Faro - Werkwijzen en wegwijzen
Dit artikel beschrijft één van de thema’s in de Uitvoeringsagenda Faro. Deze agenda vormde in de periode 2023-2026 de basis voor de Subsidieregeling Faro en de werkzaamheden van het Programma Faro.
Introductie
De Faro-praktijk is nog volop in ontwikkeling op het moment dat de Uitvoeringsagenda Faro uitkomt. Dat vraagt om nieuwe rollen, vaardigheden, werkwijzen en methodieken. Bijvoorbeeld om een betere aansluiting te krijgen bij de belevingswereld van participanten. Voor het inrichten van participatieve processen en samenwerkingsverbanden. Of voor het meten van impact en reflecteren op het eigen handelen. Concrete antwoorden op de HOE-, WAT- en WIE-vragen van doeners en beslissers vormen een belangrijke kracht om het Faro-denken voorstelbaar en communiceerbaar te maken.
Ambities
In de Uitvoeringsagenda Faro is in 2022 een tweetal aandachtsgebieden benoemd:
- Toe-eigenen en doorontwikkelen: Er is behoefte aan het aanleren en ontwikkelen van nieuwe werkwijzen en methoden. Daarvoor kan worden geput uit kennis en ervaringen van andere erfgoeddisciplines en andere werkvelden, zoals de antropologie en bestuurskunde. Er zijn leerwegen en ontwikkeltrajecten nodig waarin de erfgoedpraktijk zich deze werkwijzen en methodieken toe-eigent en verder ontwikkelt. Er is vooral behoefte aan nieuwe procesvormen, gesprekstechnieken en impactbepaling.
- Wegwijzen: Hoewel er al veel toepasbare methodieken en werkwijzen zijn, ontbreekt het aan overzicht en zijn ze niet makkelijk te vinden. Er moet gewerkt worden aan een inventarisatie van wat er al is en een betere uitwisseling tussen ontwikkelaars, verspreiders en gebruikers van werkwijzen/methodieken. Aandachtspunt is daarbij aan te sluiten bij het zoekgedrag van gebruiker.
Initiatieven
Met de subsidieregeling Faro zijn in totaal 70 initiatieven gefinancierd die aansluiten bij de 16 thema’s en de daarbij vermelde ambities in de uitvoeringsagenda. In dit kader zijn ook een aantal initiatieven gefinancierd die bijdragen aan een beleidsverandering volgens het Verdrag van Faro op het thema 'Werkwijzen en wegwijzen.
Anno 2026
Tijdens de looptijd van de Uitvoeringsagenda Faro zijn verschillende leeromgevingen ontstaan om de Faro-praktijk verder te ontwikkelen en professionaliseren.
Dynamische netwerken
Veelal ging het om dynamische netwerken die rond specifieke leervragen of knelpunten samen kwamen. Deelnemers haakten aan, andere vertrokken en weer nieuwe geïnteresseerden meldden zich. De netwerken bestonden vaak uit een mix van professionele en informele organisaties, overheden, erfgoedgemeenschappen en erfgoedvrijwilligers. Een subsidie of een buitenboordmotortje vanuit een instelling hielp om de netwerken voor kortere of langere duur in stand te houden. Regelmatig leidde de uitwisseling binnen de netwerken tot bundeling van kennis in bijvoorbeeld een handreiking of reader.
Enkele voorbeelden van de netwerken die in de afgelopen jaren actief waren: In het museale veld vonden honderden geïnteresseerden elkaar in het Lerend Netwerk Co-waarderen. Dit netwerk werd gefaciliteerd door Faro Vlaanderen, de RCE en de Reinwardt Academie. Verschillende provinciale erfgoedhuizen organiseerden onder meer een leeromgeving rond het vraagstuk ‘nieuwe vrijwilligers’ onder de titel Expeditie Nieuwe Gezichten. Het Nieuwe Instituut startte in 2026 een initiatief om instellingen, makers en erfgoedgemeenschappen binnen het archiefveld samen te brengen. Enkele gemeenschapsarchieven organiseerden zich bovendien in een eigen netwerk om samen meer draagvlak te creëren voor dit soort archieven en samen ondersteunende producten te ontwikkelen. Binnen het Netwerk Erfgoedondersteuning werden kennis en ervaringen gewisseld tussen ondersteunende instellingen en erfgoedgemeenschappen. Binnen het Netwerk Levend Erfgoed werden naast kennisuitwisseling ook concrete oplossingen gezocht voor vraagstukken over bijvoorbeeld financiering en evenementenvergunningen. Onderwijsinstellingen kwamen regelmatig bij elkaar om te verkennen hoe Faro een plek in het onderwijs kon krijgen. De ErfgoedAcademie organiseerde in achtereenvolgende jaren verschillende labs over erfgoedparticipatie.
De netwerken vervulden een belangrijke rol als wegwijzer, dicht op de interesses en vragen van de deelnemers. Met de OPEN Kennisbank lanceerden de provinciale erfgoedhuizen daarnaast een online platform om kennis te delen. Het platform is participatief van opzet en staat open voor eenieders inbreng.
Gesubsidieerde initiatieven
Binnen diverse Faro-initiatieven in het museale veld is daarnaast ingezoomd op vernieuwing van specifieke processen, opvattingen, werkwijzen en methodes. Museum De Voorde bijvoorbeeld, ontwikkelde een toolkit voor het participatief ontzamelen en opheffen van collecties. Stichting Behoud Moderne Kunst neemt de op behoud gerichte praktijk van depotbeheer onder de loep. In toenemende mate botst die praktijk met opvattingen van makers en gemeenschappen voor wie toegang zwaarder telt dan behoud. Museum Catharijneconvent en Samen Kerken in Nederland ontwikkelen een toolkit voor de omgang met (beladen) religieus erfgoed met een koloniaal verleden. Het Wereldmuseum tot slot wil met behulp van Ai een applicatie ontwikkelen waarmee zogeheten bron-gemeenschappen makkelijker museumcollecties kunnen doorzoeken naar objecten die in de koloniale tijd mee naar Europa zijn genomen.
Ook andere initiatieven laten zien dat er nog een wereld te winnen valt. De Federatie Instandhouding Monumenten is bijvoorbeeld benieuwd of de methode van een Burgerberaad ook voor het erfgoedveld toepasbaar is. Erfgoedvereniging Heemschut maakte de routekaart ‘invloed op erfgoed’ waarin uitgelegd wordt hoe je bij je gemeente invloed uit kunt oefenen om erfgoed te beschermen. In een initiatief uit Oirschot staat de relatie tussen immateriële en materiële erfgoedgemeenschappen centraal. Wat kunnen bijvoorbeeld gildes of carnavalsverenigingen en musea of historische verenigingen voor elkaar betekenen? En hoe werkt dat door in de relatie met de lokale overheid? Ook in Westerveld staat de erfgoedgemeenschap centraal. Daar is een methode ontwikkeld om het ecosysteem van de gemeenschap te analyseren. Aan de hand van verschillende mengpanelen wordt duidelijk hoe specifieke ecosystemen versterkt kunnen worden.
Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 14 jul 2026 om 02:07.