Zoeken naar afgevoerde rijksmonumenten


Introductie

Monumenten hebben niet het eeuwige leven. Vanaf 1961, toen de eerste Monumentenwet ingevoerd werd, zijn duizenden gebouwen en objecten aangewezen als rijksmonument. Niet alle ooit aangewezen of beoogde rijksmonumenten staan echter nog in het monumentenregister. Van ruim 4.300 gebouwen en objecten is bekend dat ze uitgeschreven zijn. Dat betekent dat de minister tot de conclusie is gekomen dat de monumentale waarde van het beschermde of te beschermen object onvoldoende was of niet voldoende meer aanwezig was. De procedure waarbij een monument wordt uitgeschreven noemen we 'afvoeren'. Het is interessant om te zien hoeveel gebouwen en objecten door de jaren zijn afgevoerd. Daartoe is een data story gemaakt die uit het monumentenregister de gegevens toont. In de story kan men zelf de data bekijken op een plattegrond, in enkele grafieken en kan men zelf de data ophalen. Hier wordt nader ingegaan op het proces van afvoeren met een aantal voorbeelden.
Binnenplaats met aan alle zijden bebouwing die duidelijk getroffen is door een brand.
Afb. 1. In april 2002 woedde er brand in het voormalige gesticht Sint Ignatius in Tilburg. Het gebouw zou een maand later toch officieel ingeschreven worden in het register en is nog steeds een rijksmonument.
Drukke straat met rij gevels met veel uithangborden.
Afb. 2. Centraal op de foto het pand Tweede Tuindwarsstraat 8 in 1974 waarbij duidelijk de bovenste verdiepingen zijn verdwenen.
Groot gebouw met kapotte delen waarin oranje zeilen zijn opgehangen om de rest van het gebouw wind en waterdicht te houden.
Afb. 3. Beeld van een deel van het klooster Sint Ludwig in 2008 nadat grote delen waren gesloopt. De zeilen dekten het gebouw af wat door een dwangbevel was afgedwongen door de gemeente.

Eindig erfgoed

In 2025 telt het monumentenregister 63.114 rijksmonumenten. Daarvan zijn er 1.464 beschermd als archeologisch monument en de rest als gebouwd monument. Op grond van de Monumentenwet 1961 werden in 1965 de eerste rijksmonumenten ingeschreven in het register. Tot 1987 waren er ruim 39.000 monumenten ingeschreven. Vooral in de beginjaren werden er duizenden monumenten per jaar ingeschreven, maar in de jaren tachtig was de voorraad, onder meer uit de Voorlopige lijst, nagenoeg geheel verwerkt. Een nieuw project, het Monumenten Inventarisatie Project 1850-1940 stond op dat moment in de steigers en zou nog eens duizenden nieuwe rijksmonumenten opleveren. Afvoeren van rijksmonumenten was in die eerste jaren nog geen onderwerp van belang, al was de bevoegdheid daartoe al wel in de wet vastgelegd.

Artikel 11 en 8

In de eerste Monumentenwet van 1961 had de minister in artikel 11 de bevoegdheid om ambtshalve of op verzoek van belanghebbenden in het register wijzigingen te doen aanbrengen. In de Monumentenwet 1988 werd dat artikel 8. Een zogenaamde artikel 8 procedure hield meestal in dat een monument uiteindelijk niet definitief ingeschreven werd of dat na onderzoek bleek dat de monumentale waarden niet meer voldoende aanwezig zijn. Uit de huidige gegevens komt naar voren dat de eerste afvoeringen pas plaatsvonden in 1987, maar mogelijk werd al eerder van de mogelijkheid gebruik gemaakt. In de loop der tijd is wisselend gedacht over de omgang met afgevoerde rijksmonumenten. Wel in het register laten of juist niet meer in het register laten? Hoe dan ook, er zijn uiteindelijk vandaag de dag in het register gegevens te vinden van 4.302 afgevoerde gebouwen of objecten.

Voorbeelden

Afvoeren is geen eenvoudig proces. Er bestaat een reguliere procedure die vaak ambtshalve wordt gevolgd en waar geen juridische gevolgen uit voort vloeien. De andere procedure is de zogenaamde uitgebreide procedure. Daarbij wordt niet alleen veel meer onderzoek gedaan naar de waarden die mogelijk resteren maar worden ook belanghebbenden en andere instanties betrokken alvorens een voornemen tot afvoering wordt gepubliceerd in de Staatscourant. In sommige gevallen, zoals het voorbeeld van het gesticht "St. Ignatius" in Tilburg [afb. 1], leidde een brand van een net ingeschreven monument niet tot afvoering. Er resteerden voldoende waarden om het gebouw op de lijst van rijksmonumenten te laten staan.

Hieronder volgen een aantal voorbeelden waarbij het uiteindelijk wel tot afvoering is gekomen.

Reguliere procedure

In een reguliere procedure kan het bijvoorbeeld gaan om een gebouw dat al is aangewezen maar dat vervolgens onderdeel wordt van een complex. Dat gebeurde in 2007 met enkele boerderijen die al in 1968 waren aangewezen. Bij een verfijningsoperatie rondom buitenplaatsen werden ze in 2007 toegevoegd aan het complex van de historische buitenplaats Baest bij Oirschot. Zo werd een boerderij met het oude monumentnummer 31605 met een kort omschrijving afgevoerd en opnieuw ingeschreven. Nu onder monumentnummer 511523 met een ruimere omschrijving, zoals toen gebruikelijk was. Bij dergelijke verfijningsoperaties zijn toen tientallen gebouwen en objecten afgevoerd, maar soms ook weer opgevoerd. De eenvoudige procedure wordt ook toegepast wanneer in een aanwijzingstraject blijkt dat een specifiek monument toch niet aangewezen kan worden. Dat was bijvoorbeeld het geval bij de aanwijzing van een groot aantal grafkruisen op de begraafplaats van Sambeek. Daar waren zeker 30 monumenten in voorbereiding om aangewezen te worden. Toen bleek dat enkele van de aan te wijzen monumenten er niet meer waren, of dat hun waarde toch niet voldoende was, zoals monument 525218, zijn deze weer afgevoerd uit het register.

Uitgebreide procedure

Bij de uitgebreide procedure is vaak meer aan de hand en ligt het afvoeren meestal niet meteen voor de hand. Er gaat flink wat correspondentie over en weer tussen belanghebbenden en de RCE alvorens er maar iets gebeurt. Met het pand Tweede Tuindwarsstraat 8 in Amsterdam ging dat niet anders. In 1970 werd het pand aangewezen met als omschrijving "Huis met 18e eeuwse gevel onder 19e eeuwse rechte lijst waarop een baksteen attiek". Op een foto uit 1974 is het pand te zien met de bovenste verdieping en de attiek verwijderd [afb. 2]. In 1986 werd de gevel weer geheel opgetrokken, maar in een sobere variant en een betonnen attiek. Van het interieur was niets origineels bewaard gebleven. In 1999 vroeg de toenmalige Rijksdienst advies aan de gemeente, Gedeputeerde Staten en de Raad voor Cultuur over de monumentale waarde van het rijksmonument. Van het oorspronkelijke pand was alleen de oude pui behouden, maar niet eens in oorspronkelijke staat. In 2000 was het standpunt over de afvoering min of meer duidelijk, maar ondertussen bleek het voornemen tot afvoeren de nieuwe eigenaar van het pand niet bereikt te hebben omdat die verzuimd had het pand op diens naam te zetten in het kadaster. In 2000 vroeg deze nieuwe eigenaar subsidie aan voor restauratie van het pand. Deze aanvraag werd afgewezen gezien het feit dat de werkzaamheden al waren begonnen. Tevens zou de pui op dat moment verdwenen zijn, maar volgens de eigenaar zou die na de verbouwing weer teruggeplaatst worden. Lopende het proces maakte de belanghebbende zowel bezwaar tegen de afwijzing van de subsidie als het voornemen tot afvoering van het pand. In 2004 en 2005 werd de zaak behandeld met het besluit dat het pand inderdaad afgevoerd kon worden en de subsidie terecht was afgewezen. Bezwaarde had overigens aangevoerd dat het besluit niet zorgvuldig tot stand zou zijn gekomen. Ook zou het pand niet ernstig verminkt zijn, zoals beweerd werd. Het onderzoek naar de feitelijke situatie omtrent het eigendom vergde enige tijd, maar uiteindelijk werd de procedure tot afvoering afgerond en in juli 2005 werd het pand daadwerkelijk afgevoerd uit het kadaster als rijksmonument en in de administratie van het monumentenregister is de afvoerdatum gezet op september 2007.

Een ingewikkelde en langdurige procedure ontstond in de eerste decennia van deze eeuw rondom het klooster Sint Ludwig in Vlodrop, monumentnummer 507387. Op grond van het Monumenten Inventarisatie Project werd het complex van klooster met begraafplaats in 1998 en 2002 aangewezen als rijksmonument. Al in 1990 was het klooster gekocht door de Maharishibeweging die onder leiding van Maharishi Mahesh Yogi hier hun wereldhoofdkwartier wilde vestigen. Daartoe diende wel het complete klooster gesloopt te worden. Daarmee was al begonnen toen de aanwijzing plaatsvond en de eigenaar maakte bezwaar tegen de aanwijzing. Er volgden rechtszaken tot aan Raad van State toe. Die oordeelde in 2001 dat de schorsing van een sloopvergunning door de gemeente onterecht was. Daarop meende de beweging dat ze dus konden slopen waarna een deel van het klooster daadwerkelijk werd gesloopt. De monumentenstatus was evenwel nog steeds van kracht waardoor de beweging gemaand werd de sloop te staken en alles er aan te doen om het klooster te behouden. Ondertussen werd het terrein rondom het klooster geheel op eigen wijze ingericht waardoor het klooster, deels al gesloopt, steeds meer aan waarde verloor (zie afb. 3). In 2008 werd bekend dat de status van rijksmonument gehandhaafd bleef. Ook tegen dat besluit werd weer bezwaar gemaakt door de beweging. Dwangsommen volgden en derden tekenden beroep aan tegen de opnieuw aangevraagde en door de gemeente goedgekeurde sloopvergunning. Dit beroep werd in 2014 ongegrond verklaard en feitelijk stond er nu weinig meer in de weg voor de beweging om met de sloopt te starten. In 2015 begon in opdracht van de eigenaar de verdere sloop van het klooster. Kort daarop werd door de Raad van State de eerdere uitspraak over de sloopvergunning bevestigd en zat er niets anders op dan het gesloopte klooster af te voeren uit het register omdat het simpelweg niet meer bestond. In 2018 kreeg dit formeel zijn beslag. Van het klooster resteert alleen nog de begraafplaats met kapel, inderdaad een rijksmonument.

De data story

De volledige vraag omtrent afgevoerde rijksmonumenten is uitgewerkt als een data story. Daarbij is een korte uitleg gegeven over afvoeren en vervolgens hoe de query is opgebouwd. Daarbij bestaat de mogelijkheid om de query direct zelf uit te voeren en te downloaden (klik op de blauwe ^ pijl boven de data en dan opent de query. Dan kun je rechtsonder met een pijl de data downloaden). De export is in de vorm van een Comma Separated Values (csv) oftewel een door komma's gescheiden bestand dat lijkt op een Excel en met "tekst naar kolommen" (onder het menu Gegevens) in Excel omgezet kan worden naar een bruikbaar bestand. In Excel kunnen vervolgens tabellen, diagrammen of wat dan ook gemaakt worden.

In de story zelf worden verschillende grafieken getoond alsmede een kaartje waarop de locatie van de afgevoerde rijksmonumenten is weergegeven. Ook is nadere uitleg gegeven over de uitkomst en hoe de query verder werkt.

Met deze query is de informatie over afgevoerde rijksmonumenten snel en nauwkeurig te verzamelen. De reden van afvoer is echter niet in de gegevens terug te vinden. Daar is nader onderzoek voor nodig.

Literatuur

  • Nelissen, N.J.M.; Monumentenzorg. Dynamiek in behoud. Tien jaar monumentenzorg in Nederland, Den Haag 1996.

Meer informatie of hulp

Mail het team Erfgoeddata & Datamanagement: datamanagement@cultureelerfgoed.nl


Verbeteringen, vragen of opmerkingen?Geef een inhoudelijke verbetering door, stel een vraag of maak een opmerking via het contactformulier.

Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 11 nov 2025 om 04:13.