Keileemhoogten (beheermodel)

Introductie

Overzicht aardkundig erfgoed

Keileemhoogtes zijn gevormd onder het landijs dat het noorden en midden van Nederland in de voorlaatste ijstijd bedekt heeft. De keileem in deze ruggen bestaat uit een mengsel van klei, silt en zand, grind en (zwerf)stenen.

Keileemruggen zijn nu nog goed te zien op het Drents plateau, ook vormden kleine stuwwallen met keileem erin. Deze hoogten vormden een belangrijke basis voor het reliëf in deze gebieden. Vanwege de slechte doorlatendheid van keileem is het voorkomen ervan belangrijk voor de waterhuishouding, de ecologie en het cultuurlandschap.

Keileemhoogten in het kort

Kenmerkendheid

  • Keileemhoogten zijn lang gerekte ruggen, gevormd onder het landijs tijdens de voorlaatste ijstijd.
  • Ze beslaan al snel vele vierkante kilometers en zijn daarmee relatief grote aardkundige elementen die een sterke stempel drukken op het reliëf.
  • Keileemruggen reflecteren de richting van de ijsbeweging en hebben daardoor een wetenschappelijke en educatieve informatiewaarde.
  • Vanwege de slechte doorlatendheid van keileem is het voorkomen ervan belangrijk voor de waterhuishouding, de ecologie en het cultuurlandschap.

Materiaal

Keileemhoogten bestaan uit keileem, een compacte massa van varieert van klei, silt en zand, grind en (zwerf)stenen. In de ondergrond is de keileem meestal kalkrijk. Aan het oppervlak is ze echter verweerd en ontkalkt. Geologisch wordt keileem ingedeeld bij het Gieten Laagpakket binnen de Drente Formatie.

Huidige aardkundige processen

Onder de huidige omstandigheden worden geen keileemhoogten meer gevormd.

Hoogtebeeld met parallel lopende ruggen.
Afb. 1. AHN hoogtebeeld van zuidoost Drenthe, met daarop de parallel lopende ruggen van het Hondsrugcomplex. Beeld: AHN3, via ESRI webviewer.
Luchtfoto van de Hoge berg op texel.
Afb. 2. Luchtfoto van keileemkop de Hoge Berg op Texel. Foto: Paul Paris.
klif bij Oudemirdum.
Afb. 3. Keileemklif bij Oudemirdum in Gaasterland. Foto: Romaine, CC0, via Wikimedia Commons.

Achtergrond

Ontstaan en voorkomen

Tijdens de voorlaatste ijstijd rond 150.000 jaar geleden bereikte landijs het noordoosten ons land. Onder het ijs was een mengsel van leem, zand en grind met kleien aanwezig, dat na het afsmelten als een laag keileem achterbleef. Door het gewicht van het ijs is keileem zeer compact en slecht water doorlatend.

Veel keileem is in de vorm van langwerpige ruggen afgezet, deze worden keileemhoogten genoemd. Deze ruggen vormden parallel aan de ijsstroming en zijn daarom belangrijk geweest om de ijsbeweging te kunnen reconstrueren. Keileemhoogten vinden we vooral op het Drents Plateau. De ruggen zijn over het algemeen ZW-NO georiënteerd, zijn tot 15 meter hoog en liggen evenwijdig aan elkaar. Een uitzondering hierop is het Hondsrug complex met drie uitgesproken NNW-ZZO parallel lopende ruggen (Afb. 1).

Soms werd de keileem ook in kleine stuwwallen opgestuwd, zoals in de Havelterberg of het Gaasterland of Texel (Afb. 2). Deze hoogten zijn in een latere fase door het landijs overreden en vervormd. Ook in het oostelijk deel van de Achterhoek en in Twente, Oost-Groningen, komt keileem voor. De hoogten van Gaasterland zijn in het verleden op enkele plaatsen door de zee aangetast, waardoor kliffen ontstonden. Voorbeelden zijn het Rode Klif en het Mirnser en Oude Mirdumerklif (Afb. 3).

Bodems en waterhuishouding

Vaak is keileem met maximaal 1 à 2 meter dekzand afgedekt. Maar door de compacte aard van keileem zijn deze gronden vrij nat. Dit leidt tot hoge schijngrondwaterstanden, ook op de hogere delen van deze ruggen.

Relaties met landschappelijke waarden

Cultuurhistorie en archeologie

De keileemhoogten zijn reeds eeuwenlang agrarisch in gebruik. Het zijn immers relatief droge en vruchtbare gronden. Tuunwallen, houtwallen en singels fungeren er als perceelscheidingen. Er bestaat tevens een duidelijke relatie tussen het type perceelsscheiding en de diepte van de keileem.

Daar, waar de keileem zich dicht onder het oppervlak bevindt, en het grondwaterpeil dus relatief hoog staat, treft men elzensingels aan. Houtwallen vindt men juist op plaatsen waar de keileem, en daarmee de grondwaterspiegel, zich wat dieper in de ondergrond bevindt.

Ecologie en biodiversiteit

Door de slechte doorlatendheid zorgt keileem voor een relatief hoge grondwaterstand, met hoge ecologische waarde.

Beheer

Aantastingen en bedreigingen

Het doorboren of verwijderen van een keileemlaag kan tot onwenselijke verdroging leiden. Keileemhoogten zijn verder relatief weinig kwetsbare aardkundige fenomenen. Uitbreiding van bebouwing, met als gevolg maskering van de hoogteverschillen, kan wel als bedreiging worden aangemerkt. Daarnaast is soms lokaal grond afgegraven.

Beheeropties

Bij het beheer van keileemhoogten en de eventueel aanwezige kliffen kunnen verschillende strategieën worden toegepast:

Behoud

De beheerwerkzaamheden kunnen bestaan uit:

  • Het planologisch beschermen. Uitbreiding van bebouwing op keileemhoogten moet zoveel mogelijk worden vermeden. Het is een taak van gemeenten en provincies de ligging van keileemhoogten mee te nemen bij de afwegingen die men maakt bij inrichtings- en ruimtelijke ordeningsvraagstukken. Lokale afgravingen zijn niet gewenst en zouden door middel van het aanlegvergunningenstelsel gereguleerd en beperkt moeten worden. Ook dit is een taak van gemeenten;
  • Het plaatsen van rasters om zo klifdegeneratie als gevolg van betreding door vee of mensen tegen te gaan.

Accentueren / zichtbaar(der) maken

De beheerwerkzaamheden kunnen bestaan uit:

  • Het aanbrengen van kleinschalige lijnvormige landschapselementen, zoals houtwallen, tuunwallen en singels loodrecht op de reliëfcontouren. Tevens behoudt of herstelt men zo de (cultuurhistorische) identiteit van het landschap, of wordt deze versterkt. Ditzelfde geldt voor de biologische diversiteit van het gebied. Bij het aanbrengen van lijnvormige beplantingselementen moet men ervoor zorgen dat er geen coulissenlandschap ontstaat. Coulissen camoufleren namelijk juist de hoogteverschillen;
  • Het periodiek verwijderen van vegetatie op de kliffen waar keileem ontsloten is.

Voorbeeld van reeds uitgevoerd beheer

  • Voorbeelden van goed beheerde keileemhoogten kan men vinden in Friesland en Groningen. Hier doen de Stichtingen Landschapsbeheer veel aan houtwal- en singelbeheer op de hogere delen in het landschap. Daarnaast werpt men wallen en wallichamen opnieuw op. Hiermee is niet alleen het aardkundig fenomeen geaccentueerd, ook de (cultuurhistorische) identiteit van het landschap blijft behouden en wordt versterkt.
  • Het Mirdumerklif is in bezit van Natuurmonumenten. Het klif bevindt zich in een grasland waar vee wordt geweid. Om erosie te beperken heeft men maatregelen getroffen zodat het vee slechts op één plek naar boven of naar beneden kan. Tevens is het klif voorzien van een informatiepaneel.

Knelpunten in de praktijk

Het probleem bij planologische bescherming door middel van het aanlegvergunningenstelsel is de slechte naleving ervan.

Verder lezen

  • bronnen

Gebiedsbeschrijvingen[bewerken]

De volgende gebiedsbeschrijvingen horen bij dit landschapselement:

Zie ook

ArtikelenHoort bij deze thema's Trefwoorden

keileem, lage stuwwal, drumlin

Specialist(en)

Vragen, verbeteringen of opmerkingen?
U kunt op deze kennisbank reageren via het reactieformulier.

Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 23 nov 2023 om 04:02.