middenschip (gebouwonderdeel)
Middelste van de drie (vijf, zeven) beuken of schepen van een kerk, hal of moskee. Bij basilicale aanleg (basiliek) ziet men een hoog middenschip of hoofdbeuk met een eigen zadeldak, en ondergeschikte zijbeuken met lagere daken. Een laatgotische hallenkerk heeft een middenbeuk en twee, bij uitzondering vier, nagenoeg even hoge en brede zijbeuken. (Haslinghuis)
- Synoniem: middenschepen (gebouwonderdeel),middenbeuk (gebouwonderdeel),middenbeuken (gebouwonderdeel)
- Breder: schip (kerk)
- Begrippenkader: Cultuurhistorische Thesaurus
- Thesaurus: middenschip (gebouwonderdeel)
Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 20 aug 2024 om 07:55.