Zachtboard

Introductie

Zachtboard is de verzamelnaam voor verschillende soorten zachte of poreuze vezelplaten op basis van vezels van hout, papier, stro, riet, vlas, kurk of andere organische materialen. Het is in de twintigste eeuw veelvuldig toegepast en als zodanig van grote invloed geweest onze dagelijkse woon- en werkomgeving. Bij restauraties of verbouwingen verdwijnt dit materiaal echter vaak zonder overweging of documentatie in de container. Voor een afgewogen oordeel over de waarde van en omgang met zachtboard is kennis van de kwaliteiten, betekenis en mogelijkheden noodzakelijk.

Hier komen de eigenschappen, geschiedenis, soorten en toepassingen, architectuurhistorische betekenis en instandhouding van historische zachtboardplaten zoals geproduceerd en toegepast tot circa 1970 aan de orde.

Foto van een doorgezaagde zachtboardplaat waarop vezelstructuur goed zichtbaar is
Afb. 1. Op de zaagsnede van zachtboardplaten is de vezelige structuur goed zichtbaar
Foto van zachtboardplafond met afdeklatjes op de naden
Afb. 2. Afdeklatjes op de naden creëren een geometrische vakverdeling
Foto van zachtboardplaten met velingkantjes langs de naden
Afb. 3. De zachtboardplaten zijn voorzien van velingkantjes
Advertentie van Essexboard, Leeuwarder Courant 1928
Afb. 4. Advertentie van Essexboard in Leeuwarder Courant, 1928
Het inpakken van zachtboard platen in dozen in de Nove-fabriek, 1975
Afb. 5. Het inpakken van zachtboard platen in dozen in de Nove-fabriek, 1975. Foto: Historisch Archief Midden-Groningen
Foto van een zachtboard-droger in de Nove-fabriek
Afb. 6. Zachtboard-droger in de Nove-fabriek. Foto: Historisch Archief Midden-Groningen
Verbeelding van de vele toepassingen van Celotex in woonhuizen, brochure uit 1929
Afb. 7. Verbeelding van de vele toepassingen van Celotex in woonhuizen, brochure uit 1929
Reclame voor Celotex uit circa 1965
Afb. 8. Reclame voor Celotex, circa 1965
Advertentie van Treetex met conclusie van proefstation, 1931
Afb. 9. Advertentie Treetex met vermelding van door proefstation bewezen kwaliteiten, 1931
Advertentie van Treetex in radiobode, 1936
Afb. 10. Advertentie van Treetex in radiobode, 1936
Foto van het gewelf met zachtboardplaten in de gereformeerde kerk in Kantens
Afb. 11. Zachtboard werd in verschillende kerken met parabolische gewelven toegepast. Hier in de gereformeerde kerk in Kantens
Foto van een zachtboardplafond met grote bruine vochtvlek
Afb. 12. Vocht geeft vlekken en kan structurele schade aan zachtboard veroorzaken

Wat is zachtboard?

Zachtboardplaten zijn poreuze platen op basis van vezels uit hout, stro, riet, vlas, kurk of andere organische materialen die de natuurlijke bindstof lignine bevatten, waardoor de vezels bij elkaar worden gehouden (afb. 1). Zachtboard wordt gemaakt door een mengsel van vezels en water over grote tafels uit te spreiden en vervolgens plat te drukken. Zo wordt het overtollige water verwijderd en ontstaan vlakke platen. Deze platen worden na het vormen en op maat zagen (of snijden) gedroogd in de droogkamer. Wanneer dit drogen zonder bijkomende druk of warmte gebeurt, ontstaan poreuze panelen die we zachtboard noemen. Omdat zachtboard tijdens het drogen niet wordt geperst, is het oppervlak niet helemaal glad; het heeft een fijne oppervlaktestructuur.

Het soortelijk gewicht van zachtboard is minder dan 400 kg/m3. De meest voorkomende zachtboardplaten hebben een dikte tussen de 9 en 12,5 millimeter en een maximale afmeting van 1,2 bij 4 meter, maar ook kleinere maten komen voor. Voor plafonds werden bijvoorbeeld vaak tegels gebruikt van 60 x 60 cm en kwamen ook zeshoekige platen voor. Hierdoor konden bewust gekozen geometrische patronen worden gemaakt. De vakverdeling die door de naden tussen platen ontstond werd vaak met een geschaafd vellingkantje of met latjes afgewerkt dan wel geaccentueerd (afb. 2 en 3).

Verwante producten

Zachtboard is verwant aan enkele andere plaattypen; hardboard, MDF (medium-density fibreboard) en spaanplaat. Het verschil tussen zachtboard en hardere vezelplaten wordt met name bepaald door de mate van persing en de toevoeging van oliën en harsen. Bij hardboard en MDF is lignine eveneens de belangrijkste binding, maar afhankelijk van het beoogde product wordt er ook olie, kunstmatige of natuurlijke hars en/of paraffine toegevoegd. De gevormde, nog natte platen worden geperst onder zware etagepersen met een druk van 50-70 kg/cm² en bij een temperatuur van 200-220 graden Celsius. Tijdens dit proces verdampt het water en harden de toegevoegde kunstharsen uit. De hars gaat polymeriseren waardoor de panelen een glad oppervlak krijgen. Omdat het persen op een net van kopergaas gebeurt, heeft de andere zijde meestal een oppervlaktestructuur. Door de harde druk blijft een afdruk van het net zichtbaar op de hardboardplaat. De hardheid van het uiteindelijke product is afhankelijk van de sterkte van deze persing en het type hars. Zodoende worden half-harde (medium hard), harde (standard hard) of extra-harde (super hard) panelen verkregen. De vier types panelen werden gekenmerkt door minimum- en maximumwaarden met betrekking tot hun dichtheid, treksterkte, buigsterkte, warmtegeleidingsvermogen en gebruikelijke paneeldiktes.

De classificatie door de American Society of Testing and Materials (ASTM) van poreuze, half-harde, harde en extra-harde (of super-harde) panelen biedt – naast alle handelsmerken waaronder de platen meestal bekend zijn – een handige indeling. Veel bedrijven produceerden namelijk platen met verschillende dicht- en hardheden. Daardoor blijkt uit de handelsnaam niet altijd om wat voor soort plaat het gaat. Voor determinatie van platen is een merknaam dus vaak niet voldoende.

Spaanplaat is anders dan vezelplaat omdat het bestaat uit spaanders, schilders of splinters in plaats van uit vezels. De spaanders worden doorgaans door een kunstharslijm gebonden, soms met toevoeging van waterafstotende of schimmelwerende middelen. Linex is een in Nederland geproduceerde spaanplaat op basis van vlas.

Geschiedenis

De vezelplaatindustrie gaat terug tot de late achttiende eeuw, toen de Engelsman Henry Clay patent kreeg op het maken van plaatmateriaal op basis van papier. De producten uit zijn fabriek werden gebruikt voor het maken van imitatie lakwerk en meubels, maar ook voor de afwerking van koetsen. In de negentiende eeuw werden verschillende plaatmaterialen ontwikkeld op basis van houtvezels of strovezels. In Amerika werden patenten verkregen voor vezelplaten als wandafwerking (W.E. Hale 1870) en voor vezelplaat uit stro als drager van stucwerk (Cobb 1871). De platen van Cobb werden met olie bewerkt ter verbetering van de waterafstotendheid. In de jaren tien van de twintigste eeuw kwam de industrie van vezelplaten goed op gang, met name in Engeland en de Verenigde Staten, waar de grote hoeveelheid restmaterialen van de hout- en papierverwerkende industrieën de grondstof leverden voor de productie van verschillende soorten plaatmaterialen. Producten als Essexboard, Homasote en Insulite op basis van papierpulp, Celotex op basis van suikerrietvezels en het hardere Masonite op basis van houtvezels deden hun intrede op de bouwmarkt. Vanaf de late jaren twintig werden vezelplaten ook op het Europese vasteland geproduceerd, met name in Scandinavië en Oostenrijk.

Vanaf 1920 kwamen hardboardplaten en enkele jaren later ook zachte vezelplaten beschikbaar op de Nederlandse markt, in eerste instantie geïmporteerd uit Amerika, Engeland en Scandinavië (afb. 4). Getuige een krantenartikel uit 1927 over Masonite bood deze “merkwaardige industrie” ook in Nederland perspectief voor bijvoorbeeld de houtzaagmolens aan de Zaan. In het noorden van ons land leverde het stro-overschot uit de stro-kartonindustrie de basis voor de vezelplaatindustrie aldaar.

Na de Tweede Wereldoorlog nam het gebruik van zachtboard in de bouw een vlucht. Een groot deel werd geïmporteerd uit Zweden, Finland en Oostenrijk. Aan het einde van de jaren zestig van de twintigste eeuw was ongeveer 15% van het in Nederland gebruikte zachtboard van Nederlands fabricaat. Vanaf de jaren zeventig verdrongen gipsplaten, MDF, multiplex, spaanplaat en andere isolatie- en bekledingsplaten het kwetsbaardere zachtboard grotendeels. Het huidige gebruik in de bouw betreft met name de toepassing in deuren of als onderdeel van combinatieplaten en vloerconstructies.

Talloze soorten

In 1964 publiceerden Stichting Ratiobouw, TNO en TVVL (de in 1959 opgerichte Technische Vereniging voor Verwarming en Luchtbehandeling) een informatieblad met de thermische eigenschappen van isolatiematerialen. Daarop staan 32 namen van producten die als zachtboard worden gekwalificeerd; van Ahlstrak tot Unalit. Toch is die lijst niet compleet, de merken Karlit uit Zweden en Insulite uit Finland ontbreken bijvoorbeeld terwijl die toen wel voorhanden waren. Dat gold waarschijnlijk niet voor Nepo-board, een Nederlandse lichtgekleurde zachtboardplaat die in 1950 door handelsmaatschappij Astrimex werd gevoerd maar daarna niet meer in literatuur of advertenties voorkomt.

De vele advertenties in vakbladen en tijdschriften getuigen van de grote verscheidenheid aan plaatmateriaal. In de regel gaat het om plaatmaterialen die bekend zijn geworden onder hun handelsnamen. Het merendeel van de oudste platen kwam uit het buitenland, zoals Masonite, Celotex, Insulite, Upson Board en Beaverboard. De vezelplaten van deze merken waren vaak in verschillende persingen en dus hardheden verkrijgbaar.

Gaandeweg werden er ook in Nederland verschillende bouw- en bekledingsplaten gefabriceerd. Nederlandse zachtboardplaten waren Kratex en het bekendere Novéboard.

De coöperatieve strokartonfabriek De Eendracht in Appingedam bracht al voor de Tweede Wereldoorlog onder de noemer Kratex zachtboardplaten op de markt. Na 1949 verdwijnen vermeldingen of advertenties van Kratex. Novéboard was een zachtgeperste vezelplaat op basis van stro- en houtvezels die in 1949 door de firma NOVE (Noordelijke vezelindustrie) uit Hoogezand werd geïntroduceerd en een groot deel van de Nederlandse markt veroverde (afb. 5 en 6).

Twee soorten poreuze vezelplaten uit het buitenland die in Nederland veel en langdurig werden gebruikt waren Celotex en Treetex.

Celotex was een in Amerika geproduceerde plaat bestaande uit geperst suikerriet en viltachtige vezels. Deze plaat werd rond 1924 onder het handelsmerk Celotex in vele uitvoeringen, variërend van hard tot zacht en geluidwerend, op de markt gebracht. De dikte was elf millimeter bij een afmeting van 122 x 44 centimeter en groter. Deze plaat woog drie kilogram per m² en was voor veel doeleinden geschikt. Dit product had een sterk geluidwerende eigenschap. In een boekje uit 1929 voor Nederlandse importeurs en handelaren zette de firma Celotex de aard en kwaliteit van zijn vezelplaten uiteen. In de eerste afbeelding wordt direct duidelijk gemaakt hoe veelzijdig de toepassingen waren (afb. 7). In 1950 kon deze plaat geleverd worden met een grondverflaag. Deze uitvoering werd in de handel gebracht door P. Proost & Zoon te Amsterdam (afb. 8).

Treetex is een uit Zweden afkomstige zachtboard met een hardboard toplaag op basis van houtvezels. Het werd in 1931 door de RET-triplex handel (firma Jongeneel) uit Utrecht op de markt gebracht. Deze firma richtte hiervoor enkele jaren later speciaal de Treetex NV op. In 1931 verscheen in kranten een advertentie die de proefondervindelijk bewezen isolerende kwaliteit onderstreepte. Kort na de introductie wordt het toegepast in grote openbare gebouwen, zoals in de plafonds van het conferentieoord Woudschoten in Zeist in 1932 en het sportfondsenbad in Zwolle in 1933, als gewelfbekleding in de Willem de Zwijgerkapel in de wijk Tuindorp in Utrecht (destijds Maartensdijk) in 1934 en de Zuid-Oosterkerk in Haarlem in 1935.

Ook in woningbouw vond het toepassing, zoals in de villa van aannemer Dubbeldam aan de Jachtlaan in Apeldoorn in 1934. De lokale leverancier (Viersma & Verboom) had voor dat project de platen voorzien van vellingkantjes en adverteerde daarmee. Handelaren adverteerden Treetex ook als het ideale materiaal om zolderkamers op te knappen of kamers mee te moderniseren, het was licht van gewicht en kleur, scheurvrij, makkelijk te verwerken, hoefde niet geschilderd te worden en was goedkoop. Bovendien sloot het koude, hitte, rumoer en vocht buiten. Om de akoestiek te verbeteren werden van groeven voorziene Treetex-platen toegepast.

Toepassingen

Vanaf de jaren dertig werd zachtboard gebruikt voor de afwerking van plafonds en lichte scheidingwanden en in vloeren als isolatie en egalisatiemateriaal. Architecten en aannemers waren vooral geïnteresseerd in de akoestische en isolerende eigenschappen. Hoewel we ons dat nu nauwelijks nog kunnen voorstellen blijkt uit artikelen en advertenties uit de jaren 1930 hoe ‘revolutionair’ de plaatmaterialen waren. Ze waren een betaalbaar alternatief voor de tot dan toe gangbare afwerkingen. Zo werden ‘ouderwetse’ stucplafonds vervangen door “’t plafond ter toekomst” van plaatmateriaal. Ondergeschikte ruimtes zoals zolders, die eerder veelal niet werden afgewerkt, werden door een aftimmering met plaatmateriaal omgetoverd tot “een modern vertrek”. In een zachtboard-advertentie uit 1936 wordt deze ‘moderne houtvezel-bekleeding’ geprezen om de moderne uitstraling, het mooie oppervlak (in verschillende tinten verkrijgbaar), de gunstige prijs en de goede thermische en akoestische eigenschappen (afb. 10).

Zachtboard kennen we vooral als plafondafwerking. Als eerste denken we misschien aan plafonds in woonhuizen maar ook in bijvoorbeeld kerkgebouwen uit de jaren dertig is zachtboard als oorspronkelijke afwerking in het gewelf aangebracht. De naden tussen de platen zijn zichtbaar. Dit zien we bijvoorbeeld bij de Gereformeerde Kerk in Kantens (Gr) uit 1932 (afb. 11) en bij de RK Kerk uit 1933 in Sloten (Fr). In de kerk in Sloten zijn het Insulite-platen. Dit zijn geïmpregneerde houtvezelplaten die sinds 1929 in Nederland op de markt waren.

Ook in de R.K. Kerk van de H. Vincentius à Paulo in Rumpen (Li) waarvan de bouw in 1924 begon, is zachtboard toegepast. Het zachtboard tongewelf is hier met houten ribben opgehangen aan de eveneens lichte houten vakwerk kapconstructie. In deze kerk, die onmiddellijk ten zuiden van een mijnterrein was gelegen en daardoor te maken had met een zwakke bodemgesteldheid en verzakkingen, is zachtboard toegepast vanwege het lichte gewicht.

Scheidingswanden en (onder)vloeren Ook werd zachtboard toegepast voor lichte scheidingswanden. De platen werden dan meestal op een houten regelwand gespijkerd. Zachtboard werd vanwege de geluiddempende en isolerende eigenschappen ook voor vloeren gebruikt. Hoewel de advertenties van Treetex vooral wijzen op de toepassingen in plafonds is het ook veel gebruikt als egaliserende, geluiddempende en isolerende laag onder vaste vloerbedekking of andere vloerafwerkingen.

Akoestische platen

Zachtboard is een poreus materiaal en heeft daardoor geluiddempende eigenschappen. Om deze eigenschappen te verhogen kwamen al snel zachtboard panelen in de handel met gaatjes of sleufjes, ook wel akoestisch board genoemd. Deze kwamen ook geregeld voor in tegelvorm van 15 x 30 tot 60 x 60 cm en de dikte varieerde van 1,5 tot wel 5 centimeter.

Akoestische board is niet altijd op basis van houtvezels. Qua structuur zijn de verschillende soorten akoestische boards vergelijkbaar. De dikke platen Acousti-celotex hebben diep ingeboorde gaatjes waardoor geluid wordt geabsorbeerd. Door de gaatjes of de sleufjes en de patronen die met de tegels gevormd konden worden, waren deze platen beeldbepalend in het interieur. Kenmerkende toepassingen voor de jaren dertig, zijn de akoestische panelen van Celotex in telefooncentrales van postkantoren, zoals bijvoorbeeld in Groningen (1930) en Woerden (1940).

Toepassingen in kunst

Zachtboard werd ook toegepast als drager voor kunst. In het interbellum, de periode waarin het plaatmateriaal opkwam, werd veelvuldig gebruik gemaakt van losse dragers voor kunstwerken. Daarvoor werden niet alleen conventionele materialen ingezet zoals doek, maar vooral ook destijds nieuwe producten zoals Linoleum, triplex, eterniet en hard- en zachtboard. Daarbij werden de eigenschappen van het materiaal vaak gebruikt in het artistieke proces. De fijne structuur van zachtboard zorgt ervoor dat de diepere delen meer verf bevatten en het beschilderde oppervlak een levendige uitstraling krijgt.

Bevestiging

Zachtboard is makkelijk te verwerken. Het kan eenvoudig worden verwerkt, bevestigd en afgewerkt met traditionele gereedschappen en technieken (zagen, nagelen, schroeven, verven, vernissen, enz.). Om een net plafond te krijgen moest echter wel precies gewerkt worden. Met name wanneer de naden in het zicht bleven. Onder de vloerbalken moet eerst een vakverdeling van latten gemaakt worden die was afgestemd op de afmetingen van de platen die hiertegen bevestigd moeten worden. Om uitbuiking van de plaat te voorkomen werden tussenschroten aangebracht in de lattenstructuur zodat de platen extra bevestigd kunnen worden. De platen werden met koploze draadnagels bevestigd onder een hoek van 55 graden, zodat de nagels niet meer zichtbaar waren. Daarbij mocht de hamer de plaat niet raken, om ervoor te zorgen dat er geen deuken in de platen kwamen. Het afschaven van de vellingkantjes werd gedaan met een speciale boardschaaf met geleider.

Zachtboard heeft een bruinige kleur. Het kan worden geschilderd maar heeft een sterk zuigende werking. Er waren en zijn ook platen in de handel met een afwerking in een , meestal lichte kleur, waardoor schilderen overbodig was.

Schade en herstel

In de Westerkerk in Goes maakt het plafond van Celotex zachtboardplaten deel uit van het oorspronkelijk ontwerp van architect A. Rothuizen uit 1929. Voor de interieurrestauratie van de kerk in 2017 vertoonde een deel van de platen gebreken; er waren vochtplekken te zien en de platen hingen door. In plaats van het volledig vervangen van het plafond door gipsplaat is ervoor gekozen de platen met behulp van een hoogwerker en een stalen strip weer terug te duwen op hun plek en opnieuw aan de constructie te bevestigen. De paar platen die onherstelbaar bleken, zijn (gedeeltelijk) vernieuwd. Daarna is alles van een nieuwe verflaag voorzien. Minder duur en meer behoud.

Ook architect Gerrit Rietveld verwerkte veelvuldig zachtboard in plafonds, zoals in 1959 in het tentoonstellingsgebouw De Zonnehof in Amersfoort. In het opzichtersdagboek uit 1959 valt te lezen dat de 12 mm dikke zachtboardplaten strak tegen elkaar aangebracht dienden te worden en daarna op kleur gesausd. De gegroefde variant Slotac (Treetex) die Rietveld hier gebruikte, is bij een restauratie speciaal nagemaakt. Het nieuwe plafond is van de fabrikant OWA, type Langschlits 67, gegroefd afm. 300X1200. Dit zijn echter uitzonderingen, want doorgaans wordt een zachtboardplafond bij restauratie vervangen door gipsplaten. Dat is niet onlogisch. Het materiaal is brandgevaarlijk en bovendien vaak onherstelbaar als het nat is geworden. Dat er daarom tegenwoordig geen plafonds meer van zachtboard worden gemaakt is dus begrijpelijk. Dat hoeft echter niet te betekenen dat oude zachtboardplafonds direct verwijderd moeten worden. Zachtboard is brandwerend te maken. Zorgvuldige omgang en regelmatig onderhoud doen vaak wonderen voor het behoud van de oorspronkelijke platen.

Het is onvermijdelijk dat een bouwplaat na verloop van tijd schade oploopt. Zachte vezelplaten kunnen te maken krijgen met schimmel, scheuren, aantasting door insecten, kromtrekken en opzwellen. Vocht, schimmels, rot maar ook mechanische schade kunnen oorzaken zijn van degradatie van het materiaal. Als het plaatmateriaal langdurig aan (één van) deze factoren wordt blootgesteld zal het (vaak blijvend) vervormen. Doorgaans is er niet één aanwijsbare oorzaak voor schade, maar hangen schadepatronen met elkaar samen.

Mechanische schade

Zachtboard is een materiaal dat niet alleen poreus is qua structuur maar ook een oppervlak heeft dat weinig bestand is tegen druk. Een geringe druk van buitenaf zorgt al voor een gat in het oppervlak. Herstel van dergelijke schades zal in de meeste gevallen bestaan uit het verwijderen en vervangen van het betreffende paneel of een deel daarvan.

Vocht

De grootste vijand van vezelplaten is vocht (afb. 12). Zachtboard absorbeert water en zwelt op. Dit proces kan zoveel mogelijk voorkomen worden door ervoor te zorgen dat het casco middels regelmatig onderhoud wind- en waterdicht blijft. Gevolgen van vochtschade zijn onder andere opzwellen of bij langdurig vochtoverlast het delamineren c.q. uit elkaar vallen van de plaat. Als de platen eenmaal met grote hoeveelheden vocht in aanraking zijn gekomen (dus zichtbaar zijn gezwollen) lijkt de kans op een succesvolle reparatie verkeken, omdat met het zwellen van de platen ook de structurele stabiliteit van de bekleding als geheel wordt aangetast.

Schimmels

Zoals alle houtproducten zijn houtvezelplaten gevoelig voor biologische aantasting. Witrotschimmel kan alle houtcomponenten (cellulose, hemi-cellulose, lignine) afbreken. Als deze degradatie vergevorderd is, heeft het hout vaak een witte kleur en is het vezelig van karakter. Bij voor witrot gunstige omstandigheden - zoals een langdurig hoog vochtgehalte - kan het in korte tijd veel schade aanrichten.

UV-straling

Door blootstelling aan de weersinvloeden krijgt houtvezelplaat niet alleen te maken met vocht, ook de werking van zonlicht kan het oppervlak aantasten. Onder de invloed van ultraviolette straling zal de afbraak van lignine plaatsvinden, waardoor het oppervlak kan vergrijzen. Aangezien zachtboard in de meeste gevallen is afgewerkt met een coating of met behang zal deze invloed het minst grote risico zijn.

Preventieve en onderhoudsmaatregelen

Het merendeel van de schades aan vezelplaten heeft te maken met de gevoeligheid voor vocht. Hoewel alle vezelplaatproducten in een vochtige omgeving kunnen kromtrekken of rotten als water in het materiaal is doorgedrongen, zijn de sterkere vezelplaatproducten hier beter tegen bestand. Houd vezelplaten daarom zoveel mogelijk droog.

De beste conserveringstechniek is zorgvuldig onderhoud. Om vezelplaten optimaal te laten functioneren, moet het oppervlak goed worden onderhouden en problemen onmiddellijk moeten worden aangepakt. In het geval van geschilderd zachtboard kan het zo zijn dat het schilderwerk met enige regelmaat bijgewerkt of overgeschilderd moet worden. De frequentie van het overschilderen is afhankelijk van het klimaat, de blootstelling aan de zon, de aard van het materiaal, de kwaliteit en de kleur van de verf en andere factoren zoals de wijze van verfapplicatie en het aantal lagen verf. Brandvertragende coating of - zo mogelijk kleurloze - verf is mogelijk ook een middel om dergelijke plafonds in situ te kunnen behouden.

Herstelmaatregelen

Delaminatie door vocht kan hersteld worden door de loslatende lagen in te smeren of injecteren met een tarwepasta. Dit is een lijm die vaak gebruikt wordt bij restauratiewerkzaamheden, voornamelijk omdat deze reparaties ook relatief gemakkelijk ongedaan kunnen worden gemaakt. Bij extensieve schade moet de plaat vervangen worden. Alle vezelplaten zullen uitzetten en krimpen door vocht en moeten daarom met ruimte tussen de platen geïnstalleerd worden. Als de ruimte niet afdoende is kan het nodig zijn een smalle strook af te zagen. Het vlak maken van een kromgetrokken paneel gaat makkelijker als het een beetje nat wordt gemaakt. Om het paneel weer vlak te maken kan lichte druk worden uitgeoefend. Zorg ervoor dat het paneel helemaal droog is voordat het opnieuw wordt geïnstalleerd.

Als een houtachtige plaat is aangetast door schimmel kan deze verwijderd worden met schimmeldodende middelen of met een oplossing van bleekmiddel in water.

Vernieuwen

Als er schade optreedt die te groot is om te herstellen kan het (partieel) vervangen van de platen worden overwogen. Hierbij ligt het voor de hand dat de vervangende plaat de originele plaat zo dicht mogelijk benadert qua samenstelling en afwerking. Dit kan echter op problemen stuiten, aangezien het onwaarschijnlijk is dat een historische bouwplaat na decennia nog ongewijzigd op de markt is. Fabrikanten zitten immers niet stil en blijven hun producten ontwikkelen. Dit leidt ertoe dat het merendeel van de moderne bouwplaten niet meer nieuw te verkrijgen is. Namaken is ook geen sinecure, want via de fabrikanten valt de exacte samenstelling van een historische bouwplaat vaak lastig of helemaal niet meer te achterhalen. Sommige moderne producten vertonen echter wat betreft afmetingen en uiterlijk veel gelijkenis met sommige historische producten.

Lees verder

Zie ook[bewerken]

Artikelen

Hoort bij deze thema's

Trefwoorden

Specialist(en)

Vragen, verbeteringen of opmerkingen?
U kunt op deze kennisbank reageren via het reactieformulier.

Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 30 nov 2022 om 09:03.