Oud Zuilen - Groeneweg bij 3


(384277) monumentenregister Monumentnummer: 384277



Introductie

Ingangspartij en ommuurde familiebegraafplaats.
Bakstenen wand met in het midden een opening met erboven veel groen en ervoor grind.
De voorzijde van de grafkelder in 2026.
Twee grote bakstenen pijlers met daartussen een hekwerk in een verder groene omgeving.
Het toegangshek vanaf de buitenzijde in 2018.
Object van natuursteen dat op een grote vaas lijkt met bovenop schedels.
Detail van een van de bekroningen van de hekpijlers met bovenop schedels.


Kenmerken

Rijksmonument sinds: 27 maart 1990

Bouwactiviteiten

werkzaamheidvantotnauwkeurigheidtoelichting
aanleg 1781 1782 exact

Bouwtypen

bouwtypetoelichting
grafkelders
hekwerken

Bouwstijlen

bouwstijlzuiverheidtoelichting
Neoclassicisme


Historie

Lange tijd was het de gewoonte om in en bij kerken te begraven, midden in dorpen en steden, maar in de achttiende eeuw werd de roep om het begraven in kerken en binnen de bebouwde kom te beëindigen echter steeds luider, met name onder wetenschappers, artsen en predikanten. Eind achttiende eeuw werd om die reden op een aantal plaatsen in Nederland een nieuwe begraafplaats aangelegd, bewust buiten de bebouwde kom.

Willem René baron van Tuyll van Serooskerken zag ook in dat het begraven in kerken bezwaarlijk was. Hij verzocht in 1781 Gedeputeerde Staten van Utrecht om een ‘buitenbegraafplaats’ te mogen aanleggen, aangezien de kerk van Zuylen te klein was om te blijven begraven en er zorgen waren over ‘de vergiftigde uitwaaseming, die den grafzarken uitademt’. Gedeputeerde Staten ging akkoord en al op 4 september 1781 werd de eerste steen gelegd door de schout van Zuilen, H.N. Schalwijk à Velden op een perceel dat Tuyll van Serooskerken ter beschikking had gesteld aan het hervormde kerkbestuur. Op 18 maart 1782 werd Marie van Zandbeek als eerste inwoner van Zuylen op de nieuwe begraafplaats begraven. De begraafplaats bestond uit drie klassen, waarbij de laagste klasse bestemd was voor minvermogenden. In 1854 werd links van de ingang een bakstenen baarhuisje gebouwd.

De begraafplaats bevatte een aparte begraafplaats voor de familie Tuyll van Serooskerken. Opvallend genoeg werden Willem René Tuyll van Serooskerken (1743-1839) en zijn echtgenote Johanna Catharina Fagel (1747-1833) hier echter niet begraven. De familie had een grafkapel in de Nicolaikerk in Utrecht en werd nadat vanaf 1827 niet meer was toegestaan te begraven in kerken gecompenseerd. Ter compensatie kreeg de familie de beschikking over een grafkelder in de rotonde van Zocher op begraafplaats Soestbergen in Utrecht. Boven de ingang van de kleine familiebegraafplaats zijn wel hun familiewapens aangebracht.

Kleinzoon en naamgenoot Willem René Tuyll van Serooskerken (1813-1878) en zijn echtgenote Françoise Margaretha van Weede (1823-1899) werden als eerste van de familie begraven op de eigen begraafplaats. Op marmeren tekstplaten boven de grafkelder zijn hun gegevens te lezen. Latere leden van de familie werden begraven op een apart deel van de begraafplaats achter de grafkelder van de familie. Dit deel maakt echter geen onderdeel uit van het rijksmonument.

De begraafplaats was tot 1997 eigendom van de Hervormde kerk, maar nadat in 1995 de kerk van Oud-Zuilen was verkocht, ontstonden er zorgen over de begraafplaats. In 1997 werd Stichting Begraafplaats Oud-Zuilen opgericht, dat sindsdien het beheer over de begraafplaats voert. In 2019 kocht de stichting een weiland aan naast de begraafplaats dat werd ingericht als plek voor natuurlijk begraven.

Het smeedijzeren hekwerk van het toegangshekwerk is eenvoudig van ontwerp. Wel opvallend is het kruis op het midden van het hekwerk, aangezien de begraafplaats van het begin af aan een protestantse begraafplaats is geweest. De pijlers van de toegang zijn uitgevoerd in bakstenen, maar bevatten zowel links als rechts een tekststeen. Op de linker pijler de vermelding van de genoemde eerstesteenlegging en op de rechterzijde staan de namen van de toenmalige schepenen van Zuilen.

Rijksmonument

De ommuurde familiebegraafplaats en de ingangspartij zijn in 1990 aangewezen als rijksmonument, vermoedelijk omdat dit de oudste delen van de begraafplaats zijn en een sterke relatie met elkaar hebben.

Huidige situatie

De begraafplaats en de beschermde onderdelen worden goed onderhouden. De grafkelder is begin van deze eeuw gerestaureerd. Vanwege de slechte leesbaarheid van de teksten op de pijlers van het hekwerk zijn onder de tekststenen doorzichtige kunststof platen aangebracht met de desbetreffende teksten. De begraafplaats en de niet-beschermde familiebegraafplaats zijn nog steeds in gebruik.


Deze pagina is tot stand gekomen in samenwerking met stichting Dodenakkers.




Bronnen en verwijzingen

Zie ook

ArtikelenHoort bij deze thema's Begrippen

familiebegraafplaatsen en hekwerken

Specialist(en)

Meer informatie Meer over het monumentenregister en het rechtsgevolg van de aanwijzing tot rijksmonument is te vinden op cultureelerfgoed.nl/monumenten.

Meer over de omvang en reikwijdte van de bescherming van specifiek dit monument is te vinden in Monumenten - Rijksmonumentenregister en de leeswijzer.

Verbeteringen, vragen of opmerkingen?Geef een inhoudelijke verbetering door, stel een vraag of maak een opmerking via het contactformulier.

Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 21 aug 2026 om 02:07.