Erfgoed Deal - Verdieping - Project Wijkaanpak De Pas
Introductie
59 Erfgoed Deal-projecten staan er op de kaart, in verschillende fases van uitvoering. Een aantal ervan is afgerond. Wat valt er te leren van deze projecten? Deze keer: Wijkaanpak de Pas. Een samenwerking tussen de gemeente Winterswijk, woningcorporatie De Woonplaats en de wijkbewoners, waarbij het gesprek over de waarde van de bloemkoolwijk de basis vormt voor participatie.
Roosje voor roosje de wijk door
Dit verdiepende artikel is origineel gepubliceerd op de website van de Erfgoed Deal.
Erfgoed, dat is toch een kerk, of een molen? Maar een bloemkoolwijk? De in de jaren 70 en 80 gebouwde woonwijken, gekenmerkt door één verkeersader, de ‘stronk’, die toegang geeft tot diverse deelwijkjes, de ‘bloemkoolroosjes’, hebben nog niet het imago dat ze zouden kunnen of misschien zelfs moeten hebben. Uit onderzoek blijkt in ieder geval dat bloemkoolwijkbewoners over het algemeen zeer tevreden zijn over waar ze wonen.
Pilot wijkgerichte aanpak
De Pas in Winterswijk is zo’n bloemkoolwijk. Een verzameling van 450 huizen verdeeld over de vier buurtjes Pasbrink, Pasbree, Pashof en Pashegge. Ooit was het gros hier huurwoning en een klein deel koopwoning. Inmiddels is dat zo’n beetje andersom. De gemeente besluit begin 2019 dat hier de pilot komt van de eerste wijkgerichte aanpak in Winterswijk. Een aanpak waarbij samenwerking tussen de gemeente, woningcorporatie De Woonplaats en vooral de bewoners centraal staat. Met veel ruimte voor eigen inbreng en algemene kaders in plaats van een vooraf gesteld precies resultaat. De hamvraag: Wat is er nodig om fijn te wonen, nu en in de toekomst? De focus ligt op klimaatadaptieve herinrichting en verduurzaming.
Dichtbij het vuur
Er wordt een ‘Uit de Pas’ team gevormd met mensen uit verschillende disciplines en organisaties: technisch, sociaal, landschappelijk. Het team vestigt zich op Pashegge nummer 148, een leegstaand huis van de corporatie, dichtbij het vuur, passend bij de aanpak. Vanuit erfgoed sluit Joyce Ras aan, ze is beleidsmedewerker erfgoed bij team omgeving. De erfgoedgedachte was er niet meteen. Mijn collega Ellen Gunnewiek en ik zagen dat eigenlijk wel als kans. Om te laten zien dat erfgoed niet per se een architectonisch hoogstandje hoeft te zijn. Het vernieuwende van de bloemkoolwijk zat destijds in het totaal nieuwe stedenbouwkundige concept. Daarvoor had je de wederopbouw, met rijen huizen en flats. Ineens kwamen er wijken met woonerfjes, doodlopende takjes. Wonen dichtbij voorzieningen, maar toch met veel groen. Een meer dorps karakter, ontmoeten en spelen op straat.
Het bloemkoolwijkbewustzijn
Veel bewoners waren zich niet bewust van deze kwaliteiten, vertelt ze. Ook omdat er in de loop der jaren verschillende dingen zijn gebeurd die de oorspronkelijke bloemkoolwijkgedachte geen goed hebben gedaan. Neem de explosieve groei van het aantal auto’s, het verdwijnende groen, en het toenemende individualisme. Joyce: We hoorden van mensen die er al lang woonden dat er vroeger veel meer samen werd gedaan. In sommige delen zag je dat nog wel, het verschilde per buurtje.
Om het ‘bloemkoolwijkbewustzijn’ weer wat te vergroten, maakt het Uit de Pas team verschillende nieuwsbrieven met weetjes over de wijk. Ook worden er ansichtkaartpakketjes met foto’s van de wijk door de jaren heen door de bus gedaan, die mensen zelf kunnen versturen. We hebben in de eerste gesprekken het woord erfgoed niet zo specifiek genoemd maar meer gesproken over het ‘Verhaal van de plek’. Tijdens de gesprekken kwamen de termen als spelen op straat, ontmoetingspleintjes, groenstructuren, dorpskarakter in groene omgeving meer naar voren. Dus vooral het benoemen van de concrete erfgoed kernkwaliteiten.
Stimuleren en faciliteren
De wijkaanpak krijgt drie pijlers: verduurzaming van de woningen, klimaatadaptatieve herinrichting en sociale cohesie, oftewel: hoe kan het zelforganiserend vermogen van de wijkbewoners vergroot worden? Dat de coronapandemie in 2020 uitbreekt, helpt niet mee. Toch lukt het een heel aantal activiteiten te organiseren om inbreng op te halen. Een koffiemoment, het neerzetten van een kerstboom, een ontbijt op Burendag.
Joyce: Als mensen een idee hadden, gingen we dat stimuleren en faciliteren. Zo ontstond bijvoorbeeld het plan om beelden te maken met een warmtebeeldcamera, om te onderzoeken hoe het stond met de isolatiewaarde van de huizen. Een aantal bewoners kreeg een cursus en een camera mee om ’s ochtends vroeg foto’s te gaan maken. Andere bewoners konden zich opgeven als ze een foto wilden. Daar werd goed gebruik van gemaakt. Als gemeente faciliteerden we de kennis over de foto’s en het begeleiden van de vrijwilligersgroep.
Waarom moet je iets veranderen?
Voor het ophalen van ideeën voor de herinrichtingsplannen van de openbare ruimte gaat een deel van het team met een tafelblad op twee schragen de wijk door. Ook de landschapsarchitect en de aannemer sluiten hierbij aan. Vanuit de gemeente zit Peter Blauwehand erbij, hij is projectcoördinator civiele techniek bij de gemeente Winterswijk. Er waren soms pittige discussies,
vertelt hij. Mensen die al veertig jaar in de wijk woonden en zeiden: “Ik woon hier prima, waarom moet je iets veranderen?” Het was belangrijk uit te leggen dat het om de toekomst ging, om het klimaat. Maar voor een deel van de mensen was dat soms lastig te begrijpen.
Joyce: Wat hielp was te laten zien dat klimaatverandering in de wijk al te zien was door de verdroging van de groenperken. En dat het vasthouden van water dus een belangrijke nieuwe opgave was.
De auto terug in rang
Het algemeen belang versus het persoonlijk belang geeft schuring. Peter: Meer groen, meer spelen op straat, dat vond iedereen belangrijk. Maar als het dan concreet werd en mensen zagen in een ontwerp wat het betekende voor wat er voor hun eigen deur gebeurde, werd het spannend.
Sommige ambities moesten daarom teruggeschroefd worden in de uitvoering. Joyce: Wat het wel heeft gehaald, is dat de auto echt terug moest in de rang. Voetgangers bovenaan, daarna fietsers, daarna pas die auto.
De centrale verkeersader is nu een 15km zone geworden en zodanig ingericht met groen en bochten dat je er ook echt niet sneller kunt. En in plaats van overal parkeerplaatsen zijn deze nu meer geclusterd, met het idee hier in de toekomst ‘hubs’ van te maken voor elektrisch deelvervoer, als de tijd daar rijp voor is.
Water opvangen en vasthouden
Peter: In die parkeerplaatsen wordt meteen water opgevangen, door bestrating met brede voegen, dan kan het makkelijk wegzakken.
Dat water loopt vervolgens niet meer meteen weg in het vuilwaterriool, maar stroomt via de bodem naar wadi’s en omliggende sloten, die het vasthouden voor drogere periodes. Peter: De hele openbare ruimte, zo’n 14.000 vierkante meter aan straatverharding, is allemaal nagenoeg afgekoppeld.
Ook de speeltuinen zijn gecombineerd met wadi’s en waterbuffers.
Facebookpagina
Op gebied van sociale cohesie zijn uiteindelijk kleine en wat grotere stappen gezet. Peter: Er is bijvoorbeeld een facebookpagina opgezet door bewoners. Je ziet daar dat mensen elkaar zijn gaan aanspreken op gedrag, waar ze bijvoorbeeld hun auto neerzetten. Maar ze vragen ook: “Wie wil er bij mij een lampje op komen hangen, want dat kan ik zelf niet.” Of er is een pakketje afgeleverd, of er staat al heel lang ergens een fiets. Die gemeenschapsgedachte is dankzij dit project wel ontstaan.
Te hoog ingestoken
Er is heel veel gebeurd in De Pas, maar er zijn ook dingen niet van de grond gekomen. Voor Joyce en Peter is een aantal belangrijke lessen geleerd. Peter: De participatie was wat mij betreft te hoog ingestoken. Het was niet duidelijk waar mensen over mee konden beslissen en waar ze alleen over werden geïnformeerd. De verwachtingen waren hoog. Het was slimmer geweest om vooraf kaders aan te geven.
Joyce: In het begin was de ambitie om de initiatiefkracht helemaal vanuit de bewoners zelf te laten komen. Maar in praktijk bleek dat niet te werken. Er zijn opgaven die we als gemeente en woningcorporatie gewoon moeten doen: wettelijke taken, met bestaande budgetten. Ik merkte ook dat het voor de bewoners zelf wennen was dat ze wat mogen zeggen. Het is een soort ouder-kind relatie. “Jullie lossen het toch op!” Het kost tijd om op gelijkwaardig niveau te praten.
Peter: Voor ons is dit werk, deze mensen doen het na hun werk. Ze zijn misschien wel moe, krijgen heel veel informatie, horen geluiden van anderen, ervaren soms weerstand, en dat is gewoon erg veel.
Joyce: Het is belangrijk om te zoeken naar de goede balans.
Erfgoed als ingang voor gesprek
Wat dan weer een mooie ontdekking is gebleken, een les in positieve zin: dat erfgoed een ingang geeft om met elkaar in gesprek te gaan. Joyce: Eerst verbinden in plaats van de opgaven over ze uit te strooien. Achteraf gezien hadden we dit nog veel meer moeten doen. Eerst vertellen: dit is jullie wijk, herkennen jullie dit, heb je nog oude foto’s, wat zijn jouw verhalen? Dan is het minder bedreigend. Je bouwt aan een band en zet dan pas de stap naar de opgaven. Eerst bouwen aan de relatie, dat kan heel mooi met erfgoed.
Geleerde lessen
- Schep duidelijke kaders voor bewonersparticipatie. Laat ze weten waarover ze mogen meebeslissen en hoe.
- Wees ook helder over wat vaste taken en verantwoordelijkheden zijn van de gemeente.
- Maak genoeg tijd om een gelijkwaardig gesprek tussen gemeente en bewoners te ontwikkelen. Bouw aan de relatie.
- Laat erfgoed een ingang zijn voor dat gesprek en maak het laagdrempelig: samen herinneringen ophalen.
Zie ook
Artikelen- Erfgoed Deal - project Wijkaanpak De Pas
- Erfgoed Deal - Over het programma (pagina bestaat niet)
Specialist(en)
Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 20 jan 2026 om 04:52.