Jachthuis Sint Hubertus

Introductie[bewerken]

Het Jachthuis Sint Hubertus is een Gesamtkunstwerk van de architect Hendrik Berlage (1856-1934).

Theetafel met servies, zitkamer
Theetafel met servies, zitkamer

Helene Kröller-Müller

In opdracht van Helene Kröller-Müller (1869-1939) werden de tuin, het huis en het interieur op elkaar afgestemd. Het Jachthuis is een uniek object. De binnenkant behoort tot de best bewaarde interieurs waarin de Nederlandse stijlontwikkelingen van het begin van de 20e eeuw tot uiting kwamen. De oorspronkelijke ontwerpen van Berlage werden na 1919 afgemaakt, aangepast of vervangen. Onder meer Henry van de Velde (1863-1957), Bart van der Leck (1876-1958) en Chris Lebeau (1878-1945) waren hierbij betrokken.

1000 objecten

De ongeveer 1000 objecten in het Jachthuis zijn gemaakt door bekende meubelfabrieken als Pander en Mutters, de linnenfabriek Van Dissel, de trijpfabriek Schellens & Co en de Koninklijke Verenigde Tapijtfabrieken. Het betreft meubels, vloerkleden, lampen, serviesgoed, tafelzilver en linnengoed. In 1960/1961 werden de verantwoordelijkheden voor het beheer afgebakend en tot op heden zijn die nauwelijks gewijzigd: het gebouw is eigendom van het Park Hoge Veluwe, het onderhoud wordt verzorgd door de Rijksgebouwendienst, de collectie roerende goederen is in beheer bij de Rijksdienst en de kunstvoorwerpen worden beheerd door het Kröller-Müller Museum.

Over dit ensemble

Depotschatten

De serie ramen van Artur Hennig (1880-1959) zijn kort na plaatsing in 1922 in het Jachthuis Sint Hubertus door Helene Kröller-Müller afgekeurd en in de rijkscollectie terecht gekomen.

Herkomst

Alle kunstwerken en de inboedel van het Jachthuis werden in 1928 overgedragen aan de Stichting Kröller-Müller. In 1935 werd de Hoge Veluwe, inclusief het Jachthuis, verkocht aan Stichting Het Nationale Park de Hoge Veluwe. Tegelijkertijd droeg de Stichting Kröller-Müller haar verzamelingen over aan de Staat. Dit op voorwaarde dat die een museum zou bouwen en het onderhoud van het Jachthuis op zich zou nemen. Tussen 1960 en 1963 werden voorwerpen uit Sint Hubertus ingeschreven in de Rijksinventaris. Daartussen zaten tapijten, schilderijen, Chinese kunstwerken, meubilair, linnengoed en huisraad.

Relatie met andere collecties

Er zijn vele instellingen die collecties of archieven beheren welke zijn gerelateerd aan de collectie Kröller-Müller. Ook zijn er kunstenaars die aan Sint Hubertus hebben bijgedragen. Het Gemeentemuseum Den Haag en NAi in Rotterdam hebben een Berlagecollectie en –archief, het Drents Museum in Assen beheert het archief Chris Lebeau, het Rijksmuseum Amsterdam heeft ontwerpen van de Linnenfabriek Van Dissel, het Gelders Archief beheert het archief Müller & Co en het archief van de Stichting Het Nationale Park de Hoge Veluwe, het Gemeentearchief Den Haag heeft de archieven van H.P. Bremmer en Pander en het Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie (RKD) beheert het Van der Leck-archief.

Meer informatie[bewerken]

Zie ook deze artikelen

    Hoort bij deze thema's

    Specialist(en)


      Reageren
      U kunt op deze pagina reageren via het reactieformulier.

      Wilt u ons helpen?
      De Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed wil meer kennis delen over rijksmonumenten. Wilt u ons hierbij helpen door maximaal vijf korte vragen te beantwoorden?
      Ja, ik wil graag meehelpen (opent de vragenlijst)

      Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 19 aug 2022 om 03:00.