Terwolde - Twelloseweg 2


(38088) monumentenregister Monumentnummer: 38088



Introductie

Beheerderswoning van de begraafplaats Terwolde.
Voorgevel van een gebouw met daarvoor een oprit met grind en links en rechts groen.
De beheerderswoning vandaag de dag.



Historie

In december 1827 werd door de raad van de gemeente Voorst besloten dat er nieuwe begraafplaatsen aangelegd dienden te worden in Voorst, Wilp, Twello en Terwolde. Bij iedere begraafplaats diende een woning voor de doodgraver te komen, met ruimte voor opslag van materialen en een ruimte om overledenen op te baren. Gedeputeerde Staten gaf echter geen toestemming voor de plannen en het daarbij behorende financiële plaatje. In plaats daarvan mochten slechts twee begraafplaatsen worden aangelegd. Voor de eerste begraafplaats werd een stuk grond aangekocht tussen Wilp en Voorst en voor de tweede een perceel van 164 roeden en 49 ellen precies op de grens van Twello en Terwolde. Het benodigde geld werd ingezameld via de uitgifte van aandelen ter waarde van 500 gulden per stuk. In totaal was 9.000 gulden benodigd voor de aankoop en aanleg van de twee begraafplaatsen. Evenveel als eerder was begroot voor de aanleg van vier begraafplaatsen.

In november 1828 werd het werk aanbesteed en gegund aan Johannes Martinus Schoenmaker uit Twello. Voor Twello-Terwolde werd Willem Mouwen van Dragt aangesteld als doodgraver. Door strenge, aanhoudende vorst lag het werk enige maanden stil en intussen bleef men begraven op de kerkhoven in de dorpen. De bouw van de doodgraverswoningen liet nog een aantal jaren op zich wachten. Omstreeks 1840 werd in Terwolde een woning in neoclassistische stijl opgeleverd. Een nagenoeg zelfde woning werd ook opgeleverd bij de begraafplaats tussen De Wilp en Voorst. Bij beide woningen was het middelste deel in gebruik als woning en de vleugels als bergruimte respectievelijk baarruimte. In 1892 voldeed deze situatie in Terwolde niet meer en werd de bouw van een lijkenhuisje op de begraafplaats aanbesteed.

Rijksmonument

De bijzondere waarde van de doodgraverswoning, feitelijk geen poortgebouw, heeft in 1971 geleid tot de aanwijzing van rijksmonument. De aanwijzing is gedaan op grond van de ouderdom in combinatie met de bijzondere uitvoering. Dezelfde woning bij de andere begraafplaats in de gemeente is gemeentelijk monument. Die zou wel van 1828 dateren.

Huidige situatie

Het gebouw is niet meer in gebruik als onderdeel van de begraafplaats en wordt tegenwoordig bewoond door een particulier.


Deze pagina is tot stand gekomen in samenwerking met stichting Dodenakkers.




Bronnen en verwijzingen

Zie ook

ArtikelenHoort bij deze thema's Begrippen

beheerderswoningen

Specialist(en)

Meer informatie Meer over het monumentenregister en het rechtsgevolg van de aanwijzing tot rijksmonument is te vinden op cultureelerfgoed.nl/monumenten.

Meer over de omvang en reikwijdte van de bescherming van specifiek dit monument is te vinden in Monumenten - Rijksmonumentenregister en de leeswijzer.

Verbeteringen, vragen of opmerkingen?Geef een inhoudelijke verbetering door, stel een vraag of maak een opmerking via het contactformulier.

Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 23 sep 2025 om 03:21.