Sjabloon:Toon woordenlijst



A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z - 0 - 1 - 2 - 3 - 4 - 5 - 6 - 7 - 8 - 9 - Alles

TermBetekenis
polijstenHet glanzend glad maken van natuursteen of glas. (Haslinghuis)
lichtbrekingLichtbreking is een optisch verschijnsel dat optreedt wanneer een lichtstraal een grensvlak tussen twee materialen met verschillende optische eigenschappen passeert. De lichtstraal verandert daarbij van richting; zij breekt als het ware.
bladgoudBladgoud is een folie van een goudlegering, met een dikte van 0,0007 tot 0,00001 mm, die door uitslaan of uitrollen wordt gemaakt. Het wordt gewoonlijk op een formaat van 8 x 8 cm geleverd en heeft een kleur die afhankelijk is van de legering.
monnikskappenLoden kap met een breedte tot c. 20 cm in een leibedekking om de zolderruimte te ventileren. (Haslinghuis)
wapeningsstaalStaal dat gebruikt worden om beton te wapenen.
vuilVuil, groezeligheid, is in de structuur van een voorwerp ingebed ongewenst materiaal. Vuil is alles wat niet op een voorwerp thuishoort, zoals stof, gruis en viezigheid.
ijsDe vaste vorm van water, die ontstaat door bevriezing. (AAT-Ned)
harsEen vaste of halfvaste organische stof die meestal wordt verkregen uit plantenuitscheidingen maar soms ook van insekten of synthetisch materiaal; het is oplosbaar in organische oplosmiddelen maar niet in water en wordt doorgaans gebruikt in vernis, drukinkt en stijfsel. (AAT-Ned)
brosheidBrosheid van papier is vaak het gevolg van de aantasting van de amorfe delen van de celluloseketen. Dit heeft tot gevolg dat de keten minder flexibel en daardoor brosser wordt. Brosheid is een schade die veroorzaakt wordt door de afbraak van lange polymeerketens door het verlies van vocht of weekmakers.
metaaloxideMetaaloxiden zijn binaire verbindingen van een metaal met zuurstof.
pneumatisch hakkenHet weghakken van slecht materiaal (bijv. beton) met behulp van een pneumatische hakhamer.
Drachenfels trachietTrachiet werd gewonnen op de Drachenfels in het Siebengebirge in Duitsland, tegenwoordig een natuurreservaat. Vandaar de naam Drakenvelder steen of Drachenfelstrachiet. (www.joostdevree.nl)
zandinsluitingPlekken te droge specie die onvoldoende kunnen verharden.
mycenaMycena is een geslacht van schimmels dat behoort tot de plaatjeszwammen (Agaricales). Het geslacht omvat soorten met middelgrote tot kleine paddenstoelen. Ze hebben een kegel- tot klokvormige hoed met vaak gevoorde, rechte rand, die bij het rijper worden niet naar binnen omkrult. De steel is dun en heeft geen manchet. Sommige soorten hebben melksapbuizen in de steel waardoor bij doorbreken een wit of rood sap naar buiten komt.
orangerieënOranjerieën of orangerieën komt van het Franse woord oranger, wat sinaasappelboom betekent. In Noord-Europa kunnen (sub)tropische planten en bomen gezien het gure klimaat tijdens de winter buitenshuis niet overleven. Daarom werden er voor de niet-winterharde beplanting maatregelen getroffen. Erik Geytenbeek omschrijft oranjerieën, in het boek Oranjerieën in Nederland (1991), als geheel van de maatregelen dat getroffen wordt in de meer noordelijk gelegen landen tegen het gure klimaat ten behoeve van de cultivatie van citrusgewassen en exclusieve beplanting. Wanneer men hedendaags spreekt over een oranjerie, doelt men doorgaans op een gebouw waarin tijdens de gure maanden de planten en bomen overwinteren, door Geytenbeek ook wel omschreven als het oranjehuis. Een oranjerie is doorgaans ingericht op een afgebakend stuk grond, georiënteerd op het zuiden en afgeschermd naar het noorden. De term oranjerie geldt voor zowel de winter- als de zomeropstelling. Oranjerieën uit de 17de en de 18de eeuw dienden met name om als exclusiviteit zeldzame, onbekende en uitheemse gewassen te verzamelen. Tijdens de hernieuwde belangstelling in de 19de eeuw dient deze meer om naar de mode exotische planten decoratief tentoon te stellen. Er is een onderscheid te maken tussen afneembare-oranjerieën en (semi)permanente-oranjerieën. (Oranjerieën in Nederland. Alphen aan de Rijn / Geytenbeek, E., 1991)
wierenPlant uit de hoofdafdeling van de Algae die in water en op vochtige plaatsen aangetroffen worden. (MARDOC)
urnennissenNis in een urnenmuur of colombarium waarin een of meerdere urnen geplaatst kunnen worden. De nis kan open zijn of afgesloten worden met een tekstplaat.
muurplatenZware houten plaat, overlangs op een buitenmuur gelegd, waarop de daksporen rusten.
opaalglasBlauwachtig wit, vurig, opaalachtig, doorschijnend glas dat deels ondoorzichtig is gemaakt met bijvoorbeeld tinoxide. Bij doorgelaten licht zijn er rode tinten zichtbaar. (Toegepaste Kunst Project, RKD)
ruitersPersonen die paardrijden. (AAT)
grafperkenGrafperken zijn gedeelten op een begraafplaats omgeven met paden of gras met daarbinnen gelegen graven. Grafperken kennen vaak een indeling naar grootte en klasse. Beplanting kan deel uitmaken van een grafperk. Grafperken kunnen op zich een afdeling vormen maar meerdere grafperken kunnen ook onder een afdeling vallen. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
groeven (vorm)Scherpe, V-vormige geulen of groeven die het ene element van het andere scheiden, zoals tussen lijstwerk of tussen de dekplaat en de echinus van een Dorisch kapiteel. (AAT-Ned)
keurEen keur is een verordening van een waterschap met gebods- en verbodsbepalingen die gelden voor bij het waterschap in beheer zijnde waterstaatswerken.
opstuikenOpstuiken is het verdikken en verkorten van ijzeren stukken. Het is het tegenovergestelde van pletten.
architectuurBouwkunst, kunst van het scheppen van (zie) ruimtevormen en het omvatten en overdekken hiervan, kortom de gehele ontwikkeling en vormgeving van de inwendige ruimten en de omhulling ervan. M.n. geldt dit de plattegronden, de wanden met hun geleding en verdeling van open en gesloten delen, zolderingen, gewelven, plafonds, kappen en daken en de verwezenlijking van deze conceptie naar de eisen van constructies en materialen. In de verschillende architectuurperioden en in diverse regio’s verschilt het ruimtegevoel soms zeer sterk. In het romaanse tijdperk wordt de ruimte overheerst door gebruik van dikke dragende muren en weinig ontwikkelde overwelvingen en overkappingen. De gotiek toont een omhoogstrevende ruimte, opgebouwd uit steunpunten waartussen lichte wanden en glas, overdekt met ranke gewelven. De barok toont een vaak illusionistische ruimte-ontwikkeling, die soms de aanwezigheid van wanden en plafonds probeert te loochenen. In XX hebben nieuwe materialen en technieken het mogelijk gemaakt enerzijds een draagconstructie van gewapend beton en staal geheel te omkleden met licht geconstrueerde wanden van glas, kunststof en lichte metalen, anderzijds achter vrijwel geheel gesloten gevels het gebouw van kunstlicht te voorzien. Marolois bedeelde de architectuur een belangrijke rol toe in zijn Opera Mathematica (1617). Hetzelfde was het geval in hetVolkoomen Wiskundig Woordenboek van Stammetz-Labordus uit 1740. Van Campen werd in zijn tijd als mathematicus aangeduid, hetgeen in het licht van het voorgaande eerder als architectonisch ontwerper moet worden gezien. Hij moest zijn ontwerpen laten uitwerken door bouwkundig beter onderlegde mannen als Pieter Post en Jacob Vennecool.Na de constructie is de versiering een belangrijk element van architectuur. Door de tijden heen heeft men utiliteitsgebouwen als molens, pakhuizen, magazijnen, schuren en stallen, dienstgebouwen en militaire werken met grote soberheid behandeld, in XIX talrijke nieuwe fabrieken e.d. zelfs zeer armelijk. In XX treedt hierin verandering op. Het landseigene van de architectuur is echter voor een deel verloren gegaan ten gevolge van de toepassing op grote schaal van bouwmaterialen die overal, onafhankelijk van klimaat en bodem, gebruikt kunnen worden. (Haslinghuis)
leibedekkingLeibedekking is bedekking van een dak met leien. Er zijn twee hoofdtypen: rechthoekige leien (of daarvan afgeleide vormen), die elkaar in dubbele dekking als in halfsteensverband overlappen (Maasdak) en schubvormige leien, in schuin oplopende lijnen elkaar ca 7 cm in enkele dekking overlappend (Duitse dekking of Rijndekking). (Haslinghuis)
caoutchoucChemisch zuiver, melkachtig, kleverig sap van diverse tropische bomen en andere planten, voornamelijk van cachuchu, als volledig ruw materiaal of gedroogd boven vuur. Wordt gebruikt voor de productie van 'rubber'. (Zuiderzeemuseum)
autogeen lassenAutogeen lassen, ook wel gassmeltlassen of zuurstof-acetyleenlassen genoemd, is een lasmethode die gebruikmaakt van een zeer hete vlam. Meestal wordt gebruikgemaakt van de reactie van ethyn (acetyleen) met zuivere zuurstof. (Wikipedia)
cementpleisterCementpleister is een sterke en snelhardende pleister, erg geschikt is voor het opknappen van gevels.
reinigenBij het schoonmaken van een voorwerp haalt men er ongewenst materiaal vanaf, dat meestal geen deel uitmaakt van het originele voorwerp. Dit materiaal kan schadelijk zijn, zoals zout op ceramiek, of ontsierend, of het kan de informatie die het voorwerp in zich heeft 'onleesbaar' maken. In het laatste geval kan reiniging opheldering verschaffen over vorm of details. Het vuil wegnemen van of uit. (Van Dale)
Hoge BarokBouwtrant die in XVIII in Engeland onder de regering van George i-iv van Hannover (1714-1830) overheersend was. Ten dele vertoont deze stijl nog de invloed van Christopher Wren, voor het overige in monumentale gebouwen en landhuizen enz. die van Palladio (het Palladianisme, Palladiostijl). Stadswoonhuizen en wijken van Londen vertegenwoordigen deze stijl in versoberde en comfortabele vormen. Daarnaast is de aanleg en opbouw van de stad Bath (1754 door vader en zoon Wood) een voorbeeld van grootscheeps urbanisme. (Haslinghuis) De Empire stijl is een neoclassicistische stijl die tegen 1800 tot bloei komt. Het is in hoofdzaak een decoratieve stijl waarvan de architectuur motieven heeft overgenomen. We zien Egyptische invloeden zoals bijvoorbeeld sfinxen, kariatiden, palmetten en rozetten. (Haslinghuis) De Lodewijk XV-stijl of Rococo is voornamelijk een interieurkunst waarin stucwerkplafonds, betimmeringen en wandbekleding één geheel vormen. Kenmerkend zijn de lichtere ornamenten en de elegante, speelse decoratie. Er is een voorkeur voor asymmetrische, zwierige vormgeving en lichte (pastel)kleuren. Het centrale decoratieve element is de roccaille, een asymmetrisch schelpachtig, aan rotsvormen ontleend siermotief. (Bouwstijlen in Nederland 1040-1940 / Roland Blijdestijn, Ronald Stenvert, 2000)
grondwaterGrondwater is al het water dat zich in de ondergrond, in bodems en gesteenten bevindt. (Wikipedia)
zandsteenzandsteen: sedimentaire natuursteen gevormd uit aan elkaar gekitte zandkorrels, doorgaans met weinig bindmiddel in de vorm van kleimineralen, kalk of kiezel.
porfierPorfier is een stollingsgesteente met een typische textuur van relatief grote fenocrysten in een grondmassa van kleinere kristallen. (Wikipedia) Zeer hard stollingsgesteente. Naar gelang de samenstelling van de grondmassa verschilt de kleur van dieprood, bruin tot donkergroen en -blauw. De steen laat zich fraai polijsten. Was afkomstig uit Egyptische groeven, later uit veel Europese landen, o.a. Quenast (B).Veel gebruikt als bestratingsmateriaal. (Haslinghuis)
omgevingsvergunningEen omgevingsvergunning is een vergunning voor het bouwen van een bouwwerk en/of een vergunning voor bedrijfsactiviteiten die mogelijke hinder voor mens en milieu zullen veroorzaken.
bruine rotBruine rot in hout komt door de aantasting door schimmel. Deze verteert eerst de cellulose en laat de lignine (houtstof) over. Bruine rot of huiszwam is een aantasting van hout door een schimmel, Serpula lacrimans. In tegenstelling tot andere heeft deze schimmel geen extra water nodig. Bruine rot leidt tot verlies van veel cellulose en tot fysieke schade in de vorm van krimp en kubusvormige barsten.
merantiMeranti is een verzamelnaam voor een aantal houtsoorten, die afkomstig zijn uit Zuidoost-Azië. (Wikipedia)
biotietBiotiet of ijzermica is een fylosilicaat waarin de silicaatgroep gebonden is aan kalium, magnesium, ijzer of aluminium.
siltSilt zijn gronddeeltjes ter grootte van 2 tot 50 micrometer. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
prefLabelscopeNote
permanente anti-graffitisystemenDe permanente anti-graffitisystemen zijn vooral bedoeld voor gebouwen, doorgaans zichtbaar en niet reversibel.
dakenWordt gebruikt voor de overdekkingen van de buitenkant van gebouwen of andere constructies, inclusief het dakwerk en het geraamte daarvan. (AAT-Ned)
halogeen lampenEen halogeenlamp is een gloeilamp waarvan de ballon gevuld is met een inert gas onder hoge druk. Aan dit gas wordt een kleine hoeveelheid halogeen (broom of jodium) toegevoegd, waaraan de lamp zijn naam ontleent. Een halogeenlamp heeft een wat hoger rendement (lichtopbrengst per hoeveelheid toegevoerde energie) en een langere levensduur dan een gewone (ouderwetse) gloeilamp, maar wel veel minder rendement dan moderne typen lampen, zoals de ledlamp. Een halogeenlamp is een duplolamp, die is gevuld met een gasvormig halogeen (bromide of jodium). Daardoor is in vergelijking met een conventionele duplolamp een hogere gloeidraadtemperatuur - en dus ook een hogere lichtopbrengst - mogelijk. Dat maakt een halogeenlamp zeer geschikt voor koplichten. Bovendien kan een halogeenlamp niet, zoals een duplolamp, zwart uitslaan doordat het gas in de lamp de wolfram-moleculen van de gloeidraad van het glas weghoudt.
oranjeKleur die dat deel van het spectrum weergeeft dat zich tussen rood en geel in bevindt, met een golflengte tussen 585 en 620 nanometer. De term kan verwijzen naar alle in helderheid en verzadiging variërende kleurschakeringen binnen deze groep kleuren. Een voorbeeld van de kleur oranje in de natuur is de kleur van de citrusvrucht de sinaasappel. Oranje is een secundaire pigmentkleur (ontstaan door vermenging van geel en rood). (AAT)
welstandszorgWelstandszorg staat voor het beleid dat gemeenten in Nederland voeren om te sturen op de architectonische kwaliteit van bouwplannen. Een gemeente is de aangewezen instantie om een bouwplan (of bouwplannen) op architectonische aspecten te beoordelen. Bij de beoordeling kan bijvoorbeeld gekeken worden naar de afmetingen van het ontworpen gebouw, maar vooral naar de vorm- en kleurgeving, en of het gebouw past in de omgeving waarin het geprojecteerd is.
perforerenHet maken van gaatjes in een voorwerp. Deze gaatjes kunnen met opzet worden gedaan, zowel tijdens de vervaardiging als daarna, maar ze kunnen ook het gevolg zijn van een natuurlijk proces.
uv-gebiedUltraviolette stralen (UV) bestrijken de golflengten tussen 100 nm en 400 nm. Dit uv-gebied wordt verder ingedeeld in:

VIS of het zichtbaar gebied: van 400 tot 780 nm UV-A of het nabije ultraviolet gebied: van 315 tot 400 nm UV-B of het midden ultraviolet gebied: van 280 tot 315 nm

UV-C of het verre ultraviolet gebied: van 100 tot 280 nm.
vaaggrondenVaaggronden zijn minerale gronden zonder duidelijke podzol-B-horizont, zonder briklaagen zonder minerale eerdlaag. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
oeverwallenOeverwallen zijn langgerekte hoogtes, die langs een (voormalige) riviergeul gevormd zijn. Ze vormen tijdens overstromingen, als de rivier het meeste en het wat grovere materiaal op korte afstand van de riviergeul afzet. Oeverwallen kunnen alleen overstromen bij hoogwater en fungeren dus als een 'natuurlijke dijk' die de rivier in zijn stroombedding houdt. In de Rijn-Maasdelta liggen oeverwallen gemiddeld 1 à 2 meter hoger in het landschap ten opzichte van de nattere komgebieden. Ze bestaan vooral uit zandige klei (zavel) en lichte klei. Oeverwallen vormden al vóór de Middeleeuwse bedijking de hogere en drogere delen in het landschap, aantrekkelijk voor bewoning. Kenmerkend voor oude oeverwallen in het huidige cultuurlandschap zijn de oude kromme wegen, de dorpskernen en het voorkomen van fruitteelt. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
loodglazuurDoorzichtig glazuur met loodoxide als vloeimiddel. (AAT)
gutta perchaGuttapercha is trans-polyisopreen dat wordt gewonnen uit een aantal plantensoorten. Het is een thermoplast die kan worden gevormd na verweking in heet water. Het werd in de negentiende eeuw gebruikt voor het maken van mallen en wordt nog gebruikt voor het afdichten van accubakken. (Conservation Dictionary) Rubberachtige stof, bereid uit melksap van aan rubber verwante planten. Toegepast XIXb voor lijsten, reliëfs, friezen, rozetten e.d.. (Haslinghuis)
verweringDe verwering van een voorwerp of een gebouw is de schade die wordt veroorzaakt door blootstelling aan het weer, waardoor het oppervlak erodeert en vergaat.
bakgotenBakgoten zijn eenvoudige houten dakgoten die bestaan uit een bodem en een opstaande rand aan de buitenzijde en aan de binnenzijde. De doorsnede is rechthoekig. Ze worden doorgaans aan de binnenzijde bekleed met zink en ondersteund door ingemetselde gootklossen of ijzeren consoles. (Haslinghuis)
basaltlavabasaltlava: stollingsgesteente (uitvloeiingsgesteente) gekenmerkt door een fijnkristallijne structuur met verpreid voorkomende grove mineralen. Hoofdbestanddelen zijn veldspaat (plagioklaas), paars gekleurde augiet en olijfgroene olivijn. De steen is meestal donkergrijs getint en is rijk aan holten (blaasjes).
gemengHet gemeng is de verzameling van alle ingrediënten die zijn afgewogen en gemengd en die in de smeltpot worden gedaan om tot glas te worden gesmolten.
loodTe gebruiken voor het zuivere metaalelement met het symbool Pb en het atoomnummer 82; het metaal is zacht, kneedbaar en vaalgrijs van kleur. Ook te gebruiken voor het metaal wanneer het wordt bewerkt en gevormd om, meestal in combinatie met andere stoffen, verscheidene voorwerpen en materialen te maken. (Archeological Base Register)
relatieve luchtvochtigheidDe relatieve luchtvochtigheid, in procenten, geeft aan hoeveel waterdamp zich in de lucht bevindt ten opzichte van de maximale hoeveelheid waterdamp.Gasmengsels zoals lucht kunnen bij temperaturen onder het kookpunt van water slechts een beperkte hoeveelheid waterdamp bevatten; die hoeveelheid hangt af van de temperatuur en de luchtdruk. Als zo'n gasmengsel meer waterdamp zou bevatten zou condensatie op gaan treden. Bij temperaturen boven het kookpunt van water kan een gasmengsel een ongelimiteerde hoeveelheid waterdamp bevatten zonder dat condensatie optreedt. Relatieve vochtigheid (RV, RH) is de verhouding tussen de hoeveelheid waterdamp aanwezig in de lucht (de absolute vochtigheid) en de maximale hoeveelheid waterdamp die de lucht bij die temperatuur kan bevatten bij een bepaalde temperatuur. Deze verhouding wordt als een percentage uitgedrukt, waarbij lucht met een RV van 0% geen waterdamp bevat en lucht met een RV van 100% verzadigd is. Normalerwijze lijden objecten het minst onder spanningen veroorzaakt door vochtigheidswisselingen wanneer de relatieve vochtigheid per tijdseenheid zo min mogelijk verandert.
ijsglasIJsglas is een type sierglaswerk dat een ruw, onregelmatig buitenoppervlak heeft dat lijkt op gecraqueleerd glas. Het effect wordt bereikt door plotseling afkoelen tijdens de fabricage of door glassplinters op het oppervlak vast te smelten. Het werd voor het eerst gemaakt in de 16de eeuw in Venetië.
Uitvoeringsrichtlijn SteenhouwwerkUitvoeringsrichtlijn Restauratie Steenhouwwerk.
mahoniehoutMahoniehout is hout van bomen van het geslacht Swietenia dat voornamelijk in Centraal-Afrika groeit. Deze houtsoort wordt gebruikt voor meubels en betimmeringen. (Haslinghuis)
schakelbordenWordt gebruikt voor grote panelen, kaders of andere assemblages waarop schakelaars, zekeringen, instrumenten en beschermende apparaten zijn bevestigd. Voor kleine panelen die schakelaars, zekeringen en stroomonderbrekers bevatten wordt 'bedieningspanelen' gebruikt. (AAT-Ned)
Hollandse pannenHollandse pannen zijn golfvormige pannen, in feite een holle en bolle pan aan elkaar. (Dus als een platliggende S). Deze pannen gebruikte men voor steilere daken.
ruwijzerBereiding. Verkregen door het ijzer uit zijn verbindingen los te maken door reductie met koolstof in de vorm van cokes, houtskool of koolmonoxide. (Bouwmaterialen / encyclopaedische gids voor theorie en practijk / P.W. Scharroo / 3e herz. en verm. dr.)
plastischEen plastisch materiaal is materiaal dat zich laat vormen en dat bij gebruik in die vorm blijft. Voorbeelden zijn klei, hoorn, polytheen.
graniverGraniver, ook wel ‘glasgraniet’ en ‘steenglas’ genoemd, is een geperste glassoort. Het materiaal is in 1921 door de Glasfabriek Leerdam als nieuw product op de markt gebracht. Graniver werd gemaakt door gemalen glas (meestal flessenglas) en zand te verhitten tot een temperatuur waarbij het glas smelt, maar het zand niet. Hierdoor lijkt het glas op graniet. Het is toegepast in vierkante tegeltjes voor vloeren en gevelbekleding. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
tapijtenTapijt is vloerbedekking van textiel die bestaat uit een drager van jute of kunststof waarop een bovenkant, de pool, is aangebracht van losse draadeinden of lussen van materialen zoals wol, kunstgaren, katoen of sisal. (Wikipedia)
droogdalenEen droogdal of grub is een langgerekte laagte die aan een beekdal doet denken maar die ontstaan is door de erosie van afstromend regenwater of, zoals in stuwwallen, door afstromend smeltwater. Slechts bij aanzienlijke regenval of door, zoals in stuwwallen, de aanwezigheid van bronnetjes is een droogdal soms watervoerend. (Wikipedia). Een grubbe is droogdal in Zuid Limburg dat relatief kort en diep is en dat waarschijnlijk het gevolg is van bodemerosie.
dakbeschotenBedekking van een kap, bestaande uit planken of delen (vroeger borden), die over de gordingen of de daksparren zijn aangebracht. Deze worden in verticale richting gelegd bij een pannendak (staand dakbeschot), in horizontale richting bij leibedekking (liggend dakbeschot). (Haslinghuis)
tentdakenTentdaken zijn daken waarvan de hoekkepers in één punt samenkomen. Het dak wordt dus gevormd door driehoekige dakschilden. Tentdaken hebben dus geen nok.
AmerikaansAmerikaans heeft betrekking op alles wat afkomstig is uit Amerika, als werelddeel of uit de Verenigde Staten van Amerika. Amerikaans-Engels is de naam voor de varianten van de Engelse taal die gesproken worden in de Verenigde Staten van Amerika en bij uitbreiding in Canada.
microklimaatdozenDe microklimaatdoos is een soort permanente vitrine waarin schilderijen worden gepresenteerd die gevoelig zijn voor klimaatschommelingen.
vloeipapierVloeipapier is een papier zonder lijming dat gebruikt wordt om water of inkt van andere materialen op te nemen. Meestal wordt het gemaakt van katoenlinters of chemische pulp met weinig (water)oplosbare verontreinigingen om het materiaal dat ermee gedroogd wordt, niet te vervuilen. Vloeipapier is meestal dik, volumineus en poreus. Soms wordt het verstevigd met een natsterkte-verbeteraar om het hanteren in vochtige toestand te vergemakkelijken.
ladderhakenHaak, bevestigd aan een dak of torenspits, waaraan een (leidekkers)ladder opgehangen kan worden. (Haslinghuis)
persen (activiteit)Zo samendrukken, met name door regelmatige, volledige drukuitoefening, dat er een zekere gedaante aan iets wordt gegeven.
zoutschadeZoutschade is een schadefenomeen waarbij er sprake is van uitbloeiingen. Uitbloeiingen zijn er in de vorm van witte kristallen en vlekken. Het ontstaat doordat de ondergrond of drager van een pleister of verflaag vochtig is en de verdamping van het vocht de in het materiaal aanwezige zouten naar het oppervlak brengt. (The transfer of wall paintings / Brajer, I., 2002)
Florale JugendstilFlorale Jugendstil is een subtak van de Jugendstil waarbij asymmetrie en zogenaamde zweepslagmotieven van belang zijn. (Bouwstijlen in Nederland 1040-1940 / Roland Blijdestijn, Ronald Stenvert, 2000)
ruigtRuigt is bladriet, in de herfst gemaaid riet, waar het blad nog aan zit.
kronkelwaardenDe kronkelwaard is een stroomrug binnen de meanders van een rivier met een bultig reliëf. Stroomrug binnen de meanders van een rivier met een bultig reliëf.
bovenpannenBovenpannen zijn machinaal vervaardigde dakpannen waarbij aan de bovenzijde geen sluitingsprofielen zijn aangebracht zodat de nokvorsten gladder op de pannen aansluiten.
monumentenBouwwerk dat door zijn grootse, schone of kunstzinnige vormen opmerkelijk is of door de eraan verbonden historische associaties eerbiedwaardig wordt geacht. Ook om zijn betekenis voor de kunst- en bouwgeschiedenis, de geschiedkunde en de technologie kan het gebouw hoog worden gewaardeerd. De ouderdom, de hiermee gepaard gaande inwerking van de tijd en het harmonische geheel hebben er verder toe geleid dat een ‘samengegroeide’ veelheid van bouwwerken als monument kan worden beschouwd. Dit geldt voor een straat, een gracht, een wijk en zelfs een stad of dorp.In Nederland is de wettelijke bescherming sedert 1961 geregeld in de Monumentenwet, waarin ook beschermde stads- en dorpsgezichten zijn opgenomen. (Haslinghuis)
draadnagelsAlgemeen gebruikte spijkers met een kop en een diamantvormige punt die worden gebruikt wanneer uiterlijk niet belangrijk is, zoals bij inlijsting. (AAT-Ned)
galvanische corrosieGalvanische corrosie treedt op in een elektrolysecel waarin de elektroden uit twee verschillende metalen bestaan, of uit een metaal en een niet-metallisch geleidend materiaal als grafiet. Het meeste elektronegatieve (onedele) metaal wordt geoxideerd.
klangenKlangen zijn gebogen beugeltjes of strips van enkele centimeters breed, al naar de aard van de dakbedekking van zink, koper of lood, die worden bevestigd op de dakconstructie. In en aan de klangen worden bladen van de dakbedekking vrij werkend opgehangen.
trekgatenEen trekgat is een water dat is ontstaan door het uitbaggeren van veen. Petgaten of trekgaten komen voor in het veenlandschap, ze hebben daar vaak grote veenplassen gevormd. Deze plassen worden, voor zover niet drooggelegd, dikwijls beheerd als recreatie- of natuurgebied. (wikipedia)
essen (bouwland)Een es is een aaneengesloten oud bouwlandgebied dat in gebruik is bij verschillende boeren.
buitenvoorzetramenRaamconstructie die aan de buitenzijde (exterieurzijde) van een bestaand venster wordt geplaatst. Deze constructie wordt meestal toegepast om het bestaande glas, meestal glas-in-lood en/of gebrandschilderd glas, te beschermen tegen vandalisme en weersinvloeden. De extra beglazing kan bestaan uit enkelglas of gelaagd glas, maar ook gaas en kunststof worden toegepast.
hordijsUitgekraagde gaanderijen op stads-, vesting- of kasteelmuren, voorzien van schietopeningen in de vloer, tevens dienende voor het werpen van kokende olie, stenen e.d. op zich aan de voet van de muren bevindende aanvallers. Gebruik voor kleinere uitvoeringen, 'mezenkouwen'. (AAT)
solarisatie1. Solarisatie is een afname in optische dekking van het beeld door zware overbelichting. Een pseudo-solarisatie-effect (Sabatier-effect) kan worden bereikt door het fotografisch materiaal tijdens het ontwikkelen kort aan licht bloot te stellen. 2. Solarisatie is het verschijnsel dat glas dat aanvankelijk kleurloos is een uitgesproken tint krijgt als het lang in de zon staat. De tint is meestal blauw of purper en wordt veroorzaakt door de straling die een reactie bewerkstelligt tussen ijzer- en mangaanoxides in het glas.
cementpannenCementpannen zijn dakpannen die zijn gemaakt van cement en fijne toeslagmaterialen.
EemienHet Eemien was het laatste interglaciaal (warme tijdperk) in het Pleistoceen. Het klimaat van het Eemien was te vergelijken met het huidige warme tijdperk, het Holoceen, of zelfs iets warmer. De naam Eemien wordt vooral gebruikt in de geologische tijdschaal voor het vasteland van Europa. Het Eemien duurde van 126-116 ka geleden. Samen met het Weichselien vormt het Eemien het Laat Pleistoceen. (Wikipedia) Het Eemien (Vlaams: Eemiaan) was het laatste interglaciaal (warme tijdperk) in het Pleistoceen. Het klimaat van het Eemien was te vergelijken met het huidige warme tijdperk, het Holoceen, of zelfs iets warmer. De naam Eemien wordt vooral gebruikt in de geologische tijdschaal voor het vasteland van Europa. Het Eemien duurde van 126-116 ka geleden.
doorschijnendEen doorschijnend materiaal laat licht door en verstrooit het, maar je kunt er niet goed doorheen kijken.
oude droogmakerijenPolders, ontstaan door het droogmalen van meren en plassen
massangisMassangis: kalksteen welke gewonnen wordt in het Département de l’Yonne, Frankrijk. De steen is fijnkorrelig en gelijkmatig poreus. De kleur is bruinachtig geel tot okergeel met een lichtelijk gewolkt oppervlak. Kiezelachtige 'doorns' komen voor en aderen kunnen aanwezig zijn. Massangis roche jaune: variant van Massangis. vaurion: variant van Massangis.
ChaletstijlDe Chaletstijl is een romantiserende bouwstijl die, vooral in het laatste deel van de 19e eeuw en het begin van de 20e eeuw (dus ruwweg rond 1900), onder meer in Duitsland, Nederland, Noorwegen en IJsland, werd toegepast bij villa's, boerderijen en openbare gebouwen.
putcorrosiePutcorrosie is de putvormige corrosie aan de buitenkant van gebrandschilderd glas op plaatsen die precies overeenkomen met de decoratie aan de binnenkant van het glas. Het verschijnsel vindt zijn oorzaak in een poreuze verflaag die aan de buitenkant van het glas is aangebracht precies achter de brandschildering. Deze laag had tot doel de brandschildering beter te laten uitkomen. In het algemeen is de oorzaak van putcorrosie beschadiging van de gellaag gevolgd door inwerking van vocht in combinatie met luchtverontreiniging.
bespanningenBespanningen zijn behangsels die zijn opgespannen, direct op de wand of op een raamwerk. Bespanningen bestaan, vooral bij ongespouwde muren, uit een betengeling met linnen of jute en grondpapier waarop uiteindelijk behang, textiel of zelfs leer kan zijn aangebracht. Het jute of linnen is als luchtspouw een kleine afstand vóór een muur aangebracht en dient als drager voor de afwerking. Indien de textiele drager is beschilderd spreken we van beschilderde behangsels. (Joostdevree.nl)
patina (corrosie)Term die in algemene zin wordt gebruikt om te verwijzen naar verschillende soorten kopercorrosie. Hoewel 'patina' technisch-chemisch gezien alleen verwijst naar basisch koperacetaat, wordt de term ook gebruikt voor natuurlijk groene patina's die bestaan uit kopersulfaat, koperchloride of basisch kopercarbonaat. (AAT-Ned) a. De patina, het patien, van een materiaal is een verweerd oppervlak waarvan men vindt dat het esthetische kwaliteiten heeft. b. Een patina op een metaal is een dunne laag corrosie op het oppervlak. Dit kan het resultaat zijn van natuurlijk verval of kunstmatig teweeg zijn gebracht.
natuursteennatuursteen: gesteente, niet gevormd in ambachtelijke of industriële processen.
anodeBij kathodische bescherming wordt het elektrochemisch proces waardoor wappeningscorrosie kan ontstaan, tegengehouden door een beschermingsstroom. Deze beschermingsstroom loopt tussen een aan of in het (beton)oppervlak aangebrachte anode (bijvoorbeeld van gaas, mortel of verf) en het wapeningsstaal dat nu kathode wordt.
kroonglasKroonglas is een soort vlak glas dat wordt gemaakt door een glasbel te blazen, deze over te brengen van de blaaspijp op een glazen staaf, open te snijden en dan snel rond te draaien onder herhaald verhitten. Door de middelpuntvliedende kracht vloeit het glas uit tot een grote, platte schijf die wel 1,2 meter in diameter kan worden. De staaf werd afgebroken, het glas uitgegloeid, en de schijf werd in rechthoekige stukken gesneden. De middelste ruit had een onregelmatige knobbel waar de staaf had gezeten. Deze knobbel werd ossenoog genoemd. Deze fabricagemethode wordt in het Engels wel de Normandy mode genoemd.
Brabantse steenBaksteenformaat 18x9x5,2, rood/bruin. (Agriwiki)
mastgotenMastgoten zijn uitgeholde houten dakgoten die gemaakt worden uit in de lengte doorgezaagde masten. De doorsnede wordt begrensd door twee concentrische cirkels. Ter verlenging van de levensduur worden ze inwendig afgewerkt met menie of pek. Mastgoten kunnen ook in koper, gietijzer, zink of kunststof zijn uitgevoerd. Al deze soorten dakgoten worden ondersteund door gootbeugels. (Haslinghuis)
zwaveldifluoridedioxideZwaveldifluoridedioxide (SO2F2) is een gasvormig verdelgingsmiddel dat corrosie van glas en metalen kan veroorzaken.
kunstharsEen kunsthars is een synthetische stof die dezelfde kenmerken heeft als een natuurlijke hars: het is gietbaar, zacht maar goed hechtend. (Wikipedia) Een synthetische hars heeft eigenschappen die vergelijkbaar zijn met hars, maar de meeste kunstharsen hebben een veel hoger molecuulgewicht. Voorbeelden zijn acrylhars en epoxyhars.
keldersWordt gebruikt voor ruimten die geheel of voor het grootste deel ondergronds liggen en die worden gebruikt voor opslag, vooral van voedsel. Voor soortgelijke ruimten die als woonruimte dienen of voor andere gebruiksdoeleinden wordt 'souterrains (verdiepingen)' gebruikt.
patronenOntwerp van een bouwwerk, eerst in abstracte zin, sedert XVIa tekening of schilderij. Ook: model: in 1528 werd een patroon voor onderdelen van de schouw in het Vrije te Brugge in het klein in witte kalksteen gesneden. bewerp. (Haslinghuis)
trotseerloodjesLapje lood dat de loodgieter aanbrengt over spijkers waarmee loodwerk is bevestigd om inwateren tegen te gaan. Meestal in schild- of medaillonvorm in een giettang vervaardigd. Het draagt gewoonlijk de initialen of naam van de loodgieter, een jaartal en een afbeelding van gereedschap (pomp, leidekkershamer e.d.). Ook: dakloodje, traceer-, traseer-, tranceer-, transeerlood(je). (Haslinghuis)
vorstenOnafhankelijk regeerder, hoofd van een rijk (monarch, koning, heerser, souverein), iemand van (hoge) adel die heerst over een gebied.
murenZware rechtopstaande afsluitende afscheidingen van steenachtig materiaal die meestal een dragende functie hebben. Gebruik 'wanden' voor lichte afscheidingen die geen dragende functie hebben. (AAT-Ned)
insectenInsecten (Insecta) zijn een klasse van de geleedpotigen (Arthropoda). Met bijna een miljoen beschreven soorten is het verreweg de grootste groep van dieren. Geschat wordt dat er vele honderdduizenden tot enkele miljoenen soorten nog niet zijn ontdekt. (Wikipedia)
PleistoceenOp de geologische tijdschaal het eerste en langste tijdvak van het quartair. Het pleistoceen duurde van ongeveer 1,8 miljoen jaar geleden tot 10.000 v.Chr., en is vooral bekend als het tijdvak waarin de aarde zijn meest recente ijstijd doormaakte.(AAT)
uitvoeringsklassenHet begrip uitvoeringsklasse, of executieklasse bepaalt waaraan een constructie moet voldoen.
marmerimitatie (materiaal)Met een marmerimitatie, ook wel marmeren, wordt het aanbrengen van patronen op houten onderdelen bedoeld, waarmee echt marmer gesuggereerd wordt. (Wikipedia)
dilatatiesDe toename van een materiaal of een lichaam in lengte of volume, die wordt veroorzaakt door, bijvoorbeeld, temperatuursverandering of bevochtiging. (AAT)
weefselmatWapeningsmat gemaakt van koolstofvezels
cur-aanbevelingenCUR-aanbevelingen zijn publicaties waarin afspraken tussen partijen in de bouw zijn vastgelegd.
ketenbreukEen ketenbreuk is een breuk op willekeurige posities in de polymeerketens.
schotelantenneEen schotelantenne, ook wel satellietschotel genoemd, bestaat uit een cirkelvormige of ovale reflector in de vorm van een parabolische schotel en een ontvangstkop, Low Noise Blockconverter (LNB) genaamd, die de eigenlijke antenne bevat.
wener vloerenWener vloeren zijn houten dekvloeren waarbij korte planken van balk tot balk onder een hoek van 45° op een balkenvloer worden gelegd. De uiteinden van de planken worden onder verstek of in keper- of visgraatverband tegen elkaar gelegd, soms ook wel onder verstek tegen een plank die in de lengterichting op de balk is gelegd. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
linoleum (vloerbedekking)Linoleum bestaat uit zogenaamde linoleumstof op een jute ondergrond. De linoleumstof bestaat uit geoxideerde lijnolie, natuurlijke hars, gommen, kalksteen, hout- en/of kurkmeel en kleurstof. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
pleister (materiaal)Pleister is een mengsel van water, een bindmiddel (bijvoorbeeld gips of kalk) en vulstoffen dat als afwerking wordt aangebracht op plafonds en muren. Pleister bevat vaak soorten zand, andere vulstoffen en vezelachtige stoffen voor de stevigte. Het wordt ook gebruikt voor beelden en andere siervoorwerpen. (Toegepaste Kunst Project, RKD, Conservation Dictionary)
ontwikkelingHet veranderen van menselijke activiteiten, gebruiken of nederzettingen door de tijd heen, meestal in de zin van verbetering of uitbreiding. (AAT)
kapitelenEen kapiteel of kopstuk is de bekroning, kopstuk of bovenbeëindiging van een zuil, pijler of pilaster, in de regel om de last of kracht op een smaller draagvlak over te brengen, veelal voorzien van beeldhouwwerk. In de klassieke architectuur vertelt het beeldhouwwerk dat het kapiteel siert, uit welke orde van de klassieke bouwkunst het bouwwerk afkomstig is: de Toscaanse, Dorische, Ionische, Korinthische of composiet. In de Griekse en Romeinse bouwkunst dienden alle verhoudingen en de vormen te voldoen aan de strenge regels van de bouworden. In Mesopotamië maakt men gebruik van het zogenaamde vorkkapiteel. Hierbij wordt de balk omsloten door de kolom, zodat de constructie beter bestand is tegen horizontale krachten, zoals aardbevingen. In de Middeleeuwen werden de bouworden vaak niet meer streng toegepast, zoals in de klassieke bouwkunst gebruikelijk was, en ontstonden er een verscheidenheid aan typen kapitelen. Zo ontstonden er in de romaanse architectuur een verscheidenheid aan romaanse kapitelen, waaronder vormen van het tektonisch kapiteel, bladwerkkapiteel en iconische kapiteel. In sommige kerken werden de kapitelen gebruikt als boeken der leken. In de kapitelen werden afbeeldingen uitgehakt die heiligen, bijbelse personen of een verhaal afbeelden. Een mooi voorbeeld hiervan is de Basiliek van Vézelay waar in bijna elk kapiteel in het schip een afbeelding is uitgehakt. Aan de onderzijde van het kapiteel vormt de astragaal de verbinding met de zuilschacht. (Wikipedia)
monniken en nonnenMonniken en nonnen zijn middeleeuwse dakpannen, die beurtelings met de holle en de bolle kant naar boven werden gelegd. Ze werden voornamelijk in Noord- en Oost-Nederland gebruikt.
schampgotenGoot waarvan de binnenzijde gevormd wordt door het hellende dakvlak en de buitenboeiing daar loodrecht op staat. (Haslinghuis)
verlichtingssterkteVerlichtingssterkte is de hoeveelheid licht die op een oppervlak valt. Deze grootheid wordt gemeten in lux (lx).
polychromieënVeelkleurige, niet figurale beschildering, als integrerend bestanddeel van de architectuur en onderdelen daarvan. Van Egypte en Mesopotamië verspreid over Griekenland, het Romeinse Rijk naar de m.e. kerkelijke en burgerlijke architectuur. In de M.e. werd voor het interieur polychromie vaak zodanig toegepast dat muurvlakken blank bleven, maar de constructieve delen, zoals zuilen, pilasters, kapitelen, bogen, gewelfribben en sluitstenen, kleurig beschilderd werden en van schijnvoegen voorzien. Ook de exterieurs kregen van een kleurige afwerking. Gedurende de renaissance en de barok is een polychrome afwerking van de architectuur eveneens gebruikelijk. De loskoppeling van kleur van de drager – het gebouw en het object – is eigenlijk pas in XX waarneembaar. (Haslinghuis)
plaatsenConcentratie van bebouwing.
golfkoppenAanduiding voor moderne granieten grafstenen met een typische golf-vormige beeindiging. Vooral voorkomend in de periode 1980-2010.
ruimtenBeslotenheid, het door architectonische elementen omvatte (muren, pijlers, overdekking). In die zin is architectuur een ruimtekunst. (Haslinghuis)
pyrietEen veelvoorkomend geel isometrisch mineraal. (bouwmaterie)
roggestroRoggestro zijn de stengels van verbouwd rogge, toegepast is strodaken. Minder duurzaam is tarwestro. (Haslinghuis)
calcietEen veelvoorkomend steenvormend mineraal, meestal wit of grijs, dat het belangrijkste bestanddeel vormt van kalksteen en de meeste marmersoorten. (Archeological Base Register)
aankappingenEen lager naar beneden doorgetrokken dakdeel. Kap die aan de zijkant van een bestaand dak tegen een gebouw is gezet. (Haslinghuis)
appartementEen appartementsgebouw is een meergezinswoning waarin meerdere appartementen of wooneenheden voorzien zijn, meestal boven elkaar gelegen.
spiegeldraadglasSpiegeldraadglas is draadglas dat aan beide zijden is geschuurd en gepolijst om het doorzichtig te maken. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
ModernismeModernisme wordt gehanteerd voor alle architectuur die getuigt van een streven naar vernieuwing door een versobering van de vormentaal. De meest pure vorm van modernisme, vaak benoemd als de internationale stijl of functionalisme, wordt gekenmerkt door een rationeel grondplan, eenvoudige geometrische vormen, dragende (beton)skeletten met platte daken, lichte scheidingswanden en het gebruik van moderne materialen. De meeste gebouwen bereiken echter niet het pure van de internationale stijl, maar getuigen niettemin van een streven naar verzakelijking. Zij zijn doorgaans uitgewerkt met egale bakstenen parementen, met een bescheiden volumewerking en een sterk gereduceerde decoratie. (jaren 1920 tot jaren 1960).
wegenSmalle strook grond, gebruikt en geschikt gemaakt voor het verkeer. (Thesaurus landschap)
gipskorstLaag op natuursteen waarin kalk en zouten uit de steen en vuil uit de omgeving opgesloten raken. Deze gipskorst ontstaat alleen op plaatsen waar deze niet door regenwater wordt weggespoeld.
bonte knaagkeverDe bonte knaagkever (Xestobium rufovillosum) is een kever uit de familie klopkevers (Anobiidae). Andere namen zijn bonte klopkever of grote houtwormkever. (Wikipedia)
uitzettingIn de conservering van schilderijen is uitzetting het toenemen van de afmetingen van de drager.
neogotiekDe Neogotiek is een architectuurstijl die de gotische bouwkunst herleeft tussen ca. 1830-1910. In Nederland kan de neogotiek onderscheiden worden in twee fasen: de Willem II-gotiek en de ambachtelijke neogotiek. De Willem II-gotiek is een decoratieve variant van de neogotiek, omdat ze voornamelijk de decoratieve elementen van de gotiek herleeft. In Nederland was er bij het ontwerpen in eerste instantie geen sprake van een logisch doordachte benadering van de gotiek. Vanaf omstreeks 1850 ontstaat een rationalistische variant in Nederland, met P.J.H. Cuypers als pionier. Deze variant, ook wel bekend als de ambachtelijke neogotiek, wordt gekenmerkt door een liefde voor het ambacht, echtheid van het materiaal en eerlijkheid van de constructie. Een voorbeeld van een verschil tussen de Willem II-gotiek en de ambachtelijke neogotiek is de toepassing van een imitatieribgewelf van hout en stuc tegenover de toepassing van een stenen gewelf of houten overkapping, zoals dat in de Middeleeuwen werd gedaan. (Haslinghuis)
Obernkirchener zandsteenObernkirchner zandsteen: zandsteen welke gewonnen wordt in de omgeving van Hannover, Duitsland. De steen heeft een gele ondergrond met lichtbruine strepen van ijzerhydroxiden en een zwakke adering en is homogeen van structuur, kleur en kwaliteit. Het breukvlak is fijnkorrelig.
restaurerenIn goede staat brengen van min of meer bouwvallig geworden gebouwen, uitgaande boven normaal onderhoud. Over de juiste betekenis van het woord zijn in de loop der tijden uiteenlopende interpretaties gegeven. In 1619 spreekt het bestek van het steenhouwwerk voor de herbouw van de door brand beschadigde kerk te Goes over ‘restauratie’. In XIX had het woord meestal de betekenis van terugbrengen in de (vermeende) oorspr. vorm ( reconstructie). Dat hield in dat vaak verdwenen of nooit gebouwde elementen werden toegevoegd. De vele werken van Viollet-le-Duc in Frankrijk getuigen van deze opvatting. Zelfs de afbouw van de dom van Keulen is in deze gedachtewereld te plaatsen. Voorb. in Nederland: de westtorens van de Munsterkerk te Roermond, het wijzigen van de barokke bekroningen van de St.-Servaas in Maastricht en het aanbrengen van balustraden rond het dak van de Grote Kerk te Haarlem, die er vroeger nooit geweest waren. Men veronderstelde dat deze elementen ooit bedoeld geweest zouden zijn.In XXa werden deze invloeden wat milder onder invloed van de in 1916 door de Nederlandsche Oudheidkundige Bond opgestelde ‘Grondbeginselen’. Men hechtte meer waarde aan het handhaven van authentieke materialen, maar verving die ook gemakkelijk door soortgelijke nieuwe en bracht oudere elementen naar gevonden aanwijzingen terug. Metselwerk werd binnen en buiten ontpleisterd om het ‘edele’ materiaal te tonen. Houtwerk werd van kleur en verf ontdaan. Dit alles onder invloed van het ‘eerlijke ambachtelijke bouwen’, zoals dat door Berlage en Kropholler werd gepropageerd. Hierbij ging men voorbij aan het feit dat materialen vroeger meestal door kleur of pleister aan het oog onttrokken werden. Na 1945 kreeg restaureren steeds meer de betekenis van consolideren van de laatst aangetroffen toestand, het instandhouden van het gebouw zoals het door voorgaande generaties aan ons is overgeleverd. Constructiefouten zullen moeten worden weggenomen en verminkingen kunnen zo nodig worden hersteld, na verkregen toestemming op grond van de Monumentenwet.Voorafgaande aan een restauratie zal een diepgaand onderzoek naar de bouwtechnische en bouwhistorische gegevens moeten plaatsvinden. Op de uitkomsten van dit onderzoek zal een restauratieplan moeten worden gebaseerd. Fantasieën moeten worden vermeden. Moderne toevoegingen zijn mogelijk als zij het gebouw niet schaden. (Haslinghuis)
rammelaarsSpeelgoed voor zeer jonge kinderen bestaande uit een hol voorwerp (dat ofwel kan worden opgehangen ofwel aan een handvat kan worden vastgehouden) waarin zich een of meer losse balletjes bevinden. (Bron: Van Dale)
infrarode stralingInfrarode elektromagnetische straling is de straling voorbij het rode gebied van het zichtbare spectrum, met golflengten van 750 nm tot 1 mm.
KwartairHet geologisch tijdperk Kwartair is in de geologische tijdschaal de jongste periode en in de stratigrafische colom het bovenste systeem. Het Kwartair beslaat de tijdspanne van 2,58 miljoen jaar geleden (Ma) tot heden en is de jongste, bovenste of laatste onderverdeling van de era Cenozoïcum. Het Kwartair is onderverdeeld in twee tijdvakken of series: het Pleistoceen en het Holoceen.
lichtbakkenDoosachtige voorwerpen met een doorschijnend oppervlak, bijvoorbeeld van matglas, gelijkmatig van binnen uit verlicht en doorgaans gebruikt voor het bekijken of weergeven van transparanten en films als dia's en röntgenfoto's, voor het maken van doordrukken of om kleine objecten zonder schaduwen te verlichten. (Project Fotografie)
polyurethaanharsEpoxyhars gemaakt van polyurethaan.
chemisch ankerEen chemisch anker is een anker of plug gevormd door een chemische reactie van geïnjecteerde stoffen (verharder en hars). Na uitharden van het chemische anker ontstaat een sterke verbinding met de omgeving (metaal, steen, beton e.d.). Als het anker nog plastisch is, wordt de plug, bout of draadeind ingebracht. (Joost de Vree)
verbeterde Hollandse pannenVerbeterde Hollandse pannen zijn Hollandse pannen met een extra kop- en zijsluiting. Zij zijn een verbeterde versie van de oude Hollandse pannen.
specieSpecie: mengsel van een mortel (mengsel van droge grondstoffen), water en eventuele middelen om eigenschappen als sterkte, aanhechting en dergelijke te verbeteren.
kobaltKobalt is een scheikundig element met symbool Co en atoomnummer 27. Het is een zilverkleurig overgangsmetaal.
pekPek is een meer gezuiverde steenkoolteer, ontdaan van ammoniakwater, benzol en teerolien. Het zuiveren geschiedt door destillatie.
cementhuidEgale laag rond (gestort) beton.
bijenwasBijenwas is een mengsel van esters met lange koolstofketens waarmee bijen de wanden van hun honingraat maken. Bijenwas wordt gebruikt als bindmiddel, in boenwas en als hechtmiddel.
matenAfmetingen of groottekenmerken die door meting worden vastgesteld: een magnitude, hoeveelheid of omvang die wordt berekend door toepassing van een instrument of ander hulpmiddel met een notatie in standaardeenheden. (AAT) In algemene zin, de grootte, massa of maataanduidingen van een gegeven object. Kan ook in specifieke zin verwijzen naar een specifieke grootte of een reeks maataanduidingen, in het bijzonder van een serie, bijvoorbeeld van productieartikelen zoals schoenen, damesjurken, handschoenen, enzovoort. (AAT) Ordes van grootte of afmetingen, doorgaans genummerd, waarin artikelen op basis van hun grootte onderverdeeld worden. Dit gebeurt bijvoorbeeld bij kleding, zoals schoenen, jurken, handschoenen en hoeden. (AAT)
kapellen (gebouw)Kapellen zijn zelfstandige kerkelijke gebouwen waarvan de kerkrechtelijke status in het algemeen minder is dan van een kerk of een kloosterkerk. In beginsel bevat een kapel een altaar en is zij gewijd maar heeft het gebouw maar een beperkte liturgische functie. Kapellen kunnen ook voor een bepaald persoon of een bepaalde groep zijn opgericht zoals een huiskapel of een gildekapel. (Haslinghuis)
bewerkingenWerk dat is gebaseerd op ander werk, is aangepast en wordt vervaardigd voor een ander doel en voor een ander gebruik of medium dan het origineel. (AAT-Ned)
ertsenEen in de natuur voorkomende grondstof waar mineralen uit kunnen worden gewonnen. De term wordt doorgaans, maar niet altijd gebruikt met betrekking tot metaalhoudende materialen en wordt vaak voorafgegaan door de naam van het waardevolle bestanddeel, bijvoorbeeld ijzererts. (AAT-Ned)
kamduinenEen kamduin is reeks van samengesmolten paraboolduinen. Deze paraboolduinen migreren met de winrichting mee en lopen windafwaarts dikwijls vast (bijvoorbeeld in aangeplante vegetatie). Hierdoor ontstaat een opeenhoping van een rij hogere duinen.
kaderEen kader is het geheel van begrippen gebruikt bij de organisatie van informatie met betrekking tot collectiemanagement.
keramiekVerwijst in het algemeen naar artikelen van keramiek, dat wil zeggen van een hard, breekbaar, hittebestendig en corrosiebestendig materiaal zoals klei, dat eerst wordt gevormd en vervolgens bij hoge temperatuur wordt gebakken. (Toegepaste Kunst Project, RKD, RCE corporate website)
briklagenBriklagen zijn klei-inspoelingshorizonten in lössleemgrond. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
slijtlagenSlijtlagen zijn de toplagen van rietdaken, de lagen riet tot de gaarden. De toplagen slijten in de loop der jaren. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
wasOnder was wordt een groep vetachtige stoffen verstaan die niet helemaal eenduidig te omschrijven is. Het is een organisch-biologisch product, bestaande uit esters van wasalcoholen (hogere alkanolen en diolen) en waszuren (alkaan-carbonzuren met 24–34 koolstofatomen). (Wikipedia)
windsingelsWindsingels zijn dichte lineaire beplantingen, met als doel om een tuin, park of akker te beschermen tegen de wind en een gunstiger klimaat te creëren. De plantafstand, gebruikte soorten en het beheer (van opgaand tot hakhout) variëren per streek, bodem en eventuele tuinstijl. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
epoxyverfVerf, of lak, op epoxy basis om een vloeistofdichte beschermlaag te creëren.
gewelfribbenGewelfribben zijn bogen of boogschenkels, in of onder de snijding van velden van een gewelf aangebracht ter ondersteuning ervan. De ribben worden eerst op formelen gesteld; vervolgens worden de gewelfkappen erop gemetseld. De gewelfrib vergemakkelijkt de overwelving van onregelmatige grondvlakken. Zij is vooral voor het gotische welfstelsel van betekenis. De profilering is voor het bepalen van de bouwtijd van belang. Zij is rechthoekig bij de eerste Lombardische en bij Westfaalse gewelven, vervolgens halfrond, amandel-, peer-, ojiefvormig, ‘prismatisch’ enz. (Haslinghuis)
cellulosenitraatCellulosenitraat is een glasheldere kunststof gemaakt van met salpeterzuur veresterde cellulose. Het is zeer brandbaar, in het bijzonder wanneer het door verouderen uiteenvalt. Bij zeer vergevorderde veroudering en in een afgesloten (film)blik, kan het spontaan ontbranden. Het werd gebruikt als materiaal voor afdeklagen, voor het maken van voorwerpen en als filmdrager, voor zowel stilstaand als bewegend beeld, totdat het vervangen werd door celluloseacetaat gedurende de 40-er en 50-er jaren. Het wordt op grote schaal gebruikt in de conservering als lijm voor ceramiek en als lak, hoofdzakelijk voor metalen. In de handel zijnde lijmen waarin cellulosenitraat de hoofdcomponent is, zijn H.M.G., UHU Hart, Durofix en Duco cement.
toeslagBij de restauratie van gebouwen is de toeslag het zand en het grint dat met een geschikt bindmiddel beton, mortel, raaplagen en pleister vormt. Stof die aan een mortel wordt toegevoegd om er volume en vastheid aan te geven. Aan een metselmortel is vaak zand toegevoegd, en bij beton zand en grind of steenslag. Een toeslag is hydraulisch als de mortel door de toevoeging in staat is het bij verharding van kalk vrijkomende water te binden en aldus sneller te verstenen. (Haslinghuis)
corrosieCorrosie van een materiaal is de aantasting ervan door chemische reactie met stoffen uit de omgeving. Corrosie slaat meestal op aantasting van metaal, steen en glas. Corrosie van metaal betekent de oxidatie ervan.
deformatieDeformatie is een vervorming in het vlak van het schilderij. Een verandering of wijziging van de originele vorm of dimensies van een materiaal, veroorzaakt door de toepassing van kracht, zonder een onderbreking van de continuiteit van het object, bijvoorbeeld door barstvorming. Deformaties kunnen worden veroorzaakt door omgevingsfactoren (bijv. luchtvochtigheid) hitte veroorzaakt door brand, directe invloed van zonlicht of de gebruik van conserveringsmaterialen.(Modern Paint Damage Atlas)
ozonOzon is luchtverontreiniging die voortkomt uit reacties tussen andere verontreinigingen en stikstofdioxide, met name onder invloed van zonlicht.
polaroidsFotografische afdrukken vervaardigd met filmpakketten die hun eigen ontwikkelingschemicaliën bevatten en worden belicht in een speciale camera. (AAT-Ned)
kleuren (activiteit)Kleuren (activiteit) is het geheel aankleuren van de beeldlaag of de drager door daarin een kleurstof aan te brengen. (Conservation Dictionary)
steenHarde delfstof die niet smeedbaar, niet brandbaar en (vrijwel) niet in water oplosbaar is. Wordt in de bouwkunst gebruikt als houw-, breuk- of veldsteen. (Haslinghuis)
golfplatenDunne dakplaat, die voor de stevigheid golfvormig is uitgevoerd. Van ijzer (meestal verzinkt), (zie) asbestcement, gebitumineerde vezels of kunststof.
fineerFineer is een sier- of slijtlaag, gewoonlijk van hout, die wordt aangebracht op constructieonderdelen of op de gebruiksoppervlakken van een object. (Conservation Dictionary)
beeldhouwersBeoefenaar van een vrij beroep, kunstenaar, die beelden uit steen, hout enz. hakt. Boetseert vaak ook de ontwerpen, maakt gipsafgietsels e.d.. Beeldhouwers waren vaak lid van het St.-Lucasgilde. (Haslinghuis)
spiraalborenBoren met één of meer spiraalvormige snijgroeven. Worden gebruikt voor het boren van gaten in metaal, hout en plastic. (AAT-Ned)
sedentaatSedentaat is een gesteente of bodem opgebouwd uit ter plaatse wortelende en afgestorven planten en dieren (koralen, foraminiferen en veen) (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
urnenHouders, met voornamelijk decoratieve functie; vooral de exemplaren met geornamenteerde voet; opening smaller dan de romp; vaak twee handvatten. (AAT-Ned)
kapconstructiesWijze waarop een kap geconstrueerd is. Bij een sporenkap wordt de dakbedekking gedragen door een reeks gespannen die oorspr. in de lengterichting van de kap niet met elkaar verbonden zijn. Sedert XIIIm ontwikkelden zich ondersteuningsconstructies waarbij de gespannen rusten op flieringen, die op de kapgebinten liggen. Er ontstaat dan een constructie van kapgebinten, bestaande uit een of meer schaargebinten op elkaar. Men noemt deze voor de Nederlanden typische constructie een Oudhollandse kap. De gebruikelijke dakhelling is 55-60°. Een bijzondere vorm heeft een houten tongewelf dat in de kapconstructie is opgenomen. In Duitstalige gebieden ontstond uit een kaptype met verticale ondersteunende stijlen (XIV-xv, ‘staande stoel’) een type met schuinstaande ondersteunende stijlen (sedertXVb, ‘liggende stoel’), dat slechts schijnbaar overeenkomst vertoont met de Nederlandse schaargebinten. De gordingenkap wordt afgeleid van de Romeinse constructie, waarbij kapgebinten gordingen ondersteunen. Daarop zijn kepers bevestigd, die de dakbedekking dragen. Er is een hecht verband in de lengterichting van de kap. De gebruikelijke dakhelling is minder dan 45°. Ook in de nok is een gording aangebracht. Het verspreidingsgebied heeft in de M.e. zijn noordgrens in de Nederlandse provincie Limburg. Later vindt de verspreiding over geheel Nederland plaats. Dan vervallen doorgaans de sporen en ook de kepers. Er wordt staand dakbeschot aangebracht over de gordingen. De stijlenkap hangt samen met het verspreidingsgebied van de löss in Midden-Europa. Hij bestaat uit reeksen stijlen in de lengterichting van het dak. Daarover liggen platen met de platte kant horizontaal, ook op de nok van het dak. Die platen ondersteunen kepers die erop gehecht zijn. Het verspreidingsgebied vindt zijn noordwestelijke begrenzing in Zuid-Limburg. De gebruikelijke dakhelling is 45° of minder.Na de M.e. komen andere vormen van kapconstructies voor, zoals de Philibertkap, opgebouwd uit Philibertspanten, hang-, spring en schoorwerken, gelamineerde houten spanten, gietijzeren en stalen constructies en samengestelde betonconstructies. Zie ook tekeningen houten tongewelf en trekplaat. (Haslinghuis)
marmermarmer: natuursteen waarvan de grondmassa en het bindmiddel in hoofdzaak bestaan uit kalkverbindingen, tevens zijnde een metamorfe natuursteen. Polijstbare kalkstenen worden in de natuursteenhandel ook vaak marmer genoemd.
opstaande verfEen oppervlaktelaag van een object heeft losgelaten als stukken gedeeltelijk losgekomen zijn van de ondergrond. Het gedeeltelijk omhoog komen van een bovenlaag, bijvoorbeeld een verf-, lak - of vernislaag, doordat deze loslaat van de onderlaag.
polyvinylchlorideEen thermoplastische hars verkregen door de polymerisatie van vinylchloride; wordt onder andere gebruikt voor dunne deklagen, isolatie en buizen. (Project Fotografie) Polyvinylchloride, PVC, is een thermoplast gemaakt van vinylchloride als monomeer. Het polymeer is glashelder en niet buigzaam, met een Tg van 95°C. Het wordt veel gebruikt als kunstglas en in weekgemaakte vorm als flexibele folie. Omdat het niet stabiel is, en vanwege het chloor in de afbraakproducten, wordt het niet meer gebruikt in de buurt van museumvoorwerpen.
woonhuizenWoonhuizen zijn huizen waarin gewoond wordt.
permeabiliteitPermeabiliteit is de mate van diffusie van een gas door een bepaalde film en wordt gewoonlijk uitgedrukt in gram per vierkante meter per dag (g/m2/24 uur).
allerødHet Allerød-interstadiaal is een tijdvak in de tijdschaal van Blytt-Sernander. Het Allerød duurde ongeveer van 13.900 tot 12.850 jaar geleden. Het is een interstadiaal, een warmere en nattere periode tijdens het laatste glaciaal ("ijstijd"). (Wikipedia)
persglasTe gebruiken voor glaswerk dat wordt geproduceerd door heet gesmolten glas in een gietvorm te gieten en passend te maken door middel van een zuiger; de binnenvorm is onafhankelijk van de buitenvorm. (AAT-Ned)
ornamentenDecoratieve vormen die behoren tot een gebouw of object, maar die niet essentieel zijn voor de constructie. Gebruik de term 'decoratie' met betrekking tot de methoden en technieken voor het aanbrengen van ornamenten. (AAT-Ned)
Doornikse steenDoornikse steen is een zwartblauwe, gelaagde kalksteensoort, die in de omgeving van Doornik wordt gewonnen. Door verwering wordt de steen zilvergrijs. (Wikipedia)
leisteenLeisteen is een grijszwart sedimentgesteente die gemakkelijk splijt, waarbij dunne plakken worden gevormd. In Europa in de 16e en 17e eeuw is het ook gebruikt als drager voor olieverfschilderijen, met name in Italië.
aanwijzingUitleg vanwege de opdrachtgever van de uit te voeren werkzaamheden voorafgaande aan een (zie) aanbesteding, voor zover iets niet duidelijk mocht zijn uit bestek en voorwaarden. (Haslinghuis)
gegoten glasGegoten glas wordt gemaakt door het uitwalsen van een hoeveelheid vloeibaar glas op een ijzeren tafel. Dit kan op twee manieren: ofwel met een wals over een tafel, hierbij kan of de wals over de tafel schuiven of de tafel schuift onder de wals door. Of door het uitwalsen tussen walsparen in een walsmachine. Ook hierbij kan of de tafel onder de walsmachine door bewegen of de machine over de tafel bewegen. Gegoten glas onderscheidt zich van getrokken of geblazen vlakglas doordat het vanwege de wijze van produceren niet doorzichtig is, maar wel doorschijnend. Alleen door schuren en polijsten ontstaat een doorzichtig glas. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
moerige grondenMoerige gronden is de bodemkundige term uit de Nederlandse bodemklassificatie voor bodems waarvan het bodemprofiel tussen 0 en 80 cm diepte voor minder dan vijftig procent uit moerig materiaal bestaat en die een moerige bovengrond of een moerige tussenlaag hebben. In de Nederlandse bodemclassificatie vormen de moerige gronden de overgang van de veengronden (meer dan de helft moerig materiaal) naar de minerale gronden. Nederland telt ongeveer 125.000 hectare aan moerige gronden, dit zijn bijvoorbeeld gronden met dun restveen in droogmakerijen en in de veenkoloniën. (Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
temperatuurDe mate van warmte zoals deze wordt gemeten op een relatieve schaalverdeling. (AAT)
zwaluwstaarten (houtverbinding)Houtverbinding die trekkrachten kan opnemen, gevormd door een keep die zich versmalt in de richting waar de trekkracht vandaan komt. Op deze wijze klemt de verbinding zichzelf vast. Kan zo nodig nog voorzien zijn van spijkers of toognagels. De zwaluwstaart kan eenzijdig (enkel of half) zijn of aan beide zijden van de verbinding (dubbel of heel). Wanneer de zwaluwstaartvormige lip schuin teniet uitloopt, is sprake van een verloren zwaluwstaart. Als de verbinding niet zichtbaar is, wordt gesproken van een ver- of bedekte, blinde, verborgen of verdronken zwaluwstaart. verdecten swalustaert: 1597 Leiden Rijnlandshuis. Voor XVIImeestal (zie) woustaart. zwalu- off woustaarten: 1541 Delft, Oude Kerk. (Haslinghuis)
Belgische hardsteenBelgische hardsteen: polijstbare kalksteen welke gewonnen wordt in de Belgische Ardennen (o.m. in het Ourthe bekken) en bij Soignies , provincie Henegouwen. De grondmassa van Belgische hardsteen is gelijkmatig donker van kleur waarin de versteningen van de doorsneden van crinoiden (stengelfragmenten van zeelies) zich als grijs-witte kringetjes aftekenen. Het breukvlak is ruwkorrelig. Kristallijne koolzure kalk kan geconcentreerd voorkomen in de vorm van calcietplekken. Soms verraden deze vlekken de aanwezigheid van oplossingsholtes in de steen.
calciumcarbonaatCalciumcarbonaat, CaCO3, ontstaat uit calciumoxide en kooldioxide. Het is de hoofdcomponent van kalk en kalksteen. Het wordt gebruikt als een buffer die aan papier wordt toegevoegd om verlaging van de pH (verzuring) tegen te gaan.
voetlodenStrook lood aan de voet van een dak, ter afdekking van de bovenzijde van het metaal van de goot. (Haslinghuis)
adviezenDe zaakhouder en/of medebehandelaar kan bij dit taaktype een specifieke vraag of opdracht geven (via een behandelinstructie/notitie). De taakhouder kan alleen via een taaktekst reageren, of kan een document als taakresultaat toevoegen aan de zaak. Een beredeneerde aanbeveling om een bepaalde keuze te maken.
hechtingHechting is het resultaat van intermoleculaire krachten die een lijm aan een oppervlak verbinden.
parkettenAfgeperkte, afgesloten ruimte, in het bijz. in een rechtszaal, waar de vertegenwoordiger van het openbaar ministerie zit. (Haslinghuis)
wolStof gemaakt van dierenhaar. (bouwmaterie)
strokenvloerenStrokenvloeren zijn houten dekvloeren bestaande uit smalle, lange houten planken die naast elkaar op een balkenvloer worden gelegd. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
zakgotenZakgoten zijn goten tussen twee dakvlakken of tussen een dakvlak en een opgaande muur. (Haslinghuis)
afschilferenAfschilferen (afgeven) is het verlies van een deel of van het geheel van de binderlaag van een band, in het bijzonder van slecht opgeslagen acetaat geluidsbanden. Afschilferen is het schilferen van de oppervlaktelaag (cellulosenitraat of -acetaat) van de schijf van een direct gesneden plaat. Deze schade is onherstelbaar en wordt meestal veroorzaakt door het krimpen van de laag door hydrolyse.
NEN-ENNEN-EN is de aanduiding van Europese normen (EN) overgenomen in Nederland en gepubliceerd door het Nederlands Normalisatie-Instituut NEN. Voor Europese normen geldt dat deze in alle Europese lidstaten geldig zijn en eventuele eerder bestaande landelijke normen vervangen.
rechtenEen recht is een door het objectieve recht verleende en beschermde bevoegdheid van een persoon.
geblazen glasBlazers laten een bol van glas verwarmen aan het einde van een riet (holle metalen buis), en blazen in dit riet om het glas te laten uitzetten en aldus een bolvormig element uit glas te bekomen. (Wikipedia)
pigmentenAlle relatief onoplosbare organische, anorganische, natuurlijke of kunstmatige substanties die kleur afgeven aan een andere substantie of mengsel en die altijd dezelfde eigen kleur hebben wanneer ze onder wit licht worden gezien. Het is het bestanddeel van verf of inkt dat voor de kleur zorgt. (Project Fotografie) Een pigment is een onoplosbaar fijn poeder dat wordt gebruikt als kleur voor verf en andere stoffen zoals plastic en cement. (Conservation Dictionary)
ERMDe stichting Erkende Restauratiekwaliteit Monumentenzorg (ERM) is een platform voor monumenteneigenaren, ontwerpers en uitvoerders, en toezichthouders. Gezamenlijk werken zij heel praktijkgericht aan de kwaliteit bij onderhoud en restauratie van monumenten. En natuurlijk hoort het verduurzamen van monumenten daarbij. ERM beheert de beoordelings- en uitvoeringsrichtlijnen zoals die worden vastgesteld door het Centraal College van Deskundigen Restauratiekwaliteit.
synthetische microkristallijne wasWas gebruikt voor het aanbrengen van een beschermende waslaag op metalen (meestal bronzen) beelden.
dradenDun touw, door de metselaar gebruikt als leidraad bij het metselen. (Haslinghuis)
rietRiet is een plant die tot de grassenfamilie behoort, kan 1-3 m hoog worden. In waterrijke gebieden is de plant prominent aanwezig. De stengel staat stijf rechtop en het 1-3 cm brede blad met spits toelopende top is grijsgroen. De plant bloeit van juli tot oktober met een 15-40 cm lange, sterk vertakte, purperkleurige of bruinachtige pluim, die rechtop staat of later aan de top kan gaan overhangen. De plant groeit in het water of aan de waterkant op natte, zoete tot brakke grond, maar komt ook voor langs spoorwegen en in akkerranden. Nadat de rietsnijder het materiaal heeft geoogst en verwerkt, kan de rietdekker het verwerken als dakbedekking.
gordeldekzandruggenGordeldekzandruggen zijn dekzandruggen die langs de rand van een hoger gelegen gebied zijn opgewaaid. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
koppenverbandKoppenverband is een metselverband in uitsluitend kopse of patijtse lagen, dus zonder strekken. Dit verband is toegepast bij ronde torens, ronde hoeken en putten, fabrieksschoorstenen. (Haslinghuis)
Weiberner tufsteenWeiberner tufsteen: tufsteen: welke gewonnen wordt in de Eifel, Duitsland. De ondergrond is bruinachtig beige. De steen is fijnkorrelig en poreus met kleine steensplinters van ongeveer vijf millimeter, gelijkmatig over de steen verspreid. De bims (puimsteen) vullingen zijn van dezelfde grootte.
vergelijkbare kleurtemperatuurDe vergelijkbare kleurtemperatuur van een lichtbron is de geschatte temperatuur in K van een referentielichtbron waarmee men de waargenomen kleur in reflectie vanaf een oppervlak kan zien. Voor temperaturen boven de 5000 K is daglicht de referentie, beneden 5000 K is het een zwartstraler.
kalkCalciumoxide dat in overvloed voorkomt in de natuur.(Polytechnisch woordenboek En-Ne (1991)
piëdestallenAl dan niet bewerkt blok met vlakke bovenzijde die dienst doet als voetstuk van een beeld of een zuil. (Religieus Erfgoedthesaurus) Piëdestallen zijn voetstukken voor tuinornamenten. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
bouwhistorisch onderzoekBouwhistorisch onderzoek houdt zich bezig met het onderzoek naar de bouw van gebouwen.
carbonatatiefrontHet grensvlak tussen wel- en niet-gecarbonateerd beton.
brandmeldinstallatiesEen brandmeldinstallatie is een alarmsysteem gericht op het detecteren van brand en het initiëren van passende actie. Het bestaat uit een samenstel van onderdelen, waaronder rookmelders en handmelders. (Wikipedia)
floatglasFloatglas is getrokken glas dat horizontaal over een bak vloeibaar tin wordt getrokken, vandaar de Engelse term floatglas. Doordat deze bak waterpas en trillingsvrij staat, ontstaat een volkomen vlakke glasplaat. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
lokettenKlein afsluitbaar compartiment, voorzien van een raampje waardoor aan het publiek inlichtingen, plaatsbewijzen, reisbiljetten, geldwaarden e.d. worden verstrekt. (Haslinghuis)
kuilen (gat)Een kuil is een holte in de grond van natuurlijke of menselijke oorsprong.
slijtenEen voorwerp slijt wanneer delen ervan kaal worden of door het gebruik vergaan.
eikenhoutEiken is het hout van de Quercus robur. Het hout is hard en goed bestand tegen water. Het is in Noord-Europa op grote schaal gebruikt in de bouw, voor schepen, meubels en panelen. (Conservation Dictionary) Eikenhout is het hout van de eikenboom. Eikenhout is een zeer duurzame houtsoort met wijde poriën, en met brede glinsterende spiegels wanneer het dosse gezaagd is. Het is belangrijk materiaal voor balken, kappen, kozijnen, deuren, betimmeringen e.d.. Tot in de 17e zeer algemeen toegepast, tegenwoordig door schaarste kostbaar en als timmerhout vrijwel geheel door naaldhout verdrongen. Het laat zich goed besnijden en is daarom geschikt voor het maken van meubels. Voor betimmeringen gebruikte men graag wagenschot en gekloofde planken. Eikenhout werd doorgaans aangeduid naar de plaats van herkomst of naar de doorvoerhaven: bv. Deventer hout, Zutphense planken, Hasselts hout (aangevoerd langs de Overijsselse Vecht), Rijns eiken, Wezels hout (langs de Lippe, Ruhr en Rijn aangevoerd), Brabants hout. Noords eikenhout kwam uit Noord-Duitsland en de Oostzeelanden. In Oost-Nederland werd veel inlands eiken verwerkt. Thans is er in hoofdzaak Frans, Westfaals en Slavonisch eiken in de handel. (Haslinghuis)
groeflegersLigging en gelaagdheid van gesteente in de groeve. Natuursteen, die in lagen of banken ontstaan is, moet op het groefleger geplaatst worden, niet er tegenin, tenzij de steen zijdelingse druk te weerstaan heeft (boogstenen). Voor colonnetten en uit kortere stukken bestaande schalken is meermalen hiervan afgeweken als de steen een zeer vaste structuur heeft. (Haslinghuis) Een groefleger of leger is een term uit de natuursteenbewerking om de afzettingsrichting van natuursteen aan te duiden. Het zijn de lagen of de richting waarin het gesteente werd gevormd en vervolgens in de steengroeve wordt aangetroffen.(wikipedia)
nucleaire stralingRadioactiviteit is het uitzenden van ioniserende straling door materialen. (Wikipedia)
marktplaatsenOpen plein of veld waar vee, levensmiddelen en andere koopwaar uitgestald en verhandeld worden, voor een groot deel in kramen en hallen ( (zie) markthal). Uit markten hebben zich steden ontwikkeld. Dat kon geheel zelfstandig gebeuren, dan wel onder bescherming van een heerlijke burcht of in strijd tegen een dergelijke burcht, of onder bescherming van een geestelijke immuniteit (kathedraal, abdij). Naar de markt richtten zich aanvankelijk verkeerswegen. De plattegrond van m.e. steden wordt voor een belangrijk deel bepaald door de wijze waarop die wegen op elkaar aansloten (rechthoekige, driehoekige, aaneengesloten markten). Zoals elk ander plein kon de markt door een galerij omgeven zijn. Ook omgaven gildehuizen het plein (Brussel) en diende zij voor feestelijkheden. (Haslinghuis)
waardenDe waarde van een object wordt bepaald door de waarde die een individu of de maatschappij toekent aan een voorwerp in verhouding tot andere voorwerpen.
chromogeenEen substantie is chromogeen wanneer zij kan worden omgevormd tot een kleurstof.
membranenHet membraan bevindt zich bij niet-mechanische orgels onder de windlade en is eigenlijk een kleine lederen balg onder een ventiel dat wind kan doorlaten. De functie van het membraan bestaat erin, door zich te vullen met wind, de kegel op te tillen en lucht door te laten naar de corresponderende pijpen. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
gevelankersGevelankers zijn doorgaans smeedijzers ankers die balken van balklagen of kappen of een muurstijlen verbinden met de gevels. Vaak zijn de ankers sierlijk gesmeed en voorzien van letters of cijfers. Gevelankers kunnen ook van versierd gietijzer zijn. (Haslinghuis)
levensduurDe levensduur van een object is de periode vanaf vervaardiging tot aan het weggooien ervan.
plankenDeel, plaat; stuk hout breder dan het dik is en langer dan breed.
vorstpannenVorstpannen zijn gebogen dakpannen ter afdekking van de naad tussen twee dakvlakken op de nok van een dak. Voor de afdekking van de nok van een rieten dak wordt de rietvorst gebruikt. Bij de vele soorten machinaal vervaardigde dakpannen werden bijbehorende vorstpannen met sluitingen aan voor- en achterzijde gemaakt. Zo zijn er de ronde vorst met vorm van een halve cilindervormige doorsnede, de driekante Franse of Marseiller vorst met flauw gebogen zijden, de zadelvorst en de ballonvorst (bij Romaanse dakpannen). Er zijn ook ornamentvorsten met aan de bovenzijde een groef, waarin vorstkam-elementen kunnen worden geplaatst. Bij alle vorstpansoorten behoren ook de eindvorsten voor plaatsen waar de nok bij de gevel eindigt en T-stukken en andere hulpstukken voor de ontmoeting van meerdere dakvlakken (broekstuk).
verordeningenUitvoeringsbesluit met algemene of individuele reikwijdte, afkomstig van een of meerdere ministers of andere administratieve overheden. Verordeningen vallen onder de regelgeving vastgesteld door de gemeente, provincie of waterschappen. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
grafbeplantingDoor menselijk toedoen tot stand gekomen begroeiing door aanplant of beplanting op een graf of begraafplaats.
conserveringConservering omvat alle handelingen die men verricht voor het behouden van een voorwerp voor het nageslacht. Deze handelingen moeten worden ondersteund door het juiste begrip, door documentatie van het verval, mogelijke behandelingswijzen en aanwijzingen voor de zorg voor het voorwerp op lange termijn.
gevelsDriehoekige top van een muur of houten wand, die voor het dak is geplaatst, later in het bijz. de gehele driehoekig afgedekte voormuur van een huis of de voormuur in het algemeen, ook als de muur horizontaal is afgedekt. Tenslotte wordt van voor-, achter-, zij- en brandgevels gesproken. Zonder nadere aanduiding betekent gevel echter voorgevel. De esthetische werking van de gevel berust grotendeels op de verhouding en verdeling van gesloten en open partijen (dammen, vensters) en op de geleding: horizontaal door lijsten, friezen enz., verticaal door zuilen, pilasters, risalieten.
waterorgelsHet waterorgel dankt zijn naam aan de wijze waarop de wind voor het orgel onder druk wordt gebracht, door een eenvoudig systeem met waterniveaus (voor onze jaartelling). Door een kuip omgekeerd in een vat te laten dat gevuld is met water, krijgt men in die kuip lucht onder druk. Als men nu een opening in de kuip maakt, kan daarlangs lucht worden afgetapt en naar de pijpen gevoerd. Om de druk in de kuip in stand te houden is een tweede opening nodig waarlangs lucht kan ingevoerd worden. Op die manier komt een stabiele reserve tot stand van lucht onder druk. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
waterlijsten (waterafvoer)lijst met een afzaat of hellend bovenvlak waarlangs het hemelwater afvloeit. Van onderen voorzien van een waterhol om het regenwater vrij van de muur te laten neerdruipen. (Haslinghuis)
buigsterkteDe treksterkte is de hoeveelheid trekkracht die nodig is om een vezel te doen breken. Treksterkte wordt uitgedrukt in grammen per tex. De treksterkte van papier is de kracht die benodigd is om een strook papier in de lengterichting te scheuren. De buigsterkte of buigtreksterkte is de mate waarin een materiaal kan weerstaan aan een erop uitgeoefende belasting, dus de bestandheid tegen drukkrachten.
porseleinVerwijst naar een soort keramiek van vuurbestendige witte klei, of 'kaolien', en een veldspaathoudende steen die tijdens het bakken reageert. De klei zorgt ervoor dat het voorwerp de vorm behoudt, terwijl de steen wordt omgezet in natuurlijk glas. In China verwijst dit naar alle soorten aardewerk die zo hard worden gebakken dat er een rinkelend geluid ontstaat als het kapot wordt geslagen. In Europa verwijst het alleen naar hardgebakken doorschijnende keramiek. (Project Fotografie) Porselein is bij hoge temperatuur gebakken porseleinaarde die gemengd is met gemalen bot, dat als vulstof en vloeimiddel dient. (AAT-Ned). Porselein is verglaasd aardewerk met een fijne textuur; het wordt gebakken bij temperaturen boven de 1260°C. (Conservation Dictionary)
keperverbandKeperverband is metselwerk, gevormd door schuin gestelde, in elkaar grijpende bakstenen op hun kant en toegepast als mozaïekachtige vulling van nis- en boogvelden, als bestrating en vooral voor het voegen en ineenhechten van gewelfvakken (langs de graat): gekeperde steenvoeging (Groningse kerken). Men noemt dit minder juist ook visgraatverband. (Haslinghuis)
huidenlijmBeenderlijm gemaakt van gedegradeerde collageen die is verkregen uit huiden. (bouwmaterie)
terrazzoBekleding van vloeren, wanden, kuipen en aanrechten met veelkleurige stukjes marmer of graniet, gebed in een cementmortel. Na verharding glanzend geschuurd. De techniek is uit Italië afkomstig en werd eind XIX door de z.g. terrazzieri voor het eerst in Nederland toegepast. (Haslinghuis)
uv-belastingBelasting van ultraviolet licht.
badcelstenenSteen met de strengpers gevormd, gebakken van witte Silezische klei en voorzien van een geglazuurde oppervlakte. Dient voor het maken van scheidingswanden in badhuizen, zwembaden en laboratoria. De afmetingen zijn doorgaans: 12,2 cm lang, 5,7 cm hoog en 4,0 cm, 5,7 cm of 6,9 cm dik. Speciale hulpstukken zijn gemaakt voor in- en uitwendige hoeken en afdekkingen en voor het formeren van deursponningen met mogelijkheden voor de bevestiging van scharnieren en sloten. In de boven- en ondervlakken van een badcelsteen zijn groeven gemaakt, die bij het opmetselen met mortel gevuld worden om de muur te verstevigen. Doordat de stenen hol zijn en van groeven voorzien, kunnen ze gemakkelijk worden gespleten, zodat ze ook als tegel kunnen worden gebruikt. Daarom worden ze ook wel splijtstenen genoemd. (Haslinghuis)
polymerenEen polymeer is een macromolecuul dat is opgebouwd uit een groot aantal eenheden van kleinere moleculen, monomeren, die door een polymerisatiereactie aan elkaar zijn verbonden. Er is een aantal verschillende reactiemechanismen voor polymerisatie: condensatie, kettingreactie van vrije radicalen en oxidatie. (Conservation Dictionary)
sanidienHet mineraal sanidien is een kalium-natrium-aluminium-tectosilicaat met de chemische formule (K,Na)(Si,Al)4O8.
gipsGips is een witte minerale stof, calciumsulfaat-dihydraat waarvan gesso wordt gemaakt. Gips wordt gebrand om modelleergips en anhydriet te maken. (Conservation Dictionary)
kathodische beschermingKathodische bescherming is het beschermen van metaal zoals muurankers en doken tegen corrosie door het elektrisch te verbinden met een minder edel metaal dat gemakkelijker wordt geoxideerd (de opgeofferde anode). Een eenvoudig voorbeeld is verzinkt ijzer.
röntgenfluorescentieRöntgenfluorescentie is de uitzending van röntgenstraling door atomen die zijn aangeslagen door kortgolvige röntgenstraling of door een elektronenstraal die op een voorwerp valt. De energieën (golflengtes) van de gefluoresceerde stralen zijn karakteristiek voor de aangeslagen atomen.
houtteerHoutteer is een ruwe teer, bruin van kleur, die verkregen wordt uit het gas dat bij verwarming van hout vrijkomt. Het materiaal is zeker al in de vroege 15e eeuw bekend. Houtteer kan voor houtconservering worden toegepast. (Bouwmaterialen / W. Persijn en A.H. Kooiman, Culemborg-Keulen 1968)
polypropyleenEen taaie, lichte, stijve kunststof die wordt vervaardigd door de polymerisering van zeer zuiver propyleengas met een metaalorganische katalysator bij een relatief lage druk en temperatuur. (AAT-Ned)
vergunningenDocumenten waarmee iemand toestemming krijgt voor activiteiten die weliswaar niet bij wet verboden zijn, maar die zonder deze toestemming niet zouden kunnen worden uitgevoerd. (AAT-Ned)
bliksembeveiligingDe bliksembeveiligingsinstallatie bestaat uit een aantal maatregelen om de schade ten gevolge van blikseminslag te voorkomen of te minimaliseren. Een installatie kan bestaan uit: een externe bliksembeveiliging en een een interne bliksembeveiliging, De norm voor bliksembeveiliging van monumenten is LPL-III.
branddriehoekDe branddriehoek of brandcirkel geeft de drie belangrijkste factoren weer die spelen bij een brand:

Blussen van branden gaat door het wegnemen van ėėn of meer van deze factoren:

Een uitgebreider model is de brandvijfhoek. (Wikipedia)
B-horizontB-horizonten (inspoelingshorizonten) zijn op een bepaalde plaats in een bodemprofiel aanwezige inspoelingslagen. Dit ingespoeld materiaal kan humus, klei, ijzer- of aluminiumoxiden betreffen (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed) Inspoelingslagen zijn lagen van op een bepaalde plaats in een bodemprofiel ingespoeld materiaal. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
natuurlijk patinaNatuurlijk patina is het verweerde of verkleurde oppervlak van metaal of steen. Koper en brons kleuren na enige tijd bijvoorbeeld groen.
aangietenAangieten is een techniek om metalen werkstukken te verbinden. Eén stuk is een deel van de gietmal, het andere wordt er permanent aan bevestigd door gesmolten metaal in de mal te gieten.
lijmenAls men twee of meer delen van een object aan elkaar lijmt, voegt men ze met een hechtmiddel samen.
peperinoPeperino is een variant van tufsteen, die gevonden wordt nabij de Italiaanse stad Viterbo. (Wikipedia)
schraapstalenEen schraapstaal is een plat stuk staalplaat dat gebruikt wordt bij houtbewerking. Bij vooral hardere houtsoorten wordt een schraapstaal gebruikt om het glad te maken. De laatste bewerking bestaat dan nog om af te werken met heel fijn schuurpapier.
lakLak is een laag of een bindmiddel gemaakt van de uitscheidingsproducten van een aantal boomsoorten. Verschillende landen gebruiken lokale namen voor de lak: urushi uit Japan, China en Korea afkomstig van de Rhus verniciflua, yun uit Birma afkomstig van de Melanorrhoea usitate, terwijl gelijksoortige materialen worden gebruikt in Thailand, Vietnam, Indonesië en Taiwan. (Conservation Dictionary)
abri's (wachtruimte)Abri’s zijn niet afgesloten wachtruimten die vooral bij het openbaar vervoer veel voorkomen. Ook op verschillende begraafplaatsen zijn speciale abri’s te vinden. Het woord abri is ontleend aan het Frans en komt van het werkwoord abrier, hetgeen beschutten tegen (de wind) betekent. In het Latijn betekent apricari warm houden. Een abri biedt dus in de eerste plaats beschutting tegen de elementen. Oorspronkelijk waren abri’s vaak voorzien van deuren, in tegenstelling tot een schuilplaats die open was. Op een enkele begraafplaats zijn speciale abri’s ontworpen zoals op de Kleverlaan in Haarlem, maar vaker zijn oude bushokjes gebruikt, zoals op Heidehof in Apeldoorn. (Stichting Dodenakkers.nl)
vorst (weer)Vorst is het weersverschijnsel dat optreedt wanneer water bevriest. (Wikipedia)
mousselineglasMousselineglas is vlakglas waarbij door stralen of etsen een voorstelling op het glas wordt aangebracht. Voor het stralen of etsen wordt een zinken mal gebruikt met een zich herhalend motief, bijvoorbeeld een bloemmotief. De mal wordt op het glas gelegd en daaroverheen gaat een pasta. Na het verwijderen van de mal wordt het glas geëtst of gestraald. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
anisotroopEen anisotrope eigenschap van een materiaal is een eigenschap die varieert al naar gelang de richting in het materiaal waarin zij gemeten wordt.
veldpodzolHumuspodzolgronden met een humushoudende bovengrond dunner dan 30cm. Dergelijke gronden worden hoofdzakelijk aangetroffen in jonge ontginningsgebieden. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
loslatenEen oppervlaktelaag van een object heeft losgelaten als stukken gedeeltelijk losgekomen zijn van de ondergrond.
stola'sDe stola is een van de paramenten die gedragen worden tijdens de liturgie in de meeste christelijke kerken. (Wikipedia) Liturgisch kledingstuk, toebehoren bij kazuifel of dalmatiek en veelal uit dezelfde stof vervaardigd, ca. 8 cm. breed en ruim 200 cm. lang, in de liturgische kleur van de dag. Om de nek over de albe gedragen, aan de voorzijde van het lichaam afhangend. Bij de bisschop en priester hangt hij evenwijdig af. De diaken draagt hem over de linkerschouder en gebonden onder de rechterarm. De stola kwam in kleur en uitvoering overeen met de over de linkerarm gedragen manipel (die niet meer wordt gedragen). Tegenwoordig is de stola breder en wordt in sobere uitvoering in de liturgische kleur van de dag ook wel door predikanten gedragen over hun toga. De stola symboliseert het juk van Christus, dat op de schouders van de geestelijke rust.
impregnerenBij het impregneren van een voorwerp laat men er een vloeistof in lopen, bijvoorbeeld een opgelost verstevigingsmiddel, een bestrijdingsmiddel of een beschermingsmiddel, daarbij gebruikmakend van de bestaande poreuze structuur.
geologieDe wetenschap die zich bezighoudt met de fysische geschiedenis van de aarde, de stenen waar zij uit bestaat en de fysische veranderingen waar zij aan onderhevig is en is geweest. (AAT)
schollen (natuursteen)De gelaagde structuur binnen bepaalde soorten natuursteen. Van deze sterk gelaagde structuur wordt bij de winning gebruik gemaakt. Met een graafmachine of een shovel worden schollen van de rots losgespleten. Deze schollen hebben een grillige plaatvorm, een wisselende dikte en een natuurlijk splijtoppervlak. Het oppervlak varieert bij de meeste soorten tussen een halve en een hele vierkante meter.
hechtbruggenHechtbruggen worden op zeer zwak of niet zuigende ondergronden gebruikt (zoals glad beton, prefabbeton), teneinde de hechting van het pleister te verbeteren.
kolenzandsteenKolenzandsteen is een sterk verharde, soms compacte kwartsitische zandsteen, donkerbruin van kleur. (Wikipedia)
Kirchheimer muschelkalksteenKirchheimer muschelkalksteen: polijstbare kalksteen welke gewonnen wordt in de omgeving van Würzburg, Duitsland. De steen heeft een geelroodbruine of bruingrijze ondergrond, wisselt per laag van kleur, en heeft een grove adering. De steen is opgebouwd uit talloze schelpresten, is vaak duidelijk gelaagd en is meestal homogeen van structuur en kwaliteit.
galmgatenSmalle opening in de muren van de klokkenverdieping van een toren, waarin galmborden het klokgelui naar buiten leiden. Grotere torens hebben meestal aan elke zijde twee galmgaten, hetzij afzonderlijk, hetzij gekoppeld met een verdeelzuil of -stijl in het midden. (Haslinghuis)
temperenTemperen, afkoelen vindt plaats in een koeloven, waarin het glas na verhitting geleidelijk wordt gekoeld om interne spanning in de glasmassa weg te nemen en het glas te harden.
amfiboolAmfibolen zijn orthorombische of monokliene mineralen met een gemiddelde dichtheid van 3 tot 3,5 en een hardheid van 5 tot 6.
absorptiespectrumHet absorptiespectrum van een materiaal geeft de absorptie van golven, als functie van de frequentie. Typisch wordt het begrip gebruikt in de context van elektromagnetische golven, zoals licht.
grafzerkenGrafzerken zijn platte natuurstenen platen ter afdekking van een graf, al dan niet versierd met tekst en afbeelding.(Funerair Lexicon)
taatsplatenTaatsplaten van een waterrad. Binnen- en buitenlap.
trachiettrachiet: stollingsgesteente (uitvloeiingsgesteente) van granitische samenstelling. In bepaalde soorten komen grote, latvormige kristallen van alkaliveldspaat (sanidien) voor.
hamerenVerwijst naar het procedé van met een hamer of ander gereedschap op metaal slaan om een vat of ander voorwerp te maken, of om versiering aan te brengen. De oudste techniek hierbij was mogelijk het maken van een dunne schijf van metaal door het metaal in een holte in een blok hout te hameren. Een vat kan langzaam worden gevormd doordat op het buitenste oppervlak wordt geslagen met behulp van een speciaal gevormde hamer en aambeeld. Bij bosseleren of repousséwerk wordt gebruikgemaakt van hameren om een dessin of patroon aan te brengen in een metalen voorwerp, gewoonlijk door op de achterkant van het voorwerp te hameren.
klastische sedimentenKlastische sedimenten zijn sedimenten die zijn ontstaan door de afbraak van oudere gesteenten, en zijn samengesteld uit delen en mineralen van het moedergesteente. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
carnaubawasCarnaubawas is een soort natuurlijke was die wordt gewonnen van het oppervlak van de bladeren van een palm, Copernicia prunifera. Zij bestaat hoofdzakelijk uit myricylcerotaat, C27H53O2.C30H61. Het is een van de hardste natuurlijke wassen en heeft een smelttraject dat tot de hoogste behoort (83-86 °C).
terrazzovloerenTerrazzovloeren zijn afwerkvloeren gemaakt van korrels natuursteen, die samen met een bindmiddel een soort beton vormen. De korrels kunnen veelkleurig zijn. Terrazzo wordt verkregen door korrels natuursteen met kalk of cement en water tot specie te mengen, en na verharding daarvan te schuren en eventueel te polijsten. De benaming granito duidt op het gebruik van granietkorrels. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
ooggevoeligheidOnder de ooggevoeligheid wordt verstaan de gemiddelde gevoeligheid van het menselijk oog voor verschillende golflengtes. Hij wordt bepaald door drie verschillende typen lichtgevoelige cellen in het netvlies, kegeltjes genoemd. Deze kegeltjes zijn vooral goed vertegenwoordigd in de gele vlek, een gebied rond het punt waar de optische as van de ooglens van het netvlies snijdt. In de gele vlek is de gezichtsscherpte dan ook het grootst.
schimmelsSchimmels of zwammen (wetenschappelijke naam: Fungi) zijn (micro-) organismen die uit cellen met een celkern, mitochondriën, celwand en een cytoskelet bestaan.Tot de schimmels behoren zowel meercellige organismen zoals paddenstoelen maar ook eencellige organismen zoals gisten.
kralenKlein sieraad, veelal rond en doorboord (het zogenaamd oog) om aan een ketting te rijgen. (ABR)
vertrekkenKamer, oorspr. de ruimte vanwaaruit men vertrok naar een grotere ruimte. (Haslinghuis)
persoonlijkheidsrechtenPersoonlijkheidsrechten houden in dat de maker van het werk bezwaar kan maken als zijn werk bijvoorbeeld onder een andere naam dan zijn eigen wordt uitgegeven. Ook kan de maker optreden als zijn werk door anderen wordt verminkt of aangetast. Bovendien kan de maker zich verzetten tegen andere wijzigingen die in het werk worden aangebracht, maar dat alleen als het verzet niet in strijd is met de redelijkheid. De maker kan zich ook verzetten tegen eventuele aantastingen van zijn werk door de exploitant ervan. Persoonlijkheidsrechten zijn niet aan iemand anders over te dragen.
verloren gaanEen voorwerp is verloren gegaan als het helemaal vernield is of onreglementair uit een collectie is weggenomen.
spanningAls een voorwerp wordt uitgerekt of samengedrukt werkt er een kracht op die spanning wordt genoemd. Overmatige spanning op textiel resulteert in mechanische schade zoals deformatie, gleeën en scheuren.
beplantingDoor menselijk toedoen tot stand gekomen begroeiing door aanplant of beplanting op een bepaalde plaats.
small cellSmall cells zijn kleine antennes om een klein gebied te bedienen waar veel mensen bij elkaar komen, zoals stationsgebouwen, winkelcentra of parkeergarages.
kilgotenKilgoten zijn goten tussen twee dakvlakken die elkaar ontmoeten. Deze goten zijn aangebracht op de onderliggende kilkepers. (Haslinghuis/Bouwkunde / Jellema, R., deel 3, 1964)
dienstgebouwenOndergeschikte, tegen of bij een hoofdgebouw gelegen ruimte, bestemd voor de administratie, bedrijfsvoering, verpleging, huisvesting van personeel, vee enz.. Voorbeelden zijn de ‘officinae’ bij een kerk of klooster: sacristie, portierswoning, infirmerie, refter e.d., de neerhuizen (‘communs’), stallen en schuren bij een kasteel. (Haslinghuis)
sporenkappenSporenkappen zijn kappen die bestaan uit een reeks achter elkaar opgestelde sporenparen met hanebalken, eventueel ondersteund door flieringen op kapgebinten.
vochtschadeVocht is een schadeoorzaak van meerdere schadefenonemen. In een vochtige omgeving groeien micro-organismen zoals schimmels en algen. Naast schimmelvorming veroorzaakt vocht ook zoutschade, het loslaten van de verflaag en gekleurde kringen (tide-lines). (The transfer of wall paintings / Brajer, I., 2002)
binnenHet binnenmilieu is wat men binnen in een gebouw ervaart.
Amsterdamse schoolDe Amsterdamse School is een stijl in de bouwkunst, te plaatsen in de periode van de moderne bouwkunst, waartoe ook onder meer De Stijl, het nieuwe bouwen, de Chicago School en het expressionisme gerekend worden, die als reactie op de zogenaamde neostijlen te zien zijn. (Wikipedia)
site sharingSite sharing is het delen van antenne-opstellocaties door netwerkoperators. In de Telecommunicatiewet is geregeld dat operators wederzijds verplicht zijn te voldoen aan redelijke verzoeken tot medegebruik van antenne-opstellocaties.
modellen (voorbeeld)Een (schaal)model is een duplicaat van een voorwerp of landschap in meestal verkleinde vorm, waarbij de verhoudingen zoveel hetzelfde blijven als in werkelijkheid. Hiervoor wordt voor een model een schaal gehanteerd die de grootte van de onderdelen en het geheel van het model bepaald. Vaak worden de voorbeelden verkleind, maar kleine dingen kunnen juist vergroot worden weergegeven. Een model is een schematische weergave van de werkelijkheid. In een wetenschappelijke context gaat het vaak om doorwerkingen van mathematisch-logisch systeem. Een model kan formeel zijn (bijvoorbeeld een wiskundige vergelijking, een diagram of een tabel) of informeel (een beschrijving in woorden).
ijzeroerIJzeroer omhuld met een laagje leem werd in de middeleeuwen gebruikt door de ijzergieterien in oost Gelderland. Ijzerhoudend gesteente, waar de kern is komen los te zitten. Als je steen beweegt, beweegt ook de kern, dit geeft een klapperend geluid. Eerste bron voor ijzerwinning. In ruime zin elke duidelijke accumulatie van ijzermineralen in de bodems: e.g. moerasijzererts, ijzerzandsteen, oerbank. ijzeroer: sedimentaire natuursteen welke gewonnen werd in het Zuiden, Midden en Oosten van Nederland. Het is een vast en gesloten materiaal. De kleur varieert van donkerbruin tot oker.
breuk (mechanica)Een breuk betekent in de materiaalkunde dat het materiaal geen goede samenhang meer heeft en dus geen trekkrachten meer kan opnemen. Men onderscheidt een brosse en een taaie breuk. (Wikipedia)
oxiderenWordt gebruikt om aan te geven dat iets met zuurstof in aanraking is geweest, maar ook om aan te geven waartoe dat contact heeft geleid. Soms draagt oxyderen bij aan de aantasting van een oppervlak, zoals bij corrosie. (AAT-Ned) Een stof wordt geoxideerd als deze chemisch reageert met zuurstof. Zowel metalen als organische stoffen ondergaan oxidatie, vaak in de loop van het verouderingsproces.
wet algemene bepalingen omgevingsrechtDe Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (afgekort Wabo) is een Nederlandse wet, die op 1 oktober 2010 is ingevoerd. De wet regelt de omgevingsvergunning. De Wabo integreert een groot aantal (circa 25) vergunningen, ontheffingen en meldingen (verder te noemen toestemmingen) tot één omgevingsvergunning. De dienstverlening aan burger en bedrijf zou moeten verbeteren als gevolg van de introductie van één omgevingsvergunning voor de betreffende toestemmingsstelsels; één omgevingsvergunning leidt tot de invoering van één loket, één (digitaal) aanvraagformulier, één bevoegd gezag (één aanspreekpunt), één uniforme en in het algemeen ook kortere procedure, één procedure voor bezwaar en beroep en één handhavend bestuursorgaan. (Wikipedia)
zachte rotZachte rot is een aantasting van hout door een aantal schimmelsoorten die het hout in een natte, sponzige toestand brengen. Zachtrot is een combinatie van witrot en bruinrot waarbij zowel de (hemi)cellulose als de lignine in het hout worden afgebroken. Door Zachtrot aangetast hout is bruin en zacht en vertoont als het droog is scheuren en blokken.
rijksmonumentEen rijksmonument is in Nederland een zaak (een bouwwerk of object, of het restant daarvan) die van algemeen belang is wegens de schoonheid, de betekenis voor de wetenschap of de cultuurhistorische waarde. Een formeel juistere aanduiding is: 'beschermd monument als bedoeld in de Erfgoedwet'. (Wikipedia)
cyanotypieënFotografische afdrukken in een blauwtint, vervaardigd met het fotografisch procedé, dat gebruik maakt van ijzerzouten en cyanide. Het resultaat is een afbeelding in Pruisisch blauw. Hieronder vallen geen reproductieve afdrukken van bouw- of andere technische tekeningen; gebruik hiervoor 'blauwdruk'. (Project Fotografie) Een cyanotypie (blauwdruk) is een blauw beeld op papier of soms op doek, bestaande uit belichte ijzerzouten, versterkt en gefixeerd in water. Het werd toegepast als kopieerproces voor bouwtekeningen of als een goedkope manier om afdrukken van negatieven te vervaardigen. Het kon ook toegepast worden, maar werd als zodanig niet veel gebruikt, als een direct positief proces.
urnenbewaarplaatsenVerzamelnaam voor urnenmuren, colombaria, urnentuinen, urnengraven, etc.
kunstharsmortelKunstharsgebonden mortel is een twee- of driecomponenten systeem, waarbij de kunststof thermohardend is.
replica'sEen replica van een voorwerp is een kopie die zo goed mogelijk het uiterlijk, de originele materialen, de makelij en zelfs de hand van de maker van het origineel benadert. (Conservation Dictionary)
daalbrikgrondenDaalbrikgronden bestaan uit lösssleemgrond met een compleet brikprofiel en hydromorfe kenmerken (roest- en/of reduktievlekken) in de B2. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
glasvezelGlasvezel is glas dat is gesmolten en is uitgetrokken tot draden. Het bestaat in vele samenstellingen en diktes. De draden kunnen worden gebruikt als wapening in kunstharsen en ze kunnen worden geweven in textiel.
LandschapsstijlDe landschapsstijl is een overkoepelende term voor de vroege of late landschapsstijl. Het meer specifieke gebruik van die laatste termen heeft de voorkeur. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
goudleerGoudleer is een wanddecoratie van fijn leer (meestal van gelooide kalfshuiden), waarop afbeeldingen van bladzilver werden bevestigd, afgedekt met een goudkleurige vernis. (Wikipedia)
daklichtenDaklichten zijn lichtopeningen in een dak. (Haslinghuis)
schellakSchellak is een gedeeltelijk gezuiverde, gelige, natuurlijke hars, het afscheidingsproduct van de schildluis (Laccifer lacca). Schellak geeft een gladde, duurzame laag die opgelost in alcohol wordt aangebracht. Het wordt gebruikt in lakken, politoer en lederdressing en het is ook gebruikt als smeltlijm voor het plakken van aardewerk.
floraWordt gebruikt als aanduiding voor de totale plantengroei in een bepaald gebied of tijdspanne. (AAT)
balkkoppenEinde van een balk, dat gedeelte waar het kopse hout zichtbaar is. (Haslinghuis)
reproductiesWordt gebruikt voor kopieën van kunstafbeeldingen, kunstobjecten of andere gewaardeerde afbeeldingen of objecten, die zijn gemaakt zonder de bedoeling te misleiden; heeft betrekking op kunstafbeeldingen, ook fotografische reproducties; duidt op een meer precieze en getrouwe imitatie dan de term 'kopieën (afgeleide objecten)'. Gebruik de term 'vervalsingen' als er sprake is van misleiding.
ooivaaggrondenOoivaaggronden zijn rivierkleigronden, met in de bovenste 50 cm geen hydromorfe kenmerken (d.w.z. roest en grijze vlekken ontbreken in de bovenste 50 cm). De grondwaterstand was tijdens de bodemvorming dus relatief laag voor een kleigrond. Daarom worden deze gronden vaak geassocieerd met oude bewoningslocaties. Dit type rivierkleigronden komt vaak voor op stroomruggen, oeverwallen en in uiterwaarden.

Ooivaaggronden zijn daarnaast ook leemgronden, met roest en grijze vlekken beginnend tussen 50 en 80 cm diepte. Ze komen vaak voor op lössgronden zonder briklaag.

(Legenda bodemkaart op bodemdata.nl)
beenderlijmLijm gemaakt van gedegradeerde of gedenatureerde collageen verkregen uit botten. (bouwmaterie)
beschoeiingenBeschoeiingen zijn constructies die een oever of waterkant beschermen tegen afkalven en de belijning van de waterpartij in stand houden. Historische beschoeiingen kunnen bestaan uit plaggen en graszoden vastgestoken met houten pennen, wilgentenen en dakpannen. De tegenwoordig meest gebruikte methode met opgeklampte schotten is ook al lang in gebruik. Beschoeiingen worden tegenwoordig vaker toegepast dan in het verleden omdat het de onderhoudskosten voor het kleinschalig herstel van meer natuurlijke oevers verlaagt. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
spreidselsEnkele mm dik eikenhout, zuiver kwartiers gezaagd, gebruikt om tussen kinderbinten de vloer erboven aan het gezicht te onttrekken. (Haslinghuis)
trechtersEen trechter is een taps toelopende open aardewerkvorm met aan het uiteinde een gat, al dan niet met een cilindervormige uitgiet. Trechters komen niet alleen voor in aardewerk, maar ook in metaal, plastic en andere moderne materialen. Trechters komen voor vanaf ROM. (ABR)
hydrolyseHydrolyse is de degradatie van een polymeer veroorzaakt door de reactie met water, meestal onder invloed van een zure of een basische katalysator. Door hydrolyse breken de ester- of amidebindingen in een polymeer, en dat resulteert in een verzwakking van de vezel of film. Hydrolyse van geluids- en beeldbanden is een chemisch vervalproces onder invloed van water aanwezig in de lucht, waardoor de binder van de band plakkerig wordt zodat de band niet meer kan worden afgespeeld.
vervuilingDe invoering of aanwezigheid van schadelijke of andere ongewenste stoffen of producten in het milieu; gebruik 'milieuverontreinigende stoffen' voor de stoffen zelf. (AAT)
carbonatatieCarbonatatie is een chemische reactie waarbij koolstofdioxide reageert met calciumhydroxide waarbij onoplosbaar calciumcarbonaat wordt gevormd (als neerslag).
jaarringenDe jaarring is de laag hout die elk jaar wordt gevormd bij de groei van een boomstam. Door meting van de diktes in een reeks jaarringen kan men houten voorwerpen dateren. (Conservation Dictionary)
crematoriaCrematoria zijn gebouwen waar stoffelijke overschotten in een oven worden verbrand, of te wel gecremeerd. Het woord is afgeleid van het Latijnse ‘cremare’, wat verbranden betekent. Lijkverbranding is al heel oud, getuige de vele asresten die bij archeologische opgravingen aan het licht komen. Vanaf de 19de eeuw werd in Europa het cremeren geïnstitutionaliseerd, wat wil zeggen dat men gebouwen ging oprichten waarin ovens waren opgesteld voor de lijkverbranding. Vanaf 1914 was het ook in Nederland mogelijk om gecremeerd te worden. Dat kon in het in 1913 geopende crematorium van Driehuis-Westerveld. Als gevolg van crematie werden op veel begraafplaatsen in de loop van de 20ste eeuw columbaria of speciale muren voor de urnen gebouwd of tuinen aangelegd waarin men een urn kon plaatsen. De laatste jaren bestaan er ook urnengraven. Hierin kunnen meerdere urnen worden bijgezet en de plek kan net als een gewoon graf bezocht en bijgehouden worden. (Stichting Dodenakkers.nl)
BiedermeierDe Biedermeier-periode in de Duits/Oostenrijkse (kunst)geschiedenis is ruwweg van 1815 (het Congres van Wenen) tot het revolutiejaar 1848. De Biedermeier was een reactie op de overladen empirestijl en zijn militaire op de Romeinen geïnspireerde ornamenten.
vervangingenHet vervangen van analoge informatie door digitale reproducties daarvan, teneinde de aldus vervangen analoge informatie te vernietigen.
mineraalverfHet begrip minerale verf beschrijft verfstoffen met minerale bindmiddelen. Op het gebied van verf wordt een onderscheid gemaakt tussen twee relevante minerale bindmiddelen: kalk en silicaat.
laboratoriaLaboratoria zijn afdelingen in een ziekenhuis waar onderzoek wordt gedaan. In een klinisch chemisch laboratorium worden lichaamsvloeistoffen onderzocht. In een pathologisch laboratorium wordt weefselonderzoek gedaan en in een microbiologisch laboratorium wordt onderzoek gedaan naar ziekteverwekkende micro-organismen. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
restauratieHerstellen, in goede staat brengen, het (zie) restaureren. (Haslinghuis) Restauratie is de behandeling van een voorwerp waarbij er materiaal aan wordt toegevoegd om het weer origineel te laten lijken qua uiterlijk of constructie. Men doet dit om de leesbaarheid te verbeteren, de esthetische beleving te bevorderen of het gebruik mogelijk te maken.
grondborenMet een grondboor is het mogelijk om een diep, rond gat in de grond te maken.
loodwitDroge, witte verfstof, bereid door repen dun bladlood bloot te stellen aan de inwerking van verwarmd koolzuur, waterdamp en damp van azijn. (Bouwmaterialen : encyclopaedische gids voor theorie en practijk / P.W. Scharroo, 3e herz. en verm. dr.)
natuurwetenschappenCategorie van wetenschappen die zich bezighoudt met wezens, voorwerpen, energie en processen die in de natuur waarneembaar zijn, en met objectief meetbare verschijnselen. (AAT-Ned)
smeedwerkSmeedwerken zijn de werken die door smeden worden of zijn gedaan. Smeedwerken kunnen reparaties zijn of nieuwe werken, al of niet naar voorbeelden uit voorbeeldboeken.
haarHaar is een uitgroeisel van de opperhuid bij zoogdieren. Haar is karakteristiek voor alle zoogdieren, al komt het bij sommige soorten voor dat haar afwezig is gedurende bepaalde fasen van het leven. (Wikipedia)
afbijtmiddelZie afbijtmiddel, voorzwelmiddel.
herstellen1. Weer tot een geheel maken door een onderdeel te vervangen of door wat gescheurd of gebroken is weer terug aan te zetten, of door iets anderszins weer in een goede staat te brengen. 2. Herstel van een vervallen gebouw (of wijk) omvat het opknapwerk dat het weer in een aanvaardbare toestand brengt voor verder gebruik.
lamprendementLamprendement is de stralingsenergie, eigenlijk dus het licht dat de lamp produceert. Van alle lampensoorten heeft de gloeilamp het laagste rendement. Het rendement ligt tussen de 10 en 25%. Dit betekent dat van alle elektrische energie die de lamp in gaat er maar 10 tot 25% wordt gebruikt om licht te produceren.
prismategelsPrismategels zijn glazen tegels die worden toegepast daar waar lichttoetreding problematisch is of vlakglas niet mogelijk of niet gewenst, bijvoorbeeld in kelderlichten. Zij bevatten prisma’s aan de achterzijde die het daglicht ver en verspreid in een ruimte brengen door reflectie en breking. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
potasPotas (pot-as) is een mengsel van zouten dat hoofdzakelijk uit kaliumcarbonaat bestaat. De naam wordt ook wel gebruikt voor andere kaliumzouten en kaliumhoudende mineralen
afsluitingHekwerk, borstwering van hout, steen of ijzer, o.a. om een kapel van de hoofdruimte van een kerk af te scheiden. Bij een koor onderscheidt men het koorhek van de koorafsluiting. (Haslinghuis)
fossielenOnder fossielen verstaat men alle resten en sporen van planten en dieren die geconserveerd zijn in gesteente. (Wikipedia)
beitsEen oplossing of dispersie van een kleurstof in een medium waardoor het materiaal zoals hout kan binnendringen, maar geen beschermend laagje kan vormen; ook een reagens die in de microscopie wordt gebruikt om minuscule structuren zichtbaar te maken. (bouwmaterie)
vacuümimpregnerenBij vacuümimpregnatie van een voorwerp brengt men er een vloeibaar materiaal in voor of nadat men de lucht eruit heeft gezogen.
tinPewter is een legering van tin (80-90%) met lood (20-10%), tegenwoordig met antimoon.
baseEen base of loog – ook wel alkali genoemd – is een substantie die reageert met een zuur.
polyvinylchloride dakbanenPolyvinylchloride dakbanen zijn kunststof dakbedekkingsmaterialen. Ze zijn in de fabriek weekgemaakt om goed te kunnen verwerken. Vanaf 1966 zijn deze pvc- producten in de handel.
lignineLignine is het bestanddeel van hout dat de cellen samenbindt. Het heeft een in hoge mate aromatische, gecrosslinkte structuur met een hoog molecuulgewicht. Het is lichtgevoelig en zou verantwoordelijk zijn voor de afbraak van houtslijppapier. Bij thermomechanische pulp is de lignine anders verdeeld tussen de papiervezels door de hogere temperatuur en beschermt het de cellulose tegen oxidatie.
verbandenVerbanden zijn verbindingen, samenvoegingen tot een onwrikbaar geheel. Bij houtbouw ook wel enigszins minder vast. Het samenvoegen van stenen heet metselverband. (Haslinghuis)
spouwenSpouwen zijn de ruimten tussen de bladen van spouwmuren.
keversKevers (Coleoptera) zijn een orde van gevleugelde insecten (Insecta). Kevers verschillen van alle andere insecten door de voorvleugels die veranderd zijn in harde schilden. Deze schilden worden de elytra genoemd en bedekken de kwetsbare en vliezige achtervleugels. Kevers vormen de grootste orde van de insecten en zijn vanwege het wereldwijde voorkomen en de enorme soortenrijkdom een van de weinige insectengroepen die bij het grote publiek bekend zijn. (Wikipedia)
kraagstenenKraagstenen zijn in de muur gemetselde, uitstekende stenen, die dienen om de geboorte van bogen of gewelfribben of het einde van een balk te dragen. Meestal zijn ze geprofileerd of van een ornament voorzien. De functie is dus gelijk aan die van een half kapiteel, waarvan het de vormontwikkeling in de opeenvolgende stijlen deelt. In de renaissance en barok wordt de kraagsteen toegepast in de vorm van een console. (Haslinghuis)
Belgisch zwart marmerEen compact, hard marmer uit België, dat wordt beschouwd als het beste zwarte marmer voor beeldhouwen, vanwege de diepe kleur en het ontbreken van aderen en strepen. (AAT-Ned)
scholenScholen hebben meerdere betekenissen, minstens tien. Binnen het kader van ‘onderwijs’ zijn de navolgende vijf betekenissen van belang.
azijnzuursyndroomHet azijnzuursyndroom is het vrijkomen van azijnzuur tijdens de afbraak van celluloseacetaat materialen.
neorenaissanceVerwijst naar de stijl in de 19de-eeuwse Europese en Amerikaanse architectuur en decoratieve kunsten die in eerste instantie geïnspireerd werd door de Italiaanse Renaissance en wordt gekenmerkt door pilasters, het landleven, en klassieke motieven. Later bevat het Renaissance stijlen gebaseerd op regionale of nationale variaties zoals de Elizabethaanse en Jacobijnse oplevingen en de Franse renaissance opleving. Periode 1875-1915 (AAT)
sprinklerinstallatiesEen sprinkler (installatie) is een brandbestrijdingssysteem dat -reeds in de leiding aanwezig- water spuit als sensoren brand detecteren.
oölietOöliet is een klastisch sedimentair gesteente dat gevormd wordt door oöïden, afgeronde, uit concentrische lagen kalk of klei opgebouwde korrels. In de regel zijn de oöïden tussen een paar millimeter en enkele centimeters groot.
mineralenEen mineraal is een in de natuur voorkomende stof van een vaste chemische samenstelling en kristalvorm. Namen van mineralen worden soms gebruikt om kunstmatige materialen aan te duiden die dezelfde eigenschappen hebben. (bouwmaterie,Conservation Dictionary)
grenenhoutGrenenhout is een houtsoort dat afkomstig is van de grove den (Pinus silvestris) met roodbruine noesten en jaarringen, harsrijk, vrij duurzaam. Deze houtsoort is voornamelijk uit Scandinavië en de Oostzeelanden ingevoerd. Oorspronkelijk werd het aangeduid als vuren, doordat de grove den in Noorwegen furuen wordt genoemd. Het hout van de zilverspar (granen) wordt sinds de 17e eeuw in Nederland vuren genoemd, dat van de grove den grenen. Deze verwarrende naamsverwisseling dient bij het lezen van oude bronnen terdege in de gaten gehouden te worden. (Haslinghuis)
drogenIets volledig of vrijwel volledig vrijmaken van vloeistoffen. Gebruik 'dehydreren' voor het verwijderen of onttrekken van water, waarbij andere vloeistoffen kunnen achterblijven. (AAT)
teerEen dik, stroperig, bruinachtig tot zwart asfaltresidu dat ontstaat door de gedeeltelijke verdamping of destillatie van petroleum of andere koolwaterstoffen op asfaltbasis of van hout; de samenstelling ervan varieert. ()
landelijk contact van museumconsulentenHet Landelijk Contact van Museumconsulenten (LCM) is het interprovinciale samenwerkingsverband van museumadviseurs in Nederland.
lichtlogHoud voor ieder voorwerp de belichting bij in een logboek of in een collectiebeheersysteem.
aanhelenAanhelen is het aanbrengen van nieuw materiaal op plaatsen waar beton door schade is verdwenen.
onderzoeken1. Het nauwkeurig onderzoeken van een situatie of voorwerp, meestal om de aard of huidige staat ervan vast te stellen (AAT-Ned). 2. Het (voor)onderzoek van een object is het materiële onderzoek dat voor en tijdens een behandeling wordt uitgevoerd om informatie te verkrijgen, voor documentatiedoeleinden en om beslissingen te kunnen nemen. Onderzoek is een studie die wordt ondernomen om nieuwe gegevens en inzichten op een bepaald wetenschapsgebied te verwerven.
titaanwitTitanium(IV)oxide wordt gebruikt als pigment en wordt dan titaanwit genoemd. (Wikipedia)
struikenHoutachtige planten die van nature geen stam vormen en doorgaans dicht bij de grond vertakken.
frijnenEindbewerking van de zuiver vlak voorbewerkte oppervlakte van gehouwen steen met fijne evenwijdige slagen, aangebracht met een ceseel, typisch voor de architectuurperioden na de Middeleeuwen. In Nederland worden per groef twee beitelslagen gegeven, de eerste in de steen (steekslag), de tweede er weer uit. Bij de z.g. Belgische frijnslag of carrièreslag wordt de beitel in één klap ook weer uit de steen geslagen. Vgl. (zie) scharreren. Vaak wordt in bestekken het aantal slagen per 10 cm (palm) voorgeschreven. Ook: vrijnen. Al het hardsteen moet geschuurd en netjes overgevrijnt worden en niet minder als negen vrijnslagen in een duym: 1781 Zaanstreek, bestek. (Haslinghuis)
tegelsGebakken plak klei, al dan niet geglazuurd. Op de tegel kan een voorstelling of een tekst ingebakken zijn. Ook een reliëf kan de tegel sieren.
EthafoamEthafoam is een duurzaam en stevig schuim met een dichte celstructuur gemaakt van polyetheen. Het wordt gebruikt voor het maken van steunen voor driedimensionale voorwerpen.
ultraviolette stralingUltraviolette straling is elektromagnetische straling met golflengte tussen die van langgolvige röntgenstraling en violet licht (4 – 400 nm). Ultraviolette straling wordt gebruikt bij onderzoek aan vernislagen en oude retouches ten behoeve van de conservering van schilderijen. Daarbij wordt een schilderij met UV-licht bestraald waardoor er fluorescentie optreedt in de verf- en vernislagen op in het zichtbare gebied.
zijde (textiel)Zijde is een natuurlijke substantie die wordt afgescheiden door bepaalde insecten en stolt bij contact met de lucht. Het bekendst voor haar productie is de zijderups (Bombyx mori), de larve van een vlindersoort. Er zijn ook bepaalde spinnen die geschikt zijn voor de zijdeteelt. Terwijl de rupsen er hun cocon mee maken, weven spinnen er hun web van. Zowel de textielvezel als het uiteindelijke textiel wordt aangeduid als zijde. Zijden weefsels zijn geliefd vanwege hun glans, souplesse en zachte textuur, maar de productie is kostbaar. (Wikipedia)
steenkoolteerSteenkoolteer is een ruwe teer, zwart van kleur, die verkregen wordt uit het gas dat bij verwarming van steenkool vrijkomt. In de 19e eeuw wordt door de industrie de eerste steenkoolteer geproduceerd. Het materiaal wordt toegepast voor houtbescherming.
variantEen variatie op een als baseline vastgelegd product. Een gebruiksaanwijzing kan bijvoorbeeld een Engelse en een Spaanse variant hebben.
collodiumCellulose nitraat in een mengsel van 60% ether en 40% alcohol, voor het maken van vezels en film. (Project Fotografie) Collodium bestaat uit genitreerde cellulose (schietkatoen) opgelost in een mengsel van alcohol en ether. Het werd gebruikt als beeldlaag in het natte-collodiumproces en in collodium-daglichtpapier (OCZ). Tot aan het eind van de 19de eeuw (en in de grafische industrie tot het midden van de 20ste eeuw) was het de meest gebruikte bindlaag voor glasnegatieven.
restauratiesteenSteen gebruikt bij renovatie of restauratie.
woningenBouwwerk dat tot woning van mensen dient, woonhuis of boerenhuis. (Haslinghuis)
bodemkundeBodemkunde is de wetenschap die de bodem bestudeert. Deze discipline richt zich op de chemische, fysische en biologische processen in grofweg de bovenste 1.20 m onder het landoppervlak en op de toepassingen daarvan op het landgebruik.
gompoederGompoeder wordt gemaakt van gemalen vlakgom of faktis. Het wordt gebruikt om het oppervlak van papier te reinigen.
structuurDe microscopische structuur van een materiaal is de ruimtelijke oriëntatie van de atomen, ionen of moleculen. Deze structuur bepaalt de macroscopische eigenschappen.
boucharderenHet met een bouchardbeitel of-hamer vlak maken van een stuk steen na het spitsen. Er ontstaat een oppervlak met regelmatig verspreide puntjes. In Frankrijk werd kalksteen reeds in XVII gebouchardeerd. In Nederland is deze bewerking pas sedert XIX toegepast. Het oppervlak krijgt door het boucharderen talloze kleine scheurtjes. (Haslinghuis)
weke dakenDakbedekking van riet of stro, in tegenstelling tot een ‘hard dak’, gedekt met pannen of leien. (Haslinghuis)
oeil-de-boeufsKlein rond, ovaal of achthoekig licht, (zie) oculus, aangebracht waar weinig plaats is voor dakverlichting, zoals onder gewelven, in zolderingen, gevelfrontons en kelders. (Haslinghuis)
smeedijzerSmeedijzer is ijzer met minder dan 0,05% koolstof en kan niet uitgehard worden.
neostijlenNeostijlen zijn bouwstijlen waarin wordt teruggegrepen op de oude architectuur van het romaans, de gotiek, de renaissance en de barok. Men spreekt ook van revivalarchitectuur. Het tijdperk van de neostijlen brak aan na ca. 1815. Naar believen werden elementen uit de oude architectuur toegepast, soms zelfs gecombineerd in een enkel gebouw (dit was vooral het geval bij het zogenaamde eclecticisme).
butylrubberButylrubber is een co-polymeer van isobutyleen en isopreen dat stabieler is dan natuurrubber; het heeft een lage permeabiliteit (doorlaatbaarheid) voor gassen.
korrelverdelingDe opbouw van het toeslagmateriaal, bepaald door middel van een zeefanalyse (ook wel korrelgrootteverdeling, korrelgradering, korrelopbouw genoemd). De korrelverdeling van toeslagmateriaal heeft grote invloed op de verwerkingseigenschappen en waterbehoefte van betonspecie.
micromorfologieMorfologie op uiterst kleine schaal. (AAT-Ned)
Bentheimer zandsteenBentheimer zandsteen: zandsteen welke gewonnen wordt nabij Bentheim, Duitsland. De steen heeft een geelgrijze tot witte ondergrond bestaande uit kwartskorrels met een middelmatige grove korrel. Door oxidatie van ijzerhoudende bestanddelen kunnen roodbruine strepen aanwezig zijn. De steen is homogeen van structuur, kleur en kwaliteit.
legers (natuursteen)Leger: bij natuurlijk gelaagde natuursteen de min of meer evenwijdige vlakken en lagen van de gelaagdheid.
fotonFotonen (φοτος, photos = licht) ('lichtdeeltjes') zijn een verschijningsvorm van elektromagnetische straling. Afhankelijk van de gebruikte meetopstelling zal straling (een vorm van energie) zich voordoen als golven of als een stroom van massaloze deeltjes, de fotonen. Ze worden soms aangeduid met het symbool γ (de derde Griekse letter gamma).
leipannenLeipannen zijn platte keramische pannen met een rechthoekige vorm. Soms licht gebogen (molenleipan), aan de onderzijde afgerond (beverstaart) of afgeschuind (ossetong).
polycarbonaatThermoplastisch polyester dat wordt gebruikt voor beglazing, met inbegrip van kogel- en explosiebestendige laminaten. (AAT)
siliciumdioxideSiliciumdioxide of silica is het bekendste oxide van silicium en heeft als molecuulformule SiO2. De zuivere stof komt voor als een wit kristallijn poeder, dat vrijwel onoplosbaar is in water. Samen met water vormt siliciumdioxide kiezelzuur.
tafelsMeubelstukken met een vlakke, plaatachtige bovenkant die op één of meer poten of dragers steunt. (Van Dale)
verglazenIets door verhitten en smelten in glas of een glasachtige substantie doen veranderen. De term wordt met name gebruikt voor het veroorzaken van dichte kristallisatie, zoals bij keramiek, die wordt verkregen door een substantie heet te bakken, zodat deze niet meer poreus is. (AAT-Ned)
rozettenRozetten zijn versieringselementen in reliëf. Deze elementen lijken op een roos en worden toegepast als versiering van bijvoorbeeld gevelbanden, friezen, dagkanten en plafonds. (Haslinghuis)
welstandstoezichtBeoordeling van aanvragen voor een bouwvergunning uit esthetisch oogpunt. Vindt meestal plaats door een onafhankelijke commissie van deskundigen, die aan het college van burgemeester en wethouders adviseert. In 1912 nam de gemeente Laren (N.H.) als eerste in Nederland een welstandsbepaling in de bouwverordening op en stelde een welstandscommissie in. Pas na 1945 werd welstandstoezicht een algemeen aanvaard principe. (Haslinghuis)
microkristallijne wasMicrokristallijne was is een was die is opgebouwd uit koolwaterstoffen met vertakte ketens. Microkristallijne was van verschillende kwaliteit wordt gewonnen uit ruwe olie.
exemplarenEen exemplaar is een voorwerp dat door een natuurhistorisch onderzoeker wordt geconserveerd of bestudeerd. (Conservation Dictionary)
toten (ton)Soort ton van gevlochten tenen voor de vangst van prikken in Merwede, met aan het ene eind een tenen deurtje en aan het andere eind een inkel; lengte 60 cm, doorsnee 30 cm.
cokesCokes, ook wel kooks genoemd, is steenkool die met een speciale warmtebehandeling van verontreinigingen is ontdaan om het een meer zuivere brandstof te maken. Cokes ontstaat door de thermolyse van vermalen steenkool.
druipsporenDruipsporen zijn opgedroogde druppels of spatten gevonden op het oppervlak van de verf of vernislaag. De druppels kunnen allerlei kleuren hebben, of zijn soms transparant en kunnen een andere glans hebben dan het originele oppervlak van het verf of vernis.
cementCement is een anorganisch poeder dat na menging met water uithard tot een harde, vaste massa. Het wordt gemengd met toeslagstoffen zoals zand en grint, waarmee beton wordt verkregen.
laag van UsseloBodemrestant uit het Allerød-interstadiaal. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
besluit omgevingsrechtHet Besluit omgevingsrecht (Bor) is een algemene maatregel van bestuur op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). In het Bor staat onder andere: ... aanwijzing van gevallen waarin het bevoegd gezag andere bestuursorganen bij een besluit moet betrekken.
emulsie1. Een emulsie is een colloïdale verdeling van een vloeistof in een andere vloeistof zoals bijvoorbeeld vet in melk. 2. In de fotografie is een emulsie de suspensie van zilverhalidekristallen in een polymeer (meestal gelatine). De emulsie vormt de beeldlaag. De suspensie van druppeltjes van een vloeistof in een andere vloeistof, waarbij de eerste vloeistof niet oplosbaar is. Het kan ook een mengsel zijn van een vaste of halfvaste substantie met een vloeistof, soms met behulp van een emulgator. In de fotografie duidt het op het mengsel van bindmiddel en uiteindelijk afbeeldingsmateriaal. (AAT-Ned)
stuikenStuiknaad; de naad tussen twee in elkaars verlengde liggende planken waarvan de koppen ter plaatse van de naad schuin of recht zijn afgezaagd.
breuksystemenMeerdere breuken in de aardkost die met elkaar samenhangen.
kazuifelsLiturgisch gewaad. Bovenkleed voor priester en bisschop bij de viering van de eucharistie. Het heeft de liturgische kleur van de dag. Van oorsprong een aan alle zijden even wijde klokvorm veertiende eeuw). Deze versmalde allengs tot het gotisch kazuifel vijftiende en zestiende eeuw). Daarna ontstond het vioolkistmodel waarbij vanwege de uitsnijdingen voor de armen alleen borst en rug bedekt waren. Tegenwoordig is een vorm in zwang die weer aansluit bij de originele vorm.
cellulose acetaatEen sterk, brandbaar en eenvoudig te fabriceren hars van thermoplast, die voorkomt als witte schilfers of poeder. Wordt gebruikt voor verschillende producten, zoals acetaatvezel, lakken, fotografische film en magnetische banden. (Project Fotografie) Celluloseacetaat (CA) is een thermoplastisch polymeer dat ontstaat uit een reactie van cellulose met azijnzuuranhydride. De twee belangrijkste typen zijn cellulosediacetaat (meestal eenvoudig celluloseacetaat genoemd) en cellulosetriacetaat. Cellulosediacetaat wordt, met toevoeging van weekmakers, gebruikt voor vezels en films. Terwijl het vervalt, scheidt het azijnzure dampen af. Dit is een autokatalytisch proces met de naam azijnzuursyndroom.
roestEen waas of laag op metaal, veroorzaakt door oxydatie. (AAT)
borstelsBorstels zijn gereedschappen die worden gebruikt voor vegen, poetsen, schuren, polijsten, smeren, verven enz.. Borstels bestaan uit een bundel of bundels van verschillende vorm of grootte van een vezelachtig materiaal of metaal, die bevestigd zijn in een houder eveneens van verschillende vorm of grootte en uit verschillende materialen vervaardigd. De houder is i.t.t. kwasten niet altijd een steel.
soldeerMengsel van lood en tin waarmee in gesmolten vorm onderdelen van loodwerk aan elkaar kunnen worden verbonden en naden waterdicht gemaakt. Men onderscheidde grof soldeer (3 lood, 1 tin) en fijn soldeer (2 lood, 1 tin). M.ned. soudeer. (Haslinghuis)
halonbrandblusserEen vroeger veel gebruikte en inmiddels verboden brandblusser, waarin halogeen-koolwaterstoffen waren verwerkt die de ozonlaag aantastten.
albumineAlbumine is het wit van een ei, dat water en een aantal eiwitten (proteïnen) bevat. Albumine werd gebruikt als bindmiddel in de beeldlaag van albuminepapier en albuminenegatieven.
erkersErkers zijn ondiepe uit- of aanbouwen zonder deur(en). In het interbellum zijn zij veel toegepast bij woonkamers. Erkers komen doorgaans op de begane grond voor, maar kunnen ook op de verdieping zijn aangebracht. (Gids historische serres en veranda's 2014)
grote lisdoddeDe grote lisdodde (Typha latifolia) is een plant uit de lisdoddefamilie (Typhaceae). Het is een tot ruim 2 m hoge plant van voedselrijke oevers met lange grote bladeren, en een karakteristieke bruine 'sigaar' aan het uiteinde van zijn stengels. De plant bloeit in juni en juli met de mannelijke aar meestal direct boven de vrouwelijke lichtbruine aar, waaraan de bloemen zitten. Bij rijpheid zijn de vrouwelijke aren zwartachtig bruin; de sigaren.
galmbordenSchuingeplaatst houten of soms metalen schot, in veelvoud in een galmgat geplaatst om het klokgelui naar beneden te leiden. Ook: windbord. (Haslinghuis)
veenVeen is een laag afgestorven plantenmateriaal in diverse stadia van afbraak. Het ontstaat door de opeenstapeling van vegetatieresten in moerassen en veengebieden.
stuifduinenStuifduinen zijn duinen van opgewaaid zand. Deze term wordt vooral gebruikt om duinen aan te duiden, die tijdens het Holoceen gevormd zijn in het binnenland. Vaak onder invloed van de mens. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
grafgiftenHier wordt bedoeld de voorwerpen die op het graf werden geplaatst door nabestaanden, kennissen en vrienden: bordjes, bloemvazen en andere voorwerpen. Bij kindergraven zie je soms veel grafgiften, bestaande uit speelgoed, beertjes, voorwerpen met de naam van het kind erop, etc.
vernis1. Een vernis is een oplossing van een filmvormend materiaal dat opdroogt tot een harde, glimmende laag. 2. Een vernis is een doorzichtige coating die een oppervlak beschermt en/of een mooier aanzicht geeft. 3. Een vernis, harsvernis, is een beschermende lak die bestaat uit een hars die is opgelost in een verdampend oplosmiddel, bijvoorbeeld damar in petroleumether.
schilderenSchilderen: oppervlakkige behandeling, bestaande uit het aanbrengen van één of meer verflagen.
muurstijlenHouten stijl in en tegen een muur, meestal verbonden en een hecht geheel vormend met een balk, sleutelstuk en korbeel. gebint. (Haslinghuis)
bodemDe bodem is de bovenste laag van de aardkorst (in Nederland tot 1,20 meter onder het maaiveld) die door planten beworteld wordt of waarin zich bodemvormende processen afspelen.
HelderpannenHelderpannen zijn ruitvormige geribde machinaal vervaardigde dakpannen. Ze werden vanaf ca. 1890 geproduceerd door Helder & Co. te Dokkum (Friesland).
afstekenUitstekend deel van het dak aan de bedrijfszijde van een Betuwse boerderij, waaronder men het hooi door een luik in de achtergevel naar binnen brengt. (Haslinghuis)
simaaslijstenGootlijst, bovenste deel dat de kroonlijst van boven afsluit. Het is vaak de opvolging van een kwartbol en een kwarthol of van een hol en een bol. In de meeste gevallen is het echter een uit twee bogen samengestelde golflijn, waarvan de onderste buitenwaarts en de bovenste binnenwaarts is gekeerd (kroonneuslijst, ojief). In de monumentale bouw wordt zij vaak gebruikt als daklijst. (Haslinghuis)
teakhoutTeakhout is duurzaam tropisch hardhout van de Tectona grandis. Het is afkomstig uit Zuidoost-Azië en Indonesië. Java-teak wordt ook djati genoemd. Omdat teakstammen zeer grillig van vorm zijn, worden ze bekapt tot zwalpen om de transportkosten te beperken. Teak bevat veel kalk, waardoor gereedschap spoedig bot wordt. Voor 1940 in Nederland oa veel toegepast voor betimmeringen, winkelpuien en deuren.Soortgelijk hout van andere boomsoorten werd vaak ten onrechte als teak aangeduid, zoals Yang teak (Diptocarpus spec.), Umgusi of Rhodesia teak (Baikiaea plurijuga), Iroko of African teak (Chlorophora excelsa) en Bankirai, Borneo teak (Shorea leavifolia). (Haslinghuis)
galvaniserenGalvaniseren is het aanbrengen van een dunne laag metaal uit een oplossing van een zout van dat metaal op de kathode van een elektrolysecel. Het gebeurt veel met goud, chroom en nikkel. Procedé waarbij een beschermende zinklaag wordt aangebracht op staal of ijzer om het tegen roest te beschermen.
aangieten (beton)Bij deze methode giet men vloeibare specie in een bekisting.Deze methode met name geschikt voor grotere reparaties van staand en hangend werk. Aangieten kan ook een effectieve methode zijn wanneer de reparatie een specifieke oppervlaktestructuur moet krijgen.
riftvloerenRiftvloeren zijn houten dekvloeren bestaande uit smalle, lange houten planken die naast elkaar op een balkenvloer worden gelegd. De planken van een riftvloer zijn zogenaamd riftgezaagd of kwartiergezaagd. Dat wil zeggen ongeveer haaks op de jaarringen. De planken zijn hierdoor meer slijtvast en krimpen minder in de breedte. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
radiokoolstofdateringC14-dateringen zijn de bepalingen van het gehalte aan radio-actieve koolstof, of 14C, van organisch materiaal (hout, houtskool, veen, schelpen e.d.) waaruit de 14C-ouderdom kan worden afgeleid. Deze ouderdom wordt opgegeven in jaren voor 1950 na Chr. (jaren BP) met daaraan toegevoegd de aan de meting verbonden mogelijke afwijking (standaarddeviatie).(Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
cross-linkingUV-straling is verantwoordelijk voor reacties waarbij moleculen kapot gaan (ketenbreuk) en voor koppeling van ketens. Het zogenaamde cross-linking. Polymeerketens cross-linken doordat zich verbindingen vormen tussen de ketens onderling.
majolicaMajolica is in Spanje gemaakt aardewerk met tinglazuur.
lichtechtheidLichtechtheid is de mate waarin een gekleurd materiaal bestand is tegen verschieten onder invloed van licht.
gelatineEen in water oplosbare, smakeloze, kleverige vorm van behandeld collageen dat is verkregen uit botten, hoeven of huiden en wordt gebruikt als dispersiemiddel, stijfsel, kleefstof of deklaag voor fotografische films en als stabilisator voor levensmiddelen en farmaceutische preparaten. Heeft een hoog moleculair gewicht na verwerking, in tegenstelling tot het intensiever bewerkte collageen waarvan dierlijke lijm wordt gemaakt. (Project Fotografie) Gelatine is een gedegradeerd collageen dat zorgvuldig uit een collageen bevattend substraat geëxtraheerd wordt. Het wordt toegepast als een lijm, consolideermiddel, fixatief, nalijming, verdikkingsmiddel en als een deklaag op fotografisch papier en film.
late dryasDe Jonge(re) Dryas of het Jonge(re) Dryas-stadiaal (12.700 - 11.560 jaar BP) is de laatste koudeperiode (een zogenaamd stadiaal) tijdens het Weichsel-glaciaal.
gevaarEen gevaar is een erkende oorzaak voor mogelijke schade.
rabatdelenSchroten met een veer en een groef.
polymeergemodificeerde mineraalverfMinerale verf die het indringen van zowel vocht als kooldioxide beperkt.
figuurglasFiguurglas is gewalst glas, van oorsprong gemaakt door glas uit te gieten en uit te walsen op een tafel die was voorzien van een ornament. Tegenwoordig wordt het gemaakt door half gesmolten glas tussen twee rollen door te voeren, waarvan er een is voorzien van het gewenste patroon in spiegelbeeld. Aan één zijde verkrijgt het glas zo een patroon. De andere zijde blijft relatief glad. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
JugendstilArt Nouveau is een architectuurstijl die na 1890 ontstond en slechts tot enkele jaren na 1900 van belang was. Kenmerkend voor de Art Nouveau bouwkunst is het laten zien van constructieve elementen, echter op zo'n manier dat zij als versiering dienen. Giet-, smeedijzer en glas spelen een belangrijke rol. Kenmerkend zijn de asymmetrie en de toepassing van grote bogen en versiering met majolicategels, zowel binnen als buiten. Grote plasticiteit van gevels werd bereikt door gebruik van loggia's, erkers en torentjes. De stijl werd voornamelijk toegepast op winkels, apotheken, verzekeringskantoren en warenhuizen. Jugendstil is een architectuurstijl die werd toegepast tussen 1890 en 1914 en zijn naam te danken heeft aan het Duitse blad 'die Jugend'. Jugendstil is afkomstig uit Duitsland en Oostenrijk en is verwant aan de Art Nouveau, het verschil met Art Nouveau is dat de Jugendstil vaak strenger en hoekiger is. (Wikipedia)
dakvoetenOnderste lijn van een dak bij de ontmoeting van dakvlak en muurplaat. (Haslinghuis)
uv-filterEen UV filter is een lensfilter met gehard glas dat ultraviolet (UV) licht blokkeert.
villa'sVilla's zijn oorspronkelijk Romeins luxe landhuizen, voortgekomen uit de boerderijbouw. In rustieke stijl en tenslotte ook in functionalistische trant. Tegenwoordig noemt men ook een dergelijk huis in stedelijke omgeving een villa.
barietwitDroge, witte verfstof, hoofdzakelijk (ten minste 98%) bestaande uit geprecipiteerd bariumsulfaat. (Bouwmaterialen : encyclopaedische gids voor theorie en practijk / P.W. Scharroo / 3e herz. en verm dr.)
stofzuigersEen stofzuiger is een apparaat dat huisstof en kleine deeltjes opzuigt. Meestal zit er een sterke elektromotor in, die een centrifugaalpomp laat ronddraaien, zodat lucht en daarmee stof aangezogen wordt. Het stof kan opgevangen worden in een stofzak, of van binnen tegen de buitenkant van een ronde bak geslingerd worden, zodat geen stofzak nodig is. (Wikipedia)
ruwenHet overeind zetten van vezels aan het oppervlak van een stof, om het een poolachtig oppervlak te geven, vooral om het zachter, warmer en absorberender te maken. (AAT-Ned)
pontilijzersGereedschap voor een glasblazer.
De StijlDe Stijl is een groep van Nederlandse schilders, architecten, dichters en beeldhouwers rond het gelijknamige tijdschrift (1917-1931), opgericht door Theo van Doesburg. Typerend voor De Stijl is de combinatie van verschillende kunstvormen in een harmonisch, abstract Gesamtkunstwerk (ook wel gemeenschapskunst). Enkele elementen die steeds terugkomen in de kunst en architectuur van de leden van De Stijl zijn asymmetrische composities van geometrische vormen, primaire kleuren, zwarten, witten en grijzen. Hiermee wordt volstrekte abstractie nagestreefd. Een gebouw dat volgens velen De Stijl vertegenwoordigt, is het Rietveld-Schröderhuis(18329). Groep van voorn. Nederlandse kunstenaars rond het gelijknamige tijdschrift (1917-1931), opgericht door Theo van Doesburg. Beginselen: volstrekte abstractie, elementaire gegevens (rechte lijn en hoek), primaire kleuren (schilderijen van Piet Mondriaan). In de architectuur resulteerde dat in rechtlijnige gebouwen met weids uitzicht naar buiten, zoals G. Rietvelds Schröderhuis en andere Utrechtse woningen. (Haslinghuis)
verguldenHet aanbrengen van bladmetaal, metaalpoeder dat meteen op een oppervlak wordt aangebracht, metaalpoeder dat met een bindmiddel wordt gemengd of een andere vorm van metaal op een oppervlak om het op zuiver of ingelegd metaal te laten lijken. (AAT-Ned) Als je een oppervlak van bijvoorbeeld metaal of hout verguldt, breng je er een dun laagje bladgoud op aan.
glastegelsGlazen tegels zijn tegels vervaardigd van gegoten ruw glas. Ze hebben een glad of geribbeld oppervlak aan de bovenzijde en golvend bewerkt ondervlak of bevatten prisma's of lenzen aan de onderzijde voor het verspreiden van licht en voor het vergroten van het licht uitstralend vermogen. Merknamen: Saint-Lambert, Nevada, Maxima, Cristallux, Securex, Primalith, Luxfer, Vera Lux. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
chlorideScheikundige verbinding van chloor met een ander element.
veldspaatVeldspaten zijn kalium-, natrium- of calcium aluminiumsilikaat mineralen (KalSi3O8, NaAlSi3O8, CaAl2Si2O8), of gemengde vormen van deze drie. Algemene benaming voor een mineraal dat overvloedig voorkomt. Het wordt gebruikt voor emaille, aardewerk, tegels en glas en in kunstmest, vloeimiddelen en korrelige dakbedekkingsmaterialen. Verder wordt het gebruikt als schuurmiddel in zeep en schoonmaakmiddelen. (bouwmaterie)
stijlperiodenEen stijlperiode is de benaming voor een periode in de cultuurgeschiedenis waarin een bepaalde stijl overheersend wordt geacht. Stijlperiodes worden kunstmatig geclassificeerd en afgebakend op basis van stilistische elementen die zich in die tijd voordeden. (Wikipedia)
viscositeitDe viscositeit van een vloeistof of gas is de mate van stroperigheid.
barietpapierenBarietpapier is een fotografisch papier met een barietlaag tussen beeldlaag en de papieren drager.
slagerswinkelsSlagerswinkels zijn winkels gespecialiseerd in vlees en vleeswaren. De uitbater, vaak ook de eigenaar, noemt men de slager. Slagerijen verkopen voornamelijk rund- en varkensvlees. Wild en gevogelte wordt verkocht in poelierwinkels. Vaak worden geslachte dieren aangeleverd vanaf het slachthuis, en in de slagerij tot product verwerkt dat aan de consument verkocht wordt.(Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed
houtHout is een bouwmateriaal, afkomstig van boomstammen en -takken. Naast merg, spint en schors vormt het daarvan het voornaamste bestanddeel. Ten noorden van de Alpen is hout van oudsher het belangrijkste bouwmateriaal. Onderscheiden worden naaldhout van naaldbomen (dennen, grenen, vuren) en loofhout van loofbomen (eiken, beuken enz.). De stammen werden meestal in het groeigebied gekantrecht en per vlot of in een schip over water vervoerd. De houthandel en -nijverheid concentreerden zich in Nederland vooral in Dordrecht, Amsterdam, Deventer en later ook in de Zaanstreek. Voor regionaal gebruik concentreerde de houthandel zich ook in plaatsen als ’s-Hertogenbosch, Schoonhoven en Tiel. (Haslinghuis)
faciliteitenrapportEen faciliteitenrapport bij een bruikleen is een rapport waarin wordt aangegeven door de bruikleennemer dat de faciliteiten en voorzieningen zodanig zijn dat hij het geleende object zorgvuldig kan beheren.
zijde (vezel)Zijde is een natuurlijke substantie die wordt afgescheiden door bepaalde insecten en stolt bij contact met de lucht. Het bekendst voor haar productie is de zijderups (Bombyx mori), ze behoort tot de orde van de Lepidoptera of schubvleugeligen. Er zijn ook bepaalde spinnen die geschikt zijn voor de zijdeteelt. Terwijl de rupsen er hun cocon mee maken, weven spinnen er hun web van. De term zijde wordt gebruikt voor de natuurlijke textielvezel die als grondstof dient voor het vervaardigen van zijden stoffen. Ook deze stoffen worden aangeduid met de term zijde.
zoetenNatuursteenbewerking, volgend op het (zie) schuren. Vooral bij (zie) hardsteen toegepast. Daarbij wordt het vlak met een mengsel van rauwe en gekookte lijnolie nageschuurd. Het oppervlak van de steen wordt donkerder en dieper van kleur. Wanneer het na verloop van jaren verweerd is, worden de gezoete delen met zwarte verf geschilderd. (Haslinghuis)
ammoniumzoutAls elektropositief bestanddeel bevatten ammoniumzouten de groep ammonium NH4. Zij komen in overvloed in de natuur voor als gevolg van het verrotten van stikstofhoudend organisch materiaal, de inwerking van elektrische ontladingen in de atmosfeer op de bestanddelen van de lucht, de reductie van nitraten door denitrificerende bacteriën, en in de gassen van vulkanen en sommige brandende kolenmijnen. Zij kunnen uit ammoniak worden gemaakt door zuren toe te voegen en elke reactie uit te voeren waarbij ammoniak in een zure oplossing wordt gevormd, zoals reductie met salpeterzuur of droge distillatie van organische stoffen. Zij zijn kleurloos zoals het zuurion kleurloos is, hebben een oplosbaarheid die vergelijkbaar is met die van de overeenkomstige kaliumzouten, zodat zij bijna allemaal oplosbaar zijn in water, hebben een scherpe en zoute smaak, en vallen bij hoge temperaturen uiteen in zuur en ammoniak, welk gas ook door sterke basen uit hen kan worden vrijgemaakt.
schoperenMethode van verzinken, waarbij gesmolten zink wordt verstoven onder hoge druk. De metaalnevel wordt door een douche geperst en geëlektrificeerd, waarna de metaaldeeltjes op het te behandelen metaal neerslaan. Rond 1916 door ir. Schoop in Zürich uitgevonden. (Haslinghuis)
kantVerwijst naar fijn, decoratief ajourwerk in textiel, gemaakt door draden van linnen, katoen, zijde, haar, metaal of een andere vezel in lussen te leggen, in te rijgen, samen te draaien of te vervlechten om ontwerpen of patronen te vormen. Bij het maken van kant wordt gewerkt met een naald of met klossen. Het toevoegen van borduursels is niet ongewoon. Modern kant kan machinaal zijn vervaardigd. Ajourstoffen die op een weefgetouw zijn gemaakt en decoratief ajourbreiwerk worden doorgaans niet als kant geclassificeerd. Kant is vaak wit of effen van kleur. Echt kant ontstond in de veertiende eeuw in Europa en het Midden-Oosten, hoewel oude culturen bekend waren met gedecoreerde ajourstoffen, waaronder de Egyptische cultuur. Kant is te gebruiken als rand, boord of inzetstuk voor linnengoed of apparels. Ook wordt het samengevoegd tot grotere stukken textiel en dan gebruikt als voorhang, draperie, apparel of iets anders. (Toegepaste Kunst Project, RKD)
tongewelvenTongewelven zijn gewelven die te beschouwen zijn als de bovenste helft van een liggende cilinder. De doorsnede is dan een halve cirkel, maar kan bijvoorbeeld ook een spitsboog zijn. Het tongewelf is vaak voorzien van gordelbogen die op regelmatige afstanden geplaatst zijn. Een houten tongewelf is geen gewelf in de ware zin van het woord, maar een plafond. Het kan geen drukkrachten opnemen. (Haslinghuis)
verkopenHet uitwisselen van eigendommen of diensten voor geld. (AAT-Ned)
broekstukkenBroekstukken zijn dakpannen voor een punt waar verschillende dakvlakken bijeenkomen.
rib (vloeren)Een rib is een lange houten, metalen of betonnen "lat" van vierkante of rechthoekige doorsnede. (Joost de Vree)
latexLatex is het exudaat van de boom Hevea braziliensis; het bestaat uit een waterige suspensie van cis (1,4)-polyisopreen. Voor conserveringsdoeleinden wordt de suspensie gestabiliseerd met ammonia en het polymeer gevulkaniseerd met zwavel. Het is toegepast voor het maken van flexibele gietvormen.
milieuklasseMet milieuklasse wordt de omgeving bedoeld waaraan de betonconstructie, of een onderdeel daarvan, tijdens het gebruik wordt blootgesteld.
epoxyharsEen epoxyhars is een gecrosslinkt polymeer. Het is een tweecomponentenhars die ontstaat door de reactie van een epoxide en een harder. Epoxyharsen zijn sinds de jaren ’50 op ruime schaal gebruikt in de conservering als verstevigingsmiddel en vulmateriaal voor ceramiek, glas, steen, hout en metaal. Epoxy is een epoxide-polymeer opgebouwd uit 2 koolstofatomen (C) en 1 zuurstofatoom (O) in een ringvormige structuur. (Wikipedia)
glansIn technische termen is glans de hoeveelheid gespiegelde reflectie van een oppervlak die gemeten wordt volgens gestandaardiseerde methoden, bijvoorbeeld ISO 2813. Glans is een eigenschap van licht dat van een oppervlak wordt weerkaatst. Er zijn verschillende soorten glans: 'schitterend' van sterk glanzend opaak materiaal als gepolijst hematiet; 'diamantachtig' van sterk glanzend transparant materiaal als diamant; 'metallic', 'glasachtig', 'zijdeglans' en 'mat' zijn beschrijvingen voor glans in afnemende kracht. Lustre, metaalglazuur, op ceramiek is een iriserend glazuur. Glans op ongeglazuurd aardewerk, zoals terra sigillata, is een minerale afwerklaag met een sterke glans. Een weerspiegelende oppervlaktekwaliteit die minder stralend is dan hoogglans en die meer een gevoel van glans dan van diepte aan de afwerking geeft. (AAT-Ned)
E-horizontE-horizonten bestaan uit de uitspoelingslaag van een podzol of brikgrond. Mineralen en humus zijn hier uitgespoeld. In podzols is dit horizont daarom grauwgrijs van kleur. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
estrikken (vloertegel)Vierkante vloertegel van natuursteen of gebakken klei. Ook (zie) plavuis, soms (zie) tuimelaar. Indien van gebakken materiaal, zowel rood en grijs gesmoord als geglazuurd (geel, zwart, groen en blank, dus rood doorschijnend). estrics: 1378 Stoutenburg bij Amersfoort; estricken: c. 1430 Utrecht; een dusent blauwe estrick, ook witte: 1486 Utrecht, Dom, geleverd door steenleverancier uit Brussel; eisterick: 1543 Nijmegen, Valkhofkapel; groete en cleine estricke: 1564 Zwolle; tegelen ofte estricken van drie quart (3/4 voet): 1626 Maassluis, Gemeenlandshuis. Zelfs wandtegels: 1638 boerenhuis bij Amsterdam. (Haslinghuis)
capillairEen capillair is een open porie met een kleine doorsnede in een poreus materiaal. Het is ook een dunne, holle glasdraad.
kunstmatig patinaKunstmatig patina is een door de kunstenaar, bronsgieter of restaurator aangebrachte laag. Deze laag kan een enigszins beschermende werking hebben en heeft doorgaans een beperkte duurzaamheid. Door verwering, betasting of regelmatig reinigen kan de laag verdwijnen.
duurzaamheidHet vermogen van een materiaal of voorwerp mechanische slijtage of verval te weerstaan en langdurig mee te gaan. Gebruik 'onvergankelijkheid' met betrekking tot langdurige situaties of tot niet-mechanische eigenschappen die voor een onbepaalde tijd bestaan zonder noemenswaardige verandering. (AAT)
HamerpannenHamerpannen zijn machinaal vervaardigde dakpannen met kop- en zijsluitingen. De oorsprong lag in de Elzas, rond 1841 ontwikkeld door de gebr. Gilardoni. Sinds 1886 bij Hamer & Co. te Nijmegen geproduceerd. Het zijn platte pannen die lijken op tuiles du Nord, maar groter zijn en een dubbele wel hebben. Verkrijgbaar met ronde en platte wel.
kelkvelumsVierkante doek in de liturgische kleur van de dag, ter bedekking van de kelk. Veelal vervaardigd uit dezelfde stof als die van het kazuifel en in dezelfde liturgische kleur. Voor en na het liturgisch gebruik van de kelk is deze door het kelkvelum bedekt. Onder het kelkvelum liggen dan palla en pateen op de kelk en erop ligt de bursa met het corporale.
slopenSlopen: uitnemen van een omvangrijk deel van een constructie.
grindbetonGrindbeton is beton dat bestaat uit zand, cement, grind (en water) waarbij het grind aan de buitenzijde zichtbaar is.
dakbedekkingDakbedekkingen zijn materialen en constructies waarmee een dak is afgedekt om te voorkomen dat er water binnen kan komen. Een dakbedekking kan zijn van plantaardig materiaal (riet, stro, houten spanen), gebakken materiaal (dakpannen en -tegels), leien, metaalplaten (lood, koper, zink), bitumineus materiaal of kunststof. (Haslinghuis)
dispersieverfVerf waarbij water meestal de vluchtige stof is, met de verschillende niet-vluchtige substanties (zoals lijnolievernis) in een emulsie als het bindmiddel. (AAT)
puimsteenPuimsteen is een poreus vulkanisch gesteente dat als polijststeen wordt gebruikt.
calciumoxideZie ongebluste kalk.
microklimaatEen microklimaat is een besloten en gecontroleerd milieu, gewoonlijk bedoeld om voorwerpen onder optimale condities te bewaren of tentoon te stellen in een afgesloten omhulsel of vitrine.
laagvenenLaagveen wordt alleen onder water gevormd. Het is dan ook vooral te vinden in moerasgebieden in het westen van het land. Laagveen bestaat uit afgestorven resten van moerasplanten en bomen. Dode planten en resten ervan die in het water vallen, zijn afgesloten van zuurstof en verteren niet.
lintvoegenLintvoegen zijn horizontale voegen tussen twee lagen metselwerk. (Haslinghuis)
balgen (orgel)Balgen zorgen ervoor dat de benodigde lucht op de juiste druk wordt gebracht en naar de pijpen kan stromen. De oudste balgen hadden de vorm van zogenaamde smidsbalgen. Langzaamaan evolueerde de balg naar vormen die beter in staat waren om een constante winddruk te waarborgen. Naast keil- en spaanbalgen ontstonden modernere vormen zoals de magazijnbalg en nog later de zak- en zwembalg. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
Namense steenNaamse steen, ook wel Naamse hardsteen, in vakliteratuur Namense steen, Namense hardsteen, Pierre de Vinalmont of Calcaire de Vinalmont, is een soort kalksteen die gewonnen wordt uit de kalksteengroeven bij Vinalmont in de provincie Luik en in de provincie Namen in België. (Wikipedia)
wolf (materiaal)Wolf is ruw smeedbaar ijzer dat in de middeleeuwse hoogoventjes achterblijft nadat het slak er uit is gestroomd.
akkersEen akker is een stuk bewerkte grond waarop cultuurgewassen zoals graan of suikerbieten worden verbouwd. (Wikipedia)
druksterkteDe druksterkte van een materiaal is de maximale druk (kracht per oppervlakte-eenheid) die op een monster in een gestandaardiseerde test kan worden uitgeoefend voordat het kapotgaat.
opalineglasOpalineglas is de benaming voor een samengesteld vlakglas, bestaande uit een dun laagje blank glas, met een laag wit porseleinglas erop gesmolten. Dit glas mag men niet verwarren met het opgelegde glas (‘plaquéglas’ of ‘Überfang’) dat bestaat uit blank of gekleurd glas met een dun laagje glas van een andere kleur. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed) Witte glassoort, opaalglas, die op verschillende manieren kan worden gemaakt. Een variant is de ruit met onregelmatig oppervlak uit massief wit glas. De ‘witte’ kleur van dit glas wordt verkregen door het toevoegen van tinoxide aan de glasbatch. Het wordt door glaskunstenaars opalineglas genoemd of kortweg ’opaline’. In de twintigste eeuw werd het veel gebruikt om niet transparante glasmozaïeken of glastegeltableaus te maken met daarop gebrandschilderde taferelen. (Religieus Erfgoed)
terpentineKoolwaterstof oplosmiddelen, die gebruikt worden voor het chemisch reinigen in de textielconservering.
vazenRelatief hoge houders met een smalle opening, voornamelijk bestemd om een of meerdere knoppen of bloemen in te zetten.
opdrachtTaken, projecten of activiteiten die worden gevraagd en meestal gefinancierd door een partij en opgedragen of toevertrouwd aan een kunstenaar of andere partij om te worden uitgevoerd. Er kan bijvoorbeeld een opdracht worden gegeven om een bepaald kunstwerk te maken. (AAT)
belichtingsdosisDe belichtingsdosis is de hoeveelheid lichtenergie die per tijdseenheid op een bepaald oppervlak valt vermenigvuldigd met de duur van belichting, uitgedrukt in lux.uur (lx.h) of bij grote getallen in klx.h (k=kilo=1.000) of Mlx.h (M=mega=1.000.000).
vuursteenRechthoekige stukken vuursteen met één scherpe kant die worden gebruikt in een vuursteenslot om vonken te maken voor het ontsteken van de ontstekingslading. (Archeological Base Register) Vuursteen of keisteen, ook silex of flint is een gesteente dat vaak in klompen in kalksteen wordt aangetroffen en meestal bruin of grijs van kleur is. Het gesteente wordt vuursteen genoemd, omdat een slag met een stuk vuursteen op een stuk ijzer of pyriet kan resulteren in vonken.
machinaal kathedraalglasMachinaal kathedraalglas is gewalst glas met een regelmatige (bobbel)structuur, waarvan het patroon wordt verkregen met een geprofileerde wals. Het machinale kathedraalglas heeft een beperkt kleurengamma. De dikte is 4 mm en de afmeting ca. 2160 x 1650 mm. Verder is het met een andere glassoort te combineren d.m.v. van hars. Toepassing: verwerking in glas-in-lood. In de Verenigde Staten bekend onder de namen van: Corrella, Seville, Florentine en Muffle. De afmetingen zijn ca. 800 x 1100 mm en een dikte van 2,5-4 mm. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
klokpannenKlokpannen zijn dakpannen met een min of meer halfkegelvormige opening aan de bovenzijde voor de toetreding van licht en lucht.
EPDMEPDM staat voor Ethyleen Propyleen Dieen Monomeer en is een synthetisch rubber; ook de variant met Terpolymeer i.p.v. Monomeer wordt EPDM genoemd. Meestal worden extra stoffen toegevoegd om de karakteristieken te verbeteren, bijvoorbeeld roet en vulkaniseermiddelen. Er is ook een gewapende variant. EPDM-folie is verkrijgbaar is verschillende diktes (meestal 1,0-2,5 mm).
ribgewelvenRibgewelven zijn gewelven waarvan de snijlijnen van de gewelfvelden worden ondersteund door ribben. Er kunnen ook drie en vier kruisende ribben zijn, een kruisribgewelf. (Haslinghuis)
antennedragersEen antennedrager is een antennemast of andere constructie bedoeld voor de bevestiging van een antenne.
getrokken glasGlas gemaakt door gesmolten glas voortdurend uit te rekken met behulp van een reeks rollen op automatische machines. ()
duinenZandheuvels, waarvan het materiaal is aangevoerd door de wind.
ilfochromeIlfochrome (ook Cibachrome) is een Ilford-merknaam voor een direct-positief papier dat gebruik maakt van het zilverkleurstofbleekprocéde.
producentDe persoon of groep die verantwoordelijk is voor de ontwikkeling van een product.
sgraffitoVersieringstechniek waarbij verschillende pleisterlagen (doorgaans zwart, grijs en wit) over elkaar worden aangebracht. Door het gedeeltelijk wegnemen van deze lagen volgens een tevoren bepaald grafisch ontwerp ontstaat een tekening. Gewoonlijk op gevels van gepleisterde stenen gebouwen, zoals in Toscane, Oost-Zwitserland, Oostenrijk en Tsjechië. (Haslinghuis) Sgraffito is het krassen van een figuur in de verf die is aangebracht op een vergulding, waardoor het verguldsel eronder deels zichtbaar wordt. Dit wordt meestal gedaan om het effect van textielbrokaat te krijgen. Sgraffito is ook een techniek bij het maken van een muurschildering. Verschillende gekleurde lagen worden op elkaar aangebracht en dan worden lagen weggekrast om een versiering te maken.
procesEen proces is een serie logische, samenhangende activiteiten die leiden tot een van te voren bepaald doel.
ventilatieVentilatie is de geforceerde of natuurlijke stroming van lucht een gebouw in, binnen een gebouw en er weer uit, ter bevordering van de behaaglijkheid en om ongewenste waterdamp en (vervuilende) stof kwijt te raken.
berkenhoutHout van de boom behorende tot het genus Betula, vaal- tot roodbruin van kleur. Het wordt gebruikt voor het maken van meubilair, vloeren, kabinetten en draaiwerk. (Toegepaste Kunst Project, RKD)
orgelkastenDe orgelkas(t) is een fraai uitgevoerd, meestal geornamenteerd, meubel waarin zich het instrument bevindt. Niet alleen functionerend als beschermend omhulsel, maar mede klankbepalend element. Wordt ook wel orgelkas genoemd. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
kaliumcarbonaatKaliumcarbonaat is een anorganische verbinding van kalium, met als brutoformule K2CO3. De zuivere stof komt voor als een wit poeder, dat oplosbaar is in water en daarbij een basische oplossing vormt. (Wikipedia)
winkelpuienWinkelpuien zijn gevels van winkels op de begane grond waarin duidelijk wordt voor het winkelend publiek om wat voor soort winkels het gaat. De winkelpui trekt de aandacht door onder andere gevulde etalages en reclame-uitingen. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
maaiveldBovenkant van een terrein dat een bouwwerk omgeeft. (Haslinghuis)
mica (mineraal)Mica is de naam voor een groep silicaatmineralen met een tweedimensionale gelaagde kristalstructuur.
lassenWordt gebruikt voor het procedé waarbij twee stukken metaal aan elkaar worden bevestigd door de te verbinden oppervlakken te ontharden en te smelten door middel van warmte, met of zonder toegevoegd lasmetaal en met of zonder gebruik van druk. Als bij het verbinden van metaal soldeer moet worden toegevoegd, maar de te verbinden oppervlakken niet noodzakelijkerwijs week hoeven te worden gemaakt of gesmolten hoeven te worden, dan kan men de term 'solderen' gebruiken wanneer de verhittingstemperatuur onder de 750 graden Celsius ligt. (AAT-Ned)
hechtprimerHechtprimer is een middel dat zorgt voor een goede aanhechting en verharding van de reparatiemortel.
patinerenPatinering is het ontstaan van oppervlakte-verschijnselen aan vuursteen (verkleuring en glans) door ouderdom, vorst en verbranding. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
wapeningsstavenStalen staaf gebruikt in gewapend beton.
verfIedere dispersie van een pigment in een oplosmiddel van water, olie of een andere organische stof. (AAT-Ned)
beschermende coatingHet bedekken van een oppervlak met een laag van een bepaalde substantie, vooral een laag die erop wordt uitgesmeerd. (Project Fotografie) 1. Een beschermende coating is een laag die op een metalen oppervlak wordt aangebracht om contact met schadelijke stoffen, zoals water en zuurstof, te verhinderen en zo corrosie tegen te gaan. 2. Een beschermende coating is een dunne laag die op het oppervlak van een voorwerp wordt aangebracht als conserveringsmaatregel, om de aantasting van het voorwerp te vertragen.
drukDruk is de kracht die op een voorwerp werkt en die het probeert te vervormen. De druk wordt gemeten als de kracht gedeeld door het oppervlak waarop hij werkt.
hydrofoberenHydrofoberen: indringende behandeling met een stof of mengsel waarvan een deel achter blijft op poriewanden en als nuttige werking heeft dat de poriewanden daardoor een min of meer waterafstotend karakter krijgen.
steenslagKleine stukjes natuursteen, verkregen door vermorzeling van grote stukken. In het buitenland gebruikt voor het maken van beton, minder in Nederland. (Haslinghuis)
mesotroof veenMesotroof veen is veen dat in een nat en matig voedselrijk milieu is ontstaan. Vaak staan deze venen onder invloed van kwelwater of liggen ze aan de randgebieden van het bereik van voedselrijk rivier- of zeewater. Voorbeelden van mesotrofe veentypen zijn zeggeveen, rietzeggeveen of mosveen. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
spietorensEen wachttoren (arkel) is een kleine wachttoren, uitgekraagd op de hoek van een walmuur, de saillant van een bastion of versterkt huis.
biscuitBiscuit is keramiek (aardewerk, steengoed of porselein) dat slechts eenmaal zonder glazuur is gebakken. (Wikipedia)
verzilverenHet bedekken met zilver.
tabletkassenEen tabletkas is een kas met rechte wanden voorzien van kweektafels de zgn.tabletten.
omlijstingenDe zichtbare elementen rond een deur, raam of andere opening. (AAT-Ned)
greppelsSmalle en ondiepe uitgraving of sleuf in het land, waarlangs overtollig hemelwater wordt afgevoerd naar de sloten. (Thesaurus landschap)
koperTe gebruiken voor het zuivere metaalelement met het symbool Cu en het atoomnummer 29; het is roodachtig van kleur en is zeer smeedbaar en kneedbaar. Ook te gebruiken voor het metaal wanneer het woirdt bewerkt en gevormd om, meestal in combinatie met andere stoffen, verschillende voorwerpen en materialen te maken. (Toegepaste Kunst Project, RKD)
Duinkerke-afzettingenDuinkerke-afzettingen is een verouderde benaming voor Holocene getijdeafzettingen in het kustgebied langs de zuidelijke Noordzeekust (incl. Nederland).

Het zijn zanden en kleien afgezet in getijdegeulen, lagunes, wadplaten en kwelders. Ze zijn gevormd tijdens inbraken in het Laat-Holoceen (Subboreaal en Subatlanticum).

Een andere verouderde term voor deze afzettingen is 'jonge zeeklei', tegenwoordig worden deze afzettingen grotendeels bij het Laagpakket van Walcheren binnen de Naaldwijk Formatie ondergebracht.

In grote delen van het kustgebied liggen deze afzettingen aan het oppervlak in zowel de oude als in de jonge zeekleipolders. (NB oud/jong slaat hier op de polder, niet op de zeeklei). (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
vlechtwerkVlechtwerk is een hoge omheining van een tuin of lage omheining van tuinbedden en bestaat uit dooreengeregen takken en tenen. In bredere zin kan vlechtwerk op alle werken van gevlochten tenen slaan, zoals ook manden en beschoeiingen. (Haslinghuis)
grafmonumentenArchitecturaal, gebeeldhouwd monument ter eervolle nagedachtenis aan een overledene. Veelal met een graftombe met het stoffelijk overschot als onderdeel. (Religieus Erfgoedthesaurus) Grafmonumenten zijn gedenktekens die op graven worden geplaatst. Deze kunnen variëren van een paar kleine steentjes op een graf tot grote mausolea met een oppervlakte ter grootte van meerdere graven. (Uitvaart.nl)
kristallijnKristallijn betekent dat een (vast) materiaal opgebouwd is uit kristallen. Een synthetisch kristallijn materiaal kan bijvoorbeeld een legering zijn, opgebouwd uit kristallen van vaste metalen. Natuurlijke kristallijne materialen worden kristallijne gesteenten genoemd.
spectrometersEen spectrometer is een instrument voor het meten van de stralingsenergie die door een stof wordt uitgezonden of doorgelaten bij de verschillende golflengten in het spectrum. (Conservation Dictionary) In de optica is een spectrograaf, spectrometer of spektrofotometer een instrument dat licht in de verschillende kleuren opsplitst.De resulterende meting van de verdeling van licht over de verschillende golflengtes wordt een spectrum genoemd.Toepassingen van een spectrograaf liggen bijvoorbeeld in het onderzoek naar spectraallijnen van chemische stoffen.
lijstwerkDe lijsten in een wandbetimmering of plafond. Hiertoe worden gerekend: platstuk, koplat, hollat, neuslijst en architraaf. (Haslinghuis)
geometriemateriaalEen metaal dat gebruikt wordt als anode bij kathodische bescherming. Het metaal kan lokaal aangebracht worden of over het gehele oppervlak.
echt antiek plaquéOvervangglas (Überfangglas) is gemaakt van twee of meer gekleurde lagen, vaak opaak wit op gekleurd glas. Door de verschillende lagen gedeeltelijk weg te slijpen ontstaat, als bij een camee, een voorstelling in reliëf in verschillende kleuren. Deze techniek was al bekend bij de Egyptenaren en de Romeinen en ook, in de 18de eeuw, bij de Chinezen. De techniek herleefde in de 19de eeuw in Bohemen, Frankrijk en Engeland. Echt Antiek Plaqué of Überfang is mondgeblazen glas in twee lagen, dat bewust aangebrachte onregelmatigheden bevat, die tijdens het blazen worden verkregen door bewerking van de cilinder in een halfronde mal. Plaqué echt antiekglas bestaat uit twee lagen glas, een basiskleur met daarop een dunne laag glas in een tweede kleur, bedoeld voor o.a. etswerk. Beide lagen worden vóór het blazen op elkaar gebracht. Dit glas kan in bijna elke gewenste kleur en structuur geblazen worden. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
loskrimpenHet loslaten van metselspecie door krimp.
stroGedroogde stengels van graangewassen of andere grassen, die worden gebruikt bij het vlechten en weven. (Toegepaste Kunst Project, RKD)
bladloodDun, ondoordringbaar materiaal dat geplaatst wordt in bouwwerken om te voorkomen dat er water binnenkomt en/of om waterdrainage aan te brengen, over het algemeen geplaatst tussen dak en muur en boven buitendeuren en -ramen. (AAT-Ned)
mangaanMangaan (Mn) is een metallisch element dat in de vorm of mangaanoxide gebruikt wordt om glas te kleuren en ceramiek te versieren. In glas geeft het een bleekrode of roze kleur. Op ceramiek geeft het een kleur die varieert van purper tot een warm bruin, afhankelijk van de soort glazuur en de gebruikte hoeveelheid. Mangaanoxide werd ook gebruikt als ontkleuringsmiddel bij het maken van glas om de groene kleur af te dekken.
roeflattenHouten lat, onder een roef aangebracht, mede bedoeld om plattrappen van de roef te voorkomen. (Haslinghuis)
boorgangenEen boorgang is een deel van het gangenstelsel dat door een houtworm in een object wordt geknaagd. Boorgangen en -gaten zijn de beschadigingen door houtborende insecten of andere schadelijke dieren. Deze gaten en gangen kunnen aan het oppervlak liggen of dieper in het hout.
kodachromeKodachrome was een door Kodak in 1935 geïntroduceerde omkeerfilm.(Wikipedia)
onderdorpelsUitstekende metsellagen die bij metselwerk met natuursteen worden geplaatst ter hoogte van de vensterbank, en die zich meestal onderscheiden doordat ze verder uitsteken, dikker zijn afgewerkt, of in het geheel dikker zijn. (AAT-Ned)
bovenlichtenHooggeplaatst venster, in het bijz. in de hoge of lichtbeuk van een basilicale kerk. 2. raam boven de voordeur van een huis, gewoonlijk (XVII-XVIII) versierd met snijwerk (medaillon, vaas, acanthus, monogram e.d.), in XIX ook met een gietijzeren levensboom. Z.Ned. ook impost. (Haslinghuis)
reclamebordenEen reclamebord is een in de openbare ruimte geplaatst reclamemedium en het wordt daarmee tot de buitenreclame gerekend. (Wikipedia)
opnieuw verbeterde Hollandse pannenOpnieuw verbeterde Hollandse pannen zijn Hollandse pannen met een een extra kop- en zijsluiting. Ten opzichte van de verbeterde Hollandse pan is de welving van de pan groter. Deze pan is dan ook een verbeterde versie van de verbeterde Hollandse pan.
basaltBasalt is een donker vulkanisch gesteente dat voornamelijk bestaat uit de mineralen plagioklaas, pyroxeen en magnetiet. Het vormt karakteristieke prismatische kolommen.
stroomgordelsStroomgordels bestaan uit het geheel van rivieroeverwal-, rivierbedding- en kronkelwaardafzettingen, al dan niet met restgeul(en). (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
NeoclassicismeHet Neoclassicisme is de architectuurstijl uit de periode na 1750 tot eind 19e eeuw. Deze stijl gebruikt de kenmerken van het classicisme, zoals zuilen en tempelfrontons, opnieuw. (Haslinghuis)
inlagenEen inlaag is het land tussen een zwakke dijk en de nieuwe aangelegde dijk, de inlaagdijk, ter bescherming van het achterland.
hallenHoge, betrekkelijk brede ruimte, meestal onverdeeld en langwerpig. De hal is meestal ondergebracht onder één rijzige kap en soms overwelfd. Hij is gewoonlijk enigszins verhoogd en over een trapbordes bereikbaar. De hal diende als:1. ontvang- en feestzaal, ridder- of wapenzaal, ook in vorstelijke en heerlijke hoven. Er werden vaak justitiële zittingen gehouden koningshal. In Oudgermaanse hallen bevonden de erezetels zich aan de lange zijde. Later werd de estrade voor de aanzienlijken, rechters of bestuurders meestal naar de smalle zijde verlegd. Sporen hiervan zijn te vinden in de v.m. grafelijke zaal, nu stadhuis van Haarlem. Boven langs de wanden is dikwijls een galerij aangebracht. Naar gelang dienst- en woonvertrekken om de hal werden gebouwd, kreeg deze vaak het karakter van wachtzaal, ‘salle des pas perdues’ (Ridderzaal in Den Haag, Westminster Hall in Londen). De hal onderscheidt zich veelal door een rijk gesneden eiken overkapping. In Engeland zijn nog talrijke voorbeelden van dit feodale bouwtype bewaard gebleven (Penshurst, Kenilworth). Zij maken deel uit van heerlijke huizen of universitaire ‘colleges’. Ook zijn ze ‘banqueting hall’ of ‘guildhall’. Sinds de renaissance komt de hal ook voor in het stadshuis. Onder invloed van Palladio werd de hal een voorhuis, liefst achter de middelste traveeën van de voorgevel. Wat betreft functie hield de ruimte het midden tussen een ontvangruimte en een vestibule. In XIX werd zij weer op deze manier in het bouwplan opgenomen. (Haslinghuis)
muldenpannenMuldenpannen zijn machinaal vervaardigde dakpannen met kop- en zijsluiting. Deze pan is voor het eerst in Duitsland gefabriceerd in 1841 door Gebr. Gilardoni. In Nederland doorgaans in XIXb of XXa vervaardigd door een van de vele pannenbakkerijen te Tegelen (L.), en als zodanig meestal te herkennen aan de ingestempelde kenmerken aan de achterzijde. Er zijn twee typen: met een rug in het midden en hol.
leemIn de geologie en bodemkunde wordt met leem een mengsel van silt, klei en weinig zand aangeduid. Silt (een korrelgrootte tussen klei en zand in: 0,002 tot 0,05 mm) is de dominante component in dit mengsel. Leem kan door het ijs, door rivieren of door de wind zijn afgezet. In het bouwbedrijf werd leem gebruikt voor het bestrijken van wanden, schoorsteenboezems, plafonds e.d., als bekleding van vlechtwerkvullingen, vaak vermengd met kalk en strohaksel. Het werd ook gebruikt voor het minder brandbaar maken van dakbedekkingen van stro, schindel. (Haslinghuis)
welstandscommissieDe welstandscommissie (vroeger ook schoonheidscommissie) is in Nederland een door de gemeenteraad benoemde onafhankelijke commissie die aan burgemeester en wethouders advies uitbrengt ten aanzien van de vraag of het uiterlijk of de plaatsing van een bouwwerk of standplaats, waarvoor een aanvraag van een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen is ingediend, in strijd is met redelijke eisen van welstand zoals in de Woningwet bepaald. Het is de commissie waarmee indiener van de aanvraag te maken krijgt als deze wil bouwen, aan- of verbouwen. De commissie voert namens de gemeente de welstandszorg uit.
landduinenEen landduin is een door de wind gevormde zandheuvel in het binnenland; duin in het binnenland.
columbariaColumbaria zijn letterlijk rijen van nissen boven en naast elkaar, voor bovengrondse graven maar in Nederland voornamelijk om er urnen in te plaatsen. De naam wordt ook gebruikt voor overdekte urnenmuren of gebouwen waarin voorzieningen voor urnen zijn aangebracht. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
buitenplaatsenBuitenplaatsen zijn in oorsprong aanzienlijke buitenverblijven met omringende parkaanleg en bijgebouwen, aangelegd vanaf de zeventiende eeuw. De buitenplaats was goed bereikbaar via water of weg. Vanaf de negentiende eeuw zijn veel buitenplaatsen permanent bewoond. Tegenwoordig ook in gebruik als kantoor, restaurant of museum.
geestenDe geest is een lang, ovaalvormig bouwland op de strandwallen in de kustzone.
zinkTe gebruiken voor het zuivere metaalelement met het symbool Zn en het atoomnummer 30; het is een blauwachtig wit, kristallijn metaal. Ook te gebruiken voor dit metaal wanneer het wordt bewerkt en gevormd om, meestal in combinatie met andere stoffen, diverse voorwerpen en materialen te maken. (Toegepaste Kunst Project, RKD)
natriumcarbonaatNatriumcarbonaat is een anorganische verbinding met als brutoformule Na2CO3. (Wikipedia)
bergkristalBergkristal is in de natuur voorkomend kwarts. Chemisch is het zuiver siliciumdioxide. Het is gewoonlijk kleurloos en glashelder. (Conservation Dictionary)
Oost-Indische inktOost-Indische inkt, in België ook bekend als Chinese inkt, is een lichtechte diepzwarte inkt die veel door kunstenaars wordt gebruikt. Voordat de computer zijn intrede deed op de tekenkamer werd deze inkt daar ook gebruikt voor het maken van technische tekeningen op calqueerpapier. Het is een van de oudst bekende soorten inkt. Zelfs na eeuwen verbleekt de inkt niet – pure koolstof kan immers niet door het licht afgebroken worden – en het is ook op zeer afgesleten papyri en perkamenten nog mogelijk de tekst te lezen, vaak betrekkelijk beter met behulp van infrarood licht.
aanbrandlaagEen aanbrandlaag is een extra laagje bindmiddel die op het hechtvlak aangebracht wordt om de hechting te verbeteren. Van oudsher gebruikt men hiervoor een mengsel van cement en water.
goudTe gebruiken voor het zuivere metaalelement met het symbool Au en het atoomnummer 79. Het is een zacht, zwaar, chemisch inactief en geel metaal en wordt al sinds de oudheid als edel beschouwd. Het dient in vele culturen als de basis voor materiële handelswaarden. Ook te gebruiken voor het metaal wanneer het wordt bewerkt en vervormd om, meestal in combinatie met andere stoffen, verschillende voorwerpen en materialen te maken. (Archeological Base Register)
gritstralenGritstralen: stralen door een straalmiddel (grit, granulaat, zand) al dan niet in combinatie met lucht en/of water min of meer loodrecht op de gevel te spuiten.
stikstofdepositieStikstofoxiden en ammoniak in de lucht komen uiteindelijk weer op de grond terecht. Dit heet stikstofdepositie. De stoffen kunnen met neerslag mee komen op de bodem, dit heet natte depositie. Maar ook kunnen planten of de bodem direct stikstof uit de lucht opnemen, dit heet droge depositie.
gietmortelGietmortel is een krimparme of krimpvrije, dun-vloeibare mortel en kan (daardoor) in vrijwel iedere vorm en afmeting worden gegoten.
plaatvloerenPlaatvloeren zijn vrijdragende vloeren bestaande uit gewapend betonnen vloerelementen. Wanneer het element twee ribben aan de onderzijde heeft wordt gesproken over een TT-plaatvloer. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
kissinggatesKissinggates is een Engelse term voor hekwerken met speciale openingen waar dieren kunnen worden gevoerd. Men komt ze tegen bij dierenkampen, meer specifiek bij hertenkampen. In het Nederlands zijn kissinggates te omschrijven als hekwerk met aanraak- en voermogelijkheden.
fluorescentieAls atomen of moleculen door bepaalde energierijke straling worden aangeslagen (= in een toestand van hogere energie worden gebracht), kan de extra energie in de vorm van fluorescentiestraling worden uitgezonden in het UV- of zichtbare gebied van het elektromagnetische spectrum.
craquelureEen netwerk van barsten in een verflaag, veroorzaakt door veroudering, technische mankementen of door verschillende/van elkaar onafhankelijke beweging van de lagen en de drager. De craquelure is een patroon van fijne barstjes dat zich bij veroudering vormt in een verf- of vernislaag op een schilderij of een meubelstuk, ten gevolge van de beweging van de afwerklaag en de ondergrond ten opzichte van elkaar. Een breuk in het oppervlak met als resultaat een visuele scheiding, die door meerdere lagen heen gaat, van een verfdeel in twee delen.
bricornasteenSamentrekking van brique en ornament, decoratiesteen die in 1905 door Fr. van de Loo te Dieren in de handel is gebracht, verglaasd of onverglaasd. Naar eigen ontwerp kon men de fabrikant de stenen van diverse ornamenten in engobe laten voorzien. (Haslinghuis) Bricona is een samenstelling van brique en ornament, decoratiesteen die in 1905 door Fr. Van de Loo te Dieren in de handel is gebracht, zowel verglaasd als onverglaasd. Naar eigen ontwerp kon men de fabrikant de stenen van diverse ornamenten in engobe laten voorzien. Zie engoberen
primerEen primer of grondverf is de eerste verflaag op een metaal; deze beschermt het metaal tegen corrosie en zorgt voor de hechting van de volgende verflaag.
weekmakerEen weekmaker is een vloeistof die aan een materiaal wordt toegevoegd om te zorgen dat het minder bros wordt en/of om de verwerkingseigenschappen te verbeteren.
grafrechttermijnenJuridische periode die voortkomt uit de verordening of het reglement van de begraafplaats. Dit is de termijn waarvoor het grafrecht voor een particulier graf wordt uitgegeven aan een rechthebbende. Termijn kan voor bepaalde tijd of onbepaalde tijd worden vastgesteld.
glasplatenEen glasplaat is een plaat vlakglas. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
alkalisch reinigenReinigen met een middel met een hoge ph-waarde. Bekende voorbeelden van alkalische reinigers zijn zeep, soda of amonia. Een alkalische reiniger is altijd ontvettend en is dus niet geschikt voor vervuiling als roest of kalk. Hoe alkalischer de vloeistof des te beter deze ontvet. Vetten zijn in de basis zuur, daardoor heeft het een alkalische tegenhanger nodig om deze vervuiling te reinigen.
acrylaatIn de organische chemie is een acrylaat of propenoaat een ester of zout van acrylzuur. Acrylaten bevatten een vinylgroep, die gebonden is aan het koolstofatoom uit de carbonylgroep. Acrylaten en methacrylaten doen dienst als monomeren in de plasticindustrie, waarbij ze zeer snel polymeriseren. (Wikipedia)
dakoverstekkenEen dakoverstek is een stuk van het dak dat buiten de gevel uitsteekt.
detritus gyttjaDetritus gyttja is een fijn organisch sediment bestaande uit detritus (fijnkorrelig dood organisch materiaal, meestal verslagen veen). Deze organische afzetting vormt vooral in veenmeren met stilstaand, water (dieper dan 1 à 2 meter).
galenHet gebreide deel van een net of de nog niet gebruikte lappen. (MARDOC)
hogedrukspuitenEen hogedrukspuit wordt gebruikt voor het reinigen van metselwerk door het vuil eraf te spuiten. (Conservation Dictionary)
netwerkoperatorsEen bedrijf dat eigenaar is van een systeem voor mobiele telefonie (netwerk) en dat dit systeem beheert.
abstractenEen abstract is een fijn houten latje, doorgaans uit naaldhout dat via tuimelaars en winkelhaken de beweging overbrengt van de toets naar het ventiel in de windlade. Aan elk uiteinde van de abstract zijn messingdraden gewikkeld of vastgehaakt om de verschillende onderdelen te kunnen verbinden of er is metalen schroefdraad aangehecht met een lederen stelmoer om het systeem af te stellen. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
Gobertange steenZandige kalksteen, grijswit van kleur, met verkiezelde strepen die de steen een generfd aanzien geven. Afkomstig uit de streek ten oosten en noordoosten van Brussel, m.n. Gobertange bij St.-Remy-Geest. Dikte niet meer dan 14 cm. Hoofdzakelijk gebruikt voor parementwerk. Voor geprofileerd werk werd Ledesteen gebruikt. Door de harde kern verweert de steen meelzakvormig. Ook als vloertegels in Zuidwest-Nederland. Men spreekt van witte Brabantse arduin. In België wordt de steen soms Haspengouwse mergel genoemd. Opvallend is, dat in m.e. bronnen vrijwel nooit wordt gesproken over steen van Gobertingen. De indruk is, dat er toen geen steen uit deze omgeving naar het noorden werd gebracht. In Tienen (Br.) en omgeving, vlak bij dit wingebied, sprak men in de 16de eeuw inderdaad van ‘Gubbertinsche steenen’, die werden geleverd als ‘rousteens’, als ‘arduyne’ (met één vlakke kant), als ‘hamelsarduyns’ (enigszins gefatsoeneerde blokken) en ook als klaargemaakt geprofileerd werk. (Haslinghuis) Gobertange: zandige kalksteen welke gewonnen wordt in de omgeving van Jodoigne, België. De steen is geelachtig wit van kleur, soms met bruine strepen of gewolkt. Kenmerkend is de fijne, soms onderbroken lijntekening van het leger. Schelpenknollen van ruim drie vierkante centimeter komen voor; deze kunnen uit elkaar vallen.
zoutzuurZoutzuur de benaming voor een waterige oplossing van het gas waterstofchloride. Het is een veelgebruikt reagens in de scheikunde. Zoutzuur is een sterk anorganisch zuur dat corrosief is.
doelAanduiding van de reden waarom iets wordt of is gedaan of gemaakt, waarom het bestaat, het bedoelde of nagestreefde resultaat of effect, of de doelstelling waarop het object is gericht. (AAT)
wekenIets voor lange tijd in een vloeistof ondergedompeld houden, zodat het doordrenkt wordt. (AAT)
cementtegelsCementtegels zijn tegels vervaardigd van cement, zand en een toeslagmateriaal, bijvoorbeeld grind. De tegels worden gegoten (nat) of - voor een betere kwaliteit - met een hydraulische pers machinaal geperst (droog) met als basis een mengsel van cement en kleurstof, marmergruis of steenmeel. De gegoten tegels werden ook geperst, maar met minder hoge druk. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
ijzerertsenDie delfstoffen welke het ijzer in zulke hoeveelheden bevatten dat het zich daaruit met voordeel laat afzonderen. (MARDOC)
dakkapellenBouwwerken die uitsteken uit een schuin dak en waarin meestal een raam of ventilatiejalouzieën zijn aangebracht. (AAT-Ned)
duilenrietDuilenriet is een mengsel van riet met gemengd met de duilen van de Lisdodde. Duilenriet is niet geschikt voor het bedekken van het dak. Deze zijn namelijk dikkere stengels en houden daardoor langer water vast waardoor ze minder lang meegaan. Vroeger paste men het vooral toe op hooi- en zaadbergen vanwege de conischere vorm van deze bossen. Het werd ook toegepast in de eerste laag omdat het duilenriet niet door vocht belast wordt en omdat je er in de eerste laag gemakkelijk een goede knelling mee kunt opbouwen.
terpentijnTerpentijn is een vluchtige vloeistof verkregen door destillatie van het exudaat van pijnbomen.
opstandenDatgene wat van een bouwwerk overeind staat en zich boven de grond verheft. (Haslinghuis)
sloten (waterloop)Een gegraven water van maximaal zes à acht meter breed, dat dient om het overtollig water af te voeren. Een sloot is een gegraven water van maximaal zes à acht meter breed, dat dient om het overtollig water af te voeren.
slijpenHet vermalen, polijsten, afslijten of scherpen door middel van wrijving. (AAT-Ned)
mozaïekMozaïek is een kunstvorm waarbij een grote afbeelding wordt vervaardigd uit een groot aantal kleine gekleurde steentjes (tesserae), die in een vloer of wand worden gemetseld. Met glas is het mogelijk een glas in lood-mozaïek te maken. In de Griekse en Romeinse tijd werden in luxe villa's mozaïeken gemaakt, waarop afbeeldingen van keizers, goden of taferelen van alledag te zien waren. Op diverse plaatsen in Europa zijn mozaïeken teruggevonden die tot op de dag van vandaag goed bewaard zijn gebleven. Vanuit de middeleeuwen is onder meer de cosmatentechniek bekend, waarbij op geraffineerde wijze geometrische figuren werden ingelegd. (Wikipedia) Mozaïeken zijn oplegwerken ter decoratie. Bestaande uit naast elkaar gelegde kleine of grotere stukken steen, glas, gebakken aarde, email of hout van verschillende kleuren, waarvan de rangschikking een geometrisch patroon of een voorstelling vormt. Kan aangebracht zijn tegen een muur, gewelf of op een vloer. Werd toegepast bij onder andere woonhuizen. (Haslinghuis) Schildering of decoratie met behulp van kleine gekleurde blokjes van marmer, gekleurd glas of geglazuurde steen, die in mortel worden vastgezet. (Religieus Erfgoedthesaurus)
oligotroof veenOligotroof veen is veen dat in een nat en (zeer) voedselarm milieu is ontstaan. Deze venen zijn zuur en vormen vaak alleen onder invloed van voedselarm regenwater. Ze groeien vaak boven de oorspronkelijke regionale grondwaterspiegel uit (als hoogveen). Ze liggen daarom buiten de invloedsfeer van voedselrijk rivierwater of grondwater. Sphagnum veen (veenmosveen) is het meest voorkomende veentype.
staalconverterOnder een converter verstaat men een kantelbaar vat waarin vloeibaar ruwijzer in staal wordt omgezet.Naast het ruwijzer wordt meestal schroot en soms een hoeveelheid ijzererts toegevoegd, alsmede toeslagstoffen zoals kalksteen, aluminium en/of ferrosilicium.Voorbeelden van converters zijn:Het staal dat aldus wordt vervaardigd wordt converterstaal genoemd.Tegenover het converterstaal staat het staal dat in ovens, zoals de Siemens-Martinoven of de vlamboogoven wordt bereid.
sneeuwsmeltwaterdalSmeltwaterdalen ontstaan door erosie door waterafvoer onder permafrostcondities. Dit water was veelal afkomstig van afgesmolten sneeuw of dooi van de bovenste laag permafrost. Deze dalen liggen vaak aan de flanken van stuwwallen en in Zuid-Limburg en vormden vooral in de laatste ijstijd. Vanwege de aanwezige permafrost kon dit water niet wegzakken, moest het afstromen en vormde het laagtes in het landschap. Doordat regenwater nu vrij makkelijk infiltreert door het ontbreken van permafrost hebben deze dalen vaak geen watervoerende functie meer. Zulke dalen worden droogdalen genoemd.
register (orgels)Een register is een serie orgelpijpen in een pijporgel met dezelfde klankkleur. Zo'n serie pijpen wordt als groep geactiveerd, en kan worden gecombineerd met andere registers om de gewenste klank te krijgen. Dit laatste wordt registreren genoemd, en hiervoor worden vaak registranten ingezet die de organist assisteren.
akoestiekGeluidskwaliteit van een ruimte m.b.t. de geluidsterugkaatsing. De akoestiek in een kerk werd verbeterd d.m.v. klankpotten. Als de akoestiek goed is voor muziek, zal zij in het algemeen niet goed zijn voor het gesproken woord en omgekeerd. In de protestantse periode werd de verstaanbaarheid van het gesproken woord op de preekstoel verbeterd door een groot klankbord erboven. nagalm. (Haslinghuis)
zandLos sediment met korrels tussen de 50 micrometer en 2 millimeter in diameter. Niet aaneen gekit afzettingsgesteente, als verguisde natuursteen in Oude tijden met gletschers of door de wind meegevoerd, of bezonken uit rivierwater of uit zeewater. (Bouwmaterialen / encyclopaedische gids voor theorie en practijk / P.W. Scharroo / 3e herz. en verm. dr.)
horizontenDe (bodemkundige) lagen waaruit de bodem is opgebouwd, worden in de bodemkunde horizonten genoemd. Horizonten ontstaan als gevolg van bodemvormende processen en worden van elkaar onderscheiden op basis van verschillen in onder meer grondsoort, kleur, gehalte aan humus, ijzer en kalk, structuur, consistentie of een combinatie daarvan. (bron: Begrippen op bodemdata.nl)
hogedruknatriumlampenBij hogedruklampen (SON, HPS) wordt energie in het volledige spectrum uitgestraald, waardoor de kleurweergave bij deze lampen een stuk beter is. Het uitgestraalde licht is meer lichtgeel, maar per type kan de kleur iets verschillen. (Wikipedia)
glazurenAls je keramiek glazuurt, smelt je er een laagje glazuur op.
foto-oxidatieFoto-oxidatie is de oxidatie van een stof onder invloed van licht of UV-straling.
cilinderglasCilinderglas is vlak glas. Het werd al in 1100 gemaakt door een grote glasbel te blazen en deze aan de blaaspijp rond te slingeren om een langwerpige flessenvorm te krijgen. Na het afsnijden aan beide uiteinden werd de ontstane cilinder, die wel 1,5 meter lang kon zijn, in de lengterichting opengeknipt. Het glas werd opnieuw verhit en vlakgemaakt of men liet het vlak uitzakken. Het heeft rechte rimpels op het oppervlak en het glanst minder dan kroonglas.
NederlandsHet Nederlands is een West-Germaanse taal en de moedertaal van de meeste inwoners van Nederland, België en Suriname. In de Europese Unie spreken ongeveer 23 miljoen mensen Nederlands als eerste taal, en een bijkomende vijf miljoen als tweede taal. Verder is het Nederlands ook een officiële taal van de Caraïbische (ei)landen Aruba, Curaçao en Sint-Maarten, terwijl er nog minderheden bestaan in Frankrijk, Duitsland en in mindere mate Indonesië, en nog ruim een half miljoen sprekers in de Verenigde Staten, Canada en Australië. De Kaap-Hollandse dialecten van Zuid-Afrika en Namibië werden gestandaardiseerd tot Afrikaans, een dochtertaal van het Nederlands.
machicoulissenUitgekraagde gaanderij op een stads-, vesting- of kasteelmuur, voorzien van schietopeningen in de vloer, tevens dienende voor het werpen van kokende olie, stenen e.d. op zich aan de voet van de muur bevindende aanvallers; ook wel genoemd hordijs, pekneus of werpgang; voor een kleinere uitvoering zie mezenbouw.( Stichting Menno van Coehoorn)
neopreenSynthetisch rubber gemaakt door polymerisatie van chloropreen en gekenmerkt door de uitstekende bestendigheid tegen olie, benzine, zonlicht, ozon en warmte, en doordat de doorlaatbaarheid voor gas minder is dan van rubber. (AAT-Ned)
plavuizenPlavuizen zijn uit klei gebakken vlakke vierkante vloerstenen, rood, grijs of geglazuurd (geel, groen, rood, zwart). Door de verschillende kleuren kunnen de tegels in een dambord- of ander patroon gelegd worden. Het woord plavuis wordt ook gebruikt voor een tegel van blauwe Belgische natuursteen. (Haslinghuis)
bessemerprocedésHet bessemerprocedé is een productiewijze voor het in een convertor verkrijgen van staal uit ruwijzer komende uit de hoogoven.Het bessemerprocedé (ontwikkeld door Henry Bessemer (1813-1898), naar de uitvinding van een failliete staalfabrikant uit Kentucky, William Kelly) was dat het teveel aan koolstof werd geoxideerd door lucht door de gesmolten ruwijzer te blazen. Bovendien verbrandde de koolstof tot koolzuurgas in de luchtstroom, zodat de koolstof als brandstof voor het proces fungeerde. Als het proces eenmaal op gang was, onderhield het zichzelf, zonder verdere toevoeging van extra brandstof.
schoolbordenEen schoolbord bestaat uit een of meerdere soms beweegbare panelen gemaakt van een hard materiaal, die voor in een schoolklas zijn opgehangen en waarop een docent met een krijtje instructie kan geven.
gietenHet smelten (in verband met glas ook het fuseren) en in een vorm gieten van materialen, bijvoorbeeld metaal of glas.
kunststoffenVerbinding bestaande uit grote moleculen (polymere verbinding), gemaakt van natuurlijke producten (bijv. cellulose) of zuiver chemisch. Er bestaan drie soorten kunststof: thermoplasten, thermoharders, en elastomeren. Niet te verwarren met plastic, dat hier gebruikt wordt als synoniem voor thermoplast. (Project Fotografie) Kunststoffen zijn chemische verbindingen die door niet-natuurlijke scheikundige processen worden gemaakt. (Wikipedia)
grindGrind, brokjes kwarts, door slijtage en afschuring in het Diluvium ontstaan, gewoonlijk te vinden op heidevelden en in rivierbeddingen, vermengd met grof zand. Gebruikt voor de verharding van wegen, het aanmaken van beton, het vormen van een onderlaag, zoals bij Romeinse villa’s in Limburg. (Haslinghuis) Niet aaneengekit gesteente, als vergruisde natuursteen in de ijstijden met de gletsjers meegevoerd of bezonken uit rivierwater. Meestal afgerond. Oudtijds gebruikt in kistwerk. Sedert XIX als grove toeslag gebruikt in beton. De grootte varieert van 5 tot 80 mm. (Haslinghuis)
vertinnenMet een dunne laag tin bedekken om roesten te voorkomen, vooral van gesmeed hang- en sluitwerk. (Haslinghuis)
kiezelzuurKiezelzuur is een zwak zuur dat is afgeleid van siliciumdioxide SiO2.
stabiele isotopenIsotopen zijn atomen van een zelfde chemisch element, met hetzelfde atoomnummer, maar met een verschillend massagetal. Ze hebben dus hetzelfde aantal protonen, maar een verschillend aantal neutronen in hun kernen. Hun chemische eigenschappen zijn dezelfde, hun fysische zijn verschillend. Het aantal neutronen bepaalt onder meer de stabiliteit van de kern en, samen met het aantal protonen, de atoommassa. Door het radioactief verval ontstaan uit radio-isotopen (niet stabiele isotopen) uiteindelijk stabiele isotopen.
glauconietGlauconiet is een groen gekleurd mineraal, dat ontstaat op de bodem van de zee, vooral daar waar sedimentatie erg langzaam is.
scheurenEen scheur is een barst of een uiteenrijting in een flexibel materiaal waarbij geen materiaal verloren gaat en waarbij weinig vervorming optreedt. Een scheur is een vorm van mechanische schade, veroorzaakt door het met kracht uit elkaar trekken van een flexibel materiaal zoals papier of textiel. Langwerpige, smalle beschadiging.
erosieErosie is het afslijten van een oppervlak of de slijtage van een materiaal door natuurlijke, mechanische inwerking.
Balegemse steenBalegemse steen: zandige kalksteen welke gewonnen wordt nabij het dorp Balegem in de Provincie Oost Vlaanderen, België. De steen is kwartshoudend, groenachtig bruin of blond van kleur en heeft een meestal duidelijk zichtbaar horizontaal leger. De Balegemse steen bevat plaatselijk vrij grote schelpen. De steen wordt gevonden in schollen met een harde kern tussen zandlagen.
groen erfgoedGroen erfgoed is cultureel erfgoed bestaande uit een groenaanleg met cultuurhistorische, horticulturele of architectuurhistorische waarden zoals een park, tuin, begraafplaats, boerenerf, verdedigingswerk, hortus botanicus en wijk- of wegbeplanting. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
sandrsEen sandr (ook wel spoelzandwaaier genoemd) is een waaiervormige landvorm bestaande uit zand en grind afgezet door smeltwater, afkomstig van smeltend landijs. Sandrs in Nederland zijn gevormd tijdens de landijsbedekking in het Laat-Saalien (Midden-Pleistoceen). Het zand en grind is afkomstig uit de omliggende stuwwallen en vermengd met (Scandinavisch) materiaal aangevoerd door het landijs. (Jongmans et al. 2013/Stouthamer et al. 2015)
dakruitersDakruiters zijn torens, meestal van hout, die op de nok van een dak staan, meestal op een kerkdak, maar soms ook op een burgerlijk gebouw. De dakruiter heeft doorgaans een acht- of zeskante, zelden een vierkante doorsnede. Hij bestaat uit een of meer opengewerkte delen, bekroond door een spits, een opengewerkte peer of een koepel. (Haslinghuis)
deuvelsHouten koppeling (staafje, blokje of schijfje), dienende om verschuiving van twee aansluitende elementen tegen te gaan en daartoe in elk van beide voor de helft ingelaten. (Agriwiki)
poederVerwijst doorgaans naar een stof die bestaat uit vermalen, verpulverde of op andere wijze fijn gedispergeerde vaste deeltjes. (AAT-Ned)
uitzettingscoëfficiëntDe warmte-uitzettingscoëfficiënt geeft aan hoeveel een materiaal langer wordt wanneer de temperatuur wordt verhoogd met 1 Kelvin. De uitzettingscoëfficiënt van een materiaal is een maat voor de temperatuursafhankelijkheid van de dichtheid. De meeste materialen zullen bij het opwarmen uitzetten (positieve uitzettingscoëfficiënt).
vlakglasVlakglas dat wordt gemaakt door een lint gesmolten glas boven een bad gesmolten tin te gieten. Het proces is in 1959 ontwikkeld door Pilkington Brothers en is nu de meest gebruikte methode ter wereld voor het maken van plaatglas van goede kwaliteit dat helder en vlak is met parallelle en met hitte gepolijste randen. (Project Fotografie) Vlakglas is de benaming voor een vlakke plaat glas die ofwel machinaal is vervaardigd of met de mond is geblazen. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
Nieuwe BouwenVerwijst naar een trend onder de Duitse architectonische avant-garde van het midden van de jaren 1920, die gegevens en praktisch functionalisme bevorderde. (AAT)
brandenWordt gebruikt voor gebeurtenissen waarbij iets geheel of gedeeltelijk door brand wordt verwoest, zowel toevallig als opzettelijk. Gebruik 'verbranden' voor het proces van iets veranderen, verwonden of verwoesten door brand of hitte.
meubelplatenMeubelplaten bestaan in de regel uit drie lagen met samengestelde dekbladen van 2 tot 4,5 mm dikte en een vulling van latten of staafjes. (Bouwmaterialen : encyclopaedische gids voor theorie en practijk / P.W. Scharroo, 3e herz. en verm. dr.) Meubelplaat is een materiaal dat bestaat uit een kern (ook: vulling, middenlaag) van latten of staafjes massief hout, waarop aan weerszijden een laag fineer is gelijmd, zodanig dat de vezelrichting van de fineerlaag haaks staat op de lengterichting van de latten respectievelijk de staafjes.
daglichtDaglicht voor de belichting van een object is licht van buiten dat gewoonlijk wordt gereflecteerd of gefilterd door middel van neutraal gekleurd materiaal.
Nivelsteiner zandsteenNivelsteiner zandsteen is een fijnkorrelig tertiaire zandsteen dat afkomstig is uit het gebied van het Worm-dal in het grensgebied Nederlands Zuid-Limburg en Duitsland. (Wikipedia)
Usselo-bodemEen Usselo-bodem is een type paleobodem die gevormd werd in de periode van het Allerød-interstadiaal. Deze bodems komen voor in dek- en duinzanden, en worden in hun meest uitgesproken vorm gekenmerkt door een grijze uitlogingshorizont en een humeuze aanrijkingslaag. In deze bodems komen soms archeologische vondsten voor uit het Laat-Paleolithicum. (Bron: Thesaurus ontroerenderfgoed.be)
Japans papierJapans papier is een fijn vezelpapier van plantaardige vezels. Het wordt vaak gebruikt als facing bij de conservering van schilderijen en van gepolychromeerd beeldhouwwerk.
KOMO-procescertificaatEen KOMO-procescertificaat is een kwaliteitsverklaring met betrekking tot een bepaald realisatieproces in de bouw- en infrasector. Het certificaat verklaart dat het eindresultaat van een proces in overeenstemming is met de in het certificaat vastgelegde ‘specificaties’ en dat het daarvoor benodigde proces in overeenstemming is met de in het certificaat vastgelegde processpecificaties. In relatie tot het Bouwbesluit is een KOMO-procescertificaat een document dat verklaart dat een bouwdeel dat vervaardigd wordt met het betreffende proces zal voldoen aan de relevante eisen van het Bouwbesluit.
vraatSchade door "vraat". Vraat door levende organismen, als schimmels of knaagdieren, maar ook schade door indringen vreemde stof.
granietGraniet is een stollingsgesteente dat de mineralen veldspaat, kwarts en mica bevat.
strandwallenEen strandwal is een langgerekte rug aan zee, over het algemeen min of meer parallel aan de kust. Een strandwal valt ten minste bij eb droog, maar overstroomt vaak ook bij vloed niet. Een strandwal ontstaat doordat stroming en branding in zee het zand bij elkaar brengen. Strandwallen zijn in het Holoceen gevormd. (Weerts & Bazelmans 2011)
tochtdeurenDeuren aangebracht aan de buitenkant van het raamwerk van een buitendeur om extra bescherming tegen koude en wind te geven. (AAT-Ned)
Inspectie Overheidsinformatie en ErfgoedInspectie die toeziet op de toegankelijkheid van overheidsinformatie en op de zorgvuldige omgang met erfgoed. Zij kijkt hoe de regels in de praktijk werken.
ankers (bevestigingsmiddel)Een ijzeren plaat of platte staaf om verschillende bouwonderdelen strak met elkaar te verbinden. (Encyclo.nl)
celluloseCellulose is een lineair polysaccharide van glucose met de chemische formule C6H10O5n., waarbij n tot 15.000 eenheden kan bedragen. Het is het belangrijkste bouwmateriaal van planten. Cellulosevezels bestaan uit bundels celluloseketens.
BrauvilliersBrauvilliers: witte kalksteen welke gewonnen wordt in het Département de la Meuse, Frankrijk. De grondmassa is gelijkmatig van structuur en kleur, het breukvlak is ruw korrelig. Brauvilliers liais: variant van Brauvilliers.
kralen (gootonderdeel)Ronde rand aan zinken goot of daklijst. (Haslinghuis)
merklappenTextielwerken, meestal van fijne stof, waarop door vrouwen en meisjes in verschillende steken is geborduurd en die bedoeld zijn om in te lijsten. Ze werden doorgaans gemaakt door beginnelingen om hun vaardigheden te tonen. Kenmerkend zijn een combinatie van steken, motieven, letters en verzen, en vaak de voltooiingsdatum en de naam van de borduurster. (AAT-Ned)
vlieselineVlieseline is bedoeld als versteviging en kan opgestreken worden. Het kan gebruikt worden bij applicaties of om borduursels op kleding aan de achterkant te beschermen tegen halen. (www.alternatiefkostuum.nl/lexicon/)
AugietAugiet is een mafisch mineraal.
RijndekkingRijndekking is leibedekking van schubvormige leien, die in enkele dekking in schuin oplopende rijen gelegd worden, zoals in Duitsland gebruikelijk is. (Haslinghuis)
dosimetersEen dosimeter is een apparaat dat de blootstelling in een bepaalde situatie aan een bepaalde invloed meet. Dosimeters worden gebruikt om de blootstelling van een voorwerp aan omgevingsinvloeden te meten, zoals licht, UV-straling en luchtverontreiniging. Dosimeters reageren meestal op reproduceerbare wijze en de meetwaarden kunnen worden geëxtrapoleerd naar de duur van de blootstelling. (Conservation Dictionary)
acrylatenEen kleurloze, transparante, thermoplastische, synthetische hars gemaakt door de polymerisatie van acrylzuur derivaten; wordt gebruikt voor hechtmiddelen, verharders, beschermlagen, vernis en als een bindmiddel in verven. (Zuiderzeemuseum, Project Fotografie)
rood (kleur)Rood is in het additieve kleursysteem een primaire kleur. In het subtractieve kleursysteem is het een secundaire kleur.
cultuurhistorieCultuurhistorie is in Nederland een bredere term voor de combinatie van een aantal ruimtelijke wetenschappen, met name archeologie, historische geografie, bouwhistorie, historische ecologie en een variabel aantal andere wetenschappen, zoals de toponymie en soms ook de fysische geografie.
meubilairMeubilair is een verzamelnaam voor allerhande meubels die worden gebruikt in en om het huis, een kasteel of een kerk. (Wikipedia)
dekzandkopjesEen dekzandkop is een kleine, vaak geïsoleerde dekzandrug.

Dekzandkopjes bestaan uit dekzand en zijn ontstaan aan het eind van het Pleistoceen, tijdens de laatste ijstijd (het Weichselien). Het klimaat was toen koud en de vegetatie was spaarzaam (afwisselend toendra en poolklimaat). Onder deze omstandigheden kon zand gemakkelijk door de wind worden verplaatst.

Het zand heeft een vrij constante korrelgrootte, gemiddeld 150-210 µm (0,15-0,21 mm). In dekzandgebieden die in het Holoceen met veen werden overdekt, bleven deze kopjes vaak boven het veen uitsteken. Ze vormen daarom belangrijke oude bewoningslocaties. (Weerts & Bazelmans 2011),
MuschelkalksteenSchelpenkalksteen uit Zuid- en West-Duitsland en Luxemburg. Komt voor in dichte en in poreuze structuur. Grijswit, bruingrauw (meest toegepast), blauwachtig of rood. (Bouwmaterialen / encyclopaedische gids voor theorie en practijk / P.W. Scharroo / 3e herz. en verm. dr.) Muschelkalk is een afzetting van mergelachtige kalksteen uit de Trias. Deze afzettingen zijn ongeveer 200 miljoen jaar geleden afgezet in ondiepe zeeën. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
azijnzuurAzijnzuur (systematische naam ethaanzuur) is een zwak zuur met een kenmerkende stekende geur. Het heeft als formule CH3-COOH (soms ook geschreven als H3C-COOH). Azijnzuur is, na mierenzuur, het eenvoudigste carbonzuur en de wetenschappelijke naam was vroeger dan ook methaancarbonzuur. Zuiver watervrij azijnzuur wordt ook wel ijsazijn genoemd, en is een kleurloze vloeistof die bij temperatuur lager dan 17 °C stolt tot heldere kleurloze kristallen (vandaar de naam ijsazijn).
kleimineralenKleimineralen zijn aluminiumsilicaten, bijvoorbeeld kaoliniet Al2Si2O5(OH)4 , die wisselende hoeveelheden water kunnen herbergen tussen hun plaatjesvormige kristallen.
mantelbuisEen mantelbuis (of loze leiding, in België wachtbuis genoemd) is een buis bestemd voor de doorvoer van telefoonkabels of elektriciteitsleidingen, of voor de doorvoer van water- en gasleidingen (vb. door de keldermuur).Een mantelbuis wordt gebruikt bij bijvoorbeeld een doorvoer onder of door een obstakel, zoals een muur, fundering, verkeerweg of anderszins. Op deze manier is het mogelijk de kabels en leidingen aan te brengen of bij onderhoud te vervangen, zonder dat het obstakel behoeft te worden afgebroken of verwijderd.Meestal wordt voor een mantelbuis een PVC-leiding gebruikt.
ijzerverbindingenIJzerverbindingen zijn verbindingen van afzonderlijke stukken ijzer die tot stand zijn gekomen door bewerkingen langs de warme weg, zoals wellen, solderen en het plaatsen van banden, of langs de koude weg, zoals met schroeven, schroefbouten, splitbouten, spiebouten, splitpennen, keilen, wiggen, pennen en lippen. Sommige soorten verbindingen langs de koude weg hebben het voordeel dat ze later weer eenvoudig losgemaakt kunnen worden. Verder maakt de smid veelvuldig gebruik van beweeglijke verbindingen zoals toegepast bij windvanen, schuiven en deurkloppers.
remote radio unitEen remote radio head (RRH), ook wel remote radio unit (RRU) in draadloze netwerken genoemd, is een radiozendontvanger op afstand die via een elektrische of draadloze interface verbonden is met een bedieningspaneel. Bij draadloze systeemtechnologieën zoals GSM, CDMA, UMTS, LTE staat de radioapparatuur op afstand van het BTS/NodeB/eNodeB. De apparatuur wordt gebruikt om de dekking van een BTS/NodeB/eNodeB uit te breiden in moeilijke omgevingen zoals plattelandsgebieden of tunnels.
hoekkepersKaponderdeel dat zich bevindt op de snijlijn van twee dakvlakken die elkaar onder een uitspringende hoek snijden. Dient ter ondersteuning van flieringen, gordingen en sporen of de haaieinden van de bebording. (Haslinghuis)
formatenHet geheel van de door de vorm bepaalde afmetingen, in het bijz. van bakstenen. (Haslinghuis)
uv-stop halogeen lampEen halogeen met UV-stop zorgt ervoor dat voorwerpen projecten niet verkleuren of vervagen als deze worden aangelicht. Halogeenlampen met een UV stop houdt de straling, welke ervoor zorgt dat producten hun kleuren verliezen, tegen.
bronsEen reeks bruinachtige kleuren die lijken op de kleur van het metaal brons, een legering van koper en tin. (Archeological Base Register)
monstersEen monster is een stukje van een voorwerp dat eraf is genomen voor onderzoek, analyse of voor het archief. Men moet erop letten dat het monster representatief is voor het materiaal dat men wil onderzoeken. (Conservation Dictionary)
handlijstenLijst boven langs een leuning of tegen een muur bevestigd, waaraan men zich met de hand kan vastgrijpen. De lijst is van een uitholling of een andere profilering voorzien. (Haslinghuis)
firmaVennootschappen van twee of meer personen die onder een gemeenschappelijke naam zaken doen. (AAT)
verstekkenEen schuine naad tussen twee planken die loodrecht op elkaar staan. (Encyclo.nl)
albastAlbast is een gesteente, bestaande uit een massieve, gewoonlijk doorschijnende, vorm van in de natuur voorkomend gips, CaSO4.2H2O. Albast werd gebruikt om beelden te snijden en, in de 16e en 17e eeuw in Italië, als ondergrond voor olieverfschilderijen.
waterpartijenWaterpartijen zijn aangelegde of gewijzigde waterbekken met een compositorische of functionele functie in een groenaanleg zoals vijvers, waterkommen en grachten. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
conischConisch wil zeggen geleidelijk toenemend in diameter (in tegenstelling tot cilindrisch), kegelvormig.
zuurEen zuur organisch voorwerp gemaakt van bijvoorbeeld papier of textiel, heeft een pH kleiner dan 7. Textiel kan verzuren door veroudering, chemische behandelingen, vervuiling of luchtvervuiling.
ÖlandsteenZeer dichte harde fijnkorrelige kalksteen van het Zweedse eiland Öland.
Noord-Brabantse steenNoord-Brabantse stenen zijn bakstenen vervaardigd uit klei die voornamelijk gewonnen is in het gebied tussen 's-Hertogenbosch, Tilburg en Breda. De stenen zijn ten dele gemaakt in Waalformaat, en ten dele in drielingen of Belgisch formaat. Kleuren overwegend paarsig tot grijzig rood, soms ook geel.
voerenAanbrengen van spreidsel of voering tussen kinderbinten en vloerdelen, opdat de naden tussen de vloerdelen van onderaf niet zichtbaar zullen zijn. Het bestek van het stadhuis van Delft uit 1618 geeft hiervoor aan dat gebruikt moeten worden wagenschotbladen, niet minder dan 9 duim breed, drie uit een duim dik, glad geschaafd en gespijkerd op elke voet. (Haslinghuis)
Romaanse pannenRomaanse pannen (en Gotische pannen) zijn keramische dakpannen die gekenmerkt worden door een grote golving en relatief klein plat vlak. Zij zijn hoofdzakelijk gebruikt voor woningen in Spaanse/Romaanse stijl in de typische zuidelijke afwerkingskleuren. Dit type pan is geschikt voor daken met een minimum helling van 25° (met onderdak). De Romaanse pan heeft een constante wel (bolling) en de Gotische een meer of minder taps toelopende wel.
dekzandruggenEen dekzandrug is een rug die bestaat uit dekzand. Een dergelijke rug is ontstaan doordat dekzand opgewaaid is tot een duin die uitsteekt boven de omringende dekzandvlakte.

Dit gebeurde aan het eind van het Pleistoceen, tijdens de laatste ijstijd (het Weichselien). Het klimaat was toen koud en de vegetatie was spaarzaam (afwisselend toendra en poolklimaat). Onder deze omstandigheden kon zand gemakkelijk door de wind worden verplaatst.

Het zand heeft een vrij constante korrelgrootte, gemiddeld 150-210 µm (0,15-0,21 mm). In dekzandgebieden die in het Holoceen met veen werden overdekt, bleven deze ruggen vaak nog lang als koppen boven het veen uitsteken. Dekzandruggen vormen daarom belangrijke oude bewoningslocaties. (Weerts & Bazelmans 2011),
bindmiddelenTe gebruiken voor een substantie die cohesie bewerkstelligt of bevordert tussen los samengevoegde materialen; wordt ook gebruikt voor de substantie in een foto of een fotofilm die het uiteindelijke beeldmateriaal vasthoudt. Gebruik 'emulsie' voor de combinatie van fotografisch bind- en beeldmateriaal. (Project Fotografie) Een bindmiddel is een vloeibaar medium dat wordt gemengd met pigment om verf te maken. Voorbeelden zijn lijnolie en eiwit. 2. Een bindmiddel is een stof die de samenstellende delen van een mengsel tot een samenhangend geheel maakt. (Conservation Dictionary) Stof waardoor een mortel kan verharden tot een steenachtige massa. Een bindmiddel is hydraulisch als de mortel zonder koolzuur uit de lucht kan verharden. Bindmiddelen zijn o.a. kalk, cement, tras. (Haslinghuis)
esthetischDe esthetische kwaliteit van een voorwerp is de mate waarin het door de mensen wordt gewaardeerd om zijn uiterlijk en schoonheid.
wapensEen wapen is een stuk gereedschap dat gebruikt wordt om mensen, dieren of voorwerpen te verwonden/beschadigen of te doden. Het kan gebruikt worden als aanvals- of verdedigingsmiddel. (Wikipedia)
diatomeeënDiatomeeën zijn eencellige plantaardige micro-organismen met een celwand van twee als deksel en doos over elkaar sluitende schaaltjes van kiezelzuur; zij komen in zoet-, brak- en zeewater voor en de kiezelschaaltjes blijven na het afsterven van de cellen in het sediment bewaard. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
thermoplastisch polymeerKunststof die zacht wordt bij verhitting en hard bij afkoeling, ongeacht het aantal keren dat deze processen worden herhaald, als gevolg van weinig of geen onderlinge bindingen tussen de moleculen. Synoniem voor plastic. (Project Fotografie) Een thermoplastisch polymeer wordt zacht, gaat vloeien en kan in een gewenste vorm worden gebracht bij verhitting. Veel thermoplastische kunststoffen zijn oplosbaar in een oplosmiddel.
schuimblussersEen brandblusser is een apparaat om het vuur van een kleine brand te doven. Het bestaat uit een cilinder waarin een beperkte hoeveelheid blusmiddel onder druk staat. Er zijn ook blussers waarin zich een drukpatroon bevindt, die eerst geactiveerd (ingeslagen) moet worden via een rode inslagknop boven op de blusser. Door een opening kan het blusmiddel op het vuur gespoten worden.
lipverbindingenLipverbindingen zijn ijzerverbindingen, bijvoorbeeld toegepast als twee staven elkaar kruisen of onder een hoek samenvallen. Uit elk stuk ijzer wordt dan evenveel materiaal weggenomen, dat wil zeggen de helft van de dikte en ter breedte van het daarin vallende stuk, zodat de beide stukken in elkaar kunnen grijpen.
werkhoutvuurzwamDe werkhoutvuurzwam is een schimmelsoort uit de familie Hymenochaetaceae. Het veroorzaakt witrot van hout.
zandstralenZand met een grote kracht op een oppervlak van, bijvoorbeeld, metaal, metselwerk of beton spuiten om vuil, roest of verf te verwijderen, of om het oppervlak met een ruwe structuur te versieren. (AAT-Ned)
piastrinaPiastrina is een door en door gekleurde, ondoorzichtige glassoort, die in Italië wordt gemaakt. Het glas wordt gegoten in de vorm van een 4 millimeter dikke tegel, die in kleine stukjes van 10 x 10 of 20 x 20 millimeter wordt gesneden. Men gebruikt in terrazzo de bovenkant van de stukjes in plaats van het snijvlak. Dit geeft een vlak oppervlak als resultaat. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
bouwkeramiekIn ruime zin alle aardewerk dat bij bouwwerken wordt toegepast. In engere zin alleen de producten die ook wel in constructies, maar vooral voor in- en uitwendige versiering worden gebruikt. Tegels en plastische keramiek nemen daarbij een belangrijke plaats in.Het gebruik van aardewerk is reeds zeer oud. In Egypte werden geglazuurde tegels als wandbekleding gebruikt. Babyloniërs en Perzen versierden poorten en andere gebouwen in VI-IV v.C. met polychroom geglazuurde reliëfbekledingen (Istarpoort te Babylon). De Grieken en Romeinen gebruikten alleen ongeglazuurd (zie) terracotta voor sierlijsten, banden en bekronende elementen, die deel uitmaakten van de daken. Bij de Grieken werd het vermoedelijk vaak beschilderd. Bij de Etrusken was het gebruik van bouwkeramiek zeer uitvoerig. In het islamitische Perzië en omringende landen werden in XII-XVII moskeeën e.d. vaak in ruwe baksteen opgetrokken en vervolgens in- en uitwendig bekleed met polychroom gedecoreerde tegels. Die waren deels rechthoekig, maar vaak ook ster- en kruisvormig in elkaar passend. Ook komen mozaïeken van aardewerk voor. In Spanje dateert de toepassing van bouwkeramiek vooral uit de periode tijdens en kort na de Moorse overheersing (Alhambra te Granada). In Italië werden in de renaissance door de grote rijkdom aan natuursteen weinig keramische producten toegepast. De sierpanelen van de familie Della Robbia en de reliëfbekledingen van ongeglazuurde terracotta nemen toch een belangrijke plaats in.In de West-Europese landen vonden (zie) tegels sinds XII toepassing als vloerbedekking en later als wandbekleding. De cisterciënzers werkten in Frankrijk sedert XIII met tinglazuur. Utrechtse tegelfabricage met o.a. tinglazuur is bekend sedert c. 1300. Hierop sluit in de M.e. aan het gebruik van gekleurd geglazuurde en vaak in patronen verwerkte daktegels. In de Nederlanden is die traditie reeds vroeg verdwenen, maar zij bleef vooral in Bourgondië en Zuid-Duitsland nog lang bestaan. Daarnaast komen ook m.e. voorbeelden en van gebakken reliëfstenen voor, vooral in Noord-Nederland, Noord-Duitsland en Denemarken. Een aparte plaats nemen de vooral in XVI en XVII vervaardigde gestempelde haardstenen in en ook de dikwijls decoratieve tegels voor gemetselde kachelovens ( (kachel).Omstreeks 1590 komt in de Noordelijke Nederlanden een productie van decoratieve wandtegels op. Sedert XIXb nam het gebruik van tegels sterk toe om praktische en esthetische redenen. Zij zijn gemakkelijk schoon te houden en kunnen een waterdichte bekleding vormen. De Jugendstil paste graag geglazuurde bakstenen en decoratieve tegeltableaus toe, ook in gevelwerk. Vooral in XIXb werd veel gebruik gemaakt van plastische decoratieve elementen van terracotta (consoles enz.). De jongere bouwkunst (Amsterdamse School) kent diverse toepassingen van keramische kunstwerken in de bouw. (Haslinghuis)
zelfopofferende anti-graffitisystemenZelfopofferende systemen zijn reversibel, nauwelijks zichtbaar en dampdoorlatend. De graffiti wordt met anti-graffitilaag en al verwijderd. Dit wordt veelal gedaan met stoom. Vervolgens wordt een nieuwe anti-graffitilaag aangebracht.
stollingsgesteentestollingsgesteenten: natuursteen gevormd uit gestolde magma of lava.
inboetenAanbrengen van een nieuw stuk metselwerk, natuursteen of glas op een plaats waar het oorspronkelijke werk beschadigd of verweerd is. (Haslinghuis)
strengpersenStrengpersen is een machinale productiemethode van vormlingen door klei door een mondstuk te persen, een proces dat extrusie heet. Uit de mond komt een gladde vierkante streng die vervolgens op de juiste lengte wordt afgesneden. Door de vorm van de mond te veranderen kunnen ook vormstenen geperst worden. Het plaatsen van naalden in de mond levert geperforeerde stenen of holle stenen. Verblendstenen zijn bij uitstek als streng geperst met perforaties. Strengpersstenen worden gekenmerkt door een gladde textuur, maar worden soms nabewerkt voor een ruw uiterlijk. Vanaf de tweede helft van de 19e eeuw wordt de strengpers steeds meer toegepast.
zeepZeep is een anionische oppervlakteactieve stof gemaakt van een alkalizout van een vetzuur (natrium of kalium). Het wordt bereid door dierlijke en plantaardige vetten en oliën (triglycerides) te laten reageren met natrium- of kaliumhydroxide.
rubberNatuurrubber is een polymeer dat voorkomt als een emulsie in het sap van een aantal plantensoorten (dit sap is bekend als latex), zoals Braziliaanse rubberboom, Indische rubberboom (Ficus elastica), Euphorbia's (Manihot glaziovii), paardenbloem onder andere Taraxacum kok-saghyz, Parthenium argentatum, Funtumia elastica, Landolphia spp. en Cryptostegia spp. (Wikipedia)
komgrondenKomgronden zijn lager gelegen en nattere delen in riviergebieden. Ze vormen op enige afstand van de riviergeul, achter de oeverwallen. Tijdens hoogwaters wordt hier zware klei afgezet, ook kan veenvorming optreden. In de Rijn-Maasdelta zijn de nattere komgebieden veelal pas na de bedijking ontgonnen. Kenmerkend is de opstrekkende verkaveling en het voorkomen van hooiland.
betonrotBetonrot is een term die gebruikt wordt voor bepaalde schade aan gewapend beton. Meestal bedoelt men schade die ontstaat doordat de in het beton aanwezige wapening begint te roesten. Roesten is een expansieve reactie en doet aldus het beton barsten. Dit proces is zeer nadelig voor de sterkte van het beton en aldus voor de gehele betonconstructie. Betonrot komt meestal voor in betonelementen die het einde van hun levensduur hebben bereikt, of wanneer het element niet goed ontworpen of uitgevoerd werd, ook tijdens de levensduur. (Wikipedia)
spinthoutBuitenste hout, minder duurzame jaarringen van een boom. Wordt snel door houtworm en zwam aangetast en mag niet aan goed constructiehout voorkomen. (Haslinghuis)
natrium- en kaliumglasNatriumglas is glas waarin natrium het alkalibestanddeel is (toegevoegd als soda, natriumcarbonaat). Soda dient als smeltmiddel om het smeltpunt van siliciumdioxide te verlagen bij het glasmaken. Soda werd in Egypte verkregen uit Natron en verder uit zeewier. Egyptisch, Romeins en Venetiaans glas was allemaal natriumglas. Het bevat ook calciumoxide (ongeveer 15%) en wordt soms natrium-calciumglas genoemd. Natrium- en kaliumglas zijn glassoorten die gemaakt worden met alkalimetalen, meestal soda of potas. Natrium en kalium zijn twee alkalimetalen. Zie sodaglas; zie potasglas.
tapijtkeverDe (gewone) tapijtkever is een kever uit de familie van de spektorren (Dermitidae). De larven voeden zich vooral met wolvezels en harig stof in wollen of gedeeltelijk wollen tapijten. Ook lederwaren en bont worden niet ontzien.
dilatatievoegenDilatatievoegen zijn de scheidingen tussen twee bouwdelen om uitzetting en beweging op te vangen in gebouwen van zodanige afmeting en constructie dat bij grote temperatuurwisseling en zettingen scheuren verwacht kunnen worden. (Haslinghuis)
fluvioglaciale afzettingenFluvioglaciale afzettingen zijn grindige en (grof)zandige afzettingen gevormd door smeltwater van landijs. In Nederland zijn deze afzettingen veelal gevormd tijdens en vlak na de ijsbedekking in het Laat-Saalien, zowel voor de stuwwallen (in sandrs) als in smeltwaterdalen. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
Universal Mobile Telecommunications SystemUMTS of Universal Mobile Telecommunications System wordt gezien als de opvolger voor GSM/GPRS (General Packet Radio Services) en biedt net als de voorgangers zowel circuitgeschakelde als pakketgeschakelde communicatiediensten. UMTS werd aanvankelijk bedreven in de frequentieband tussen 2,0-2,15 GHz, maar om de uitrol te versnellen besliste Europa in juli 2009 dat ook de 900MHz- en 1800MHz-band (vroeger exclusief voorbehouden voor GSM) gebruikt mogen worden. In België was dit al toegestaan sinds 2008. De grootste voordelen van die beslissing zijn een betere dekking en een kostenbesparing voor de providers die hierdoor minder masten hoeven te plaatsen.
krijt (materiaal)Krijt is een zacht gesteente dat uit calciumcarbonaat bestaat. (Conservation Dictionary) Krijt is een zacht gesteente dat uit calciumcarbonaat bestaat, CaCO3.
messingLegering van koper en zink, z.g. geelkoper. Hiervan werden talloze voorwerpen gegoten, zoals kronen, lezenaars, koorhekken of onderdelen daarvan. Men noemde dit geelgieterswerk. (Haslinghuis)
katoenTextiel gemaakt van katoenvezels. (Toegepaste Kunst Project, RKD)
hydraulische specieHydraulische mortel is mortel die uithardt door een chemische reactie met water en niet door reactie met kooldioxide.
jonge zeekleipoldersPolders; ontstaan door het indijken van zee-inbraken en nieuwe aanwas
A/C profielenA/C-profielen zijn bodemprofielen waarin een humusrijke A-horizont direct gelegen is op het ongeroerde moedermateriaal. (C-horizont) (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
pironenLoden of uit klei gebakken afdekking op een boven het dak uitstekende (zie) koningsstijl of op (zie) broekstuk, doorgaans versierd.
poolweefselEen poolweefsel is een weeftechniek waarin extra toegevoegde draden boven het grondweefsel uitsteken. Geknoopte tapijten en fluweel zijn voorbeelden van poolweefsels.
ultramarijnVariabele kleur in de reeks levendige en heldere koele blauwe kleuren, die lijkt op pigment dat oorspronkelijk werd ontleend aan het mineraal lapis lazuli. De naam is een verwijzing naar de buitenlandse ('overzeese') oorsprong van dit mineraal. (bouwmaterie)
betonBeton wordt gemaakt door water, een bindmiddel (cement of kalk), zand en grovere toeslagstoffen te mengen. Het mengsel hardt uit tot een amorf materiaal dat in de bouw, maar ook daarbuiten wordt gebruikt.
voorstrijkVoorstrijk is een diep indringend produkt dat wordt gebruikt op sterk zuigende ondergronden. Voorstrijk voorkomt dat je verf onregelmatig op de muren terechtkomt waardoor je kleurverschil zou kunnen zien. Het is dus een voorbereiding op een verdere behandeling van de muur zoals verven, pleisteren of spachtelputz.
brandpreventieOnder brandpreventie verstaat men het nemen van maatregelen ter voorkoming en beperking van brand, de gevolgen van brand en het waarborgen van de ontvluchting van personen. (Wikipedia)
terracottaTerracotta is laaggebakken, meestal ongeglazuurd, rood tot leverkleurig aardewerk.
housekeepingHousekeeping omvat de traditionele methoden voor onderhoud van een gebouw of collectie door geregelde inspectie, schoonmaak en beschermende maatregelen.
rietlattenRietlatten zijn dunne latten waaraan het rietdek wordt opgebonden. De latten worden vast gespijkerd op de dakconstructie, bijvoorbeeld de aanwezige sporen of sparren. Rietlatten zijn dunne latten waaraan het rietdek wordt opgebonden. De latten worden vast gespijkerd op de dakconstructie, bijvoorbeeld de aanwezige sporen of sparren. (Het weke dak: riet- en strobedekkingen / , RV bijdrage 11, Zeist 1990)
restauratiesteenSteen gebruikt bij renovatie of restauratie.
hydrologieHydrologie is de wetenschap die het water op aarde bestudeert. Deze discipline richt zich op de aanwezigheid en bewegingen van water op en boven het aardoppervlak. De belangrijkste processen in dat verband zijn neerslag, verdamping en transpiratie, stromingen en grondwaterbewegingen. Hydrologie omvat zaken als hoogwaterbeheersing, watervoorziening voor huishoudelijk en industrieel gebruik, irrigatie en het opwekken van waterkracht. (AAT-Ned)
breuksteenNatuursteen in onregelmatige brokken, zoals deze uit de groeven losgehakt of door ontploffing gebroken worden. Vroeger en ook nu nog in de bouw toegepast, b.v. in Limburg. (Haslinghuis)
lamelparketLamelparketvloeren zijn afwerkvloeren bestaande uit een onderlaag van bijvoorbeeld spaanplaat of (vuren)hout met daarop gelijmd een dunne laag van het gewenste hout. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
hoogveenHoogveen is veen dat boven de oorspronkelijke regionale grondwaterspiegel uit gegroeid is. Het ligt daarom buiten de invloedsfeer van voedselrijk rivierwater of grondwater en is zuur en (zeer) voedselarm (oligotroof). Hoogveen vormt vaak veenkoepels van enkele meters hoog. Sphagnumveen (veenmosveen) is het meest voorkomende veentype. Hoogveen is mineraalarm, zuur drasland met een aan deze extreme omstandigheden aangepaste flora en fauna. (Wikipedia)
verbindingswapeningWapening die verschillende wapeningsdelen (constructief) verbindt.
vloertegelsTegel gebruikt voor vloerafwerking. (AAT-Ned)
materialenEen materiaal is een natuurlijke of kunstmatig geproduceerde stof, grondstof of ingrediënt die bestemd is om verwerkt te worden tot het maken van objecten. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
kruipLangzame, voortdurende vervorming of beweging van bouwwerken of landschapskenmerken onder aanhoudende druk of neerwaartse trekkracht , zoals bijvoorbeeld de zwaartekracht. (AAT)
exploitatierechtenOnderdeel van het auteursrecht; het recht om een werk openbaar te maken en daar de vruchten van te plukken; exclusief recht van een auteur om zijn werk te exploiteren, d.w.z. openbaar te maken en te verveelvoudigen.
gemeentesEen gemeente is een openbaar lichaam met zelfbestuur en bevoegdheid binnen een gebied kleiner dan dat van een provincie. Zelfstandig, zelfbestuur en autonomie bezittend onderdeel van de staat, onder het bestuur van een raad, een burgemeester en wethouders.
telecommunicatiewetDe Telecommunicatiewet heeft als doel het beschermen van de rechten van de burger betreffende elke vorm van digitale communicatie.
faunaVerwijst naar alle dieren of al het dierenleven in een bepaald gebied of een bepaalde tijdsperiode. (AAT)
pool (textiel)Het opstaande oppervlak tot stand gekomen door aanvullende ketting of inslag die uitsteekt van de grondlaag van een weefsel. Gebruik 'vleug' voor het oppervlak tot stand gekomen door de vezels op het oppervlak van een weefsel rechtop te zetten.(AAT)
LTELong Term Evolution.
waterdrupPatroon in figuurglas.
felsenFelsen is het realiseren van metaalverbindingen door vouwen. Men onderscheidt eenvoudig of enkelvoudig vouwen, dubbel vouwen en vouwen met onderschuiving. Vooral plaatmateriaal, in het bijzonder zink, komt in aanmerking voor vouwingen.
passieve conserveringPassieve conservering zorgt voor de juiste voorwaarden voor behoud: het optimaliseren van klimaatcondities; de implementatie van veilige procedures voor de hantering van objecten en voor de opslag in depots; het maken van tentoonstellingssteunen en verpakkingen voor transport. Pest management en risico management maken hier ook onderdeel van uit. Preventieve conservering omvat de maatregelen die men rond een voorwerp of in een gebouw neemt om de oorzaken van verwaarlozing, aantasting en verval te bestrijden door middel van betere klimaatbeheersing, opslag- en tentoonstellingsomstandigheden en door de manier van hantering van de voorwerpen te verbeteren.
kalamineOorspr. aarde van Thebe in Boeotië, galmei, zinkspaat (ZnCO3). Koper- en zinkhoudend materiaal, sedert de M.e. gewonnen uit onzuivere ertsen uit de streek ten zuidwesten van Aken in het dorp Kelmis (La Calamine) in Moresnet uit de ertsgroeve Altenberg (La vieille Montagne), tegenwoordig België, gebruikt bij de vervaardiging van messing en zink. arkaal. (Haslinghuis)
sliklagenSliklagen: gebrek in de vorm van slik-of leemlagen
stikstofStikstof is een bestanddeel van lucht dat, in zuivere vorm, insecten doodt door zuurstofgebrek.
deurenBarrières die draaien, schuiven, kantelen, of vouwen om een deuropening af te sluiten, meestal van een massieve en afgewerkte constructie en die meestal leiden naar binnenruimtes of die scheiden. Wordt ook gebruikt voor vergelijkbare elementen die een bak of een kast afsluiten. Voor minder massieve of afgewerkte constructies en die meestal twee buitenruimtes scheiden wordt 'hekken (poortonderdelen)' gebruikt. (AAT-Ned)
koolzuurWaterdamp gemengd met koolstofdioxide vormt koolzuur.
ijssmeltwaterdalIJssmeltwaterdalen zijn ontstaan door erosie van smeltwater afkomstig van landijs. Ze zijn ontstaan in stuwwallen tijdens de voorlaatste ijstijd (Laat-Saalien), tijdens en na de ijsbedekking. Ze zijn veelal groter dan sneeuwsmeltwaterdalen en doorkruisen vaak de gehele stuwwal. Een bekend voorbeeld van een ijssmeltwaterdal is de Darthuizerpoort.
lichtschade (schilderwerk)(Zon)lichtschade is een schadeoorzaak die zorgt voor veroudering van de vernis- of verflaag. Het infrarood in licht zorgt ervoor dat bindmiddelen degraderen. Hierdoor ontstaat schilfering of verpoedering van de verflaag. De UV straling in licht is verantwoordelijk voor chemische afbraakreacties, zoals het verbleken van organische pigmenten. (The transfer of wall paintings / Brajer, I., 2002)
hygroscopischHygroscopisch materiaal is materiaal dat water absorbeert zonder daarbij een oplossing te vormen. Een hygroscopische stof is een stof die vocht uit de lucht opneemt.
klerenmotDe klerenmot of kleermot (Tineola bisselliella) is een nachtvlinder uit de familie Tineidae, de echte motten. De meeste soorten zijn klein tot middelgroot. Ze zijn eenkleurig bruin of beige, soms met fraaie goudglans. Ze hebben haarvormige schubben op de kop en een kleine roltong (of zelfs geen). Ze hebben smalle vleugels, die in rust schuin boven het achterlijf worden gehouden. De vleugelspanwijdte varieert van 0,2 tot 2 cm. Veel soorten worden als schadelijk gezien. Het voedsel van de rupsen bestaat overwegend uit dood organisch materiaal. Ze leven in rottend hout, zwammen, droog organisch materiaal, wol, textiel en gedroogd voedsel.
imitatieWordt gebruikt voor reproducties van hele objecten wanneer deze bedoeld zijn om te misleiden; geldt ook voor beeldhouwwerken die gegoten zijn zonder toestemming van de kunstenaar. (AAT)
funerairHet woord funerair komt oorspronkelijk van het Latijnse woord "funus" dat gebruikt werd voor de rituelen rondom het overlijden. In het Frans wordt het afgeleide woord ‘funéraire’ gebruikt voor alles wat te maken heeft met begrafenissen. In het Franse taalgebied kent men dan ook zogenaamde ‘centre funéraire’, wat wij zouden zien als een uitvaartcentrum.
alkydharsHet bindmiddel van alkydverf is alkydhars, een kunsthars. Alkydhars is een polymeer dat wordt verkregen door een polycondensatiereactie van polyalcoholen en meerbasische organische zuren of de overeenkomstige anhydride. (Wikipedia)
jachtslotenJachtsloten zijn de jachtlocaties van edele of hooggeplaatste personen voor het ontvangen van gezelschappen die voor jachtactiviteiten zijn uitgenodigd. Een jachtslot is doorgaans minder groot dan een jachtpaleis. (Haslinghuis)
gyttjaGyttja is een fijn organisch sediment bestaande uit deels verteerde kleine plantenresten of algen. Dit sediment vormt als een bezinksel in stilstaand water (meren), dieper dan 1 à 2 meter.
kalksteenKalksteen is een vast gesteente dat voornamelijk is opgebouwd uit calciumcarbonaat. kalksteen: sedimentaire natuursteen, waarvan de grondmassa en het bindmiddel in hoofdzaak bestaan uit kalkverbindingen, voornamelijk calciumcarbonaat.
overhoeksDiagonaal, onder een hoek geplaatst.
centimeterLengtemaat in het metrieke stelsel, gelijk aan 0,01 meter of 0,3937 inch. (AAT)
polyesterEen polyester is een polymeer dat bestaat uit een keten van esterbindingen. (Project Fotografie) Een polyester is een polymeer dat wordt gevormd door reactie van een diol en een dicarbonzuur. Polyetheentereftalaat, PET, wordt gebruikt voor het maken van textielvezels, zoals Teryleen, en transparante folie, zoals Melinex. Verscheidene polyester oligomeren worden toegepast in polyesterharsen, polyurethaanschuim en verf.
Art decoDe naam Art deco is ontleend aan de grote expositie voor moderne decoratieve kunst, de 'Exposition des Arts décoratifs et Industriels modernes', die in 1925 in Parijs gehouden werd. Nederland kwam met een inzending die gedomineerd werd door de Amsterdamse School. De Amsterdamse school stijl wordt over het algemeen beschouwd als de Nederlandse variant van de Art deco. Art deco toont veel overeenkomst met Art nouveau. Wel zien we meer rechte lijnen en geometrische vormen. Ook vallen de Oriëntaalse, Egyptische en klassieke invloeden op binnen de Art deco. Een typisch voorbeeld van een Art deco gebouw is het theater Tuschinski in Amsterdam uit 1921. (www.infonu.nl)
cementbetonSamenstel van steenachtige materialen, ontstaan uit toeslagmaterialen en cement. (Haslinghuis)
radebrikgrondenRadebrikgronden zijn lösssleemgronden met een compleet brikprofiel. (niet-geërodeerd of afgetopt) (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
emaillerenHet aanbrengen van een glasachtige glazuurlaag op metaal of aardewerk, waarna het in een pottenbakkersoven of smeltoven wordt samengesmolten tot een glad, hard oppervlak. (AAT-Ned)
OlivijnHet mineraal olivijn is een nesosilicaat met als chemische formule (Mg,Fe)2SiO4, waarbij de eindleden tussen magnesium en ijzer worden gevormd door de mineralenreeks forsteriet (rijk aan Mg) en fayaliet (rijk aan Fe).
gegevensEen losstaand feit of symbool zonder betekenis voor de ontvanger of opsteller.
doken (kram/bout)Ijzeren of koperen kram of bout waarmee stukken gehouwen steen aan elkaar of aan achterliggend of onderliggend metselwerk of houtwerk worden bevestigd. Op die wijze worden ook natuurstenen neuten met stijlen van houten kozijnen of staanders verbonden. De doken worden in de natuursteen bevestigd in daarvoor gemaakte groeven of gaten en met lood, cement of steenlijm vastgegoten. (Haslinghuis)
procescertificaatKwaliteitsverklaring over een bepaald realisatieproces in de bouw-, infra- of restauratiesector.
vormen (fysiek kenmerk)De omtrek, vorm of kenmerkende configuratie van een object met inbegrip van zijn contouren; de uiterlijke verschijningsvorm of buitenste begrenzing van het object. (AAT-Ned)
verouderingVeroudering is een schadefenomeen waarbij het materiaal door tijd, klimaat of gebruik veranderd. Het wordt ook wel degradatie genoemd. Degradatie kan zich op verschillende niveaus voordoen: van de drager, van de bepleistering, van de grondlaag en van de picturale laag. (Middeleeuwse muurschilderingen in Vlaanderen / Buyle, M., Bergmans, A., 1994)/Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
graftrommelsEen graftrommel is een met een glasplaat afgesloten trommel die als grafgift op een graf wordt geplaatst. (Wikipedia)
blauwe wol standaardenDe blauwewolstandaard van de British Standards Institution (BS EN ISO 105-B08:1999) is een set van 8 blauw geverfde wollen stukjes stof die een verschillende kleurechtheid hebben bij blootstelling aan licht en UV. De snelheid waarmee de standaard verschiet, wordt vergeleken met die van het vervagen van de kleur van een voorwerp dat onder dezelfde condities wordt getest. De lichtechtheid van het materiaal krijgt dezelfde waarde als de standaard met gelijke snelheid van vervaging.
breukEen breuk in de geologische zin van het woord is een vlak waarlangs afzettingen in de ondergrond ten opzichte van elkaar zijn verschoven. Een bekend voorbeeld in Nederland is de Peelrandbreuk.
korrelstructuurVorm, structuur en grootte van het toeslagmateriaal in beton
sjabloondekkingAls alle leien hetzelfde formaat hebben wordt dit ook wel sjabloondekking genoemd.
klisrandenEen klisrand is een korte plat omgevouwen rand bij een loodslabbe of bij zink, een paar cm breed, als waterkering. (Joost de Vree)
grachtenGrachten zijn in oorsprong uitgravingen van de bodem om een burcht of stad ter verdediging daarvan. Met de vrijgekomen grond werd een wal opgeworpen of het binnengelegen terrein verhoogd. In laaggelegen terrein vult de gracht zich met water. Na de Middeleeuwen, met bijvoorbeeld de groei van Amsterdam, veranderde de betekenis in gegraven waterloop in het algemeen. (Haslinghuis)
WeichselienHet geologisch tijdvak Weichselien (Vlaanderen: Weichseliaan of Weichsel), ook wel Weichselglaciaal genoemd, is een in Europa gebruikte stratigrafische indeling die overeenkomt met de laatste ijstijd. Deze periode duurde van 115.000 tot 11.700 jaar geleden.
monumentenwachtDe Monumentenwacht ondersteunt eigenaren en beheerders bij het onderhoud van hun monument.
ijzeroxideBinaire verbindingen van zuurstof en ijzer. In de natuur komt ijzeroxide bijvoorbeeld voor in het mineraal hematiet. Er zijn zestien ijzeroxiden en oxyhydroxiden bekend. Het corrosieproduct roest is ook een vorm van ijzeroxide. Deze stoffen hebben veel verschillende toepassingen, bijvoorbeeld als chemische katalysator, pigment of kleurstof. (AAT)
C-horizontDe C-horizont is het horizont onderin het bodemprofiel, bestaande uit ongeconsolideerd (los) moedermateriaal, onaangetast door bodemvorming.
SaalienHet Saalien is een geologisch tijdvak aan het eind van het Midden-Pleistoceen. Tijdens het Laat-Saalien (ca. 150.000 jaar geleden) bereikte het landijs Nederland (voorlaatste ijstijd).
nettenWordt gebruikt voor voorwerpen die bestaan uit ineengrijpende schikkingen van draden, koorden of touwen die zijn samengedraaid, geknoopt of geweven op regelmatige afstanden. Gebruik de term 'net (textiel)' voor open geweven stof gemaakt van twijn, sterke draad of garen, meestal van zijde, katoen, nylon of rayon, met fijne of grove mazen van vaste afmetingen, die wordt gebruikt om verschillende dingen te maken, van sluiers en garneersel op kleding tot tennisnetten en visnetten. (AAT-Ned)
drogingskrimpDrogingskrimp ontstaat door het door verdampen van niet-gebonden water (vrij water) uit het cement.
oxideIn de anorganische chemie is een oxide een verbinding tussen een ander element en zuurstof waarin zuurstof als oxidator optreedt en de oxidatietoestand -2 aanneemt (O2-). (Wikipedia)
vullenHet inbrengen van materiaal in een gat, een scheur of een holte. In de specifieke context van mozaïekonderhoud het aanbrengen van mortel of een ander materiaal in een beschadigd gedeelte van het mozaïekoppervlak. (AAT)
gevolgklassenGevolgklasse is een klassenindeling van bouwwerken uit het oogpunt van de twee aspecten die de grootste directe gevolgen hebben voor de gebruikers indien er iets mis gaat met het gebouw: de constructieve veiligheid en brandveiligheid. Naarmate de mogelijk gevolgen bij een calamiteit groter worden, neemt de gevolgklasse toe.
schuimrubberSchuimrubber is een poreus materiaal (schuim), dat bekendstaat om zijn verende eigenschappen. (Wikipedia)
dekvloerenDekvloeren zijn vloeren die bestaan uit één of meerdere lagen die in het werk direct op de dragende ondergrond, hechtend of niet-hechtend, of op een scheidings- of isolatielaag zijn aangebracht, teneinde één of meer van de volgende functies te vervullen: een bepaald peil te bereiken; het verbeteren van de prestatie op het gebied van bijvoorbeeld vlakheid, veerkracht en akoestiek; het aanbrengen van vloerafwerking of dienst doen als gerede vloer. (Bedrijfschap Afbouw)
bestralingssterkteDe bestralingssterkte of irradiantie is het vermogen per oppervlakte-eenheid van de invallende elektromagnetische straling op een oppervlak. Ze wordt uitgedrukt in watt per vierkante meter en met het symbool E of Ee, waarbij het subscript e staat voor 'energetisch'. Het symbool I wordt ook wel gebruikt.De bestralingssterkte is het tijdgemiddelde van de component van de poynting-vector loodrecht op het oppervlak.De bestralingssterkte van de zon op de aarde, gemeten op een vaste afstand, wordt de zonneconstante genoemd, hoewel ze aan fluctuaties onderhevig is en geen constante waarde heeft.
kwikTe gebruiken voor het zuivere metaalelement met het symbool Hg en het atoomnummer 80. Het is een glanzend zilverachtig metaal dat vloeibaar is bij normale temperaturen. Ook te gebruiken voor het metaal wanneer het wordt bewerkt en gevormd om, meestal in combinatie met andere stoffen, verscheidene voorwerpen en materialen te maken. (Toegepaste Kunst Project, RKD)
losangenRuitvormig zinken dakbedekkingselement. Maten: 38 X 20, 43 X 22, 50 X 25, 58 X 29 cm. Er zijn ook zeshoekige losanges toegepast (systeem Baillot). Losanges worden met klangen aan het dakbeschot bevestigd. Vooral toegepast in XIXb. (Haslinghuis)
plafondsDe oppervlakken boven binnenruimten, soms gemaakt om bouwsystemen of bouwelementen te verbergen. (AAT-Ned)
stelloodDun plakje of stukje lood waarop een bouwdeel wordt gesteld. (Haslinghuis)
kwartsKwarts is de minerale vorm van siliciumdioxide (SiO2); het komt veel voor in rots en edelstenen.
silicatenSilicaten zijn zouten of esters van kiezelzuur.
sponningenGroef of keep waarin een kant van een bouwdeel wordt opgesloten (schuifraam) of waartegen het kan aanslaan (deur, raam, luik). Een kloostersponning is driezijdig, een glassponning en een steensponning tweezijdig. Aan de muurzijde van een kozijn kunnen de stijlen en de bovendorpel voorzien zijn van een steensponning, waarin een kleine sprong in het metselwerk past. Zodoende wordt het kozijn behoed voor verschuiven en wordt water- en winddichtheid bevorderd. Een kalksponning is breed V-vormig en wordt met mortel gevuld, eveneens om het schuiven tegen te gaan. Een tochtsponning vormt een extra belemmering voor tocht. (Haslinghuis)
kassenKassen zijn bouwwerken om planten in te kweken bestaande uit een lichte constructie (meestal van ijzer) waarvan de afsluiting naar buiten vrijwel uitsluitend uit glas bestaat. (Haslinghuis)
ExpressionismeExpressionisme is een bouwstijl waarbij de expressie van een innerlijke ervaring van de architect een vorm creeert waarbij een emotioneel effect wordt bewerkstelligd. In de Nederlandse architctuur wordt het expressionisme vooral gekenmerkt door expressieve baksteenarchitectuur tussen 1910 en 1930 met name in Amsterdam. De nadruk lag op de plastisch vormgegeven buitenzijde. In Nederland werd deze bouwstijl Amsterdamse school genoemd. Wanneer het om overwegend decoratieve onderdelen gaat, bijvoorbeeld winkelpuien, spreekt men wel over art deco. (Bouwstijlen in Nederland 1040-1940 / Roland Blijdestijn, Ronald Stenvert, 2000)
versuikerenHet uiteenvallen in losse korrels; sterke korstvorming met gips aangroei
gresaardewerkDichtgesinterd aardewerk
plaatstaalGewaltste stalen al of niet gegalviseerd.(Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
trijpTrijp is een weefsel gemaakt van fluweel met een pool van geitenhaar en een grondweefsel van linnen. Door inpersing van blokken of rollen wordt een patroon aangebracht in het textiel. In de tweede helft van de 17de eeuw en begin 18de eeuw kende het trijp een belangrijke industrie in voornamelijk het Noorden van Nederland. Trijp werd vanuit Nederland onder andere geexporteerd naar Frankrijk en omliggende landen. Trijp is ook wel bekend als Velours d'Utrecht, vermoedelijk een Franse verbastering van velours de ‘trec’: het fluweel wordt doorgetrokken onder walsen waarop het patroon in relief is aangebracht. Tot in de 19de en 20ste eeuw bezat Hengelo een Trijp-weverij, die met de oude, bewaarde walsen werkte. Trijp is gebruikt als interieurtextiel. (Winkler Prins Encyclopaedie, Elsevier, 1954 zesde geheel nieuwe druk)
foreestEen wildpark Foreest is een juridisch begrip dat duidde op een verzameling gebruiksrechten van de landheer. De oudste vermelding in Nederland stamt uit 777. In de vroege middeleeuwen waren de foreesten meestal eigendom van de koning of keizer. Zonder toestemming mocht niemand in deze uitgestrekte gebieden jagen. Na de middeleeuwen raakt de term ‘’foreest’’ steeds minder in gebruik.
natriumsilicaatNatriumsilicaat is een oplosbaar natriumzout van kiezelzuur, met als brutoformule Na2SiO3 (in watervrije toestand). (Wikipedia)
kleiKlei is het verweringsproduct van stollingsgesteente en metamorf gesteente. Klei bestaat uit gehydrateerde aluminiumsilicaten.
zwavelzuurZwavelzuur - vroeger ook wel vitriool genoemd - is een industrieel belangrijk anorganisch zuur met als brutoformule H2SO4. Onder standaardomstandigheden komt het voor als een kleurloze, geurloze, viskeuze en sterk hygroscopische vloeistof met een glasachtige glans, die volledig mengbaar is met water. Zwavelzuur wordt vrijwel altijd in de vorm van een waterige oplossing verhandeld en gebruikt.
porositeitDe porositeit van een materiaal is het volume van zijn poriën als deel van het bruto volume van het materiaal.
metaalAlle leden van een grote groep stoffen die meestal een kenmerkende glans vertonen. Het zijn goede geleiders van elektriciteit en warmte, ze zijn ondoorschijnend, kunnen smelten en zijn meestal pletbaar of kneedbaar. (Project Fotografie) Een metaal is een materiaal dat in vaste vorm kristallijn is, ondoorzichtig, smeedbaar, pletbaar en een goede geleider van warmte en stroom. (Conservation Dictionary)
sporenMetalen drijvers die zijn bevestigd aan de hielen van de laarzen van de rijder en die worden gebruikt om het paard aan te drijven. (AAT-Ned)
PictorightPictoright is een Nederlandse collectieve beheersorganisatie voor auteursrechten van aangesloten illustratoren, grafisch vormgevers, fotografen en beeldend kunstenaars. Ook erfgenamen kunnen zich als rechthebbende aansluiten.
udelfanger zandsteenUdelfanger zandsteen: zandsteen welke gewonnen wordt bij Udelfangen, ten noordwesten van Trier, Duitsland. De steen is geelgroen van kleur en bevat vaak wat leem. Het breukvlak is fijnkorrelig", "Fijnkorrelige groenige zwartgespikkelde zandsteen uit de omgeving ten noordwesten van Trier. Er komen veel leemhoudende gedeelten in voor, die snel door winderosie verweren. Tussen 1870 en 1900 in Nederland veel toegepast. (Haslinghuis)")
verblendsteenVerblendstenen zijn gladde strengpersstenen die gebruikt worden als bekledingssteen, zowel binnen als buiten. De steen werd het eerst geproduceerd in 1850 te Silezië, en eind 19e eeuw ook in Nederland. De naam komt van het Duitse woord verblenden wat blinderen of verbloemen betekent. De stenen, gemaakt van een fijne en vette klei, onderscheiden zich van reguliere strengpersstenen door de doorlopende gaten voor een goed doorbakken en tegen scheurvorming. Door toevoeging van kleurstoffen worden verschillende heldere kleuren verkregen. Worden ook verglaasd geleverd. Afmetingen naar Waalformaat, maar ook dubbele (11 x 11 x 22 cm) en vierdubbele waalvormen (11 x 22 x 22 cm) komen voor. (Scharroo, P.W. Bouwmaterialen. Encyclopaedische Gids voor Theorie en Practyk. Amsterdam: L.J. Veens, 1945)
selenietSeleniet is de naam voor grote doorschijnende gipskristallen. Gipskristallen ontstaan door oxidatie van kalkhoudende klei-afzettingen.
begraafplaatsenBegraafplaatsen zijn terreinen waar stoffelijke resten van overledenen begraven, bijgezet of verstrooid worden. Te onderscheiden van kerkhof, een begraafplaats rond een kerk.
bakstenenBakstenen zijn stenen die ontstaan door klei, hoofdzakelijk gewonnen in de uiterwaarden van de grote rivieren, te vormen in blokken en vervolgens op hoge temperatuur (c. 800 - 1100 °C) te bakken. Aan de hand van het vormingsprocedé onderscheiden we handvormstenen, vormbakpersstenen en strengpersstenen. Na te zijn gedroogd, worden de stenen opgestapeld en gebakken. De kwaliteit van de steen is afhankelijk van de temperatuur waarop deze gebakken is; hogere temperaturen geven hardere stenen, te hoge temperaturen gesmolten misbaksels. Omdat de stapel of 'tas' niet overal aan dezelfde temperatuur blootgesteld wordt, dient na het bakken gesorteerd te worden op hardheid en kleur. Dit gebeurt zowel visueel als op klank; Hardere stenen hebben een donkere kleur en geven een heldere klank als ze tegen elkaar geslagen worden (klinkers), zachtere stenen kleuren feller en klinken dof. Naar gelang ijzeroxide of calciumoxide de overhand heeft in de klei, kleurt de steen rood of geel. Bakstenen werden reeds gebruikt in de oudheid, aangenomen wordt dat in Nederland de productie techniek is herondekt door de kloosterlingen omstreeks 1250.
techniekenEen techniek is een werkwijze die men volgt bij het uitvoeren van een werk. Onder de techniek waarmee een kunstwerk tot stand komt, verstaat met de gebruikte techniek zoals de aquareltechniek of de film. Wordt gebruikt voor de manier waarop een handeling wordt uitgevoerd of de methode waarmee dat gebeurt. Gebruik 'procédés' wanneer er in het algemeen wordt verwezen naar de verrichtingen die worden uitgevoerd of de procedures die worden gevolgd teneinde een bepaald resultaat te bereiken, en ook voor werkingen of veranderingen die plaats vinden in materialen of objecten. (AAT-Ned)
leienLeien zijn kleine dunne platen, die uit leisteen gekloofd en gehakt zijn, en worden gebruikt als dakbedekking. Een lei is enkele mm tot ruim 1 cm dik, meestal blauwgrijs maar ook roodpaars of groen van kleur. Naar gelang de structuur van het basismateriaal kunnen ze worden geleverd in rechthoekige of daarvan afgeleide vorm of in schubvorm. Schubleien kwamen in hoofdzaak uit het gebied van Rijn en Moezel, vandaar dat er ook gesproken wordt van Rijndak. Ook Thüringen levert goede schubleien. Bij Rijnse leien werd gesproken over Andernakels (Andernach).In de 17e en 18e eeuw kwamen veel leien uit Cornwall en Devonshire in Engeland, onder verbasterde namen als Dortmuidse leien, Pleymuidze leien, Salcomse of Schaalkomse leien en Vaalmuidse leien. Tegenwoordig worden ook leien gehakt uit Spaans materiaal.Als de leien uit het Franstalige gebied afkomstig waren, werden ze vaak als schaliën aangeduid. (Haslinghuis)
risico'sEen onzekere gebeurtenis of reeks gebeurtenissen die, als die zou plaatsvinden, effect zou hebben op het bereiken van doelstellingen. Een risico wordt gemeten door een combinatie van de kans van optreden dat een geïdentificeerde bedreiging of kans optreedt en de mate van de impact ervan op doelstellingen. Een risico is de kans dat een bekend gevaar een bepaalde schade in bepaalde omstandigheden zal veroorzaken, binnen een aangegeven tijdvak.
artefactenIn algemene zin, objecten die zijn gemaakt of bewerkt door mensen, gewoonlijk handgereedschap, gebruiksvoorwerpen, sieraden of kunst. In de archeologie is een artefact een object dat is vervaardigd door een menselijke cultuur en wordt onderscheiden van natuurlijke resten, en later is aangetroffen bij archeologische werkzaamheden. Zie ook 'culturele artefacten' voor de context van objecten die specifiek worden verzameld door musea. Gebruik de term niet in de technische en medische betekenis, dat wil zeggen voor een product of effect dat niet aanwezig is in de natuurlijke toestand van een organisme of een systeem, maar optreedt wegens het onderzoek zelf of het gevolg is van een andere externe activiteit. (AAT-Ned) Een artefact (Latijn: arte factum - 'kunstmatig gemaakt') is in de archeologie de benaming voor ieder verplaatsbaar object dat door de mens is vervaardigd, bewerkt en/of gebruikt. Artefacten worden meestal bij archeologische opgravingen gevonden. Enkele voorbeelden van artefacten: een vuurstenen vuistbijl, een terracotta amfora, een bronzen fibula, een barnstenen kraal, textiel, een gouden munt, een benen vishaak etc.
oxidehuidEen oxidehuid is een laagje oxide op het moedermateriaal, die bestaat uit het materiaal dat gereageerd heeft met zuurstof. Het oxideren van metaal (zoals roest) tast meestal het materiaal aan. Maar soms vormt de oxidehuid een bescherming. Wanneer de oxidehuid ontstaat door reactie met zuurstof in de lucht, dan ontstaat vanzelf een nieuwe oxidehuid bij een beschadiging. De oxidehuid kan ook chemisch aangebracht worden. Dan wordt vaak een zuur gebruikt.
wiggenklein stuk hout van scherp driehoekige doorsnede. Wordt gebruikt om een bouwdeel vast te zetten door de wig aan te drijven tussen twee delen. Ook b.v. om natuursteenwerk te stellen bij het bouwen. (Haslinghuis)
vorstkammenVorstkammen zijn gebeeldhouwde of gegoten kammen van steen, lood, zink, smeed- of gietijzer. Ze worden toegepast op vorsten, langs daklijsten of op luchtbogen van gotische gebouwen. Later zijn ze veelvuldig op neogotische en neorenaissancistische gebouwen toegepast, zowel bij restauraties als bij nieuwbouw, in ijzer, zink en terracotta. (Haslinghuis)
akkerbouwAkkerbouw is een vorm van landbouw: het is het geheel van economische activiteiten waarbij het natuurlijke milieu wordt aangepast ten behoeve van de productie van planten voor menselijk gebruik. Afhankelijk van het product, de productiemethode en het niveau van welvaart wordt gebruikgemaakt van een groot aantal uiteenlopende technieken, variërend van het werken met eenvoudige werktuigen tot het gebruik van grote machines, waarbij arbeid steeds meer vervangen wordt door machines.
steekvormingSchadevorm bij natuursteen waarbij steken (scheuren) ontstaan die meestal loodrecht op het groefleger staan.
oude zeekleipoldersPolders; ontstaan door bedijking van bewoonde kweldergebieden
keilboutenSteunen voor bouten en schroeven die worden gebruikt om houten structuurdelen te bevestigen aan metselwerk of betonnen muren. (AAT-Ned)
roeden (molen)De lange balk die door de askop gestoken de twee wieken vormt. Een windmolen heeft dus 4 wieken en twee roeden. Vroeger werden ze van zeer zware dennen of Amerikaans grenen gemaakt. Tegenwoordig gebruikt men metaalijzer. Dikte in de askop 40 cm, bij de enden 10 cm. Plaatdikte in askop 12 mm, bij de enden 6 mm.
glasovergangstemperatuurDe glasovergangstemperatuur van een amorf materiaal is de temperatuur waarbij verder verhitten leidt tot een overgang van de glasachtige toestand naar een plastische of rubberachtige toestand.
spaanplatenSpaanplaat wordt gemaakt uit zaagsel, kleine stukjes (spaanders) hout en een bindmiddel, meestal een kunsthars. (Wikipedia)
afwerkvloerenAfwerkvloeren vormen de bovenste laag van een vloer die direct wordt blootgesteld aan gebruik. Afwerkvloeren zijn in te delen in vloeren die in het werk worden gemaakt en afwerkvloeren die fabrieksmatig, vooraf, zijn gemaakt. (Bedrijfschap Afbouw)
polyetheenHet polymeer polyetheen is een veel gebruikt materiaal. Het is de meest gebruikte kunststof (plastic). Ook de oudere naam polyethyleen wordt gebruikt, en is in feite nog de meest courante benaming bij de producenten en verbruikers van deze kunststof.Vroeger werd het ook wel als polymethyleen aangeduid omdat het ook gezien kan worden als een keten van aaneengeschakelde methyl-groepen.Omdat het tegenwoordig gemaakt wordt door etheen te koppelen in ketens, is de naam nu polyetheen.
elasticiteitRek, elasticiteit, is de eigenschap van een materiaal om naar zijn oorspronkelijke vorm en afmeting terug te keren na vervormd te zijn.
metselverbandenMetselverbanden zijn steenverbanden, de wijze waarop stenen, m.n. bakstenen, aan de buitenzijde van een muur zijn gerangschikt, om een goede hechtheid van het metselwerk te garanderen en de muur een goed aanzien te geven. Essentieel is dat in opvolgende lagen stootvoegen niet boven elkaar staan. (Haslinghuis)
lichtstroomDe lichtstroom is een lichttechnische grootheid die uitgestraalde hoeveelheid licht per tijdseenheid aangeeft, gecorrigeerd voor de spectrale gevoeligheid van het menselijk oog. De lichtstroom kan worden gezien als het fotometrisch equivalent van het geleverde vermogen.
overspanningsafleidersEen overspanningsafleider is een constructie die in het geval van het optreden van een overspanning, bijvoorbeeld ten gevolge van blikseminslag of schakelhandelingen, een veilige afleiding in werking zet opdat de overspanning geen schade toebrengt aan overige componenten.
zwavelOrthorhombisch mineraal van het gedegen element zwavel. (AAT-Ned)
craqueléHet craquelé in een glazuur op ceramiek is het patroon van fijne barstjes, dat met opzet door de pottenbakker kan worden gemaakt door materialen voor scherf en glazuur te gebruiken die niet helemaal bij elkaar passen.
kerkenKerken zijn gebouwen waar de christelijke godsdienstoefening wordt gehouden. Aanvankelijk was de altaarruimte het belangrijkste onderdeel. In de verschillende katholieke liturgieën is deze dat nog. Sinds de Hervorming ook als preekkerk. Een parochie wordt bediend door een parochie- of kerspelkerk. Als aan de kerk een kapittel van kanunniken is verbonden, spreekt men van een collegiale of kapittelkerk. Een stifts-, abdij- of kloosterkerk behoort bij een kloostergemeenschap. De hoogste rang bezit een kathedraal of dom. (Haslinghuis)
geometrieMeetkunde. Veel vormen in de architectuur zijn gebaseerd op meetkundige figuren. Met name in de gotiek zijn veel vormen gebaseerd op geometrische verhoudingen. (Haslinghuis) Tak van de wiskunde die zich bezighoudt met de meting, verhouding en eigenschappen van punten, lijnen, krommen, hoeken, vlakken en ruimtelijke figuren. (AAT-Ned)
cementspecieCementspecie wordt gemaakt uit cement als bindmiddel en zand als toeslag.
tuinenTuinen als groen erfgoed zijn cultuurhistorisch waardevolle begrensde terreinen met een sier- of nutsfunctie. Tuinen zijn beplant, vaak ontsloten door paden en liggen meestal in de nabijheid van een huis. Nederlandse tuinen tussen 1700 en 1900 lagen ook buiten de stadssingels of wallen als buitentuin of speeltuin. In het Middel-Nederlands betekent tuyn of tuen vlechtwerk van teen, de omheining. (Haslinghuis)
analyseHet nauwkeurig onderzoeken van een voorwerp, handeling, materiaal of begrip door het op te delen in basiselementen of samenstellende delen. (AAT)
Kunrader steenLichtbruine of gele steen, gelijkend op mergel maar harder. Afkomstig uit groeven in de buurt van Kunrade (L.). Reeds door de Romeinen in Zuid-Limburg gebruikt. (Haslinghuis)
kalkzandsteenLichtgrijze kunststeen, vervaardigd uit kalk en zand, verhard in geperste toestand onder invloed van stoom. In 1880 werd aan de Duitser Wilhelm Michaelis een octrooi verleend. De eerste fabriek in Nederland werd in 1898 gesticht in Oldenzaal. Later ook fabrieken op andere plaatsen in zandgrondgebieden, o.a. Hillegom en Huizen (N.H.). In de begintijd veel toegepast voor gevelmetselwerk, ook in rozerood en zwart. Thans meestal voor binnenwerk. (Haslinghuis)
polyurethaan lakPolyurethaan lakken zijn lakken die gedeeltelijk bestaan uit Polyurethaan. Polyurethaan is een belangrijke groep polymeren.
zure neerslagZure neerslag is regen, sneeuw of mist die is verontreinigd door de reactie van het water met zwaveldioxide en stikstofoxides afkomstig van industriële processen en autoverkeer.
paramentwerkParement is een benaming die wordt gegeven aan (meestal natuurstenen) gevelbekleding.
orgeltrapperEen orgeltrapper heeft de taak een orgel te voorzien van constante winddruk. Daartoe staat hij op aan de balgen gemonteerde hefbomen, waarmee hij deze vult met lucht; bij het leeglopen van de blaasbalg wordt de 'wind' het orgel in geblazen.
serresSerres zijn lichte, glazen aanbouwen op de begane grond waar binnen door de werking van het zonlicht snel een aangenaam, warm klimaat ontstaat. Ze kunnen van eenvoudig tot rijk en van klein tot groot zijn uitgevoerd. De ligging is voornamelijk aan de zonnige kant van het gebouw. De bouw kan in combinatie met andere bouwsels zoals balkons, veranda’s, erkers of souterrains zijn gerealiseerd. Serres komen Vanaf de 19e eeuw in Nederland voor. De oudere betekenis van serre is plantenkas; soms wordt oranjerie of wintertuin bedoeld. (Gids historische serres en veranda's 2014)
morfologieTe gebruiken voor de fysieke vorm van een ding of een materiaal, vaak met betrekking tot vormen of rangschikkingen van delen. (AAT)
kippengaasEen licht gegalvaniseerd hekwerk, meestal met zeshoekige mazen. (AAT-Ned)
exterieursDelen of onderdelen op de buitenkant van een gebouw
karpettenKarpetten zijn afgepaste tapijtweefsels die kleiner zijn dan het vloeroppervlak en daar geheel los op liggen. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
monomeerEen monomeer is een klein molecuul dat chemisch kan reageren met een of meer andere monomeren en zo een oligomeer of polymeer kan vormen.
esdekkenEsdekken zijn oude verhoogde bouwlanden, het dek is ontstaan door ophoging ten gevolge van bemesting met plaggen of met zand vermengde potstalmest. We noemen het een es als de opgebrachte laag ten minste 50 cm dik is. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
bitumenlakBitumenlak is een oplossing van harde of geblazen bitumen met een vluchtig oplosmiddel. Het materiaal wordt onverwarmd en onverdund verwerkt als hechtlaag op vlakken daken tot 15 graden.
PortlandsteenPortland: kalksteen welke gewonnen wordt in Dorset, Engeland. De steen is fijnkorrelig van structuur. Het breukvlak is fijnkorrelig. Portland whit bed: variant van Portland, oölitische kalksteen met een vrij open structuur waarin veelvuldig schelpen voorkomen. Portland base bed: variant van Portland met een fijnere en meer dichte structuur dan Portland whit bed, waarin minder grote schelpen voorkomen. Portland roach: variant van Portland met een grovere, meer open structuur dan Portland whit bed, waarin kleine en grote, deels open schelpen voorkomen.
witte rotWitte rot is aantasting van hout door een schimmel die de bruine lignine verteert en de lichter gekleurde cellulose achterlaat. Witrot breekt de lignine, de eigenlijke houtstof, in het hout af in een proces dat ligninolyse genoemd wordt en waarbij de lignine in glucose eenheden wordt omgezet. Door witrot aangetast hout verandert door het enzym ligninase in een witte, sponzige, vezelige substantie die makkelijk uit elkaar valt. Witrot vernietigd duidelijk de structuur van het hout in tegenstelling tot bruinrot waar die structuur ogenschijnlijk bewaard blijft.
lijmLijm: vloeibare stof of mengsel, als dan niet voorzien van (zeer fijne) vulmiddelen, waarmee na verharding een verbinding tussen twee onderdelen is te bewerkstelligen. (Bestekstermen voor B bewerking, behandeling en verwerking van natuursteen)
antenneconvenantIn het antenneconvenant staan de afspraken tussen de Rijksoverheid, de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en de mobiele operators voor een zorgvuldige plaatsing van vergunningsvrije antennes voor mobiele communicatie in Nederland.
toestandDe (conserverings)toestand van een voorwerp wordt bepaald door de mate waarin de originele onderdelen bewaard zijn en door de fysieke staat ervan.
onderhoudEr voor zorgen dat mensen, materiële voorwerpen of eigendommen operationeel blijven zoals ze zijn in hun huidige toestand. (AAT)
bestemmingsplannenBestemmingsplannen zijn beleidsplannen waarin het gebruik van de grond en de opstallen is vastgelegd. Gebied dat in het bestemmingsplan bijvoorbeeld als agrarisch wordt aangeduid, mag niet worden gebruikt voor kantoorgebouwen. Het bestemmingsplan bepaalt ook de toekomstige bouwmogelijkheden van de grond.
vormgevingVakgebied dat het maken inhoudt van conceptuele schema's voor de indeling of het uiterlijk van grafische werken, objecten, structuren of systemen. (AAT)
olielampenLichtbron met oliereservoir. De verbranding van de olie door middel van een in de olie gedrenkt katoentje zorgt voor het licht. Werd gebruikt als verlichting in kerken en kloosters. (Religieus Erfgoedthesaurus)
afzettingenAfzettingen (sedimenten) zijn neerslagen of bezinkingen van materiaal. Dit materiaal kan door bijvoorbeeld landijs, rivieren, wind of zee zijn aangevoerd. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
gsm-mastEen gsm-mast (officiële aanduiding base transceiver station - BTS) is mast die de antennes draagt die draadloze communicatie tussen gebruikersapparatuur (UE) en een netwerk mogelijk maakt. UE's zijn toestellen zoals mobiele telefoons (handsets), WLL-telefoons, computers met draadloze internetconnectiviteit. Het netwerk kan bestaan uit een van de draadloze communicatietechnologieën, zoals GSM, CDMA, wireless local loop, Wi-Fi, WiMAX of andere wide area network (WAN)-technologieën.
wijstgrondenWijstgronden zijn natte ijzerrijke gronden, die voorkomen aan de rand van de Peelrandbreuk. Hun voorkomen hangt samen met de stagnatie van water in relatie tot de aanwezigheid van deze breuk.
killenInspringende hoek waar twee dakvlakken elkaar ontmoeten. (Haslinghuis)
leihakenLeihaken zijn haken waaraan de daklei wordt opgehangen. Deze worden voornamelijk gebruikt bij een Maasdak. (Haslinghuis)
oxidelaagBeschermende laag op materiaal. Bijv. op aluminium.
bout (bevestigingsmiddel)Metalen staaf, rond of hoekig van doorsnede, meestal met gesmede kop en soms voorzien van een schroefdraad waarop een (zie) moer past. Bestemd om in een daarvoor geboord gat gedreven, geklonken, geschroefd of vastgespied te worden, teneinde de zware onderdelen van een hout- of ijzerconstructie stevig te verbinden. (Haslinghuis)
metaalhalogenidenMetaalhalogeniden zijn verbindingen tussen metalen en halogenen. Sommige, zoals natriumchloride, zijn ionisch, terwijl andere covalent gebonden zijn. Enkele metaalhalogeniden zijn afzonderlijke moleculen, zoals uraniumhexafluoride, maar de meeste hebben een polymere structuur, zoals palladiumchloride.
straalverbindingEen straalverbinding is een radioverbinding tussen twee antennes die de data overdragen. De antennes zijn op elkaar gericht. Een straalverbinding is Een alternatief voor een kabelverbinding. Er moet vrij zicht zijn tussen de twee radiostations. Door de kromming van het aardoppervlak is het maximale bereik beperkt tot ongeveer 75 kilometer. Naast vaste straalverbindingen kunnen ook tijdelijke straalverbindingen worden opgezet, bijvoorbeeld ter gelegenheid van een evenement.
euvilleEuville: kalksteen welke gewonnen wordt in het Département de la Meuse, Frankrijk. De steen heeft een grofkorrelige structuur en is opgebouwd uit onder andere crinoïden en stekels van zeeëgels, die samengegroeid zijn door kristallijne koolzure kalk. Het breukvlak is ruw korrelig met glanzende facetten van kristallijne kalk. Bruinkleurige en sponsachtige plekken kunnen voorkomen. Euville marbrier: variant van Euville.
ijzerwerkAlles wat van ijzer is gemaakt. (Haslinghuis)
blokjesvloerenBlokjesvloeren zijn dekvloeren die bestaat uit korte stukken rechthoekig hout, die met de kopse zijde naar boven op een ondergrond worden gelegd of gelijmd. Het hout wordt gewoonlijk in visgraatverband gelegd. Wanneer de ondergrond zand is, worden grotere blokken gebruikt, die in halfsteensverband worden gelegd. Een blokjesvloer is onder meer geluiddempend en vonkdovend en is daarom vaak toegepast in brandgevaarlijke bedrijven, laboratoria en werkplaatsen of als vloer in de paardenstallen. De blokjes zijn in de negentiende eeuw ook als bestrating toegepast op bruggen en tussen tramrails. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
gaatpannenGaatpannen zijn keramische pannen waar in het midden een opening is uitgespaard voorzien van een sponning waarin een glasplaat kan worden aangebracht. Gebruikt voor de verlichting van zolders.
cementmortelMortel gemaakt van portlandcement, zand en water, soms met kalk om het uitstrijken te vergemakkelijken. (AAT)
kernhoutHout uit de kern van een boom, dus niet het spinthout. (Haslinghuis)
glaciologieGlaciologie is de wetenschap die zich richt op ijs (bijv. landijs, gletsjers).
injectieharsInjectiehars is geschikt voor het injecteren van holle ruimten onder stalen voetplaten en losse tegels.
trappenhuizenTrappenhuizen zijn ruime gedeelten van gebouwen waarin de trappen zijn aangebracht. Ze zijn minder zelfstandig dan traptorens.
Restauratoren RegisterRegister van restauratoren van roerend erfgoed en historische binnenruimten.
beoordelingsrichtlijnEen beoordelingsrichtlijn (BRL) is een document dat alle informatie bevat voor de beoordeling van een (certificatie)systeem voor een bepaald product/realisatieproces/persoon/dienst. De opgenomen eisen kunnen betrekking hebben op zowel het privaatrecht (kwaliteitseisen van de markt) als het publiekrecht (idem, van overheden).
zwaveldioxideZwaveldioxide, SO2, is een verontreinigend gas dat vrijkomt bij het verbranden van fossiele brandstoffen.
schijvenglasSchijvenglas is vlakglas dat wordt verkregen door eerst met een blaaspijp een kleine hoeveelheid lucht te blazen in een hoeveelheid heet, week glas en daarna door het snel draaien van de blaaspijp om zijn as, waardoor door middel van middelpuntvliedende kracht de bel vervormt tot een vrij platte schijf. Om een grotere schijf te krijgen wordt nadat de bol geblazen is aan de tegenoverliggende zijde een ijzeren staaf aangesmolten. Vervolgens wordt de blaaspijp verwijderd waardoor een opening ontstaat. Daarna wordt het glas weer opgewarmd en vervolgens wordt met een stok de opening in de bol zo ver mogelijk opgerekt, zodat een soort schaal ontstaat. Deze wordt opnieuw verhit en om de as van de staaf gedraaid (geslingerd) om een schijf te krijgen. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
Regeling rijkssubsidiëring instandhouding monumentenRegeling rijkssubsidiëring instandhouding monumenten of Rrim is een Nederlandse regeling bedoeld voor van rijkswege beschermde monumenten (rijksmonumenten, niet zijnde archeologische monumenten). De regeling is samen met de Leidraad Brim subsidiabele instandhoudingskosten onderdeel van het Besluit rijkssubsidiëring instandhouding monumenten of Brim welke sinds 1 februari 2006 van kracht is.
dookgatenGat in een natuurstenen onderdeel waarin een dook wordt bevestigd, meestal d.m.v. ingegoten lood. (Haslinghuis)
glazuurDun, meestal glanzend deklaagje. (Toegepaste Kunst Project, RKD)
aardbodemOppervlak van de aarde.
spiegelglasSpiegelglas is een gegoten glas dat aan beide zijden is geschuurd en gepolijst om het vlak en doorzichtig te maken. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
travertinTravertin is een wit sedimentgesteente op basis van calciumcarbonaat (CaCO3) dat veel als bouwmateriaal is gebruikt.
aluminiumverfVerf met een aluminiumlegering, die geverfde oppervlakken beschermt tegen ontkleuring als gevolg van schimmelvorming. (AAT-Ned)
ijzerFe. Dichtheid 7,86 kg/m3. Metaal dat in de bouw zeer veel is toegepast, vooral voor het opnemen van trekkrachten in verankeringen, trekstangen e.d.. Het heeft het nadeel dat het sterk kan corroderen (roesten), waarna door volumevermeerdering schade aan bouwdelen kan optreden. Ook gebruikt voor spijkers, hang- en sluitwerk, siersmeedwerk en vele andere doeleinden. In XVII werd vooral vanwege de taaiheid en buigbaarheid veel ijzer uit Zweden betrokken en als zodanig in bestekken vermeld.Kan ook worden gegoten in vormen. Gietijzer bevat 3-5 koolstof, is bros en kan geen trekkrachten opnemen. Smeedijzer bevat ongeveer 0,1 koolstof. IJzer met zeer weinig koolstof wordt staal genoemd.
microcementMicrocement is een coating op basis van cement, kunsthars, toevoegingen en minerale pigmenten.
korstmossenKorstmossen (of lichenen) zijn symbiosevormen tussen een mycobiont: een schimmel en een fycobiont: een fotosynthetisch organisme dat een bacterie of een alg is. Taxonomisch worden de korstmossen gerekend tot de schimmels en zijn dus geen landplanten. (Wikipedia)
conserveringsverslagEen verslag van de werkzaamheden die zijn uitgevoerd, de reden waarom ze zo zijn uitgevoerd, de materialen die zijn gebruikt en de plek waar deze zijn aangebracht, plus fotodocumentatie.
plateDe horizontale planken of balken in een muur bij een vakwerkconstructie, hetzij bovenop de standvinken van een muur, hetzij op de grond om andere balken of dwarsbalken te dragen. (AAT)
grasPlant van het genus Gramineae, met stengels met knopen, schedevormige bladeren en een aartje met zaadachtige korrels. (AAT-Ned)
kookbeitelsBeitels waarmee de naden van ijzeren of stalen platen worden dichtgeslagen. (MARDOC)
frontons (bouwelement)Frontons zijn bekroningen van een gevel, venster of ingang. Ze zijn driehoekig of segmentvormig. (Haslinghuis)
polystyreenEen helder plastic of stug schuim, een polymeer van styreen, die hoofdzakelijk wordt gebruikt als isolatiemateriaal in koelkasten en airconditioningsapparaten, en als verpakkingsmateriaal. (AAT-Ned)
brikgrondenBrikgronden zijn alle minerale gronden met een duidelijke klei-inspoeling in de B-horizont. Dit heet in het Nederlandse systeem een textuur-B of briklaag. Het is een begrip uit de Nederlandse bodemclassificatie. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
biodegradatieBiologische afbraak is een proces waarbij organische stoffen (dat wil zeggen stoffen die koolstof bevatten) afgebroken worden door de natuurlijke activiteit van micro-organismen, zoals bacteriën en schimmels. Stoffen die zich op deze manier laten afbreken, noemt men biologisch afbreekbaar. Alleen organische (dat wil zeggen koolstof bevattende) bestanddelen kunnen biologisch worden afgebroken. Anorganische stoffen kunnen slechts uiteenvallen onder invloed van andere mechanismen. Biologische afbraak is de schade aan een voorwerp veroorzaakt door levende organismen.
poortgebouwenWordt gebruikt voor bouwwerken naast, bij of boven toegangspoorten, meestal met de woning van de poortwachter. (AAT-Ned)
tegeltableausEen tegeltableau is een meestal figuratief beschilderde voorstelling op een in aardewerk tegels verdeeld vlak, dat na de beschildering is gebakken en geglazuurd. (Wikipedia) Tegels die gezamenlijk drager zijn van een voorstelling. (Religieus Erfgoedthesaurus) Tegeltableaus zijn rechthoekige wandtegels, doorgaand beschilderd met een voorstelling en aldus een geheel vormend. (Haslinghuis)
vestibulae (hal)Latijnse benaming voor de hal aan voor- en achterzijde van een Griekse tempel. (Haslinghuis)
wijzigingenWordt gebruikt voor een verandering aan een object of structuur. Verwijst vooral naar het fysieke bewijs van de verandering. In de architectuur wordt 'toevoeging' gebruikt wanneer de verandering een volumevergroting teweegbrengt, en 'wijziging' wanneer dit niet het geval is. (AAT-Ned)
gecanneleerdVan cannelures voorzien. Ook: gegroefd. (Haslinghuis)
opstoppenOpstoppen is het herstellen van een rietdak door riet in kleine bosjes met een lengte van 60 cm in de bestaande rietlaag te steken en op de dikte van het rietdek geklopt. De gaarden worden om de andere lat op het riet gebonden. Dit betekent dat de gaarden dan zichtbaar blijven.(Het weke dak: riet- en strobedekkingen / RV bijdrage 11, Zeist 1992
duilenDuilen zijn de uiteinden van dikke poreuze stengels van de lisdodde de zogenaamde sigaren.
OSL-dateringOSL-datering (Optical Stimulated Luminescence) gaat uit van het gegeven dat mineralen zoals kwarts en veldspaat licht (luminescentie) kunnen uitstralen. Met de methode wordt het moment van afzetting en begraving van sediment bepaald, of het moment van bakken van aardwerk.
faienceFaience is tingeglazuurd aardewerk, dat vooral in Italië, Frankrijk, Duitsland of Scandinavië is gemaakt.
metamorfgesteenteMetamorfe natuursteen: natuursteen gevormd door omzetting van een stollingsgesteente of een sedimentaire natuursteen. Door hoge drukken en temperaturen is een wijziging van de structuur en mineraalinhoud opgetreden.
NENNEN is de afkorting van NEderlandse Norm.
gietijzerGietijzer is hard, bros en niet smeedbaar ijzer, verkregen door ruwijzer in een koepeloven te smelten. Soms wordt er kalksteen aan toegevoegd, waardoor het ijzer wordt gezuiverd van zwavel, fosfor e.d.. Het wordt sedert de vijftiende eeuw toegepast. Het gietijzer kreeg vooral in de negentiende eeuw ruime toepassing voor talrijke onderdelen in de bouw, zoals ankerrozetten, goten, kaponderdelen en kolommen, maar ook voor bruggen, grafmonumenten, plantenkassen en zelfs hele gebouwen, zoals het Paleis voor Volksvlijt te Amsterdam (1861). Elementen voor vuurtorens werden eveneens van gietijzer gemaakt en op de bouwplaats gemonteerd. De laatste ijzergieterij van belang in Nederland werd in 1983 gesloten. (Haslinghuis)
asfaltAsfalt is de benaming voor producten die samengesteld zijn uit asfaltbitumen en minerale stoffen zoals basaltsplit. Het gaat hier dus om mengsels ofwel samengestelde producten.
CIELABDe L*a*b* kleurenruimte, ook bekend als CIELAB, is een in 1976 door de CIE gedefinieerde manier om kleur uit te drukken als een punt ergens in een bolvormige ruimte. De L* is de lichtheid die van wit naar zwart loopt. De a* geeft de groen-rood waarde en de b* geeft de blauw-geel waarde. Iedere kleur heeft zijn eigen L*a*b*-coördinaten. Het verschil tussen twee kleuren, DeltaE, wordt uitgedrukt als de afstand tussen de twee coördinaten in de bol.
DNA-onderzoekOnderzoek van een monster, liefst vrij van contaminatie, van bijv. menselijke skeletresten om geslachtsbepaling, verwantschapsonderzoek, genetische groepssamenstelling groep, geografische herkomst te bepalen.
millimeterEen millimeter (0,001 meter), symbool mm, is een uit het SI-stelsel afgeleide lengtemaat met de grootte van een duizendste deel van een meter. milli is afgeleid van het Latijnse woord voor duizend.
podzolEen Podzol is een bodem met een uitspoelingslaag (E-horizont) en een inspoelingslaag (B-horizont). Het proces van het uitlogen van de E-horizont en de vorming van een B-horizont door inspoeling van amorfe humus en ijzer wordt podzolering genoemd. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
melkglasEen ondoorzichtig glas dat op wit porselein lijkt. (Project Fotografie) Melkglas is door en door gekleurd, wit, doorschijnend vlakglas, dat het achterliggende licht zeer egaal verdeelt. Dit in tegenstelling tot wit opaakglas dat geen licht doorlaat. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
functiesGebieden van verantwoordelijkheid waarin activiteiten worden uitgevoerd om een doel te bereiken. (AAT-Ned)
brikkenbetonBeton bestaande uit een mengsel van mortel en steenslag of gebroken baksteen. (Stichting Menno van Coehoorn)
mergelMergel is een kleisoort die ijzeroxide bevat en een hoog gehalte aan calciumverbindingen. Mergelsoorten worden gebruikt als pottenbakkersklei voor laagbakkend aardewerk en voor bakstenen.
kwartsietkwartsiet: metamorfe natuursteen gevormd uit zandsteen.
gebouwenvrijstaande, overdekte en geheel of gedeeltelijke met wanden omsloten toegankelijke ruimte, die direct of indirect met de grond is verbonden.
titaniumgaasGaasanode voor oppervlakteanodesystemen gemaakt van titanium.
juteJute is een vezel van planten van de Corchorus-soorten, gebruikt voor het maken van grove weefsels. De kwaliteit is slecht, zodat het maar zelden wordt gebruikt als drager voor een schilderij.
graven (bouwwerk)Graven zijn uitgravingen in de grond die worden gebruikt voor het begraven van stoffelijke overschotten. Het woord wordt vaak ten onrechte gebruikt als men spreekt over grafmonument. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
belichtingsregimeDe belichtingsduur bij verschillende verlichtingssterktes.
glasnegatievenNegatieven waarbij als drager glasplaten zijn gebruikt.
wandenWeinig zware afscheiding tussen vertrekken en andere woonruimten onderling en ook tussen deze en de buitenruimte. Primitieve wanden zijn gevonden van vlechtwerk, dichtgemaakt met koemest, leem, plaggen e.d.. Later meestal van hout of van gepleisterde tengels en riet ( Brabantse wand). Als de wand van zwaar steenachtig materiaal is gemaakt, noemt men hem liever muur. In het interieur geeft men echter ook aan de behangen, bespannen of betimmerde muur de naam wand. (Haslinghuis)
lijkenhuizenLijkenhuizen zijn ruimten of gebouwen waar, in afwachting van de begrafenis, de lijken werden gelegd van mensen die aan een besmettelijke ziekte waren overleden. Door deze gescheiden te houden van de levenden werd de kans op besmetting geminimaliseerd. Pesthuizen of gasthuizen hadden bij hun kerkhof al vaak zo’n huisje totdat in de Wet op de Besmettelijke Ziekten van 1872 werd vastgelegd dat elke begraafplaats zo’n ruimte of huisje moest hebben. Dit voorschrift was een gevolg van een andere kijk op hygiëne en gezondheidszorg, die dankzij nog veel meer maatregelen aan het eind van de 19de eeuw sterk verbeterde. Lijkenhuizen werden vaak gecombineerd met een aparte opbaarruimte. (Stichting Dodenakkers.nl)
glas-in-loodramenGlas-in-lood bestaat uit een hoeveelheid stukjes (gekleurd) glas gevat in loodstrippen met een H-vormige doorsnede die samengevoegd een glaspaneel vormen. Komt ook voor als glas-in-zink. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
archiefregelingRegeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 15 december 2009, nr. WJZ/178205 (8189), met betrekking tot de duurzaamheid en de geordende en toegankelijke staat van archiefbescheiden en de bouw en inrichting van archiefruimten en archiefbewaarplaatsen (Archiefregeling)
acrylverfAcrylverf is een mengsel van een acrylhars als bindmiddel en pigment(en).
dakschildenEen dakschild of dakvlak is elk der hellende vlakken in een dak die samen de dakvorm bepalen. Afhankelijk van het type dak heeft een dak een of meer dakschilden. (Wikipedia)
antenne-installatieEen antenne-installatie is een installatie bestaande uit een antenne, een antennedrager, de bedrading en de al dan niet in een techniekkast opgenomen apparatuur, met de daarbij behorende bevestigingsconstructie.
telecommunicatieapparatuurApparatuur voor telecommunicatie.
decoratiesVersiering; methode of techniek toegepast om bouwwerken, meubels of andere objecten te verfraaien.
barst1. Een barst is een breuk in een vaste stof. Barsten kunnen een netpatroon vormen en ze kunnen worden veroorzaakt door interne spanningen en uitwendige krachten. 2. Een barst is een scheur of een spleet in het originele materiaal van een voorwerp, zoals in een bouwsteen. 3. Een barst is een breuk in een stuk ceramiek die in een intact gedeelte ontspringt en geleidelijk breder wordt.
chemisch elementEen chemisch of scheikundig element is een stof die met scheikundige middelen en methoden niet in andere stoffen opgesplitst kan worden. Een element bestaat uit één soort atomen met alle hetzelfde atoomnummer, dus met hetzelfde aantal protonen in de kern. Het aantal neutronen in de atomen van een element kan variëren.
straatmeubilairAlle kleine gebouwtjes en andere vast geplaatste voorwerpen in de openbare ruimte van een stad of dorp. Daartoe behoren stadspomp, lantaarnpaal, zitbank, transformatorhuis, urinoir enz.. (Haslinghuis)
zuurvrij papierZuurvrij papier is papier met een pH van 7 of hoger; het kan zuurabsorberende stoffen bevatten zoals calciumcarbonaat (alkalische reserve). Zuurvrij papier wordt veel gebruikt als pakpapier en wordt veel toegepast bij passieve conservering.
Deltaplan voor het CultuurbehoudHet Deltaplan voor het Cultuurbehoud was een rijkssubsidiebeleid om de achterstand in behoud en beheer van de Nederlandse erfgoedinstellingen (musea, bibliotheken en archieven) in te lopen.De subsidie werd beschikbaar gesteld van 1990 tot 1994. De subsidieregeling werd daarna met vier jaar verlengd tot 1998.
klimaatDe atmosferische variaties op een specifieke geografische locatie op langere termijn. Gebruik 'weer' voor de atmosferische toestand op korte termijn. (AAT-ned) Het milieu in een gebouw is de atmosfeer die erin heerst. Het milieu rond een voorwerp of een collectie is de atmosfeer waarin ze zich bevinden. De omgeving van een gebied bestaat uit de natuurlijke en door de mens aangelegde kenmerken in het gebied.
aluminiumTe gebruiken voor het zuivere metaalelement met het symbool Al en het atoomnummer 13. Het metaal is hard, sterk, en zilverwit van kleur. Wordt ook gebruikt voor dit metaal wanneer het wordt bewerkt en gevormd om, meestal in combinatie met andere stoffen, voorwerpen en materialen te maken. (Toegepaste Kunst Project, RKD)
Internationale Organisatie voor StandaardisatieDe Internationale Organisatie voor Standaardisatie (ISO) is een internationale organisatie die normen vaststelt. De organisatie is een samenwerkingsverband van nationale standaardisatieorganisaties in 163 landen.
pollenStuifmeel oftewel pollen bestaat uit de mannelijke sporen (microsporen) van zaadplanten. Het is afkomstig van de meeldraden van bloemen, van katjes of van de mannelijke kegels van naaktzadigen.
fotochemieFotochemie is het deelgebied van de scheikunde dat zich bezighoudt met de invloed van licht op chemische reacties. Een bekend voorbeeld van een fotochemische reactie is het fotografische proces dat plaatsvindt in het fotorolletje in een camera wanneer dit belicht wordt.
slijtweerstandMate van slijtbestendigheid.
NEN-EN-IECNEN-EN is de aanduiding van Europese normen (EN) overgenomen in Nederland en gepubliceerd door het Nederlands Normalisatie-Instituut NEN. IEC staat voor de International Electrotechnical Commission (IEC). Deze commissie ontwikkelt en publiceert algemene internationale normen voor elektrische componenten en apparatuur.
chauvelglasChauvelglas is draadglas met enkelvoudige metaaldraden in één richting op vijftig millimeter van elkaar. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
benzeenBenzeen is een organische verbinding met als brutoformule C6H6.
tinglazuurOndoorzichtig glazuur dat een tinoxide of tinas bevat. (Toegepaste Kunst Project, RKD)
Baumberger kalksteenBaumberger kalksteen: zandige kalksteen welke gewonnen wordt in de heuvelrug Baumberge, in de omgeving van Billerbeck en Havixbeck, 20 km ten westen van Munster, Duitsland. De steen is crème- tot okerkleurig, bevat donkergroene of bruine spikkels van glauconiet en is gelijkmatig en fijn van structuur. Van oudsher worden een aantal varianten onderscheiden, die evenwel lang niet in altijd in alle groeven gelijk ontwikkeld zijn en deels ook kunnen ontbreken: fliess: variant van Baumberger kalksteen, afkomstig uit de bovenste banken. Deze steen is blond van kleur, fijnkorrelig en redelijk zacht. lappen: variant van Baumberger kalksteen, afkomstig uit de middelste banken. Deze steen is soms meer grauw van kleur en vaak wat harder dan de fliess. paol: variant van Baumberger kalksteen, afkomstig uit de onderste bank. Eveneens grauw van kleur. Deze bank bevat het hoogste kwartsgehalte en is in het algemeen harder dan lappen en fliess.
glacis (verflaag)Een glacis is een (semi-) transparante (verf)laag. Het wordt aangebracht op een gedroogde onderschildering in olieverf of tempera om de onderliggende kleur te veranderen. Een gekleurd glacis kan maken dat gepolijst zilver eruitziet als goud. (Conservation Dictionary)
spiegelsWordt gebruikt voor voorwerpen met een zeer gepolijst oppervlak, vaak omlijst en ontworpen om beelden te weerspiegelen. (AAT-Ned)
erfgoedBetreft de zorg voor wat ons als samenleving rest uit het verleden. Het is dus breder dan de term 'monument', die in hoofdzaak voor gebouwen gebruikt wordt, maar omvat ook archeologisch erfgoed en 'immaterieel' erfgoed, zoals gebruiken, kennis etc. Het is het geheel van verhalen, plekken, gebouwen en objecten die binnen een groep van generatie op generatie wordt overgedragen.
glasEen amorfe, anorganische substantie die wordt gemaakt door silica (siliciumdioxide) te fuseren met een basisoxide, meestal transparant maar vaak ook doorschijnend of ondoorschijnend. Kenmerkende eigenschappen zijn de hardheid en stijfheid bij normale temperaturen, de plastische eigenschappen bij verhoogde temperaturen en de weersbestendigheid en bestendigheid tegen de meeste chemische stoffen, behalve waterstoffluoride. Het wordt gebruikt voor zowel gebruiksdoeleinden als decoratieve doeleinden, en kan worden gemaakt in diverse vormen, gekleurd en gedecoreerd. Glas is ontstaan als glazuur in Mesopotamië in ongeveer 3500 v. Chr. De eerste voorwerpen die geheel van glas zijn vervaardigd, dateren van ongeveer 2500 v. Chr. (Project Fotografie) Glas is de verzamelnaam voor hard, doorzichtig, niet kristallijn materiaal, bereid uit gesmolten zand, kalk en soda (natriumcarbonaat) of potas (kaliumcarbonaat). Met 'niet kristallijn' wordt bedoeld dat glas een gestolde vloeistof is.
welstandsbepalingenWelstandsbepalingen zijn regelgeving die in gemeentelijke bouwverordeningen opgenomen bepalingen die stellen dat uiterlijk en plaatsing van een gebouw zodanig moeten zijn dat het aan redelijke eisen van welstand voldoet. (Encyclo.nl)
magnesiumcarbonaatMagnesiumcarbonaat, MgCO3, is een poeder dat wordt gebruikt bij het ontvetten en reinigen van bont en veren op dierenhuiden. Er is een lichte en een zware variant, die absorbeert en wordt gebruikt bij het ontvetten en schoonmaken.
plasticiteitDe driedimensionale eigenschap van een vorm, de ronding, tastbaarheid, uiterlijke hardheid of reliëfkenmerken. (AAT)
poelgrondenPoelgronden zijn laag gelegen weilanden die 's winters vaak onder water staan. (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
dendrochronologieDendrochronologie of jaarring(en)onderzoek is de wetenschapsdiscipline die zich bezighoudt met het dateren van houten voorwerpen of archeologische vondsten aan de hand van in de voorwerpen herkenbare groeiringen. (Wikipedia)
gevelversieringenIn de 19e eeuw werden dak- en gevelversieringen algemeen toegepast ter verfraaiing van woningen en gebouwen. Ook wilde men op symbolische wijze de financiële welstand van de bewoner of eigenaar benadrukken. Fraaie kunstwerkjes hiervan vindt u nu nog op gevels en daken van historische panden in diverse steden en dorpen. (bron:Men's Tradition)
kunststeen tegelsKunststeen tegels zijn tegels vervaardigd van iedere combinatie of mengsel van materialen. Ze worden gemaakt om natuursteen te vervangen. Merknamen: Keracem
rijksmonumentMonument of archeologisch monument dat is ingeschreven in het rijksmonumentenregister.
onderpannenOnderpannen zijn machinaal vervaardigde dakpannen waarbij de golf aan de onderzijde is afgesloten om het inkijken te beletten.
wapeningenVersterking van beton- of pleisterwerk met ijzeren roeden, vlechtwerk, gaas, om trek- en schuifspanningen op te nemen. (Haslinghuis)
bontzandsteenRode of rood-wit geaderde zandsteen uit het gebied langs de bovenloop van de Wezer ( Bremer steen) en de omgeving van de Main, van Hameln tot in het Odenwald, de Haardt-Vogezenketen en het Zwarte Woud. In Nederland veel gebruikt in de vorm van sarcofagen en grafstenen, vooral XI en XII. (Haslinghuis)
aardewerkAardewerk is een breekbaar, bij lage temperatuur gebakken (600-900°C), poreus ceramiek dat allerlei kleur kan hebben, met of zonder glazuur.
opalescentOpalescenten, opaliserende middelen, zijn stoffen die glas ondoorzichtig maken. De Romeinen gebruikten calciumantimonaat. Rond 500 na Chr. was tinoxide in gebruik. In de 18de eeuw werd dit opgevolgd door calciumfluoride en loodarsenaat. Een opalescent is een middel waarmee men normaliter doorzichtig materiaal zoals ruiten, glaswerk of vernis ondoorschijnend kan maken.
... meer resultaten

A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z - 0 - 1 - 2 - 3 - 4 - 5 - 6 - 7 - 8 - 9 - Alles