Schimmels in collecties en hun geïntegreerde bestrijding

Introductie

Witte pluis op leer of houten voorwerpen, zwarte puntjes op papier, groene vlekjes op glad textiel. Vaak is het schimmel en dat leidt tot stress bij de collectiebeheerders. Zo snel mogelijk weg ermee! Daarmee is het probleem echter niet verholpen, want schimmel is het gevolg van een te hoge vochtigheid van het materiaal waar het op groeit door verkeerde bewaaromstandigheden of wateroverlast. Zolang daar niets aan verandert, komt het probleem weer terug. Voorkomen is ook hier beter, en vooral ook goedkoper, dan genezen. Daarom wordt schimmel in collecties het best bestreden met een geïntegreerde aanpak.

Schema met de vijf stappen van geïntegreerde bestrijding
Afb. 1. De vijf stappen van geïntegreerde bestrijding
Foto van een door schimmel aangetast document
Afb. 2a. Door schimmel aangetast document
Foto van door schimmel aangetast textiel
Afb. 2b. Door schimmel aangetast textiel
Foto van een door schimmel aangetaste boekband
Afb. 2c. Door schimmel aangetaste boekband
schematische weergave van de ontwikkeling van schimmels: Vruchtlichaam -> Sporen -> Hyfen
Afb. 3. Ontwikkeling van schimmels

Schimmels

Schimmels behoren tot de micro-organismen en vormen naast planten en dieren een apart rijk. Ze zijn een onmisbare schakel in de keten van afbraak en recycling van organisch materiaal in de natuur. Tegelijkertijd vormen ze een bedreiging voor collecties omdat ze daar ook het organisch materiaal kunnen afbreken. De meeste schimmels vormen een zwamvlok of mycelium, het ‘pluizige’ deel dat wij op oppervlakken zien groeien, dat is opgebouwd uit schimmeldraden of hyfen. Op de schimmeldraden ontwikkelen zich sporendragers waarin sporen worden gevormd. De sporen zorgen voor de verspreiding van de schimmel. Het zijn kleine deeltjes (1-10 micrometer) die gemakkelijk door de lucht worden verplaatst. Als de omstandigheden gunstig zijn, kunnen de sporen ontkiemen en schimmeldraden vormen, die weer uitgroeien tot een nieuw mycelium.

Schimmelsporen zijn overal aanwezig; het creëren van een steriele collectieruimte is onmogelijk. Sporen kunnen echter niet zo maar ontkiemen en uitgroeien. Allereerst hebben ze een voedingsbodem nodig. Schimmels halen hun voedingsstoffen uit het materiaal waarop ze groeien. Organische materialen zoals papier, leer, lijm, hout en textiel bieden voldoende voedingsstoffen. Verder hebben schimmels zuurstof nodig voor de verbranding van de voedingsstoffen. De temperatuur waarbij schimmels zich kunnen ontwikkelen, ligt tussen de 4 en 40°C, met een optimum tussen 24 en 30°C. Verreweg de belangrijkste groeivoorwaarde is vocht. Schimmels hebben voor hun ontwikkeling aan het oppervlak waarop ze groeien een relatieve luchtvochtigheid (RV) van 70-100% nodig. Sommige schimmelsporen kunnen bij een lagere RV nog ontkiemen en andere soorten kunnen zich na ontkiemen bij een lagere RV ontwikkelen omdat ze in hun eigen waterbehoefte kunnen voorzien. Als algemene regel wordt echter aangehouden dat bij een RV lager dan 70% geen schimmelgroei plaatsvindt.

Schimmels die op een oppervlak groeien veroorzaken directe schade doordat de schimmeldraden zich een weg door het materiaal banen en de structuur van het materiaal aantasten. Met behulp van enzymen breken ze het materiaal af om er voedingsstoffen aan te onttrekken. Tijdens hun groei laten ze zure uitscheidingsproducten en kleurstoffen in het materiaal achter. Ze ontnemen bovendien het zicht op het onderliggende oppervlak en maken een tekst of tekening onleesbaar. Ten slotte kunnen schimmels een gevaar voor onze gezondheid vormen. De klachten variëren van allergie en irritatie van huid en luchtwegen tot ziektes.

Aantasting van collectie door schimmels wordt door de meeste collectiebeheerders als een ernstig probleem gezien. Met name omdat schimmels zich, onder gunstige omstandigheden, betrekkelijk snel kunnen ontwikkelen en verspreiden en schade aan hele collecties kunnen veroorzaken. Constatering van schimmel leidt vaak tot lichte paniek bij collectiebeheerders en de reactie om zo snel mogelijk de hele collectie te ontsmetten. Bij ontsmetting wordt dan gedacht aan vergassen of doorstralen met gammastraling. Zo’n aanpak stuit echter op een aantal bezwaren. Allereerst is ontsmetten van de hele collectie erg veel werk, waarvan een deel overbodig is omdat meestal niet alle objecten zijn aangetast. Ten tweede zijn er niet veel methoden beschikbaar voor de ontsmetting van beschimmelde voorwerpen en de methoden die er zijn, hebben nadelige effecten op het materiaal. Vergassen wordt niet meer gedaan daardoor blijft alleen doorstralen met gammastraling als methode voor massaontsmetting over. Van gammastraling is echter bekend dat het vooral de veroudering van papier versnelt. Bovendien stapelen die negatieve effecten zich op, bij iedere volgende behandeling neemt de veroudering nog meer toe. Ten slotte zijn de totale kosten van een ontsmettingsbehandeling (inpakken, transporteren, behandelen, schoonmaken en terugplaatsen) hoog. Vandaar dat de voorkeur bij collectiezorg uitgaat naar een geïntegreerde bestrijding.

Geïntegreerde bestrijding

Geïntegreerde bestrijding is een strategie die ernaar streeft het gebruik van schadelijke bestrijdingsmiddelen en -methoden tot een minimum te beperken door het treffen van de juiste preventieve maatregelen en verantwoorde omgang met de collectie. De aanpak bestaat uit vijf stappen die logisch met elkaar samenhangen: twee preventieve stappen, een detectie stap om te zien of de preventieve maatregelen voldoende zijn, en twee curatieve stappen in het geval dat er een probleem wordt gedetecteerd. Bestrijding gebeurt zoveel mogelijk met schone methoden die veilig zijn voor mens, collectie en milieu. Behandeling met fungicide of straling is een laatste redmiddel.

Bij een geïntegreerde aanpak is belangrijk dat de activiteiten ook deel uitmaken van de routine in de collectie. De coördinatie is in handen van één persoon die bevoegd is maatregelen te treffen. Iedereen die bij de zorg voor en het gebruik van de collectie is betrokken, is op de hoogte van de werkwijze. Er zijn duidelijke afspraken met medewerkers en externe partners zoals schoonmakers en onderhoudsmensen. Geïntegreerde bestrijding van schimmels lijkt aanvankelijk extra werk met zich mee te brengen, maar betekent in de praktijk juist minder werk omdat er geen beschimmelde collecties moeten worden ontsmet. Bovendien zorgt het voor minder schade aan het materiaal door bestrijdingsbehandelingen en voor een gezondere werkomgeving voor de medewerkers.

De vijf stappen van geïntegreerde bestrijding

1. Voorkomen

Voorkom dat schimmelsporen kunnen ontkiemen en uitgroeien.

  • Zorg dat er geen vochtbronnen in de ruimte zijn zoals optrekkend vocht, lekkages, koude waterleidingen of vensters met condens. en zorg voor voldoende luchtbeweging in de ruimte. Bedenk daarbij dat bij verpakte voorwerpen de RV in de verpakking hoger wordt als de temperatuur stijgt.
  • Houd de relatieve luchtvochtigheid (RV) lager dan 70%.
  • Zorg voor voldoende ventilatie en luchtbeweging. Plaats kasten en stellingen vrij van wanden, vloer en plafond.
  • Vermijd plaatselijk afwijkende klimaatomstandigheden of microklimaten. Die kunnen optreden als gevolg van lekkages, optrekkend vocht, bij koude buitenmuren en vloeren, op plaatsen waar onvoldoende luchtcirculatie plaatsvindt en in verpakkingen.
  • Houd de ruimte schoon en stofvrij.

2. Blokkeren

Wanneer de ruimte schoon en schimmelvrij is, moet dat zo blijven. Zorg dus dat er geen schimmels de ruimte in komen. Ga na waar schimmels kunnen binnenkomen en neem maatregelen om dat tegen te gaan.

  • Controleer en vervang filters van luchtbehandelingsinstallaties regelmatig.
  • Reinig kanalen, warmtewisselaars en druipbakken van luchtbehandelingsinstallaties regelmatig.
  • Controleer binnenkomende voorwerpen en materialen op schimmelgroei voordat ze de ruimte in komen. Doe dit liefst in een aparte ruimte, bijvoorbeeld een transportruimte, of scherm een stuk van de ruimte af als ‘vies’ gebied. Let op schade en pluis of vlekken op en in de verpakkingen en voorwerpen. Dit leidt direct naar stap 3.

3. Detecteren

Controleer ruimte en collectie regelmatig op aanwezigheid van actieve schimmelgroei, monitor de RV, let daarbij op microklimaten en houd een oog op lekkages.

  • Regelmatige visuele inspecties geven de meest bruikbare informatie. Let daarbij op schade en pluis of vlekken op de verpakkingen, op de voorwerpen en erin. Controleer vooral voorwerpen met een oppervlak dat slecht vocht absorbeert zoals gepoetst leer, in de was gezet hout, gekalanderde boekbanden en zware wol. Kijk op risicovolle plaatsen zoals kastpoten op een tegelvloer, achter schilderijen en wandtapijten tegen een koude buitenmuur en in de buurt van koude waterleidingen en vensters. Verscherp de controle in het late voorjaar en het najaar wanneer het binnen kouder is terwijl er veel vocht in de buitenlucht zit.
  • Inspecteer binnenkomende objecten (zie stap 2). Stel vast of aangetroffen schade, pluis of vlekken van schimmel afkomstig zijn (zie Identificatie van pluis of vlek). Zo nee: maak schoon en zet in de ruimte. Zo ja: neem eventueel een monster voor determinatie van de schimmel en ga naar stap 4. Determinatie van de aangetroffen schimmel kan een indicatie geven omtrent de oorzaak van het probleem en van het risico dat de besmetting vormt.
  • Controleer of de voorwerpen in de buurt, van hetzelfde type of van hetzelfde transport ook besmet zijn.
  • De aanwezigheid van levensvatbare schimmelsporen in de ruimte kan worden bepaald met een kiemgetalbepalingen van luchtmonsters, van oppervlakken met contactplaten en van voorwerpen met veegmonsters. Bij alle tests worden schimmelsporen verzameld die vervolgens op groeimedium in een broedstoof worden opgekweekt en geteld om het aantal levensvatbare sporen of kiemen in een luchtvolume of oppervlakte te tellen. De interpretatie van deze tests is onduidelijk. Overal zijn schimmelsporen aanwezig, collectieruimtes en voorwerpen zijn nooit steriel. Er zijn geen erkende waardes voor een schone en een besmette situatie maar als er ergens een actieve besmetting is, zal het kiemgetal hoger zijn dan in een schone ruimte.
  • Noteer waar schimmel is ontdekt met datum, ruimte, locatie, voorwerpen en (klimaat)omstandigheden. Noteer ook de resultaten van gedetermineerde monsters. Als er kiemgetalbepalingen worden uitgevoerd, leg dan de resultaten van de tests ook vast.
  • Houd in hetzelfde logboek bij wanneer en op welke manier ruimte en voorwerpen zijn schoongemaakt.

4. Beperken

Wanneer bij stap 3 een besmetting is geconstateerd, moeten we voorkomen dat de besmetting zich verder verspreidt. De besmette stukken moeten worden geïsoleerd. De oorzaak van de schimmelgroei worden opgespoord en verholpen.

  • Zet zo nodig de luchtbehandelingsinstallatie stil.
  • Lokaliseer en isoleer alle besmette voorwerpen. Dit kan het best door afvoeren naar een quarantaineruimte (niet aangesloten op het luchtbehandelingssysteem) waar de stukken tot behandeling kunnen worden bewaard. Bij gebrek aan een quarantaineruimte, kunnen besmette stukken tijdelijk in een goed sluitende doos, rolcontainer of plastic zak worden verpakt. Wees heel voorzichtig met vochtig materiaal in dichte zakken of dozen, waar schimmelgroei des te heviger zal plaatsvinden als de temperatuur omhoog gaat.
  • Ga na of de schimmel actief is. Het pluis van actief groeiende schimmel heeft veelal een zacht en vochtig uiterlijk, in tegenstelling tot inactieve schimmel die vaak droog en poederig is. Actieve schimmel moet snel worden bestreden; inactieve, oude schimmel vormt geen gevaar. Bij twijfel kan men de schimmel weghalen en twee weken wachten om te zien of er nieuw pluis wordt gevormd. Als alternatief kan men de levensvatbaarheid van de schimmel door een monster te nemen en op te kweken.
  • Bij een calamiteit of een grote besmetting kunnen natte en beschimmelde voorwerpen worden ingevroren bij -20°C. Dit remt de schimmelgroei maar doodt de sporen niet. Raadpleeg eerst een deskundige.
  • Voer de besmette stukken af naar de behandelruimte.
  • Achterhaal de oorzaak en neem die weg. Ga na of er ergens een vochtbron is. Is de RV te hoog of is die recentelijk hoog geweest? Zijn er lekkages? Treden er microklimaten op? Is de besmetting van buitenaf gekomen? Als er geen oorzaak kan worden gevonden, kan determinatie van de schimmel een goede aanwijzing geven omtrent de omstandigheden en de oorzaak van het probleem.

5. Bestrijden

Bestrijden betekent dat we de ruimte ontsmetten en de schimmel verwijderen van de voorwerpen. De meest eenvoudige en minst schadelijke methode voor objecten is het wegnemen van de schimmel met een kwast of borstel onder afzuiging. Op onbereikbare plekken kunnen schimmel en sporen worden gedood met gammadoorstraling. Dat is een methode die ook kan worden gebruikt om grote collecties met actief groeiende schimmel te behandelen. Na bestrijding moeten de dode schimmelresten nog wel worden verwijderd. Voordat het ontsmette en schoongemaakte materiaal wordt teruggeplaatst moet de ruimte worden ontsmet door grondige schoonmaak met een ontsmettingsmiddel.

  • Zorg bij het werken met beschimmeld materiaal altijd voor goede persoonlijke bescherming: kleding die na gebruik wordt gewassen, handschoenen en een FFP3 mondmasker.
  • Pak de geïsoleerde stukken uit. Als ze nat zijn, droog ze aan de lucht met ventilatie of afzuiging. Voorkom dat de schimmelsporen zich naar collectie verspreiden.
  • Ga na of besmetting mechanisch kan worden verwijderd. Dit hangt af van de omvang en de activiteit van besmetting, het gevaar voor verdere verspreiding van de besmetting, de tijdsdruk en de totale kosten. Omdat een ontsmettingsbehandeling met fungiciden of gammastraling altijd moeten worden gevolgd door verwijdering van de restanten van de besmetting, speelt de hoeveelheid werk geen rol in de overwegingen. De beschikbaarheid van personeel wel, in zoverre dat met weinig personeel het verwijderen van de besmetting een langere periode vergt en in die tijd kan actieve schimmel zich verder ontwikkelen als er geen dodende behandeling wordt uitgevoerd.
  • Als de schimmel alleen op de verpakking groeit, kan die worden vervangen, met de stofzuiger schoongemaakt of met 70% alcohol of een desinfecterende zeep worden ontsmet.
  • Droge schimmel op voorwerpen kan met een stofzuiger of een ander afzuigsysteem worden weggehaald. Als de schimmel zich stevig aan de drager heeft gehecht kan die met een kwastje, dichtbij de afzuigmond, worden losgemaakt. De schimmeldeeltjes en sporen mogen niet aan de achterkant van de stofzuiger de ruimte weer worden ingeblazen. Gebruik daarom een stofzuiger met HEPA-filter of laat de stofzuiger naar buiten blazen. Om te voorkomen dat er losse deeltjes worden opgezogen kan men een stukje gaas over het te zuigen oppervlak leggen en daar doorheen zuigen.
  • Eventueel moeten de schimmeldraden eerst worden gedood door middel van vriezen zodat ze makkelijker loslaten. Als dat moeilijk gaat, kan een wattenstaafje of doek met 70% alcohol uitkomst bieden.
  • Als mechanisch verwijderen onmogelijk is, bestrijd de besmetting dan door middel van gammadoorstraling en verwijder de gedode restanten.
  • Ontsmet de omgeving en zorg dat die goede omstandigheden biedt.
  • Plaats de voorwerpen terug.


Lees verder

Vragen, verbeteringen of opmerkingen?
U kunt op deze kennisbank reageren via het reactieformulier.

Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 21 mrt 2023 om 04:00.