Het Zuidwest-Drentse hallehuis

Introductie

De boerderijen in het zuidwesten van Drenthe vallen onder de hallehuisgroep. Ze onderscheiden zich met hun vaak statige en monumentale woongedeelten van boerderijen in andere delen van Drenthe.

Boerderij met groene luiken
Boerderij in Ruinerwold. Dia: beeldbank RCE, 1967 CC BY-SA 3.0
Boerderij met grote schuur en tuin
Vroeg-twintigste-eeuwse boerderij met monumentaal woongedeelte in de gemeente De Wolden. Foto: beeldbank RCE, J.P. de Koning, 2000 CC BY-SA 3.0
Boerderij met chinoiserie en tuin
Statige boerderij met chinoiserie in Ruinerwold. Foto: Herman Wesselink, 2020

Geologie

Het zuidwesten van Drenthe kent een afwijkende ontginningsgeschiedenis ten opzichte van de rest van de provincie. Het gebied bestaat voor een groot deel uit laagveen, hetgeen zorgde voor grootschalige turfwinning, waarna vervolgens overwegend veehouderij plaatsvond. De gunstige geografische ligging van Zuidwest-Drenthe zorgde voor goede handelsverbindingen met welvarende gebieden als Friesland en met de (hanze)steden.

Middeleeuwen

De boerderijen in deze streek behoren vrijwel allemaal tot de hallehuisgroep. Vanwege de ligging op veengrond zien we bij veel oudere Zuidwest-Drentse boerderijen houten bedrijfsgedeelten, van oudsher gedekt door rieten daken. Vanwege het gewenste efficiënte gebruik van het bedrijfsgedeelte komen hier overwegend dwarsdelen voor.

Huidige boerderijen

Vanaf de zeventiende eeuw profiteerden de boeren in Zuidwest-Drenthe van de toenemende vraag naar zuivelproducten zoals boter. De welvaart in deze regio nam sterk toe in vergelijking met aangrenzende streken, waardoor veel Zuidwest-Drentse hallehuisboerderijen monumentale voorhuizen kregen. Vaak werd een compleet nieuw voorhuis voor de bestaande boerderij gebouwd, waardoor de boerderij bijvoorbeeld een kruk- of T-vorm kreeg. De voorhuizen hadden een representatieve architectuur, vanwege de toenemende invloed van de burgerlijke bouwkunst en de connectie met de steden. Ook de interieurs waren rijk aangekleed en ingericht. In het interieur werden bijvoorbeeld de bedstedewanden rijk uitgevoerd en beschilderd en houten lambriseringen aangebracht. In dorpen als Nijeveen en Kolderveen vinden we monumentale voorbeelden van 18e-eeuwse boerderijbouw met representatieve voorhuizen. Deze worden gekenmerkt door grote schuifvensters. De economische voorspoed in Zuidwest-Drenthe zette gedurende de negentiende en vroege twintigste eeuw door, waardoor veel boerderijen in bijvoorbeeld Ruinerwold en Koekange een statige vorm van een herenhuis hebben. Opvallend is de symmetrie van de voorgevel en de verzorgde uitvoering met materialen als natuursteen en marmer. Ook de tuinaanleg van dergelijke boerderijen getuigt van de rijkdom onder boeren in deze streek omstreeks 1900.

Modelboerderijen uit de twintigste eeuw

Een aparte categorie in deze regio zijn de boerderijen in Wilhelminaoord en Frederiksoord. Deze nederzettingen zijn omstreeks 1820 ontstaan in het kader van de stichting van de koloniën van weldadigheid. Hier werden arme stedelingen en landlopers gehuisvest en aan het werk gezet. De boerderijen in Wilhelminaoord zijn omstreeks 1900 gebouwd. Ze hebben de opzet van een langgerekt hallehuis, al dan niet met aangebouwde zijschuur. In tegenstelling tot oudere boerderijen met hun historische gelaagdheid zijn de boerderijen volgens één concept ontworpen en nog als zodanig herkenbaar. Ook deze gebouwen vertonen invloed van de burgerlijke bouwkunst.

Zie ook

Hoort bij deze thema's
U kunt op deze kennisbank reageren via het reactieformulier.

Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 22 nov 2023 om 04:01.