Dakopbouwen


Introductie

Deze advieslijn bevat de uitgangspunten waarmee rekening moet worden gehouden bij het (gedeeltelijk) ophogen van een rijksmonument.
Overzicht van de top van de voorgevel met hijsdeuren en houten trijshuisjes, achter de topgevel is de achterzijde van de zinken dakopbouw zichtbaar, Groningen

Uitgangspunten

De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) baseert zich hierbij op de Uitgangspunten en overwegingen advisering gebouwde en groene rijksmonumenten, 2024. De mogelijkheid om het rijksmonument aan te passen is afhankelijk van verschillende factoren, zoals monumentale waarde, perspectief op behoud, wensen ten aanzien van het gebruik en visie op het monument. Ook de technische staat, de stedenbouwkundige situatie, de vraag of sprake is van langdurige leegstand en de kansen om het monument een nieuwe toekomst te geven, spelen hierbij een rol. Monumenten vragen dus om maatwerk.


Planproces en procedure

Duidelijkheid over de vereiste vergunningprocedure en een tijdige aanvang van de vergunningprocedure is belangrijk. Wanneer vooraf duidelijk is welke vergunningen nodig zijn en welke procedure moet worden gevolgd, kan hier tijdig rekening mee worden gehouden in de planning. Dit voorkomt onverwachte vertragingen tijdens het project. De benodigde onderzoeken, rapportages en tekeningen kunnen dan op tijd worden voorbereid en ingediend. Ook kunnen wijzigingen in de vergunningprocedure leiden tot extra onderzoek, aanpassingen in het plan of stilstand van werkzaamheden, wat extra kosten met zich meebrengt. En het geeft initiatiefnemers, adviseurs en bevoegde instanties de mogelijkheid om tijdig met elkaar af te stemmen over de voorwaarden, eisen en randvoorwaarden van het project. De gemeente is het bevoegd gezag en zal de vergunning al dan niet verlenen. In sommige gevallen heeft de RCE een adviserende rol. Zie hiervoor ook de Wegwijzer gebouwde en aangelegde (groene) rijksmonumenten.

Gevolgen voor de monumentale waarden

Het realiseren van een nieuwe dakopbouw op een rijksmonument is van invloed op de monumentale waarden. Deze waarden worden doorgaans bepaald door cultuurhistorische en architectuurhistorische aspecten. Ook spelen situationele - en ensemblewaarden, gaafheid, herkenbaarheid en zeldzaamheid een rol. Afhankelijk van de omvang verandert een dakopbouw in meer of mindere mate de uiterlijke verschijning en beleving van het monument. Zeker grote dakopbouwen raken, ongeacht de architectonische en esthetische kwaliteiten van het ontwerp, het wezen van een monument. Daarnaast zal de bestaande constructie moeten worden aangepast en gaan er mogelijk zelfs delen van die constructie verloren. Soms zijn er ook versterkingen nodig om de opbouw te kunnen dragen.

Advies

Om tot een breed gedragen en verantwoord ontwerp te komen, is een zorgvuldig proces van planvorming en uitvoering van groot belang.

Aandachtspunten

Hierbij zijn de volgende aspecten essentieel:

Algemeen

  • Het onderzoek naar de monumentale waarde van het gebouw vormt de basis bij het maken van keuzes voor ingrepen. Verken welke opties er zijn om de gewenste extra ruimte te realiseren. Is een dakopbouw op het monument de beste optie, of kan de gewenste functie ook in een nieuwe aanbouw of nieuw te realiseren kelder worden ondergebracht? Onderzoek per alternatief wat de voor- en nadelen zijn en motiveer de gekozen optie.
  • Omschrijf de aanleiding voor het initiatief en de daaruit voortvloeiende opgave en licht toe waarom een dakopbouw nodig is. Dit is van belang voor het bevoegd gezag en de adviserende partijen om de ingreep goed te kunnen beoordelen.
  • Schakel voor het ontwerp een ter zake kundig architect in. Een goed doordacht ontwerp kan het monument verrijken; een minder zorgvuldig uitgewerkt ontwerp kan daarentegen afbreuk doen aan de monumentale waarde.
  • Bij jongere bouwkunst is daarnaast het advies om ook de architect van het rijksmonument bij de planvorming te betrekken. Wees u ervan bewust dat er ook sprake kan zijn van auteursrechten waarmee rekening moet worden gehouden.

Architectuurhistorische aspecten

  • Streef naar een ontwerp dat het resultaat is van een zorgvuldige studie, analyse en begrip van de cultuur- en architectuurhistorische waarden van het monument en dat de bestaande waarden respecteert en wellicht zelfs accentueert. In het ontwerp zijn het volume, de schaal, de indeling, de positionering, het materiaalgebruik en de architectonische uitwerking wezenlijke aandachtspunten. Ook speelt de vraag of de opbouw zich visueel als zelfstandig element manifesteert of een eenheid vormt met het monument.

Bouwkundige aspecten

  • Wat zijn de fysieke gevolgen van de opbouw voor het monument? Is de draagkracht van de bestaande (dak)constructie en de fundering van het monument voldoende om de opbouw te kunnen dragen? Hoe vindt de bouwtechnische aansluiting van de opbouw op het gebouw plaats? Schenk hierbij extra aandacht aan wind- en waterdichte aansluitingen van de toevoeging op het monument.
  • Wat betekent een opbouw in fysiek opzicht voor naastgelegen (rijksmonumentale) panden? Hoe worden de aansluitingen daarop gemaakt? Wat zijn de gevolgen qua bezonning en schaduw voor de naastgelegen panden?
  • Een nieuwe opbouw biedt een kans om minder geslaagde recente toevoegingen zoals installaties of onderdelen daarvan te corrigeren. Gedacht kan worden aan het bundelen van installaties, dakdoorvoeren en dergelijke. Ook kan van de gelegenheid gebruik worden gemaakt om verdwenen onderdelen zoals oorspronkelijke gevelbeëindigingen terug te brengen.
  • Integreer opwekkingsinstallaties voor duurzame energie, zoals zonnepanelen en buitenunits van warmtepompen direct in het ontwerp.

Ruimtelijke aspecten

  • Ligt het pand in een beschermd gebied (beschermd stads- of dorpsgezicht, een wederopbouwgebied van nationaal belang, werelderfgoed of een beschermde (groen)aanleg zoals een buitenplaats of boerenerf)? Zo ja, maak duidelijk hoe rekening wordt gehouden met de vastgestelde cultuurhistorische waarde en het ruimtelijk karakter van het gebied waarin het monument ligt.
  • Kijk goed naar de historisch-ruimtelijke context van het monument en betrek dit bij het plan. Is er bijvoorbeeld sprake van een bijzonder dakenlandschap, een publiek gebouw, een landmark of een beeldbepalende locatie, zichtlijnen of beeldbepalend groen waarmee rekening moet worden gehouden?
  • Respecteer de alzijdigheid van monumentale torens en laat de nieuwe opbouw niet concurreren met bestaande monumentale dakelementen, zoals dakruiters.
  • In welke mate wordt de opbouw zichtbaar vanaf de openbare ruimte en wat betekent dit voor de beleving van het monument, de stedelijke dan wel landelijke omgeving en het dakenlandschap?
  • Hoe manifesteert de opbouw zich ten opzichte van het monument in de avond door straatverlichting en bij het ‘s nachts aanlaten van binnenverlichting?
  • Mogelijk vraagt de nieuwe opbouw om een nieuwe wegeninfrastructuur, (extra) parkeer- en/of andere voorzieningen in de omgeving van het monument. Wat is de impact hiervan op bijvoorbeeld karakteristieke terreininrichting, tuinaanleg, beeldbepalend groen en erfafscheidingen? Houd hiermee rekening in het plan.




Verbeteringen, vragen of opmerkingen?Geef een inhoudelijke verbetering door, stel een vraag of maak een opmerking via het contactformulier.

Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 4 jun 2026 om 02:06.