Workum - Merk bij 5 - Gertrudiskerk en kerkhof


(39458) monumentenregister Monumentnummer: 39458



Introductie

Kerk en kerkhoven rond de kerk met drie grafmonumenten.
Tekening met een groot plein met mensen met op de achtergrond kerk en gebouwen.
Reproductie van een pentekening van de kerk met kerkhof in de katholieke tijd (A.T. Visser, collectie Tresoar).
fors gotisch kerkgebouw met enorme vrijstaande toren, bomen, straat en hekwerk op de voorgrond
Kerk en vrijstaande toren uit het noorden. Foto: Wikimedia / Gouwenaar, 2011 CC BY-SA 4.0
Op de voorgrond een verzameling stenen, wit hekwerk erachter en vervolgens een straat met auto's en woningen erlangs.
Zicht op het klein Zuiderkerkhof met de hoofdstraat van Workum op de achtergrond.


Kenmerken

Rijksmonument sinds: 11 januari 1968

Bouwactiviteiten

werkzaamheidvantotnauwkeurigheidtoelichting
vervaardiging 1550 1550 globaal

Bouwtypen

bouwtypetoelichting
kerkhoven

Bouwstijlen

bouwstijlzuiverheidtoelichting
Laat Gotiek invloeden


Kerk

Grote of Gertrudiskerk waar van het driebeukige in hout overwelfde schip slechts twee en een halve travee zijn voltooid alsook het dwarspand, waarin onder andere de entree, aan de westgevel. Bij de herbouw in deze vorm, die eerst in het midden van de 16e eeuw tot stand kwam, is het oudere, vierzijdig gesloten koor behouden; van het bijbehorende eenbeukig schip zijn de fundamenten gevonden tijdens de restauratie in 1939. De aanvankelijk slechts in hout dichtgezette top van de westgevel is bij die gelegenheid in steen uitgevoerd.

Inwendig: preekstoel uit 1718 met Lodewijk XIV ornament door G. van der Haven uit Leeuwarden met rijk gesneden trap, koperen lezenaar 1718, restanten koorhek 1569 door Claas Thiebes. Regeringsbank met opzetstuk waarschijnlijk ook 1718. Briefpanelen verwerkt in de avondmaalstafel en in de moderne banken van het schip. Voorts twee rouwborden 1716 en 1719, acht geschilderde doden-baren der gilden. In een van de orgelkassen van Jan Harmens Camp uit 1697 werd in 1980 een gereconstrueerd, grotendeels nieuw instrument geplaatst. Het oude pijpwerk werd opnieuw gebruikt. Kabinetorgel met twee klavieren en aangehangen pedaal, in 1784 vervaardigd door J.P. Kunckel.

Kerkhof

Rondom de Gertrudiskerk werd eeuwenlang begraven. Waarschijnlijk is het kerkhof begin 19e eeuw, toen het verboden werd nog langer in de kerk te begraven, opgedeeld in vier afzonderlijke delen. Eigenlijk had men het begraven op het kerkhof moeten staken, maar in 1830 kreeg de stad toestemming van Koning Willem I om het kerkhof als zodanig te blijven gebruiken. Dit mocht totdat de gemeente een algemene begraafplaats zou aanleggen. Dat zou nog geruime tijd op zich laten wachten, want pas in 1936 kon de gemeente Workum over een nieuwe begraafplaats beschikken.

Historie

Hoe het kerkhof er tot pakweg de 20e eeuw uitzag is niet duidelijk. Enkele oude afbeeldingen laten al wel aparte delen zien en sommige met een lage muur, kruisjes op de grafvelden en bomen rondom. De vorm van het huidige kerkhof lag vanaf de 18e eeuw grotendeels vast en komt overeen met de huidige omvang. Het grootste deel van de 19e eeuw was het kerkhof in beheer bij de gemeente. Een van de afspraken was dat er alleen liggende stenen geplaatst mochten worden, tenzij er dispensatie werd verleend. Rond 1925 werd in een raadsvergadering opgemerkt dat de dispensatie inmiddels zo gangbaar was dat er nauwelijks nog liggende stenen werden geplaatst op het kerkhof. Na ingebruikname van de nieuwe begraafplaats bleef het oude kerkhof in gebruik. Daarvoor betaalde de gemeente jaarlijks een bedrag aan de kerkvoogdij. De gemeente was ook verantwoordelijk voor het onderhoud van het kerkhof. De gemeente had langs de buitenzijde van de kerkhoven een lage rand van baksteen aangebracht met daarachter een houten hek met daarachter lindenbomen. De grafmonumenten lagen in het gras dat regelmatig gemaaid werd door een pachter. Aan de straatzijde was het klein Zuiderkerkhof van de straat gescheiden door een schansmuur met daarop een smeedijzeren hekwerk.

In 1969 nam de gemeente Workum het besluit om het kerkhof te sluiten. Het kerkhof was feitelijk niet meer nodig en bovendien had de gemeente plannen rondom de verkeersvoorziening ter plekke. Er werd onder meer gesproken over meer parkeerruimte. Hoewel Gedeputeerde Staten adviseerde het kerkhof nog niet te sluiten omdat het nog gebruikt werd, besloot de gemeente wel daartoe. Op 31 mei 1969 werd het kerkhof officieel gesloten en dat is sindsdien zo gebleven (met uitzondering van de plaatsing van een urn met asresten). Na de sluiting liet de gemeente de huurovereenkomst in stand en bleef huur betalen voor het kerkhof. Ook de opvolgende gemeenten bleven de huurovereenkomst eerbiedigen en dus onderhoud de gemeente nog steeds het kerkhof.

In de loop der jaren waren er vier verschillende delen te onderscheiden rondom de kerk. Het klein Zuiderkerkhof telde 87 graven en hier werden belangrijke Workumers begraven, feitelijk een soort 1e klasse. Dit stuk ligt direct ten zuiden van de toren. Het groot Zuiderkerkhof ligt zuidelijk van de kerk en betreft het grootste gedeelte. Er lagen hier 677 graven. Achter de kerk ligt het Oosterkerkhof dat 301 graven bevatte. Aan de noordzijde van de kerk lag dan nog het groot Noorderkerkhof waar ruimte was voor 247 graven. Met enkele hoekjes in totaal goed voor 1.400 graven. De verschillende delen worden van elkaar gescheiden door paden of hekken. Niet al die hekken zijn nog aanwezig. Het Noorderkerkhof is in de 20e eeuw lange tijd afgescheiden geweest door een haag. Het smeedijzeren hekwerk langs de straat bij het klein Zuiderkerkhof is in de jaren tachtig weer vervangen door een houten hekwerk.

Rijksmonument

De kerk en de losstaande toren zijn door de jaren heen het voornaamste focuspunt geweest. Dat gebeurde ook in 1968 toen de kerk en toren werden aangewezen als rijksmonument. Door lokale aandacht voor het kerkhof werd uiteindelijk in 2022 ook de monumentenstatus aangevraagd voor het kerkhof. Na onderzoek bleek dit inderdaad, zeker in verhouding tot de al aangewezen kerkhoven in Fryslân, een goede toevoeging. Het is een voorbeeld van een gaaf stadskerkhof dat in de andere Friese steden helaas niet meer te vinden is. Bij de aanwijzing werden de verschillende delen van het kerkhof benoemd, alsmede drie grafmonumenten. Dat betreft de grafmonumenten op de graven van Joseph Sinkel en dat op het familiegraf van Tjipke Visser, beide op het Zuiderkerkhof en het grafmonument van Rintje Sinnes Visser en kleinzoon Rintje Jans Visser op het Kleine Zuiderkerkhof.

Huidige situatie

Het kerkhof valt sterk op door de witte houten hekwerken rondom. De omzoming met linden draagt sterk bij aan het beeld. Op de verschillende delen van het kerkhof zijn nu vooral nog grafstenen uit de 19e en eerste helft van de 20e eeuw te vinden. Een fraai grafmonument uit de 19e eeuw betreft dat voor de ondernemer Joseph Sinkel (1798-1832). Samen met broer Hermann en Anton hadden zij verschillende warenhuizen opgericht, de eerste in Leeuwarden. Die werden bekend onder de naam De Winkel van Sinkel. Hun concept vormde de basis voor warenhuizen zoals wij die vandaag de dag nog kennen. Joseph maakte het succes niet meer mee, want op een reis van Leeuwarden naar Amsterdam sloeg hij op 28 december 1832 overboord van het beurtschip dat hem over de Zuiderzee zou brengen. Zijn lichaam werd pas op 27 mei van het jaar daarop teruggevonden op de kust bij Workum. Daar werd hij ook begraven.

Op het kleine Zuiderkerkhof lig het grafmonument voor Rintje Sinnes Visser (1760-1853) en zijn kleinzoon Rintje Jans Visser (1827-1897). Beiden waren actief in de palinghandel die Workum in de 17e en 18e eeuw rijkdom bracht. De familie Visser trok de handel naar zich toe en Rintje Jans werd niet alleen de rijkste man van Workum, maar in 1882 werd hij ook burgemeester. Op de zerk die bij het monument hoort is een palingaak afgebeeld. Ook staat op de zerk een neoklassieke afgeknotte obelisk die aan alle zijden tekst bevat met rondom smeedijzeren hek. Het geheel is gerestaureerd door een daartoe in het leven geroepen werkgroep.

Verder staat op het Zuiderkerkhof het zandstenen grafmonument voor de beeldhouwer Tjipke Visser (1876-1955). Hij werd geboren in Workum als zoon van een houthandelaar en volgde na de HBS lessen aan de Rijksakademie van beeldende kusten in Amsterdam. Naast tekenen ging Visser ook beeldhouwen. Op het kerkhof had de familie een eigen graf dat in 1942 voorzien werd van een nieuw grafmonument naar ontwerp van dochter Marijcke Visser. Het monument bestaat uit een brede stèle met daarop een engel tussen twee tekstvlakken en aan de onderzijde een wolkenveld. Hoewel het grafmonument sterk afwijkt van de andere monumenten is het zeer behoudenswaardig.


Deze pagina is tot stand gekomen in samenwerking met stichting Dodenakkers.




Bronnen en verwijzingen

Zie ook

MonumentenArtikelenHoort bij deze thema'sBeschermd stads- en dorpsgezicht Begrippen

kerken en kerkhoven

Specialist(en)

Meer informatie Meer over het monumentenregister en het rechtsgevolg van de aanwijzing tot rijksmonument is te vinden op cultureelerfgoed.nl/monumenten.

Meer over de omvang en reikwijdte van de bescherming van specifiek dit monument is te vinden in Monumenten - Rijksmonumentenregister en de leeswijzer.

Verbeteringen, vragen of opmerkingen?Geef een inhoudelijke verbetering door, stel een vraag of maak een opmerking via het contactformulier.




Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 6 apr 2026 om 10:57.