Delfzijl - Eemsmondgebouw
Monumentnummer: volgt
Let op: dit object komt in aanmerking om als rijksmonument te worden aangewezen.
Introductie
Aan de zuidzijde van de buitenhaven in Delfzijl, naast de oude sluizen naar het Eemskanaal, staat het Eemsmondgebouw. Dit kantoorgebouw werd in 1971-1973 in opdracht van de Rijksgebouwendienst gerealiseerd voor de huisvesting van een aantal rijksdiensten die hun werkterrein op en rond het water hebben.








Aanleiding voor de selectie
In het Programma Post 65 (1965 – 1990) zijn om te beginnen vijftien monumenten geselecteerd die in aanmerking komen voor rijksbescherming. Het Eemsmondgebouw is één van deze vijftien. Dit monument past in de Verhaallijn Post 65 Welvaart, Groei en Ordenen.
Delfzijl en het Eemsmondgebouw
Het Eemsmondgebouw was onderdeel van de stormachtige ontwikkeling die de Eemsmondregio in de jaren na de Tweede Wereldoorlog doormaakte. In de jaren vijftig had de rijksoverheid de regio aangewezen als gebied voor economische ontwikkeling en ontsluiting van Noord-Nederland. In 1958 was het Havenschap Delfzijl opgezet voor de industrialisatie van de stad. Het Rijk subsidieerde kapitaalintensieve basisindustrieën die Delfzijl moesten doen uitgroeien tot een wijdvertakt industrieel complex. De vondst van aardgas in Groningen in 1959 zorgde voor een verdere stimulans. Met de omlegging van het Eemskanaal werd een nieuw havengebied gerealiseerd. In 1968 begon de aanleg van een diepzeehaven, gevolgd door het Zeehavenkanaal en de Eemshaven voor de steeds groter wordende schepen. De ligging van het Eemsmondgebouw op een kruispunt van water-, spoor- en landwegen past bij de functie als kantoorcomplex met een belangrijke regionale functie waarvoor goede bereikbaarheid essentieel was. Door zijn solitaire ligging op een verhoogd terrein is het Eemsmondgebouw van verre zichtbaar en herkenbaar.
Gebouwtype
Het bajonetvormige Eemsmondgebouw telt zes bouwlagen onder plat dak en bestaat uit een hoog- en laagbouw. Op de begane grond en in de aangrenzende laagbouw was plek voor werkplaatsen en magazijnen. De vier kopgevels van de hoogbouw en de laagbouw zijn voorzien van monumentale betonreliëfs. Ter plaatse van de kopgevel aan de zeedijk zit een loopbrug met trap die uitkomt op de aangrenzende dijk en naar de voormalige aanlegsteiger leidde. Onder het gebouw zit een noodzetel uit de Koude Oorlog.
Bouwgeschiedenis
Al eind jaren vijftig was het idee ontstaan voor de bouw van een havenkantoor in Delfzijl. Uiteindelijk werd het Eemsmondgebouw in 1971-1973 in opdracht van de Rijksgebouwendienst gerealiseerd voor de huisvesting van een aantal rijksdiensten die hun werkterrein op en rond het water hadden. Het ontwerp was van Hugo de Gruijter (1930-2018), regionaal architect van de Rijksgebouwendienst. De uitvoerder van het werk was Nedam. De betonreliëfs (uitgevoerd door firma Eppinga) en het beeld op de parkeerplaats zijn van de kunstenaar Jaap van der Meij (1923-1999). Het Ingenieursbureau Dijkhuis uit Groningen was ook betrokken bij het Eemsmondgebouw. Dit bureau groeide met het gebouw mee: Dijkhuis maakte gedurende tientallen jaren, zowel voor de oprichting van het gebouw als meerdere renovaties, technische berekeningen voor de constructies.
Renovaties
Zie hieronder de belangrijkste wijzigingen. Informatie afkomstig uit het archief van de gemeente Eemsdelta:
- 1970: Oprichting van het rijkskantorengebouw te Delfzijl
- 1973: Het toevoegen van een tochtportaal en het plaatsen van een rijwieloverkapping
- 1979: Het aanbrengen van gevelramen in de oost- en westgevel
- 1984: Het verplaatsen van de nooduitgang van de noodzetel
- 1997: Interne verbouw voor vestiging douane & het veranderen van kantoor/werkplaats. Architect De Gruijter heeft in de jaren 1996-1997 nog meegewerkt aan de wijziging van het gebouw van de kleuren wit met rood naar wit met blauw
- 1998: In dit jaar werd een brochure over de renovatie uitgebracht door het Rijksvastgoedbedrijf
- 2008-9: Het vernieuwen van de langsgevels & interne verbouwing onder leiding van Team 4 Architecten
Architectonische verschijningsvorm
Exterieur
Het oorspronkelijke architectonische ontwerp uit 1971-1973 kent een sterk ritmische gevel, bestaande uit stalen puien en deuren toegepast met kunststof panelen. Het is herkenbaar als functioneel kantoorontwerp uit de jaren zestig, de periode waarin het ontwerp tot stand kwam. De oorspronkelijke verharding op het voorplein en parkeerterrein aan de achterzijde, in een blokmotief van zwarte en witte betonstenen, is als één geheel met het gebouw mee ontworpen. Opvallend is de stalen pergola die naar de hoofdingang leidt. Deze benadrukking van de hoofdentree in een verder sober en alzijdig ontwerp, is ook zichtbaar bij andere ontwerpen van Hugo de Gruijter.
De relatie van gebouw en gebruikers met de Waddenzee moest een bepalende rol spelen, vonden de architect en kunstenaar. Het oorspronkelijk kleurplan van architect De Gruijter bestond uit donkergroen als verwijzing naar de vegetatie op het wad, rood voor de zonsopkomst en -ondergang en wit als schittering van het zonlicht op het wateroppervlak. De wijziging van de hoofdkleuren wit en rood naar wit en blauw vond in 1996-1997 met advies van De Gruijter plaats. De kleur blauw was gekozen omdat het een kleur is die verwees naar de nautische activiteiten van de rijksdiensten. Deze kleur is zowel in het exterieur als het interieur toegepast en op enkele plekken nog terug te vinden.
Het exterieur heeft in 2009 naar ontwerp van Klaas Paul de Boer (Team 4 Architecten) een nieuwe gevel gekregen die net als de kunst van Van der Meij geïnspireerd zijn op de zee, specifiek een zeeboei (golven, vlechtwerk van de zeeboeien).
Kunst
De betonreliëfs aan de zeezijde verbeelden het Groningse landschap, met rijen paaltjes, vuurtorens en mensen. De betonreliëfs aan de landzijde verbeelden het wad en de stroming van het water. De gevel van de laagbouw noemde Van der Meij zelf ‘De Wachters’ vanwege de mysterieuze figuren die verwijzen naar ‘goden, godinnen en koningen uit het verleden’, aldus de kunstenaar. “Wanneer ik met mijn boot op het water ben, dan zie ik daar in die oude palen die aangevreten zijn door het zeewater, ineens deze figuren opdoemen en dat inspireert me geweldig en daar ontstaan dan zulke motieven uit”, vertelde Van der Meij in een interview met Van Gewest tot Gewest begin 1973. De grote betonsculptuur dat voor de ingang van het Eemsmondgebouw staat, staat bekend onder meerdere namen: ‘Meerpaal’, ‘Dukdalf’, maar ook het meer poëtische ‘Koning van de Wadden’.
Interieur
Door de jaren heen, met name nadat de rijksdiensten het gebouw verlieten, heeft het gebouw vele huurders en daarmee de nodige aanpassingen gekend. Het interieur is grotendeels verbouwd, waarbij op enkele plekken nog originele afwerkingen zichtbaar zijn zoals glasblokken, het trappenhuis met beton met zichtbare afdruk van de bekisting, linoleum, vezelplaten, terrazzo. Op de begane grond van het hoofdgebouw waren werkplaatsen met een hoogte van zes meter. Deze werden door het Loodswezen gebruikt voor onderhoud en reparatie van zeebakens. Op alle verdiepingen zijn (verborgen achter panelen) deuren behouden die naar ventilatieschachten leiden. Op de bovenste verdieping zijn restanten van de oorspronkelijke aftimmeringen en installaties aanwezig.
Buitenruimte
De oorspronkelijke tuinaanleg sluit aan op het thema zee en wad door de toepassing van rotsen, een lichte kleur grind en beplanting die op een duinlandschap geïnspireerd is. De ontwerper is onbekend, maar was waarschijnlijk net als de architect in dienst bij de regionale afdeling van de Rijksgebouwendienst. Volgens oud-medewerkers van de Rijksgebouwendienst werd het ontwerp van de buitenruimte met architect De Gruijter afgestemd. Tekeningen van de bestrating zijn in ieder geval in het archief van de Rijksgebouwendienst gevonden.
Noodzetel
De noodzetel, type ‘Mierenhoop’, is functioneel ontworpen voor het doel als commandopost ten tijde van een (atoom)aanval en werd voorzien van alle technieken die op dat moment beschikbaar waren. De noodzetel bestaat uit verschillende ruimtes zoals sanitaire ruimtes, kantoren, een keuken, slaapruimtes, ruimtes voor installaties en een sluis. Ook kent de noodzetel het functioneel ontworpen vaste meubilair van kantoren, zoals de vaste kuipstoeltjes op draaipoot, toiletpotten, luchtverversingsinstallaties, de keuken en de zwaar gepantserde deuren. De noodzetel heeft een standaard interieur dat net als de inventaris nog geheel intact is en behoort tot de meest complete exemplaren in Nederland. Het is niet bekend door wie de noodzetel is ontworpen, maar uit archiefstukken blijkt dat de afbouw gecontroleerd werd door een medewerker van het bureau Verhoeven.
Cultuurhistorische context
Het Eemsmondgebouw is een voorbeeld van een geïntegreerd ontwerp (‘Gesamtkunstwerk’) waarin het Rijksspreidingsbeleid, de 1,5-procentregeling voor kunst en de Koude Oorlog (noodzetel/commandopost Rijkswaterstaat) samenkomen. Doel van het Centraal Bureau Spreiding Rijksdiensten was de spreiding van diensten ‘krachtig te bevorderen met het oog op de werkgelegenheid en het toenemende ruimtegebrek in de Haagse agglomeratie’. De Eemsmondregio was aangewezen als gebied voor economische ontwikkeling en ontsluiting van Noord-Nederland. Concreet waren dit de ontwikkeling van (diep)zeehavens met aanpalende industrie. Hiervoor werd onder andere in 1968 het Eemskanaal omgelegd. De vondst van aardgas droeg in sterke mate bij aan de ontwikkelingen. Het Eemsmondgebouw was het kantoor voor verschillende rijksdiensten die in relatie stonden tot activiteiten in en rond de havens en op zee, bijvoorbeeld de regionale Rijkswaterstaat. De noodzetel was ook als commandopost voor deze bedoeld.
Planvorming
Al in 1960 correspondeerde het Havenschap Delfzijl en de directie Groningen, Friesland en Drenthe van de Rijksgebouwendienst met elkaar. In mei van dat jaar stuurde het Havenschap Delfzijl ‘ter kennisneming een exemplaar van de bestektekening van het door ons te bouwen kantoor, waarvan een gedeelte aan uw dienst zal kunnen worden verhuurd’. Het Havenschap Delfzijl (nu: Groningen Seaports) was een openbaar lichaam dat beheer voerde over de zeehaven met aangrenzende industriegebieden in Delfzijl. De raad van bestuur van het Havenschap Delfzijl keurde de kostenraming voor het nieuwe gebouw in april 1960 goed. In datzelfde jaar zou het gebouw gereed moeten komen. De ontwerpers waren architecten W. P. Delken en H. W. Rozema uit Delfzijl. Met een mogelijke uitbreiding werd rekening gehouden en in het gebouw was te verhuren ruimte voor de politie te water en de passencontrole van de marechaussee, aldus Dagblad van Het Noorden van 6 april 1960.
Het Eems-Dollardverdrag
Het belang van een nieuw havenkantoor had alles te maken met politieke ontwikkelingen in de Eemsmondregio. Zo werd in april 1960 het Eems-Dollardverdrag tussen Nederland en Duitsland aangenomen. Het verdrag had als doel tot regeling van de samenwerking in de Eemsmonding. Het Loodswezen zou na ratificatie van het Eems-Dollardverdrag een gedeelte van de betonning op de Eems gaan verzorgen. De ratificatie van het verdrag had als gevolg dat de dienstkring Delfzijl van Groningen naar Delfzijl zou moeten worden verplaatst. Naast een kantoor moest er ook ruimte zijn voor magazijnen en werkplaatsen. Een andere geschikte locatie dan die bij de zeedijk in Farmsum/Delfzijl was er niet: “Voor onderhoud en opslag van de tonnen zoekt het Loodswezen thans een terrein te Delfzijl, dat grenst aan het waterfront. Het onderhavige terrein is practisch het enige dat hiervoor in aanmerking komt.”, aldus de regionaal directeur van Rijkswaterstaat. Een steiger en dienstwoning behoorden ook tot de eisen, net als een verzwaring van de provinciale zeedijk. Het Havenschap en de provincie konden zich vinden in de situatie. Het schetsontwerp werd verder uitgewerkt in overleg met de Rijksgebouwendienst.
Rijksbouwmeester
In 1963 kwam de toenmalige Rijksbouwmeester Jo Vegter (1906-1982) ter plaatse op het beoogde terrein in Farmsum. Hij concludeerde: “Een bouwlichaam als voor de Waterstaat geschetst zal hier niet verantwoord zijn.” Het terrein vond hij echter zeer aantrekkelijk. “Het leent zich voor een geconcentreerde hogere bouw, waarbij vóór alles naar één bouwlichaam moet worden gestreefd. Het terrein eist een gebouw van een hoog architectonisch gehalte; over de keuze van de architect wil ik t.z.t. graag nader overleg met U plegen”, aldus Vegter in een brief aan de directeur van de regionale Rijksgebouwendienst. De eisen van de rijksbouwmeester komen samen op een tekening van de Rijksgebouwendienst uit november 1964. De eerste contouren van het Eemsmondgebouw kregen toen vorm. Niet het Havenschap, maar de Rijksgebouwendienst zou het kantoor bouwen en meerdere rijksdiensten zouden er hun intrek nemen. Halverwege de jaren zestig begon het rijk met het aankopen van verschillende gronden rondom het geplande kantoor, zoals een strook dijk van de provincie en grond van het Waterschap Duurswold in 1965. Ook was inmiddels een architect in beeld: Hugo de Gruijter, architect bij de Rijksgebouwendienst, regio Groningen, Friesland en Drenthe. Volgens het boek De Rijksbouwmeesters (1995) bouwden de zittende regionale architecten ‘in het algemeen in gematigd traditionele trant’.
Belang noodzetel
Eind december 1965 liet hoofdingenieur-directeur van Rijkswaterstaat directie Groningen J. C. Hoornenborg aan directeur-generaal van Rijkswaterstaat per brief weten ‘de mogelijkheid tot het inrichten van een noodzetel annex schuilgelegenheid voor het waterstaatpersoneel’ in het ontwerp van het gebouw te missen. Daarnaast had Hoornenborg nog een aantal opmerkingen op het ontwerp. Zo was met doorrijhoogtes te weinig rekening gehouden, klopten de groeperingen van diensten niet en waren in de dienstwoning afmetingen van ruimtes, zoals de woonkamer, te klein. Maar met name het belang van een schuilkelder werd in de brief benadrukt:
“Dat de Rijkswaterstaat in oorlogstijd in het gebied in en om Delfzijl een belangrijke taak heeft te vervullen, staat naar mijn mening ontwijfelbaar vast. Of die taak van nationaal belang kan blijken is vooraf niet te beoordelen, maar hangt uiteraard af van de oorlogsontwikkelingen. Alleen het veronderstellen van die mogelijkheid moet mijns inziens echter als voldoende aanleiding zijn bij de onderhavige nieuwbouw daarmede rekening te houden. Daarbij dient voorts te worden overwogen, dat op deze wijze noodzetel annex schuilgelegenheid thans met de geringste kosten tot stand kunnen worden gebracht.”
Het belang van de noodzetel werd mogelijk ingegeven door het toen nog recente oorlogsverleden van Delfzijl. Delfzijl maakte deel uit van de vesting Emden, een belangrijk onderdeel van de Duitse verdedigingslinie Atlantikwall. Tot de laatste dagen van de Tweede Wereldoorlog werd rondom Delfzijl nog zwaar gevochten. De Eemshaven zou in oorlogssituaties een belangrijke doorvoerplek zijn. De in het Eemsmondgebouw gevestigde waterloopkundige studieafdeling van de Afdeling Landaanwinningswerken bij calamiteiten zou dan in de commandopost een plek kunnen krijgen, evenals enkele aan het havenbedrijf van Delfzijl verbonden instanties. Het betreft een vroege noodzetel (1970-1973) die later is omgebouwd tot standaardnoodzetel volgens het Noodzetelplan.
Een aangepast plan
Voor de afbouw van de noodzetel was het bureau Verhoeven verantwoordelijk. Mogelijk was dit bureau ook verantwoordelijk voor het ontwerp van de noodzetel, maar dit is uit de bekeken archiefstukken niet op te maken. Op de eerste tekeningen van het Eemsmondgebouw is nog helemaal geen noodzetel te zien: zoals hierboven genoemd was van een noodzetel pas sprake na opmerkingen van de regionale hoofdingenieur van Rijkswaterstaat. In maart 1967 ging de gemeente Delfzijl akkoord met het plan voor het rijkskantoor, maar meldde wel dat het langs de Provinciale Groningse Schoonheidscommissie moest. Uiteindelijk werd in 1971 begonnen met de bouw. Na oplevering in 1973 namen verschillende rijksdiensten hun intrek in het Eemsmondgebouw: de Koninklijke Marechaussee, Rijkspolitie te Water, Rijkswaterstaat, Rijksstudiedienst van de Rijkswaterstaat en het Loodswezen. Het Havenschap Delfzijl zou aanvankelijk als huurder een plek krijgen in het kantoor, maar annuleerde de overeenkomst vanwege ruimtegebrek, ‘de te bouwen ruimte is ontworpen op basis van gegevens, daterend uit 1964’.
Totstandkoming kunstwerken
De kopgevels en laagbouw van het Eemsmondgebouw zijn voorzien van monumentale betonreliëfs naar ontwerp van Jaap van der Meij (1923-1999). Vanaf 1965 was Van der Meij voor zijn kunst beton gaan gieten. Hij gebruikte hiervoor een in de jaren zestig nieuw materiaal: polystyreen (piepschuim), waarmee hij grote mallen voor zijn betonkunstwerken maakte. Op 24 januari 1972 kreeg hij de opdracht voor de ‘decoratieve aankleding’ van het rijkskantorengebouw te Delfzijl, per brief van regionaal directeur Van der Vliet van de Rijksgebouwendienst. Van der Meij werkte eerder al samen met de architect van het Eemsmondgebouw, Hugo de Gruijter. Naar ontwerp van De Gruijter kwam eind jaren zestig de Rijksscholengemeenschap aan het Fedde Schurerplein in Heerenveen gereed, waarvoor Van der Meij het kunstwerk Wrakhout (1970, via rijkspercentageregeling) maakte.
De gevels van het Eemsmondgebouw zijn qua omvang het grootste werk van Van der Meij en werden door de firma Eppinga uit Lippenhuizen gegoten en geplaatst. Van der Meij gebruikte voor het Eemsmondgebouw het Fondu Lafarge-cement, een sterk en duurzaam materiaal. Ook dit werk kwam tot stand via de percentageregeling van de Rijksgebouwendienst, hetgeen inhield dat 1 tot 1,5 procent van het bouwbudget aan kunst moest worden uitgegeven. In een interview met het televisieprogramma Van Gewest tot Gewest in februari 1973 lichtte Van der Meij daarover het volgende toe:
“Door mijn werkwijze is het mogelijk heel snel met de bouw mee te werken, ik heb dit in acht maanden tijd gerealiseerd en wij konden dat dus heel snel verwerken in goedkoop materiaal. Dus het werd niet erg als veel duurder dan een kostbare muur bij andere gebouwen.”
In juli 1973 krijgt Van der Meij een vervolgopdracht voor het leveren en plaatsen van een Meerpaalplastiek van vijf meter hoog op een betonnen fundatieplaat. Haast is geboden: “De werkzaamheden dienen onmiddellijk ter hand te worden genomen en met voortvarendheid te worden voortgezet”, zo luidt een brief van de opdrachtgever. Het resultaat: bij de hoofdingang van het gebouw staat het beeld ‘Koning van de Wadden’ (ook bekend als ‘Meerpaal’ of 'Dukdalf'), dat refereert aan een dukdalf. Er is gebruik gemaakt van piepschuim als bekisting omdat daar de vormen goed uit konden worden gesneden. De bolletjes piepschuim zijn nog zichtbaar.
Inspiratiefilm (1973)
Het Eemsmondgebouw was het eerste overheidsgebouw waar kunst en architectuur volledig werden geïntegreerd. Ter inspiratie voor de kunst van het Eemsmondgebouw zijn de kunstenaar en architect gezamenlijk wezen wadlopen, wat is vastgelegd in dia’s. Zowel architect De Gruijter als zijn collega-tekenaar Willem Kort (ook Rijksgebouwendienst, regio Groningen, Friesland en Drenthe) waren beiden enthousiaste smalfilmers. Van het idee tot de uitvoering van het Eemsmondgebouw is daarom een film, begeleid met muziek van de film A Clockwork Orange (1971), door Kort gemaakt. Van der Meij liet zich tijdens het wadlopen en het varen inspireren door de zandplaten van het drooggevallen wad en de relatie van de mens met de zee. De gevels verbeelden: ‘zeegezicht’, ‘landgezicht’ en ‘mensen’. Het beeld bij de hoofdingang is onderdeel van het totaalconcept van Van der Meij.
De architect
Architect van het Eemsmondgebouw was Hugo de Gruijter. Hij werd in 1930 in Tjimahi geboren (zie ook het artikel over De Gruijter). Zijn vader was er als ambtenaar werkzaam in de functie van directeur van het Magazijn van Oorlog. Nadat koningin Wilhelmina op 8 december 1941 de oorlog aan Japan verklaarde, werd het gezin De Gruijter uit elkaar gehaald. De Gruijter kwam als jonge tiener in een Japans interneringskamp voor jongens terecht. De capitulatie van Japan op 14 augustus 1945 betekende geen einde aan zijn internering. Met het uitroepen van de republiek door Soekarno brak gelijktijdig een burgeroorlog uit. Uiteindelijk kwam De Gruijter in 1947 vrij en reisde hij alleen af naar Nederland. Zijn ouders en oudste zus volgden pas later.
In 1963 kwam De Gruijter te werken bij de directie Groningen, Friesland en Drenthe van de Rijksgebouwendienst. Hier ontwierp hij gedurende zijn bijna vier decennia durende carrière de meest uiteenlopende bouwwerken, variërend van politiebureaus tot scholen. Ook een luchthaven in Eelde, een Molukse kerk in Bovensmilde en een penitentiaire inrichting in Veenhuizen behoren tot het oeuvre van De Gruijter. Zijn meest bekende ontwerp is het Eemsmondgebouw, dat opvalt door de gevels met betonkunst. Veel andere gebouwen van zijn hand zijn inmiddels gesloopt. Ondanks zijn prepensioen in 2002 bleef De Gruijter werkzaam als architect. In 2018 overleed hij in Groningen.
Waardering en betekenis
- Het Eemsmondgebouw is van belang als uitdrukking van de sturende rol van de rijksoverheid bij ruimtelijke ontwikkelingen in ons land, in dit geval van Eemsmondregio als gebied voor economische ontwikkeling en ontsluiting van Noord-Nederland.
- Het gebouw is van belang vanwege zijn situering aan de buitenhaven van Delfzijl, met een directe toegang tot het water en een aanlegplaats voor de vaartuigen die voor het functioneren van de hier oorspronkelijk gevestigde diensten nodig waren.
- Het gebouw is van belang als eerste overheidsgebouw waar beeldende kunst en architectuur werkelijk en op overtuigende wijze zijn geïntegreerd.
- Het gebouw is van belang vanwege de monumentale betonreliëfs, het magnum opus van kunstenaar Jaap van der Meij.
- Het gebouw is van belang vanwege de complete en intacte Koude Oorlog-noodzetel onder de laagbouw.
Bronnen
- Het Eemsmondgebouw. Kunst en architectuur geïntegreerd, Ministerie van VROM, Rijksgebouwendienst, Den Haag 1998.
- E. Betten, H. Heerema en S. Vermaat (red.), Kunst met een opdracht. Jaap van der Meij: monumentaal kunstenaar uit de wederopbouw, Rotterdam 2017.
- K. van Leeuwen, In geval van nood. Ondergrondse noodzetels voor de rijksoverheid tijdens de Koude Oorlog, RCE 2020.
- Sleutelwerken, Niet weken, maar een paar minuten schuilen in atoombunker Delfzijl - YouTube
- Deze bunker moest ons beschermen in de Koude Oorlog - YouTube
- Film over Jaap van der Meij via Vimeo
- Sleutelwerken
- Bezoek Hanneke Heerema aan RCE op 3 juni 2025
- Film van idee tot resultaat Eemsmondgebouw, gemaakt door Willem Kort en Hugo de Gruijter (zie afbeelding 5)
- Telefonisch gesprek met voormalig architect van de Rijksgebouwendienst, directie Groningen, Friesland en Drenthe, Mayke Schijve op 5 juni 2025
- Bezoek aan de Rijksorganisatie van Informatiehuishouding in Apeldoorn voor archiefstukken op 11 en 23 juni 2025
- Telefonisch gesprek met architect van de renovatie uit 2008-9, Klaas Paul de Boer op 11 juli 2025
- Telefonisch gesprek met voormalig tekenaar/medewerker van de Rijksgebouwendienst, directie Groningen, Friesland en Drenthe, Willem Kort op 18 augustus 2025
- Projectenlijst Hugo de Gruijter (zie artikel op de kennisbank van de RCE)
- Aflevering Van Gewest tot Gewest, 7 februari 1973. Te raadplegen via Beeld en Geluid
- Archief van lokaal blad De Eemsbode is (nog) niet geraadpleegd (zie Groninger Archieven)
- Bouwtekeningen en -vergunningen via gemeentearchief Eemsdelta
- Jaarverslagen Rijksgebouwendienst 1971 en 1973 via Nieuwe Instituut
- Informatie over de nieuwe gevel uit 2009 via Gevlochten Composiet Gevel – Eemsmond Gebouw
- Artikel in De Architect, 22-03-2010 Renovatie Eemsmondgebouw in Delfzijl door Team 4 Architecten
Sleutelfiguur
Hanneke Heerema (vrijgevestigd curator en ontwerper - sjèm en ko.) heeft een bijzondere band met het Eemsmondgebouw. Al sinds 2006 heeft zij zich ingezet voor behoud van het gebouw door het aandragen van argumenten waarom dit gebouw én de kunstwerken behouden moesten blijven. Door haar onderzoek naar de totstandkoming van dit bijzondere gebouw, de architect Hugo de Gruijter en de kunstenaar Jaap van der Meij wist zij ook landelijk de aandacht op dit gebouw te vestigen, onder meer door het project ‘Kunst met een Opdracht’ (gelijknamige publicatie nai010 in 2017) en de gelijknamige documentaire. In 2020 droeg Hanneke met succes het Eemsmondgebouw voor op de lijst van 100 Sleutelwerken Openbare Kunst in Nederland (het jubileumproject van BK-Informatie) en vervolgens bij de Post 65-inventarisatie van de RCE.
Dankwoord
Met dank aan: de eigenaar en zijn vastgoedbeheerder, de gemeente Eemsdelta, Hanneke Heerema, Willem Kort, Mayke Schijve, Klaas Paul de Boer, het Nieuwe Instituut en het Rijksvastgoedbedrijf.
Zie ook
Monumenten- Utrecht - De Musketon
- Kerkrade - Rodahal
- Mildam - Ecokathedraal
- Monumenten/Post 65 - 4 (pagina bestaat niet)
- Apeldoorn - Centraal Beheer
- Terneuzen - Stadhuis
- Monumenten/522555 (pagina bestaat niet)
- Almelo - Yunus Emre Moskee
- Amsterdam - Hubertushuis
- Arnhem - Blauwe Golven
- Eindhoven - Watertoren
- Emmen - Broken Circle/Spiral Hill
- Lelystad - NS-station
- Nieuwegein - Emmauskerk
- Waarderingscriteria gebouwd en aangelegd (groen) erfgoed
- Post 65 (1965-1990) - De jongste rijksmonumenten van Nederland
- Rijksmonumenten - waarderen
- Hugo de Gruijter (1930-2018)
Meer informatie Meer over het monumentenregister en het rechtsgevolg van de aanwijzing tot rijksmonument is te vinden op cultureelerfgoed.nl/monumenten.
Meer over de omvang en reikwijdte van de bescherming van specifiek dit monument is te vinden in Monumenten - Rijksmonumentenregister en de leeswijzer.Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 5 mrt 2026 om 03:56.