sloten (afsluitingmiddel)
Metalen of houten element waarmee een deur kan worden afgesloten. In de rekeningen van de bouw van het stadhuis van Damme (W.V.) van 1465 worden vermeld vrancxssche sloote, geleverd door een smid, en dobbele plaetsloote en een busslot, gemaakt door een slotenmaker. Meindersma onderscheidt o.a.: hefslot, draaislot, spreidveerslot, schroefslot, schootveerslot, schootgrendelslot, grendeloverslagslot, klinkslot, kamerdeur- en kastdeurslot, insteekslot. Verder hangslot, cilinderslot (uitgevonden door Yale 1848). (Haslinghuis)
- Synoniem: slot (afsluitingmiddel)
- Breder: mechanisme
- Smaller: grendelsloten, draaisloten, kastdeursloten, kamerdeursloten, pensloten, klinksloten, bloksloten, hangsloten, slotonderdelen en schuifsloten
- Begrippenkader: Cultuurhistorische Thesaurus
- Thesaurus: sloten (afsluitingmiddel)
Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 9 jan 2025 om 03:05.