ankerroering
Woeling uit smarting en touw waarmee de ankerring bekleed wordt om het schavielen van de ankerkabel tegen te gaan. De ring wordt eerst, voor zover hij niet in het gat van de schacht zit, bekleed met zwaar geteerde smarting. Over de smarting wordt spiraalsgewijs een bekleding van touw of schiemansgaren gelegd die tegen de schacht eindigt. Deze bekleding wordt op meerdere plaatsen met een bindsel vastgelegd. Het geheel wordt zwaar geteerd. Door de woeling kan de ring niet in de schacht draaien, enkel over en weer kantelen. (Zeilvaart Lexicon)
- Breder: woelingen
- Begrippenkader: Cultuurhistorische Thesaurus
- Thesaurus: ankerroering
Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 20 aug 2024 om 07:20.