Middelburg - Abdijplein - Abtswoning bij abdij


(28663) monumentenregister Monumentnummer: 28663



Introductie

De abtswoning is aan de zuidzijde van het plein gelegen, links van de munttoren. Na de brand van 1492 heeft abt Pieter van de Capelle op deze plek zijn nieuwe woning laten bouwen. De pleingevel is bekleed met ledesteen en Gobertanger steen. Aan deze zijde heeft de woning een arcade met zes tudorbogen en geheel ten westen een hardstenen poort. Deze draagt het wapen van Zeeland en is gemaakt door Jacob der Kinderen in 1679.
Foto van het grote gebouw met een toren en een plein ervoor gelegen. Op het plein staat een grote boom. Er staat een groepje mensen.
Abtswoning. Foto door Ymblanter, CC BY 3.0 via Wikimedia Commons


Kenmerken

Rijksmonument sinds: 20 mei 1966

Bouwactiviteiten

werkzaamheidvantotnauwkeurigheidtoelichting
vervaardiging 1679 1679 exact
verbouwing 1940 1940 exact inwendige vernieuwing na brand

Bouwtypen

bouwtypetoelichting
abtswoningen



Gebruik doorheen de eeuwen

De woning van de abt was op de verdieping boven de gewelfgalerij gelegen. Na de reformatie kwam in het oostelijke deel van deze woning het verblijf van de afgevaardigde van Vlissingen, terwijl het westelijke deel door de griffie van de Staten werd gebruikt. Het pand bleef een kantoorfunctie vervullen. Toen de Franse bezetting tot een einde kwam in 1813, werd de abtswoning aan een particulier verkocht. Toch kwam het in 1849 weer in handen van de staat. Opnieuw komt de griffie er kantoor houden.

Restauratie

In 1874 beginnen Pierre Cuypers en Victor de Stuers met de ontwikkeling van een restauratieprogramma voor het abdijcomplex. Wanneer de abtswoning in 1895 aan de beurt is, wordt de dichtgezette arcade opengebroken, de waterlijst boven de begane grond wordt hersteld, er worden opnieuw kruisvensters geplaatst en op het dak komen grote dakkapellen met pinakels. Opvallend is dat de gevel een symmetrisch voorkomen krijgt.

Wederopbouw

Het bombardement van 1940 was een catastrofe voor de abdij, maar de Zeelanders toonden zich veerkrachtig. Al in 1941 werd een bouwhistorisch onderzoek in gang gezet. Hiervoor waren de Utrechtse architectuurhistoricus G.C. Labouchere en architect Th. Haakma Wagenaar aangesteld. Dit is overigens voor het eerst dat in Nederland de term “bouwhistorisch onderzoek” wordt gebezigd. Al in de jaren ’40 begint de restauratie van het abdijcomplex. Wanneer de abtswoning aan de beurt komt, blijft een deel van de oorspronkelijke massa behouden. De gewelven van de begane grond konden gered worden en deze zijn met beton overgoten ter versteviging. Ook de achtergevel blijft behouden, maar de met natuursteen beklede voorgevel moet opnieuw opgericht worden. Daarbij gebruikt men hoofdzakelijk de oude stenen. Het vooroorlogse uiterlijk wordt grotendeels teruggebracht. Het interieur wordt nieuw gemaakt met een andere indeling, maar met elementen die de oude sfeer herroepen.




Bronnen en verwijzingen

Zie ook

ArtikelenHoort bij deze thema'sBeschermd stads- en dorpsgezicht

Meer informatie Meer over het monumentenregister en het rechtsgevolg van de aanwijzing tot rijksmonument is te vinden op cultureelerfgoed.nl/monumenten.

Meer over de omvang en reikwijdte van de bescherming van specifiek dit monument is te vinden in Monumenten - Rijksmonumentenregister en de leeswijzer.

Verbeteringen, vragen of opmerkingen?Geef een inhoudelijke verbetering door, stel een vraag of maak een opmerking via het contactformulier.





Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 22 jan 2026 om 04:03.