Jo Coenen (1949)


Introductie

Jo Coenen (Heerlen 1949) is een van de meest vooraanstaande architecten van Nederland met een rijke en lange carrière. Hij noemt zijn werk vaak ‘architectonisch-stedenbouwkundig’ en was in beide disciplines werkzaam. Coenen speelde een belangrijke rol in de ontwikkeling van stedelijke gebieden in binnen- en buitenland. Bekende werken van zijn hand zijn de herinrichting van wijk Céramique in Maastricht, het Nederlands Architectuurinstituut in Rotterdam (nu NI), de Vesteda-toren in Eindhoven, de Openbare Bibliotheek en het stedenbouwkundig ontwerp voor het KNSM-eiland in Amsterdam.
Symmetrisch gebouw met ronde centrale koepel, veel glas, blauwe betegeling en twee opbouwen op de daken aan weerszijden.
Afb. 1. Voormalig Stadskantoor (1986) in Delft. Foto: Stadsarchief Delft / Ton de Ruiter
Brede stadsstraat met rode bakstenen woonblokken met donkere balkons en een grijze natuurstenen plint met winkels.
Afb. 2. Vaillantlaan (1987) in Den Haag. Foto: Wikimedia Commons / Harry van Reeken
Kubusvormig gebouw op het water met volledig glazen gevels in een metalen raster, witte plint en groot zwevend plat dak.
Afb. 3. Bedrijfsgebouw Haans (1990) in Tilburg. Foto:

Loopbaan

Jo Coenen studeerde in 1975 af aan de Technische Hogeschool Eindhoven en deed vervolgens ervaring op bij gerenommeerde architecten als Luigi Snozzi in Lausanne, James Stirling in Düsseldorf en bij het bureau van Aldo van Eyck en Theo Bosch in Amsterdam. Hier was hij in 1979 betrokken bij het ontwerp van het P.C. Hoofthuis, de nieuwe Faculteit der Letteren van de Universiteit van Amsterdam. Kort daarna richtte hij in Eindhoven zijn eigen bureau Jo Coenen & Co op. Midden jaren tachtig groeide Coenens bekendheid en nam het aantal grote opdrachten toe. In 1987 kreeg hij de supervisie over de herontwikkeling van het voormalige fabrieksterrein van aardewerkproducent Sphinx in Maastricht. Hij besloot zijn bureau naar deze stad te verplaatsen waar hij onder meer het cultuurgebouw Centre Céramique ontwierp. Na een competitie met vijf andere architecten werd in 1988 zijn ontwerp voor een nieuw architectuurinstituut in Rotterdam gekozen. Het Nederlands Architectuurinstituut opende in 1993 zijn deuren. Tal van stedenbouwkundige en architectonische projecten volgden, waaronder opdrachten in Berlijn die hem in 1999 ertoe brachten daar een bureau te openen. In de navolgende jaren breidde Coenen zijn werkterrein verder uit met studio’s in Luxemburg (2002), Amsterdam (2002), Milaan (2007) en Bern (2012).

Tussen traditie en vernieuwing

Kenmerkend voor Coenens werk is de nauwe verwevenheid van architectuur en stedenbouw. Zijn ontwerpen staan nooit op zichzelf, maar maken deel uit van een groter geheel waarin publieke ruimten, routes en structuren centraal staan. Met een heldere vormgeving die inspeelt op de letterlijke en abstracte eigenschappen van de bouwlocatie positioneert hij zichzelf tussen het modernisme en het postmodernisme in de architectuur. Coenen wordt vaak gezien als een bruggenbouwer tussen traditie en vernieuwing, en tussen gebouw en stad. Zijn architectuur valt op door monumentale vormen en een zorgvuldige compositie van volumes, waarbij het spel van licht en schaduw een grote rol speelt. Plinten, colonnades en vides zorgen voor structuur en gelaagdheid. Coenen zoekt steeds naar een balans tussen massa en openheid. Opvallend zijn de in het oog springende constructies in de buitenruimte, tegenover monumentale binnenruimtes die van buitenaf aan het oog worden onttrokken.

Rijksbouwmeester en onderwijs

Van 2000 tot en met 2004 bekleedde Jo Coenen de functie van Rijksbouwmeester en zette hij zich in voor een betere kwaliteit van de openbare ruimte, een actief architectuurbeleid en een sterke rol van de overheid als betrokken en richtinggevende opdrachtgever. Naast zijn ontwerppraktijk was Coenen actief als docent aan hogescholen en universiteiten in binnen- en buitenland. Zijn werk en denken hebben een blijvende invloed op het Europese architectuur- en stedenbouwonderwijs.

Objecten

  • Welzijnsaccommodatie, Heerlen (1985).
  • Stadskantoor, Delft (1986).
  • Vaillantlaan, Den Haag (1987).
  • Restaurant en Hotel Anno, Almere (1988).
  • Bedrijfsgebouw Haans, Tilburg (1989).
  • NAI (nu NI), Rotterdam (1993).
  • KNSM-eiland, Amsterdam (1996).
  • Kunstcluster, Tilburg (1996).
  • Centre Céramique, Maastricht (1999).
  • De wijk Céramique, Maastricht (2000).
  • Vesteda-toren, Eindhoven (2006).
  • Openbare Bibliotheek, Amsterdam (2008).

Bronnenlijst

  • Coenen, J., Haan, H. e.a., Jo Coenen. Van stadsontwerp tot architectonisch detail (Rotterdam 2004).
  • Ibelings H., Jo Coenen. De ontdekking van de architectuur (Rotterdam 1989).
  • Oxenaar, A., Jo Coenen (Rotterdam 1994).

Dit artikel is geschreven door Eva Villanueva.

Verbeteringen, vragen of opmerkingen?Geef een inhoudelijke verbetering door, stel een vraag of maak een opmerking via het contactformulier.

Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 24 okt 2025 om 03:22.