'beschermd monument als bedoeld in de Erfgoedwet'. (Wikipedia)

In de laatste decennia is de aandacht voor monumentale begraafplaatsen gegroeid en is waarderingDe waarde bepalen van -, zekere (genoemde) waarde toekennen aan. (Van Dale) ontstaan voor de plek en het typische karakter ervan. Zozeer zelfs dat nogal wat begraafplaatsen of onderdelen daarvan als rijksmonumentEen rijksmonument is in Nederland een zaak (een bouwwerk of object, of het restant daarvan) die van algemeen belang is wegens de schoonheid, de betekenis voor de wetenschap of de cultuurhistorische waarde. Een formeel juistere aanduiding is: 'beschermd monument als bedoeld in de Erfgoedwet'. (Wikipedia) zijn beschermd. Het doelGewenste verandering in de organisatie, een doelgroep of de samenleving waar­ voor een gerichte inspanning geleverd moet worden. van die bescherming is om het tijdsbeeld zo goed mogelijk in stand te houden en aan huidige en toekomstige generaties te laten zien hoe ooit werd omgegaan met de dood en hoe men daar vormDe omtrek, vorm of kenmerkende configuratie van een object met inbegrip van zijn contouren; de uiterlijke verschijningsvorm of buitenste begrenzing van het object. (AAT-Ned) aan gaf.

Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 25 jan 2021 om 12:50.