Museumvoorwerpen nummeren met schrijfstiften

Versie door Vvniel (overleg | bijdragen) op 30 sep 2021 om 15:14
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)

Introductie[bewerken]

Historie

Museumvoorwerpen nummert men meestal door het inventarisnummer tussen twee laklagen op het object aan te brengen. Zo kan de inkt waarmee het nummer wordt aangebracht geen (blijvende) schade aanrichten aan het object en ook gemakkelijk weer worden verwijderd. Als lak past men verschillende laksoorten toe, en als inkt vaak Oost-Indische inkt. In de praktijk blijkt het nummeren met deze inkt lastig: een eenvoudige stift zou een verbetering betekenen. Voor dit doel heeft het ICN in 1998 onderzoek gedaan naar de combinatie van Paraloid B72 25% in aceton als lak en toen beschikbare lichtechte stiften.

Ofschoon een aantal combinaties van stiften en lak in de testfase goede resultaten gaf, bleek die in de praktijk niet goed bruikbaar. Bij het opbrengen van de afdeklaag loste het geschreven nummer soms op.

De inkt van de geteste stiften bleek oplosbaar te zijn in organische oplosmiddelen. In combinatie met een lak op basis van een organisch oplosmiddel kon de inkt gaan vlekken. In een vervolgonderzoek is toen van de lichtechte stiften onderzocht of je ze zou kunnen gebruiken in combinatie met lakken op waterbasis.

Vervolgonderzoek

De dertien lichtechte stiften van het eerste onderzoek zijn in 2000 onderzocht in combinatie met vier lakken op waterbasis: twee acrylaatlakken en twee polyurethaanlakken. Alle lakken bleken goed bestand tegen licht. De stiften zijn met een grond- en toplaag van de vier lakken op verschillende ondergronden aangebracht en daarna kunstmatig verouderd. Na veroudering vertoonden geen van de proefstukken verschil in uiterlijk.

Een restaurator heeft vervolgens onderzocht of en hoe geplaatste nummers konden worden verwijderd. Ten slotte heeft een testpanel van acht personen volgens een werkvoorschrift met verschillende combinaties van lak en stift het gebruiksgemak getest door allerlei materialen te nummeren.

Tabel 1. Hechting van Golden polemyr varnish with UVLS mat en glans op verschillende materialen

Oppervlak Mat Glans
Aluminium + -
Koper + + (corrosie)
Glas + +
Aardewerk met glazuur - -
Vurenhout - - (trekt in)
Leer - -
Tupperware polyetheen - -
Melamine + +
Plexiglas - -
Bakeliet + +/-
Polystyreen +/- +
Siliconenrubber - -
PVC - -


Tabel 2. Vlekbestendigheid bij aanbrengen van de top laklaag, lichtechtheid (BWS) en overall testresultaat van stiften (hoe meer plusjes, hoe beter de prestatie)

Merk Vlekbestendigheid Lichtechtheid Overall
Edding 1800 Profipen 0,3 + >7 +
Edding 780 (zwart) 0,8 ++ >7 ++
Edding 780 (wit) 0,8 ++ >7 ++
Staedtler pigment liner 0,3 - >7 -
Pentel super fine point MF50 ++ >7 ++
Pilot drawing pen 0,2 - >7 -
Copic multiliner 0,3 + >7 +
Unipin fineline 0,2 - >7 -


Van de vier onderzochte lakken kwam de onverdunde Golden Polymer Varnish with UVLS (matte) lak als beste uit de test. Zwarte stiften die daarmee goed combineerden waren de Pilot ultrafine no xylene SCA-UF, Edding 1800 profi-pen 0,5 mm en de Rotring Finograph 0,4 pigmented ink. De Edding 780 paint marker bleek een bruikbare witte stift.

Paraloid B72 in combinatie met Oost-Indische inkt was daarmee niet afgeschreven voor het nummeren van museumvoorwerpen. Maar de nieuwe methode was gebruikersvriendelijker en veiliger omdat er geen organische oplosmiddelen werden gebruikt.

In 2003 bleek dat er nieuwe stiften op de markt waren gekomen en andere verdwenen. Er druppelden ook berichten binnen dat de stiften niet goed hechtten op de lak en vlekten bij het aanbrengen van de tweede laklaag. Ook was de hechting van de lak op sommige materialen minder goed dan bij de tests het geval was. Omdat er werd gewerkt met commercieel verkrijgbare merkproducten kon het zijn dat de samenstelling zonder bericht was veranderd.

Daarom zijn in 2003 twee nieuwe lakken getest: de glansloze ‘Golden polymer varnish with UVLS matte’ en de glanzende variant ‘gloss’. De lakken werden dit keer ook op kunststoffen getest. Na drie uur drogen werd met een plakbandtest de sterkte van de hechting bepaald. Die bleek op alle materialen voldoende sterk. Op een glanzend oppervlak viel de glossy lak het minst op, op een mat oppervlak de matte lak. De matte lak bood echter een veel prettigere ondergrond om op te schrijven. Bij het opbrengen van de lakken op koper trad er corrosie op aan de rand van de gelakte vlakjes, wat met een lak op waterbasis niet verwonderlijk was. Bij hout had de lak de neiging in het materiaal te trekken en moesten er extra onderlagen worden aangebracht.

De twee lakken werden beschreven met verschillende lichtechte, watervaste stiften die in de kantoorboekhandel of kunstenaarsbenodigdhedenwinkel te koop waren. De droogtijd van onderlaag en inkt werd verlengd naar drie uur omdat sommige stiften na 30 minuten nog niet helemaal droog waren, waardoor op zich goede inkten toch vlekten bij het aanbrengen van de toplaag.

Alle geteste stiften maakten de belofte van lichtechtheid waar en de lak vergeelde niet bij kunstmatige lichtveroudering. Het verschil in de stiften zat in het vlekken bij het opbrengen van de toplaag. De stiften met de kortste droogtijd kwamen als beste uit de test.

Algemeen advies

Met de combinatie van een commercieel verkrijgbare acrylaatlak op waterbasis en een lichtechte stift van een gerenommeerd merk kan je de meerderheid van de museumobjecten eenvoudig en veilig nummeren. De keuze voor een acrylaatlak op waterbasis vindt zijn oorsprong in het feit dat de commercieel verkrijgbare ‘permanente’ stiften een inkt op basis van organisch oplosmiddel bevatten. Die combinatie vlekt niet bij het aanbrengen van de toplaag als de inkt goed is gedroogd. Een lak op waterbasis hecht echter niet op alle oppervlakken even goed. Er kunnen zich in de praktijk gevallen voordoen waarin de acryllak niet voldoet. Dan biedt Paraloid in alcohol of aceton in combinatie met Oost-Indische inkt uitkomst.

Werkwijze

Praktische uitvoering

  • Zoek een onopvallende plek uit om het nummer aan te brengen.
  • Zet een nummer zoveel mogelijk op éénzelfde plek.
  • Zet een punt achter een nummer dat op de kop ook leesbaar is, zoals 606 en 969.
  • Breng de onverdunde acrylaatlak met een kwastje aan in de vorm van een klein rechthoekig vlakje.
  • Begin altijd met een dun laagje. Als dit laagje geabsorbeerd wordt door de poreuze ondergrond, breng dan direct nogmaals een dunne laag aan. De lak voorkomt dat de inkt waarmee het nummer wordt aangebracht in het voorwerp dringt.
  • Laat de lak volledig drogen.
  • Breng hierop klein, maar duidelijk leesbaar het inventarisnummer aan.
  • Gebruik alleen een stift of inkt die lichtecht is en goed op de lak hecht.
  • Laat het nummer volledig drogen.
  • Dek het nummer ter bescherming af met een dun laagje onverdunde acrylaatlak.
  • Laat de lak wederom goed drogen.
  • Maak na gebruik de hals van het flesje schoon met water om te voorkomen dat de sluiting vastkleeft.
  • Spoel het kwastje schoon met water.

Neem de volgende regels in acht

  • Voorkom aanraking met ogen of huid.
  • Nooit eten, drinken of roken tijdens het tijdens het werken met deze materialen.
  • Werk niet te lang achtereen met genoemde middelen.
  • Maak gebruik van handschoenen van neopreen of rubber.

Nummer verwijderen

  • Als je een fout maakt kun je het nummer verwijderen met behulp van een oplossing bestaande uit één deel alcohol en één deel water.
  • Wanneer het nummer langere tijd na het opbrengen verwijderd moet worden, raadpleeg dan een restaurator.

Niet gebruiken op voorwerpen van

  • papier
  • textiel
  • kunststof

Materialen

Goede acrylaatlak op waterbasis en lichtechte, permanente stiften zijn verkrijgbaar bij de goede kantoorboekhandel of kunstenaarsmaterialenwinkel.

Meer informatie[bewerken]

Zie ook deze artikelen


    Hoort bij deze thema's


      Specialist(en)

      • Agnes Brokerhof (Let op: pagina bestaat niet.)

      Contact

      Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 4 dec 2021 om 07:07.