Tiel - J.D. van Leeuwenstraat 21 - Rooms Katholieke begraafplaats


(35581) monumentenregister Monumentnummer: 35581



Introductie

Rooms Katholieke Begraafplaats, gesticht in 1836. Dit jaartal staat ook vermeld op smeedijzeren toegangshek langs de straat. Op het kerkhof bevindt zich een kapel eveneens uit de stichtingstijd.
Groot zwart ijzeren hekwerk met daarachter een gebouw, struiken en staande stenen.
Het smeedijzeren toegangshek van de begraafplaats langs de J.D. van Leeuwenstraat.
Gebouw dat tussen twee groene struiken staat met een pad dat er op toe loopt. Links en rechts staande grafstenen.
De kapel op de begraafplaats met helemaal rechts het baarhuisje en links en rechts de grafvelden.
Foto vanuit de lucht genomen met centraal een gebouw met kleine toren en rondom allerlei verschillende stenen. Verder in de omgeving groen en bebouwing verder weg.
Luchtfoto van de begraafplaats met centraal de kapel. Dit geeft een goed overzicht van de hele begraafplaats.



Historie

De katholieke bevolking van Tiel werd van oudsher begraven op het kerkhof van de kerk van Zandwijk, gelegen aan wat tegenwoordig de Nachtegaallaan is. Aangenomen wordt dat Zandwijk los van Tiel is ontstaan en misschien zelfs wel ouder is. Rond 1584 werd de kerk afgebroken, nadat deze zwaar was beschadigd door beschietingen op de stad. De bevolking van Tiel bleef daarna rond de resten van de kerk begraven, zoals ze al eeuwen hadden gedaan. Het beheer van het kerkhof kwam echter in handen van de protestantse gemeente. Pas in 1828 werd het Zandwijkse kerkhof een algemene begraafplaats. Het kerkhof werd daarna vergroot van 1.305 m2 naar 1.881 m2. De protestanten zelf lieten zich al die jaren voornamelijk begraven in en rond de Sint Maartenskerk. In 1786 werd de buitenbegraafplaats Ter Navolging aangelegd, waar met name het patriottische deel van de bevolking zich liet begraven.

In 1836 kreeg de katholieke gemeenschap van Tiel de beschikking over een eigen begraafplaats, aan de huidige J.D. van Leeuwenstraat. De grond hiervoor was ter beschikking gesteld door het echtpaar Nicolaas van den Heuvel en Anna van Baten. Het terrein, destijds nog ver buiten de bebouwde kom, was 19 roeden en 90 EL groot (bijna 1.300 m2 en 90 meter lang). Voor de begraafplaats in gebruik kon worden genomen, moest het terrein eerst opgehoogd worden. De secretaris van het kerkbestuur schonk de beuken voor de heg om het kerkhof. Smid Van Baars verzorgde een ijzeren toegangshek, dat afkomstig was van een buitenplaats in Varik. Het opschrift 'Zalig zijn de dooden die in den Heer sterven' en het jaartal 1836 zijn aangebracht door Joh. Daal. Het smeedijzeren hek rond de begraafplaats is van latere datum en werd rond 1920 geplaatst. Dit hekwerk was afkomstig van het oude kerkhof op de hoek van de Nachtegaallaan en de Grotebrugse Grintweg.

Het ontwerp van de begraafplaats was eenvoudig van opzet en bestond uit een zestal grafvakken, drie aan iedere zijde van een centrale as, waarop in het midden een kapel werd gebouwd. Voor die bouw waren al snel de benodigde gelden bijeengebracht en nog datzelfde jaar kon het werk voor 1.470 gulden worden aanbesteed. De kapel is opgebouwd uit baksteen, heeft een driezijdige sluiting, spitsboogvensters in neogotische stijl en een met koepeldak gedekt klokkentorentje. In de linkermuur kwam een steen als waardering voor de gulle gevers van de grond. Op 12 oktober 1836 werd de kapel met het kerkhof ingewijd. Ook werden de begrafenisrechten vastgesteld.

In gebruik

Uit de begraafboeken blijkt dat er vóór de inwijding van de begraafplaats kerkhof al 19 personen op het kerkhof zijn begraven. De eerste was de 67-jarige Arnoldus Reuser, die op 23 april werd begraven. De begraafplaats kende, zoals gebruikelijk bij katholieke begraafplaatsen ook een ongewijd deel. Hier werden de ongedoopte kinderen begraven, alleen al in 1840 zeven. Een enkele keer is daar een volwassene begraven. Het ongewijde deel lag direct achter de heg aan de linker- en rechterzijde van de ingang. Op een kaart uit 1920 is te zien dat dit deel met een haag was afgescheiden van de rest van de begraafplaats. Verreweg de meeste personen werden begraven op de derde klasse. Hoewel de meeste begravenen afkomstig waren uit Tiel, werden er ook personen uit omliggende plaatsen als Drumpt, Echteld en Zoelen begraven, waar men niet de beschikking had over een katholieke dodenakker. In 1865 was de begraafplaats te klein geworden. Een tweetal parochianen stelden grond beschikbaar aangrenzend aan de begraafplaats en ook werd nog een ander stuk grond aangekocht. Het jaar daarop werd Tiel getroffen door een cholera-epidemie, waarvoor de uitbreiding van de begraafplaats als geroepen kwam. Aan de achterzijde van de begraafplaats werd in 1882 de spoorlijn Elst-Geldermalsen in gebruik genomen.

In 1924 werd de kapel gerestaureerd. Daarbij werd het houten altaar vervangen door een marmeren exemplaar. Ook kwam er op de begraafplaats een calvariegroep en een priestergraf. Voor die tijd waren er al een vijftal priesters op de begraafplaats begraven, maar niet duidelijk is of zij een gezamenlijk graf hadden. In het huidige priestergraf werd Marianus van der Heijden als eerste bijgezet. Hij was in Tiel op vakantie, toen hij verdronk bij het zwemmen in de Waal op 3 augustus 1944. In 2008 is de oorspronkelijke zerk van het grafmonument vervangen.

Zustergraven

In 1885 besloot het kerk- en armbestuur met pastoor Van Wees een aparte plek aan te wijzen op de begraafplaats voor de zusters van het Dominicanessenklooster in Tiel. Vanaf dat moment werden overleden zusters begraven op het zogenaamde zusterkerkhof, links achter de kapel. Er werd een kruis geplaatst met daarop de namen van de begraven zusters. Later kwam er op de plek van het zustergraf een urnenveld, waarvoor de Dominicanessen hun toestemming hebben verleend.

In de jaren vijftig van de vorige eeuw was de begraafplaats praktisch vol. Het kerkbestuur vroeg aan de gemeente toestemming om de begraafplaats uit te breiden, maar die werd niet verkregen omdat de bestaande bebouwing te dicht op de begraafplaats was gelegen. Als alternatief stelde de gemeente de aanleg van een nieuwe begraafplaats in het westen van Tiel voor, waar ook een deel voor de katholieke gemeenschap was bedoeld. In 1962 bleek het plan niet door te gaan. Uiteindelijk kocht de gemeente in 1964 de protestantse begraafplaats aan de Papesteeg en richtte hier een deel voor de katholieken in. In 1984 werd op verzoek van de parochie daar een kruis geplaatst. In 2008 waren er concrete plannen om de begraafplaats aan de J.D. van Leeuwenstraat alsnog uit te breiden aan de oostzijde. Uiteindelijk werd afgezien van de uitbreiding vanwege het teruglopende aantal begrafenissen en bood ruiming binnen de bestaande begraafplaats voldoende plek om te kunnen blijven begraven.

In 1983 werd de kapel nog eens gerestaureerd, daarbij werd het corpus dat eerder boven de ingang hing aan een nieuw kruis in de kapel bevestigd. Ook werden kapotte glas-in-loodramen vervangen door bruingetint glas en onder meer de toren vernieuwd. De ramen werden opgeslagen in de kelder van de kerk. Opvallend genoeg werd de toren in 2000 nog eens hersteld, waarbij ook de klok werd gerestaureerd. In 2016 werd het altaar uit de voormalige kerk van Rumpt in de kapel geplaatst. Het oude altaar kreeg op de begraafplaats een bestemming als verzorgingstafel voor bloemen.

In 2008 werd tussen de kapel en het priestergraf een monument geplaatst voor de ongedoopte kinderen. Het monument, een huisje op twee ladders, werd gemaakt door kunstenares Guusje Kaayk en symboliseert geborgenheid.

Rijksmonument

In 1971 werd de begraafplaats met het toegangshek en de kapel aangewezen als rijksmonument. Ondanks dat de grafmonumenten niet meegenomen zijn in de bescherming zijn er veel interessante monumenten te vinden, niet alleen vanwege de vormgeving maar ook vanwege de personen die er begraven zijn.

Huidige situatie

De begraafplaats is in bijna 200 jaar tijd intensief gebruikt en er wordt nog steeds begraven. Oude en nieuwe grafmonumenten wisselen elkaar dan ook af. Het oudste bestaande grafmonument is voor het echtpaar Petronella Boeijen († 1873) en Franciscus van Waardenburg († 1893).

In 2018 werd de renovatie aan het hekwerk en de kapel op het kerkhof afgerond. Daarbij werden nieuwe ramen geplaatst met de originele glasplaatjes erin. Ook werden onder meer de deuren vervangen. Het interieur van de kapel werd voorzien van kerkbanken, afkomstig uit de Dominicuskerk.


Deze pagina is tot stand gekomen in samenwerking met stichting Dodenakkers.




Bronnen en verwijzingen

  • Begraafplaats Ter Navolging Tiel Ruygt, A.T.M (Tiel, 1998)
  • Overdijk, G.A. ; In Paradisum - De geschiedenis van het r.-k. kerkhof op Zandwijk (Tiel) 1836-2016 (z.j.)

Zie ook

ArtikelenHoort bij deze thema's Begrippen

Begraafplaatsen

Specialist(en)

Meer informatie Meer over het monumentenregister en het rechtsgevolg van de aanwijzing tot rijksmonument is te vinden op cultureelerfgoed.nl/monumenten.

Meer over de omvang en reikwijdte van de bescherming van specifiek dit monument is te vinden in Monumenten - Rijksmonumentenregister en de leeswijzer.

Verbeteringen, vragen of opmerkingen?Geef een inhoudelijke verbetering door, stel een vraag of maak een opmerking via het contactformulier.


Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 19 sep 2025 om 03:09.