Assen - Vaart Z.Z. 19


(468948) monumentenregister Monumentnummer: 468948



Introductie

Woonhuis annex kantoor. Hoekpand van twee bouwlagen met kap, asymmetrisch opgezette voorgevel.
Foto van de voor- en zijgevel van het bakstenen gebouw met witte details en een erker op de eerste verdieping.
Afb. 1 Vaart Zuidzijde 19. Foto door Anthony Ruijtenbeek, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons
Foto van de bakkerij die op deze plek stond voor dat het huidige pand werd gebouwd. Het is een klein pandje met een schuin dak.
Afb. 2. Het pand met het schuine dak in het midden, was de bakkerij. Foto door J.G. Kramer, gemaakt rond 1890. Bron: Drents Archief, foto DA167001.
Oude kaart uit 1809 waarop te zien is dat er op de plek van de drie huisplaatsen een enorme tuin ligt.
Fragment van de kaart van Assen van Buwama Aardenburg uit 1809 met daarop de huisplaatsen 5, 6 en 7. Het huidige pand is gebouwd op de plek van huisplaats 6.


Kenmerken

Rijksmonument sinds: 19 januari 1994

Bouwactiviteiten

werkzaamheidvantotnauwkeurigheidtoelichting
vervaardiging 1902 1905 exact

Bouwstijlen

bouwstijlzuiverheidtoelichting
neorenaissance stijlzuiver



Geschiedenis

De locatie

In 1780 werden de eerste huisplaatsen aan de Vaart uitgegeven door het Landschapsbestuur, aan de zuidzijde. Er was een plicht om ook elke huisplaats te bebouwen. In het algemeen is dat ook gebeurd met deze eerste huisplaatsen, soms door één groot gebouw neer te zetten op twee huisplaatsen. Op de plek waar nu de huizenrij Vaart Z.Z. 11-23 staat, lagen de drie huisplaatsen, met nrs. 5, 6 en 7 die mr. Petrus Hofstede kocht. Op de twee buitenste huisplaatsen liet hij een blokje van vier arbeiderswoningen bouwen. De middelste huisplaats bleef echter onbebouwd, het is niet bekend waarom dit niet is gebeurd. De kaart van Buwama Aardenburg uit 1809 laat zien dat er een enorme siertuin ligt op de plek van de drie huisplaatsen. Rond 1810 zijn de drie huisplaatsen met de twee blokjes woningen en de siertuin verkocht aan mr. Sibrand Gratama. Deze liet het oostelijke blokje afbreken of verbouwen tot het eerste Gratamahuis, en in 1860 is op de plek (Vaart Z.Z. 11-13) het huidige Gratamahuis gebouwd. Het westelijke blokje (Vaart Z.Z. 21-23) staat er in feite nog, maar is in 1895 (nr. 21) en tenslotte in 1934 (nr. 23) zwaar verbouwd.

De middelste huisplaats bleef echter nog tot 1850 onbebouwd. Toen besloot Gratama dit uit te geven in erfpacht. Op de plek waar nu Vaart Z.Z. 19 staat, werd in dat jaar een bakkerij gebouwd. In 1897 wordt het pand door slager en veehandelaar Boele Deen, die het pand in 1892 kocht en de erfpacht afkocht in 1895, verkocht aan Albert van Leusen. Deze laat de toen bestaande bebouwing tussen 1897 en 1904 in fases afbreken en laat er vervolgens een graanpakhuis, stoomkorenmolen, lijnmeelfabriek en woonhuis bouwen.

Het pand

Oorspronkelijk was het plan om in 1901 de stoomkorenmolen, de lijnmeelfabriek en het woonhuis ineens te bouwen. De bouw van het woonhuis loopt echter vertraging op, maar in 1904 wordt het alsnog aanbesteed. De architect van al deze gebouwen is Johannes van Houten. Hij ontwerpt in deze periode meer gebouwen met de kenmerkende, bijna oranje-kleurige bakstenen fronten (Oudestraat 2, Witterstraat 3, Groningerstraat 5-7). Vanwege de enigzins beperkte ruimte, moet hij vooral in de hoogte en in de diepte bouwen.

Bewoners

De opdrachtgever van het complex was Albert van Leusen. Hij woonde ook met zijn gezin op deze plek. Hij nam in 1896 effectief, en in 1900 ook formeel na diens overlijden, de zaak van zijn schoonvader Gerrit Jacob de Waard over, al is er lang daarna steeds wel sprake geweest van mede-firmanten in de vorm van leden van zijn schoonfamilie. Onder zijn leiding verschoof het accent van de firma van productie van graanproducten naar handel in graanproducten. Ook zou hij in de voetsporen van zijn schoonvader treden daar waar het de gemeentepolitiek betrof, hij zou uiteindelijk zelfs wethouder worden. Ook was hij op tal van andere maatschappelijke terreinen actief. Van Leusen en zijn vrouw Willemina Jantina de Waard kregen twee kinderen, Gerrit Jacob, die hem zou opvolgen in de zaak, en Albert Jan, die arts, radio-presentator, en net als zijn vader, wethouder zou worden, maar dan in Velsen.

In 1926 verhuisden Albert en Willemina van Leusen naar de Stationsstraat en werden de pasgehuwden Gerrit Jacob van Leusen en Johanna Oortgijsen de hoofdbewoners. Naast dat Gerrit Jacob de zaak voortzette, trad hij ook in andere opzichten in de voetsporen van zijn vader. Zo was hij ook actief in de lokale politiek, hij was ondermeer intensief betrokken bij de fusie van de lokale afdeling van zijn partij, de Vrijzinnig-Democratische Bond en de lokale afdeling van de S.D.A.P. tot de afdeling Assen van de Partij van de Arbeid, hij was ook bij diverse commissies betrokken, en hij verscheen ook op de kieslijsten, maar hij werd nooit tot raadslid of statenlid gekozen. Ook was hij, net als zijn vader, lang voorzitter van de Bouwvereeniging Assen (anno 2025 Actium) en was hij directeur van de N.V. Concerthuis (anno 2025 DNK).

In 1963 werden de panden verkocht aan Jan Zonderman die er zijn firma Zonderman, groothandel in meel en bakkerij grondstoffen, vestigde. Gerrit Jacob de Waard overleed vrij kort nadat het gezin naar de Iepenlaan verhuisde.


Deze pagina is tot stand gekomen in samenwerking met Anthony Ruijtenbeek.




Bronnen en verwijzingen

Zie ook

ArtikelenHoort bij deze thema'sBeschermd stads- en dorpsgezicht Begrippen

neorenaissance

Meer informatie Meer over het monumentenregister en het rechtsgevolg van de aanwijzing tot rijksmonument is te vinden op cultureelerfgoed.nl/monumenten.

Meer over de omvang en reikwijdte van de bescherming van specifiek dit monument is te vinden in Monumenten - Rijksmonumentenregister en de leeswijzer.

Verbeteringen, vragen of opmerkingen?Geef een inhoudelijke verbetering door, stel een vraag of maak een opmerking via het contactformulier.




Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 5 aug 2025 om 02:00.