bout (bevestigingsmiddel)
Metalen staaf, rond of hoekig van doorsnede, meestal met gesmede kop en soms voorzien van een schroefdraad waarop een (zie) moer past. Bestemd om in een daarvoor geboord gat gedreven, geklonken, geschroefd of vastgespied te worden, teneinde de zware onderdelen van een hout- of ijzerconstructie stevig te verbinden. (Haslinghuis)
- Synoniem: bouten (bevestigingsmiddel)
- Breder: bouwelementen
- Smaller: houtdraadbouten, rozebouten, lummelbouten, slotbouten, revetbouten, koebouten, kuipbouten, spijlbouten, krambouten, doken (kram/bout), roosbouten, keilbouten, hakkelbouten, oogbouten, schroefbouten, belegschroeven, plooibouten, blinde bouten en klinkbouten
- Begrippenkader: Cultuurhistorische Thesaurus
- Thesaurus: bout (bevestigingsmiddel)
Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 9 jan 2025 om 03:36.