Verzamelingen - verzamelaars interviewen
Introductie
Een verzamelaar weet over het algemeen precies waar verzamelde voorwerpen vandaan komen, van wie ze zijn geweest, hoe ze zijn gebruikt en allerlei andere wetenswaardigheden. Dat is nuttige informatie als je voorwerpen tentoon wilt stellen, in bruikleen wilt geven of wilt overdragen. Ook de verhalen achter de keuzes voor juist deze verzameling en voor specifieke voorwerpen kunnen waardevol zijn. Waarom is bijvoorbeeld dat ene voorwerp exact de goede aanvulling op de verzameling?
Context en achtergrond zorgen voor meer kennis van en waardering voor de voorwerpen en de verzameling als geheel. En dat is belangrijk voor het behoud, zeker als een verzamelaar op een gegeven moment voorwerpen wil overdragen aan een museum of andere erfgoedinstelling, of misschien als nalatenschap aan beoogde erfgenamen.
Hoe leg je het best vast waarom een verzameling belangrijk voor iemand is, wat diegene drijft bij het verzamelen en wat een verzamelaar allemaal heeft meegemaakt bij het vergaren van voorwerpen? De verzamelaar kan het zelf opschrijven, maar een op beeld- of geluidsdrager vastgelegd interview voegt een waardevolle persoonlijke dimensie toe aan de concrete feiten die in de registratie van de verzameling vast te leggen zijn. Hoe zo’n interview werkt, hoe je dit vastlegt en wat erbij komt kijken, staat in deze handreiking. Deze is bestemd voor zowel de interviewer als de geïnterviewde. Het is immers handig als beiden goed zijn voorbereid.



Het persoonlijke verhaal
Verzamelingen zijn vaak heel persoonlijk. Het thema van de verzameling en de voorwerpen zijn gekozen op basis van eigen voorkeuren. Dat geldt ook voor de keuze om bepaalde voorwerpen uit de verzameling weer weg te doen of te ruilen voor andere. Wat achter die keuzes schuilt en hoe planmatig dat gebeurt, zit meestal in iemands hoofd. Het is zelden opgeschreven. Dit is anders dan in een museum, dat vaak een uitgeschreven, meerjarig collectiebeleid en collectieplan hanteert voor keuzes rondom verzamelen en ontzamelen.
Persoonlijke verhalen van verzamelaars kunnen gaan over:
- het leven van de verzamelaar
- gebeurtenissen die betrekking hebben op de verzameling of voorwerpen
- ervaringen en intenties bij de totstandkoming van de verzameling
- de context en inhoudelijke kennis van de verzameling
- bijzondere voorwerpen, hun herkomst en achtergrond
Sprekende geschiedenis
Persoonlijke verhalen, getuigenissen en ervaringen uit het verleden vastleggen is een belangrijk onderdeel van erfgoedzorg. Een verzameling is te zien als erfgoed en daarmee als drager van verschillende verhalen en identiteiten. Inmiddels is de zogenoemde oral history, in het Nederlands ‘sprekende’ of ‘mondelinge’ geschiedenis, een wetenschappelijk erkende methode, die bestaat uit het interviewen en vastleggen van het gesproken woord. Een papieren archief krijgt meer betekenis wanneer mondelinge geschiedenis wordt toegevoegd in de vorm van verhalen en context.Waarom een interview
Dat het persoonlijke verhaal een goede toevoeging is op de feitelijke informatie over een verzameling, zal duidelijk zijn. Maar wanneer zet je als verzamelaar echt de stap een interview te organiseren of aan te gaan? Wat is je doel? Het is belangrijk daar van tevoren goed over na te denken. Net als over het uiteindelijk gebruik van het interview. Wordt het een interview met alleen geluid? Of ook met beeld? Interviewen kost tijd, maar als het met een duidelijk doel wordt gedaan, is het zeker de moeite waard.
Veel voorkomende doelen zijn:
- een (gedeeltelijke) overdracht of bruikleen aan een museum
- een nalatenschap regelen
- historische, maatschappelijke of wetenschappelijke waarde toevoegen aan de verzameling
- algemene kennis van verzamelen en verzamelgeschiedenis verbreden
- de verzameling verrijken met beleving en emotie
- behoud van de verhalen en betekenis rondom een voorwerp of verzameling
Wil je (onderdelen van) je verzameling herplaatsen in een museum, dan weegt informatie over de herkomst van de voorwerpen mee bij het al of niet accepteren van de voorwerpen. Daarom is het goed die informatie mee te nemen in het interview.
Waar vind je een interviewer
Hoe vind je als verzamelaar een geschikte interviewer? Hoeveel kennis moet die persoon hebben van het type verzameling? Kan de interviewer zich gemakkelijk inlezen? Soms kan het een voordeel zijn als de interviewer het gesprek zonder al te veel voorkennis in gaat. Dat zorgt ervoor dat het uitgewerkte interview ook voor andere mensen zonder veel voorkennis begrijpelijk blijft.
De interviewer kan bijvoorbeeld iemand zijn die:
- inhoudelijk deskundig is op het gebied van de verzameling, bijvoorbeeld een conservator of onderzoeker
- (getraind) vrijwilliger is bij een museum of vereniging
- professioneel interviewer of journalist is en ervaring heeft met oral history
Je kunt als verzamelaar contact opnemen met organisaties die je mogelijk kunnen helpen een interviewer te vinden of zelf iemand hebben die een interview kan afnemen:
- erfgoedhuizen en museumconsulenten
- lokale musea
- oudheidkamers
- oudheidkundige verenigingen en genootschappen
- heemkundekringen
- regionale archieven
- relevante opleidingen (denk bijvoorbeeld aan de Reinwardt Academie of journalistieke opleidingen van waaruit studenten in het kader van een stage of onderzoek een interview kunnen afnemen)
- hobby- en verzamelaarsverenigingen
- zelfstandig ondernemers die zich hebben gespecialiseerd in oral history
Met de handvatten en tips uit deze handreiking kun je het interview ook laten afnemen door iemand in de directe omgeving.
TIP
Een oproep in de plaatselijke krant of via sociale media kan kandidaten voor het afnemen van een interview opleveren buiten het eigen netwerk. En omgekeerd: als jij verzamelaars wilt interviewen, is dit ook een goede plek om te starten.Het interview kan het best door één persoon worden afgenomen. Het kan een overweging zijn om een extra persoon mee te nemen voor de techniek, dat wil zeggen voor camera en geluid.
Voorbeeld interview: Jan Anderson
“Bij mij heeft alles een verhaal.” Dit is een uitspraak van verzamelaar Jan Anderson uit Vlaardingen, bij wie meerdere interviews zijn afgenomen. De bijna 90-jarige verzamelaar en oprichter van Streekmuseum Jan Anderson doet mee aan een museaal experiment. Zijn collectie van ongeveer 150.000 voorwerpen uit het 20e-eeuwse, dagelijks leven in Nederland blijft straks na zijn dood dertig jaar onaangeroerd. De museale functie stopt tijdens die periode van diepe slaap, waardoor het experiment de naam Doornroosjescenario
heeft gekregen. De verzameling wordt een soort tijdscapsule, en de verhalen die door middel van de interviews zijn vastgelegd worden als context met de tijdscapsule meegegeven. De gesprekken zijn daarnaast gebruikt voor de documentaire Doornroosje: de tijd als vriend van Daan van Paridon (afb.2).Het interview
Wat moet je van tevoren regelen
Een goede voorbereiding is belangrijk. Denk daarbij aan het volgende.
- Van tevoren moet duidelijk zijn wat de aanleiding voor het interview is, met welk doel het wordt afgenomen en hoe het opgeslagen en gebruikt gaat worden. Een voorgesprek is daarom handig om wederzijdse verwachtingen kenbaar te maken.
- Leg de toestemming voor het gebruik van het interview goed vast en maak heldere afspraken over privacy en auteursrechten. Bespreek dit niet alleen, maar leg ook vast wat er met het interview gebeurt, waar het wordt opgeslagen en voor hoe lang, wie er toegang toe heeft en hoe het interview gebruikt kan worden. Spreek verder af of het alleen om audio-opnames zal gaan of ook om video-opnames. Interviewer en geïnterviewde kunnen hiervoor samen een formulier invullen en liefst ook tijdens de opname de toestemming mondeling bevestigen. Zorg dat ieder een kopie krijgt van het getekende formulier. Let op: bij elk toekomstig nieuw gebruik moet opnieuw toestemming worden gevraagd en de geïnterviewde heeft het recht om de toestemming voor het gebruik van persoonsgegevens in te trekken of te wijzigen. Daar moet de geïnterviewde ook op gewezen worden.
Wanneer er met een freelance-interviewer wordt gewerkt, heeft ook die recht op privacy onder de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Daarom moet ook de interviewer een toestemmingsverklaring ondertekenen als het interview ergens anders dan bij de interviewer wordt opgeslagen. Maak daarnaast afspraken met de freelance-interviewer over auteursrechten.
TIP
Een voorbeeld van een toestemmingsformulier is te vinden op de website van het Knooppunt Sprekende geschiedenis. Kijk voor meer informatie hierover op sprekendegeschiedenis.nl.- Kies een locatie waar interviewer en geïnterviewde zich allebei op hun gemak voelen. Nabijheid van de verzameling is een pre. Ter inspiratie kunnen wat topstukken klaargezet worden om hierop dieper in te gaan.
- Heb je als interviewer meer inhoudelijke kennis nodig, dan is het wenselijk je in te lezen in het onderwerp van de verzameling. Misschien zijn er ook bronnen die iets meer over de verzamelaar en diens persoonlijke achtergrond kunnen vertellen. Soms kan het een voordeel zijn zo blanco mogelijk het interview in te gaan. Bijvoorbeeld wanneer het interview voor een breed publiek is bedoeld en niet alleen voor specialisten en onderzoekers. Te veel kennis kan ook betekenen dat er zover de diepte wordt ingegaan dat het niet meer begrijpelijk is voor een buitenstaander. Het is handig hierover vooraf afspraken te maken.
- Het is belangrijk om voorafgaand aan het interview goed na te denken over onderwerpen en vragen en deze vast te leggen in de vorm van een ‘topiclijst’: een lijst van punten die je tijdens het interview aan bod zou willen laten komen. Zo’n lijst kan houvast bieden tijdens het interview én laat genoeg ruimte voor een natuurlijk gesprek.
Suggesties voor het op papier zetten van vragen en onderwerpen:
- Stel de vragen van breed naar smal, dus begin met meer overkoepelende vragen en ga later in op details.
- Neem de biografie van de verzamelaar mee.
- Ga in op diens intenties: waarom deze verzameling?
- Sta stil bij het overkoepelende thema van de verzameling.
- Ga in op de samenstelling van de verzameling zoals deelcollecties en topstukken.
- Betrek de verwervingsgeschiedenis en het netwerk van de verzamelaar.
- Zoom in op bijzondere voorwerpen, want anekdotes zijn een goede aanvulling op het grotere verhaal, en zet deze voorwerpen van tevoren klaar.
- Vraag uitleg over het gebruik van voorwerpen, zoals voorwerpen van techniek of ambacht.
- Stel eventueel ook vragen aan naasten, helpers en anderen die licht kunnen schijnen op de verzamelaar, de verzameling of de voorwerpen.
Feiten versus beleving
Omdat het niet gaat om de feiten met betrekking tot voorwerpen, maar vooral om het gevoel en de ideeën achter de verzameling, hoeft niet alles volledig verifieerbaar te zijn. De concrete feiten horen thuis in een inventarisatie van de verzameling. Bij een interview gaat het meer om interpretaties en beleving. Feiten en beleving vullen elkaar op die manier mooi aan.Voorbeeld interview: Maria Simons
Otto van der Mieden was poppenspeler en gepassioneerd verzamelaar van poppentheaters en poppentheaterattributen. Van marionetten, hand-, stang- en wajangpoppen, tot foto’s, affiches en papieren theatertjes. Hij had zelfs de Paulus de Boskabouterfiguren (van Jean Dulieu) waarmee in de jaren ’60 de gelijknamige televisieserie is opgenomen. In 1984 opende Otto het Poppenspelmuseum en toonde zijn verzameling aan vele bezoekers, op de benedenverdieping van zijn woonhuis. Hij dacht veel na over de toekomst van zijn poppenspelverzameling en -museum, maar bleef uiteindelijk zelf voor de collectie zorgen. Na zijn plotselinge overlijden in 2024 hebben erfgenamen zich over de collectie ontfermd. Maria Simons vertelt in een video-interview dat is afgenomen door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed hoe ze dit hebben gedaan (afb.1).Welke techniek is nodig voor een interview
Er zijn diverse typen interviews mogelijk – van heel simpel tot heel uitgebreid. Zorg dat je als interviewer in ieder geval de juiste apparatuur bij je hebt. Hier volgt een overzicht van de voorzieningen voor een redelijk professioneel interview. Wanneer het interview niet in een museale setting of voor zoiets als een podcast of documentaire wordt gebruikt, kan een vereenvoudigde opstelling prima werken, zie daarvoor ‘Minimaal nodig’. Het toekomstig gebruik is de leidraad voor de techniek. Zorg sowieso dat alle apparatuur volledig is opgeladen, dat eventueel extra stroomvoorziening wordt meegenomen en dat er genoeg opslagruimte is.
Apparatuur
- Videocamera (full HD) of smartphone
- Opspeldmicrofoon/dasspeldmicrofoon of richtmicrofoon. Het is beter twee losse microfoons te gebruiken – één voor de interviewer en één voor de geïnterviewde – dan samen een microfoon te delen. Ook bij gebruik van een smartphone zorgt een externe microfoon voor beter geluid.
- Statief. Gebruik ook bij een smartphone bij voorkeur een klein tafelstatief met houder en microfoonadapter, zodat de telefoon tegelijkertijd kan worden opgeladen en een microfoon kan worden aangesloten.
- Lichtnetvoeding of powerbank
- Hoofdtelefoon
- Reservebatterijen
- SD-kaartjes met genoeg opnameruimte (of genoeg opslagruimte op de smartphone)
- Verlengsnoer
Minimaal nodig
- Opgeladen smartphone en externe microfoon
- Powerbank
- Voldoende opslagruimte op je smartphone
Geluid
- Vermijd een krappe ruimte voor het interview.
- Zet het geluid van telefoons, tv en radio uit. Vermijd tikkende klokken, spinnende poezen en alle andere dingen die de opname kunnen verstoren.
- Verminder lawaai van buiten. Sluit deuren naar andere delen van het huis en sluit de ramen tegen verkeerslawaai en sirenes.
- Zorg dat andere mensen en huisdieren de ruimte niet kunnen betreden.
- Controleer of de audiorecorder goed ingesteld is en voldoende opgeladen is.
- Een microfoon moet in het midden iets onder de mond zitten, niet te ver naar de zijkant en op ongeveer 15 cm van de mond.
- Controleer of kleding, eventuele sieraden en bijvoorbeeld de stoelen waarop wordt gezeten geen ritselend of krakend geluid maken als de interviewer of geïnterviewde beweegt.
- Raak de microfoon niet aan tijdens het gesprek.
Beeld
- Ga niet te ver uit elkaar zitten. Vermijd dat je je stem moet verheffen of oogcontact verliest. Ga ook niet te dichtbij zitten. Dan dring je als interviewer de persoonlijke ruimte binnen van de geïnterviewde, wat ongemakkelijk kan voelen. Een afstand van één à anderhalve meter werkt goed.
- Zoek een plek waar je weinig tot geen last hebt van wisselende lichtval, zoals de zon die af en toe doorbreekt.
- Zorg voor voldoende afstand tussen de geïnterviewde en de voorwerpen of de muur die achter de geïnterviewde te zien zijn. Probeer hier minimaal een meter afstand te houden. Je hebt dan minder last van schaduw op de muur achter de geïnterviewde. De achtergrond wordt daarnaast minder scherp zodat de geïnterviewde in het beeld loskomt van die achtergrond.
- Zet de camera schuin ten opzichte van de achtergrond; dit geeft diepte in het beeld, met de camera op ooghoogte van de geïnterviewde en op ongeveer 2 meter afstand.
- Zorg voor voldoende hoofd- en armruimte rondom de geïnterviewde. De vuistregel is 2/3 (links of rechts) en 1/3 (boven). Dus niet te veel ruimte boven het hoofd, en handen zichtbaar. Een close-up ziet er misschien interessant uit, maar mogelijke handgebaren van de geïnterviewde kunnen daardoor buiten beeld vallen bij een beweging. Een meer uitgezoomde opname is veiliger wanneer je als interviewer zelf de opname verzorgt. Een iets uitgezoomd beeld is ook interessant, omdat je gebaren van de geïnterviewde in beeld brengt. In de nabewerking is digitaal inzoomen meestal ook nog mogelijk.
- Zoom tijdens het gesprek niet voortdurend in en uit, want dat leidt sterk af. Zet de autofocus van de camera of smartphone uit. Bij een camera doe je dit via het menu; op een smartphone door de focus ongeveer drie seconden met de vinger ingedrukt te houden.
- Vermijd drukke achtergronden met bijvoorbeeld posters en boekruggen in een kast, die de kijker kunnen verleiden tot lezen.
- Zorg dat de geïnterviewde niet wegvalt in de achtergrond; zoek contrast tussen geïnterviewde en achtergrond (licht-donker of twee kleuren).
- Zorg voor voldoende licht, bij voorkeur daglicht. Laat het licht op het gezicht vallen, het liefst iets van de zijkant. Zorg ook dat er geen direct licht in de camera schijnt.
- Let op bij lampen aan het plafond, boven de geïnterviewde. Het schijnsel kan een verkeerde slagschaduw op het gezicht geven. Vermijd bij voorkeur directe lichtbronnen in beeld.
- Zorg dat de interviewer zo dicht mogelijk naast de camera zit, liefst iets erachter. De geïnterviewde kan dan naar de interviewer kijken en spreekt op die manier in de richting van de camera.
- Wie niet aan het interview deelneemt, moet achter de camera en interviewer gaan zitten of geheel buiten het gezichtsveld van de geïnterviewde blijven.
Hoe ga je om met apparatuur tijdens en na het interview
- Maak eerst een testshot waarin de interviewer een vraag stelt en de geïnterviewde antwoord geeft. Kijk en luister die opname terug. Is het beeld goed? Staat het volume van de geluidsopnameapparatuur te hard of zacht? Controleer dit met een koptelefoon op, dan hoor je ook beter ongewenste geluiden. Zie je iets storends in beeld, zoals een plant die uit het hoofd van de geïnterviewde lijkt te groeien? Als alles goed is, zet je de recorder weer aan en kan het interview starten.
- Luister ook tijdens het interview met een koptelefoon naar het geluid dat de recorder binnenkomt en opgenomen wordt. Zo kun je problemen als het uitvallen van een microfoon meteen corrigeren. Dit is in de praktijk het best uitvoerbaar als er iemand mee is met de interviewer die alleen de techniek regelt.
- Check geregeld of de volume-indicator uitslaat en het beeld nog wordt opgenomen.
- Controleer tijdens het filmen ook geregeld de batterijen en de ruimte op het geheugenkaartje.
- Hoor je storende geluiden zoals een klikkende pen, papier, geritsel, brommen of een klopgeluid, probeer dan te achterhalen waar deze vandaan komen en of je ze weg kunt krijgen.
- Let op dat de zender en ontvanger niet te dicht bij elkaar komen, dat geeft een pieptoon.
- Controleer direct na het interview of beeld en geluid zijn opgenomen. Pas dan kun je het interview beëindigen.
- Zet alle zenders en ontvangers uit en haal dan pas stekkers van de microfoons en netwerkkabels uit de contactdoos.
- Verwijder de eventuele opspeldmicrofoon bij de geïnterviewde. Trek hierbij niet de microfoon door de kleding heen, maar de stekker.
- Kopieer de bestanden van de apparatuur naar twee computers/harde schijven, zodat er altijd een back-up is. Laat de bestanden in ieder geval op je telefoon of camera staan tot je zeker weet dat je back-ups gelukt zijn.
Voorbeeld interview: Henk Schiffmacher
Tattoo-kunstenaar Henk Schiffmacher verzamelde in zijn leven meer dan 40.000 objecten van over de hele wereld. Uit nieuwsgierigheid en uit respect voor de tattoo als interculturele kunstvorm en communicatiemiddel. In opdracht van Stichting Schiffmacher Tattoo Heritage hebben studenten van de Reinwardt Academie nagedacht hoe de verhalen rondom deze objecten te categoriseren en vast te leggen voor de toekomst. Het interviewen van de verzamelaar zelf met diepe kennis over de oorsprong, herkomst en context is hierin een essentieel onderdeel (afb.3).Hoe verloopt een succesvol interview
- Het is belangrijk vertrouwen op te bouwen voor het interview begint, zodat de geïnterviewde zich vrij voelt persoonlijke verhalen te delen en de interviewer persoonlijke vragen durft te stellen.
- Blijf tijdens het interview contact houden met elkaar. Ga als interviewer niet uitgebreid je aantekeningen zitten lezen. De geïnterviewde gaat dan mogelijk ook daarnaar kijken en zal afgeleid zijn.
- Blijf goed luisteren. Onderbreek als interviewer de geïnterviewde niet te veel. Als een onderwerp vanzelf aan de orde komt zonder dat een vraag gesteld is, hoef je die vraag niet nog eens te stellen, tenzij je dieper wilt ingaan op de kwestie. Dit vereist nauwkeurig luisteren en eventueel notities maken. Ga niet de hele tijd mee zitten schrijven. Als de opnameapparatuur zijn werk doet, is dat ook niet nodig.
- Blijf als interviewer zoveel mogelijk zonder oordeel luisteren. Het gaat immers om de geïnterviewde.
- Vraag als interviewer uitleg als je iets niet begrijpt. Denk niet ‘dat zoek ik later wel op’. Of het nou gaat om de volgorde van gebeurtenissen, onbekende afkortingen, plaatsen of namen van personen: als je het tijdens het interview niet goed begrijpt, lukt dat misschien ook niet bij het uitwerken ervan.
- Corrigeer als interviewer de geïnterviewde niet op onjuiste data of feiten. Het interview draait niet om een feitelijk verslag, maar om de persoonlijke ervaringen en herinneringen van de geïnterviewde.
- Soms kunnen vragen emoties oproepen. Las dan als interviewer een pauze in en gun de geïnterviewde tijd en ruimte om te herstellen.
- Respecteer als interviewer dat de geïnterviewde niet wil (door) praten over een bepaald onderwerp of aangeeft ergens geen informatie over te hebben. In dat laatste geval kan een neutrale toelichting (‘Wij vragen hiernaar, omdat we van iemand anders hoorden dat …’ of ‘Ik heb begrepen dat het soms voorkwam dat …’) soms als geheugensteuntje werken.
- Als de geïnterviewde de draad kwijtraakt of te lang op een onderdeel blijft hangen, kun je als interviewer met een tussenvraag bijsturen. Een verdiepende vraag kan de kwaliteit van het interview verhogen, maar veel interventies of meepraten leiden af. Wees als interviewer zo stil mogelijk en gebruik stiltes bewust. Ze geven de geïnterviewde de ruimte na te denken en nodigen uit tot verder vertellen. Knik af en toe naar de geïnterviewde om te laten zien dat je luistert of ter bevestiging van wat er wordt gezegd, maar zeg bijvoorbeeld niet hardop ’ja’, want dat hoor je in het interview terug en dat kan storend zijn.
- Zorg voor een prettige afsluiting. Loop met elkaar nog een keer de gemaakte afspraken door om te checken of er toch nog wijzigingen nodig zijn. Controleer of er op het interview zelf inhoudelijk nog toevoegingen of wijzigingen nodig zijn, zoals het verwijderen van uitspraken waarbij de geïnterviewde zich eigenlijk ongemakkelijk voelt.
- Vraag de geïnterviewde of er nog iets is wat niet in het interview voorbij is gekomen, maar wat de geïnterviewde wel graag ter sprake gebracht wil hebben.
- Op een later tijdstip is het goed nog eens contact op te nemen met elkaar om te kijken of iedereen tevreden terugkijkt. Ook op de inhoud.
TIP
Er worden regelmatig cursussen aangeboden voor het houden van een interview. Kijk voor meer informatie hierover op sprekendegeschiedenis.nl.Hoe zet je het interview om naar tekst
Een tekst is eenvoudiger en sneller te lezen en doorzoeken dan het beluisteren of bekijken van een (audio)visuele opname. Een transcriptie is de letterlijke schriftelijke weergave van een interview. Handmatig overzetten naar tekst, zonder digitale ondersteuning, is echter heel arbeidsintensief, zeker als je met de hand ook nog overal tijdcodes moet toevoegen. Gebruik daarom bij voorkeur speciale transcriptiesoftware.
Transcriptie-programma’s
Er is voldoende kwalitatief redelijke tot goede transcriptiesoftware die op basis van spraakherkenning werkt. Je moet dan nog wel na afloop de transcriptie controleren. Je kunt een gratis toegankelijk spraakherkenningsprogramma gebruiken, of generatieve AI, maar dan heb je geen controle over wat er met de data gebeurt. Er zijn taalmodellen die lokaal op je computer te installeren zijn via software van derden. Voor lokaal gebruik heb je wel een krachtige grafische kaart (GPU, Graphics Processing Unit) nodig. Heb je die niet, dan bestaan er ook browserversies van taalmodellen die zonder GPU werken, maar houd er rekening mee dat je daarbij dus meer informatie met derden deelt. Bespreek dit altijd met de geïnterviewde.
TIP
Op de website van Knooppunt Sprekende geschiedenis staan voorbeelden van gebruiksvriendelijke transcriptieprogramma’s voor het maken en het controleren van transcripties. Kijk voor meer informatie hierover op sprekendegeschiedenis.nl.Transcriptie-conventies
- Gebruik correcte spelling (Standaard Nederlands).
- Verbeter niet de zinsbouw van de geïnterviewde.
- Vermijd transcriberen van bijgeluiden als ‘eh’, ‘ehm’.
- Probeer stotteren niet te transcriberen, tenzij het opzettelijk is.
- Incomplete zinnen zijn gebruikelijk in spreektaal. Eindig de onafgemaakte zin in de transcriptie met drie puntjes zonder haakjes: …
- Geef de betekenis van een afkorting ter verduidelijking, de eerste keer dat die gebruikt wordt, [tussen vierkante haken].
- Tussen vierkante haken plaats je ook aantekeningen en woorden die niet in de opname staan en aan het transcript zijn toegevoegd. Bijvoorbeeld bij uitspraken die grappig of cynisch zijn bedoeld. Als dat niet direct uit de tekst blijkt, is het handig dit als commentaar tussen vierkante haken toe te voegen.
- Hetzelfde geldt voor emoties en intonaties, bijvoorbeeld: [lacht], [zucht], [denkt na].
- Als ergens de nadruk op wordt gelegd, is het gebruikelijk de woorden vet te drukken.
- Namen van personen en organisaties staan cursief.
- Om duidelijk te maken wie de spreker is, kan voor de tekst van de interviewer [i] worden gezet en voor de tekst van de geïnterviewde [r] van respondent.
- Pauzes worden aangegeven door [pauze] of […] of [5 sec. stilte].
- Als de tekst onverstaanbaar is, zet dan [onverstaanbaar] of [???] in de tekst, en bij twijfel over het juiste woord [woord?].
- Laat de geïnterviewde de tekst nalezen om te checken of alles klopt.
Voorbeeld interview: Jeffrey Koerhuis
Verzamelaar en geschiedenisfanaat Jeffrey Koerhuis heeft een prachtige verzameling PTT-historie en beheert deze als particulier conservator vanuit huis. Objecten uit de collectie worden tentoongesteld in musea en op zijn website ontsloten. Inmiddels is hij meerdere malen geïnterviewd, door o.a. diverse journalisten, en de interviews zijn verwerkt in krantenartikelen, op websites en sociale media (afb.4).Hoe maak je het interview bruikbaar – ook voor anderen
De informatie uit het interview moet idealiter vindbaar zijn voor jezelf en – afhankelijk van gemaakte afspraken – mogelijk ook toegankelijk en bruikbaar voor documentatie, onderzoek en ontsluiting door anderen, bijvoorbeeld in een documentaire of podcast. Zorg daarom voor een goede opslag en maak kopieën als back-up. Stel je daarbij de vraag wat bewaard kan blijven en wat weg kan. Wat is belangrijk genoeg om na het interview ook daadwerkelijk op te slaan?
Opslag
Sla het interview in ieder geval zelf op een duurzame manier op, op een netwerkschijf, en met een back-up, bijvoorbeeld op een externe harde schijf. Je kunt ook een extra stap zetten en het interview voor anderen toegankelijk maken. Bijvoorbeeld door het extern op te slaan in een e-depot. Deze zijn onder andere te vinden bij regionale archiefbewaarplaatsen zoals stads- en provinciale archieven, die de plicht hebben hun materiaal duurzaam op te slaan. Maar of deze archieven ook particuliere archieven en interviews opnemen, hangt af van hun beleid. Neem daarom al in een vroeg stadium contact op met een instelling, om te kijken of die interesse heeft in oral history, verzamelaarsgeschiedenissen of het specifieke thema van de verzameling. Verder kunnen archieven bepaalde randvoorwaarden hanteren en eigen toestemmingsformulieren gebruiken.
Wanneer het doel van het interview is om context en achtergrond vast te leggen, zodat voorwerpen op termijn aan een museum kunnen worden overgedragen, is het goed met een museum in gesprek te gaan, het interview bij de voorwerpen aan te bieden en afspraken te maken over opslag.
Metadata
Bij het archiveren van bestanden zoals beeld- en geluidsopnamen zijn bepaalde algemene gegevens belangrijk. Denk aan de naam van de geïnterviewde, de plaats, de datum en het tijdstip van het interview en de naam van de interviewer. En natuurlijk het onderwerp van het interview en een kleine samenvatting van wat de geïnterviewde vertelt. Al deze gegevens heten ‘metadata’. Deze metadata vul je per bestand in. Denk goed na over mogelijke zoekwoorden, trefwoorden, tags en labels waaronder het bestand vindbaar moet zijn in een database, op je harde schijf of in een registratiesysteem. Afhankelijk van het afgesproken gebruik van het interview kan het vindbaar maken voor onderzoekers heel belangrijk zijn.
Door middel van trefwoorden verrijk je je interview en maak je het dus beter vindbaar. Door gebruik te maken van al bestaande thesauri (gestructureerde trefwoordenlijsten), sluit je met jouw verzameling aan bij bredere erfgoednetwerken. Het Termennetwerk biedt toegang tot deze thesauri en maakt het eenvoudiger om eenduidige termen toe te passen.
TIP
Links voor meer informatie en bronnen zijn te vinden op de website van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed: cultureelerfgoed.nl/verzamelingen.Samenstelling: Alexandra van Kleef (RCE). Redactie: Gemmeke van Kempen (GemRedactie). Beeld: afb.1 (videostill) en afb. 2 door Jarno Pors (RCE); afb.3 door Kathy Marchand (Reinwardt Academie); afb.4 door Jawad Maakor (Studio 38°C)
Met dank aan alle meelezers voor hun suggesties, in het bijzonder Myrthe Kroes en Marijn Braam (Knooppunt Sprekende geschiedenis), Marloes Wellenberg (Erfgoedhuis Zuid-Holland) en Nathalie van der Hak en Frank Boode (Stichting Schiffmacher Tattoo Heritage).
Zie ook
Artikelen- Verzamelingen - inventariseren en registreren
- Verzamelingen - fotograferen van voorwerpen
- Verzamelingen - bewaaromstandigheden
- Verzamelingen - schoonmaken van kwetsbare voorwerpen
Specialist(en)
Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 9 jan 2026 om 04:00.