driepasbogen
Driepasbogen zijn bogen in de vorm van een driepas. De onderste twee lobcirkels niet zijn doorgetrokken tot hun ontmoeting (zoals bij een volle driepas), maar gaan over in de stijlen of schalken die de boog dragen. De driepasboog, die reeds in het laatromaans voorkomt, vooral als timpaanboog, bloeit in de gotiek. Dan ontwikkelt hij zich tot een vensterkop met steeds rijker getrokken vlechtingen of traceringen. (Haslinghuis)
- Synoniem: driepasboog,klaverbladbogen,klaverbladboog
- Breder: bogen
- Begrippenkader: Cultuurhistorische Thesaurus
- Thesaurus: driepasbogen
Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 20 aug 2024 om 08:48.