jachtschepen
Kleine kustvaarder van de Oostzee in het bijzonder in de vaart in Denemarken, Duitsland en Zweden. Zij onderhielden de verbinding tussen de Oostzeehavens met post en vracht. Het type werd al genoemd in de 16e eeuw en bleef tot 1928 in de vaart. Het schip kon zowel overnaads als gladboordig gebouwd zijn. De romp had een vierkant hakkebord met kleine spiegel. In de 19e eeuw werden ze eveneens met een spitsgat en een clippersteven gebouwd. De tuigage bestond uit een paalmast met een hoog gaffelzeil met boom, een stagfok en een vierkant topzeil, later vervangen door een breefok. Op de boegspriet voerde men een kluiver en een jager.
- Synoniem: jachtschip
- Breder: kustvaartuigen
- Begrippenkader: Cultuurhistorische Thesaurus
- Thesaurus: jachtschepen
Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 20 aug 2024 om 02:18.