zetelkruiers


In 1981 door G.W.C. van Wezel ingvoerd begrip, waarmee wordt bedoeld een windmolen waarvan wieken, bovenwiel, het horizontale bovenste tandrad (bovenbonkelaar) en het bovenste deel van de spil in een huis met rechthoekige doorsnede zijn opgenomen. Die kast draait om een steunconstructie, gevormd door vier schuinstaande poten die op de fundering rusten. Tot de groep van de zetelkruiers behoren de standerdmolen, wipmolen en de spinnenkop. (Haslinghuis)






Verbeteringen, vragen of opmerkingen?Geef een inhoudelijke verbetering door, stel een vraag of maak een opmerking via het contactformulier.

Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 20 aug 2024 om 05:17.